Zelfmoord als symbool


Op het  eerste gezicht heeft het bord bij de ingang van het bos niets opvallends . Het kan een gebodsbord zijn, dat de bezoeker maant op de paden te blijven, voorzichtig te zijn met vuur, of geen rommel achter te laten.  Een van de talloze aansporingen en vermaningen die je overal aantreft en die de Japanners zo geruisloos mogelijk door het leven moeten loodsen. Maar dit bord is anders. Deze tekst is een smeekbede. ‘Leven is een kostbaar goed. Het is u door uw ouders geschonken. Denk goed na: over uw ouders, echtgenoot, broers, zusters en kinderen. Blijf niet alleen. Bel ons. De politie van Fuji Yoshida, tel: 0555-2200110’.

Aan de achterkant van het bord, aan het zicht onttrokken van de argeloze voorbijganger, is met grijze spray in  grove streken een portret getekend. Het hoofd van Christus, zo lijkt het, met gekwelde gelaatstrekken.

Tien minuten lopen dieper in het bos ligt, achter een met struikgewas begroeide uitstulping, nog net zichtbaar, een bescheiden boeket. Keurig in cellofaan verpakt. De bloemen, cyclamen, zijn wit, in Japan de kleur van de dood. Ze zijn al aan het verwelken, de randen van de bloembladen zijn bruin. Het boeket is zorgvuldig neergelegd, als bij een monument. Het is het laatste eerbewijs van rouwende nabestaanden en markeert vermoedelijk de plaats waar het drama heeft plaatsgevonden. Niet veel verder liggen, half verscholen achter boomwortels, lege flesjes, de flacons voor sake, de Japanse rijstwijn, en cho-chu, rijstbrandewijn, waarmee de zelfmoordenaar zich moed in had gedronken.

Peter van Nuijsenburg, Japan, zelfmoord In vorige eeuwen gingen boeddhistische monniken naar het Aokigaharabos, ruim 130 kilometer ten zuidwesten van Tokyo, aan de voet van de Fuji, een vulkaan en Japans heilige berg, om voor de wereldvrede te bidden. Het is een woud als uit de sprookjes van Grimm. De bodem bestaat uit gestold lava, dat als door een reusachtige hand tot grillige barrieres is gekneed. Het zonlicht sijpelt gefilterd door het gebladerte van de monumentaal oprijzende bomen en roept een gewijde sfeer op. Het is er onwezenlijk stil. Geen vogel laat zich horen.

Die sfeer houdt abrupt op aan de grens van het bos. Bij de snelweg,  250 meter verder, gaan arbeiders met pneumatische beitels een stuk wegdek  te lijf.  Op een parkeerplaats laden bussen groepen toeristen uit.  Ze zijn gekomen voor de grotten die door de uitbarstingen van de Fuji zijn ontstaan. Sommigen fotograferen elkaar naast het bord bij de ingang van het bos. Want ook dit is een van de attracties van het bos. Waarschijnlijk elke Japanner weet dat het een favoriete plek is voor zelfmoordenaars. Dat is het sinds de jaren 40 van de voorbije eeuw, nadat de held uit een populaire roman er de hand aan zich zelf had geslagen. Sindsdien beroven zich hier elk jaar tientallen mensen van het leven en het worden er steeds meer.

Peter van Nuijsenburg, Japan, zelfmoord
macabere toeristentrekker

Ook meneer ‘Watanabe’ (49) heeft voor het bord gestaan met een tas waarin een fles sake, een fles water en een doos slaappillen. Hij was in een ‘diep, zwart gat gevallen’, nadat hij had gehoord dat het bedrijf waarvoor hij meer dan 20 jaar had gewerkt geen baan meer voor hem had. Een gesprek over zijn ervaringen zegt hij vlak voor het afgesproken tijdstip af. Hij wil er bij nader inzien niet over praten, zegt hij. Het onderwerp is nog altijd te pijnlijk om met een buitenstaander, en zeker een buitenlander, te bespreken. Hij wil alleen kwijt dat hij van de daad heeft afgezien, omdat hij nog jonge kinderen heeft. Hij is nu onder behandeling van een zenuwarts en het gaat hem ‘redelijk goed’. Zelfmoord, zegt hij, staat niet langer op zijn agenda. De cijfers zijn onrustbarend. De afgelopen jaren hebben meer dan 30.000 Japanners per jaar zelfmoord gepleegd, waardoor het land van een plaats in de middenmoot naar een toppositie in de internationale statistiekeradn is gesprongen.

Traditionele waarden en zekerheden op de schop

Het is het meest alarmerende symptoom van wat de Japanse malaise kan worden genoemd. De oorzaak van die crisis is vooral economisch. 25 jaar geleden stortte het economische wonder in, dat Japan tot de schrik van de concurrentie in  de VS en Europa en het voorbeeld van de buurlanden in Azië had gemaakt. Maar het was niet alleen de economische depressie die de bevolking rauw op het dak viel. Een economie kan met het juiste recept weer op de been worden geholpen. Het was vooral een mentale klap. Het succesverhaal, waarin iedereen heilig geloofde, bleek een canard te zijn.

Zekerheden die eeuwigheidswaarde leken te hebben, werden als bij een aardbeving weggevaagd. Dat gold voor veel zaken maar met name voor de levenslang gegarandeerde arbeidsplaats, voor Japanners het symbool van de ook in sociaal opzicht superioriteit van hun systeem. Ruim 5 procent,- een cijfer waar andere landen voor zouden tekenen, maar voor Japan zeer hoog -, van de beroepsbevolking is nu werkloos. Dat cijfer is volgens arbeidsmarktexperts geflatteerd en moet vermoedelijk verdubbeld worden.

Peter van Nuijsenburg, Japan, zelfmoord‘Het aantal zelfmoorden is de laatste jaren vooral toegenomen bij mannen van middelbare leeftijd. Voordien kwamen zelfmoorden vaker voor bij bejaarden en scholieren en studenten, zegt dokter Yashimoto Takahashi. De psychiater uit Tokio is een van de weinige deskundigen op dit in Japan nog nauwelijks ontgonnen terrein. Hij heeft meer dan 10 boeken over dit onderwerp op zijn naam staan en heeft vergelijkend onderzoek verricht naar het probleem in andere landen. 

Volgens Takahasi vallen vooral de zgn. salarymen, het witteboorden gilde van loyale werknemers die zichzelf opoferen voor hun bedrijf, ten prooi aan depressies. ‘De ‘salarymen’ hebben zich altijd geïdentificeerd met hun bedrijf.  Het werk was hun leven. En opeens, van de ene op de andere dag, krijgen ze te horen dat ze overbodig zijn. Een toekomst in een andere baan  of bij een ander bedrijf hebben ze niet. Daarvoor missen ze de ervaring, de vaardigheden en zijn ze te oud.  Ze kunnen er thuis of met vrienden niet over praten. Dat is gezichtsverlies en dat is het ergste wat ze kan overkomen.  Wie werkloos is, is een mislukkeling.  En wie daar zichtbaar onder gebukt gaat , is een zwakkeling. Door die  combinatie van taboes gaan ze vaak drinken en soms, als de stress te veel wordt, plegen ze zelfmoord’.

‘Men heeft nog altijd de neiging om het als een priveprobleem te zien. Iemand kan het leven niet meer aan en maakt er een einde aan. Maar dat kan gezien de omvang niet meer. Het is een maatschappelijk probleem, waarvoor de overheid steeds de ogen heeft gesloten’,  aldus Takahashi. ‘Die overheid begint nu pas te onderkennen, dat er iets niet pluis kan zijn, als zoveel en steeds meer mensen zelfmoord plegen. Japan zat 15 jaar geleden met landen als Duitsland en Frankrijk in de middengroep, nu behoort het tot de top, met landen als Finland, Hongarije en de Baltische staten. Maar vergeleken bij die landen die wel de juiste voorzieningen hebben getroffen, is Japan een achtergebleven gebied’.

Daar lijkt nu verandering in te komen.

De regering van de derde economie ter wereld liet onlangs via het departement van volksgezondheid weten ‘verontrust’ te zijn door de achteruitgang van de geestelijke gezondheid van veel burgers. Dit keer was er een directe aanleiding. Het land opgeschrikt door een nieuwe rage: de collectieve zelfmoord. Potentiële zelfmoordenaars, die bang waren in alle eenzaamheid te sterven, riepen via het internet onbekende gelijkgestemden op om er samen een einde aan te maken. Een methode bleek daarbij favoriet. Auto’s die dagenlang op afgelegen plekken geparkeerd stonden bleken nadat ze door de politie opengebroken waren, een lugubere verrassing te bevatten. De inzittenden, soms vier tot vijf man, hadden zich vergast.

Hoeveel mensen in groepsverband de hand aan zichzelf hebben geslagen is niet bekend. Maar het feit dat er in de pers opvallend veel aandacht aan werd besteed, is een aanwijzing van de omvang van het fenomeen.

Dat zelfmoord een maatschappelijk probleem is, lijkt nu door de overheid te worden onderkend. Alleen, ze heeft geen idee hoe ze het moet aanpakken. De meest elementaire hulpverlening, een eerste lijnszorg,  bestaat niet. Huisartsen krijgen tijdens hun opleiding weinig tot niets te horen over het bestaan van psychische problemen. Ze sturen een patiënt met ‘vage klachten’ vaak naar huis met de boodschap ‘niets aan de hand’ om vervolgens te horen dat hij zich niet veel later heeft opgehangen. Klinische psychologen die wel de juiste diagnose kunnen stellen, zijn meestal geen arts en mogen niets doen. De weinige psychiaters en therapeuten die deze patiënten kunnen en willen behandelen hebben lange wachtlijsten.  Antidepressiva als prozac zijn alleen onder de toonbank te verkrijgen.

Speciale therapieën

Sommige grote ondernemingen, zoals Toshiba, zijn zo verontrust door toename van de psychische stoornissen onder hun werknemers, dat ze tot het nemen van maatregelen zijn overgegaan, die vroeger ondenkbaar waren. Ze hebben speciale therapieën laten ontwikkelen voor depressieve werknemers. Maar hoeveel werknemers aan die programma’s deel nemen,  wil geen woordvoerder zeggen. Zoals ook het aantal zelfmoorden wordt  gezien als een ‘bedrijfsgeheim’, waarover geen mededelingen worden gedaan.

‘Die programma’s zijn geen succes’, zegt dokter Takahashi. ‘ De mensen weigeren zich bloot te geven, omdat ze bang zijn dat hun gegevens worden doorgespeeld naar personeelszaken en ze daardoor als eerste voor afvloeiing in aanmerking komen’.

Telefonische hulplijnen zijn vaak de laatste reddingsboei voor mensen die geen uitweg meer zien. Japan heeft 50 telefonische hulpdiensten die dag en nacht anoniem geconsulteerd kunnen worden inzake alle levensvraagstukken. De rond 8000 vrijwilligers worden vooral geconfronteerd met echtelijke problemen, mishandeling van vrouwen en kinderen, schoolverzuim en het getreiter op scholen. De laatste jaren is vooral het aantal telefoontjes door mensen die zelfmoord willen plegen toegenomen. In Tokio was het vorig jaar 7,5 procent, een record, aldus Yukio Saito van de plaatselijke hulplijn. Ook hier ging het met name om mannen van middelbare leeftijd, die ze, met wisselend succes, van hun voornemen probeerden af te brengen.

Peter van Nuijsenburg, Japan, zelfmoord
ook bij jongeren meer depressiviteit

Maar ook bij de jeugd wordt een toename gesignaleerd. Vroeger sprongen ze van een flatgebouw omdat ze niet thuis durfden te komen met een slecht rapport of hingen ze zich op zolder op, omdat ze op school getreiterd werden. Nu is vooral angst voor een onzekere, sombere toekomst het motief, zegt dokter Takahashi.

Japan is waarschijnlijk het enige land ter wereld waar de treinen stipt op tijd rijden. Of liever: was. Tegenwoordig komt het regelmatig voor dat de treinen die de forenzen van de slaapsteden buiten Tokio naar hun werk in de stad brengen in het spitsuur vertraging oplopen. De conducteur en de omroepers op de stations vragen om begrip van de reizigers voor het ongemak, dat het gevolg is van een ‘menselijk ongeluk’. Iedereen weet wat er is gebeurd. Iemand heeft zich voor de trein geworpen.

De spoorwegmaatschappij is van plan op de perrons ‘mens grote’ spiegels en sensoren gaat aanbrengen en sommige stations ‘in vrolijke kleuren’ zal laten overschilderen. Van de spiegels moet een afschrikwekkend effect uitgaan: de potentiële zelfmoordenaar zal niet springen als iedereen het kan zien. De sensoren waarschuwen hem wanneer hij te dicht bij de rand van het perron komt. En de vrolijke kleuren moeten hem zo opmonteren, dat hij van de daad afziet.  

Voor één traject is dit soort opbeurende maatregelen niet nodig. De trein naar het Aokigaharabos is altijd op tijd.

 

 

 


Peter van Nuijsenburg
Over Peter van Nuijsenburg 240 Artikelen
Journalist en publicist Peter van Nuijsenburg (1951) werkte in het verleden bij De Telegraaf, Elsevier en persbureau GPD, het Financieele Dagblad en diverse omroepen. Hij was correspondent in Johannesburg, Berlijn, Tokio en Rome. Peter was voorheen ook parlementair en economisch redacteur. Hij is liefhebber en kenner van kunst en cultuur. Bij dagblad Trouw publiceerde hij boekbesprekingen. Beroepsmatig en (meer recentelijk) als toerist was hij in Thailand en andere Asean–landen.

1 Comment

  1. Top, we hadden het er eerder over, zeker over het op tijd rijden van de treinen, ziehier de keerzijde. Wellicht is al het gekanker op de Nederlandse Spoorwegen zo slecht nog niet, het lucht in elk geval op en dat mechanisme is taboe in Zuidoost-Azië, je noemde het al: gezichtsverlies. Maar zelfs al zit het tussen de oren, je krijgt het niet er vandaan, deze eeuwenoude ingeslepen voorstelling van zaken. Ongetwijfeld heeft het zijn goede kanten en voorkomt veel ongenoegen in de dagelijkse omgang. Het kan ook doorslaan, jouw getallen spreken boekdelen. Het toont in elk geval aan dat een samenleving snoeihard kan zijn en geen tot nauwelijks compassie kent. Slikken of stikken, de vraag of het is ontstaan als een onbewuste controle op het aantal laat ik in het midden, die filosofie ligt heel gevoelig omdat het individu zich niet als massa kan zien. Maar goed, je hebt weer een klein stukje van de Japanse sluier opgelicht, ik wil nog wel wat meer gezicht zien.

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.