Zeezigeuners van de Maleise kusten (7). Zeereis met de Moken.


Zeezigeuners Maleise kusten, Erik Kuijpers, Zeezigeuners, Moken, Totems
Victoria Point, grens, 21e eeuw

 

 

Zeereis met de Moken

 

Mijn eerste trip

Ik ben regelmatig nabij Victoria Point in het zuiden van mijn werkgebied. Er gaat iedere veertien dagen een lijnschip langs de kust.

Wil wel eens een reis meemaken in een kabang en ik hoor dat er een nederzetting is op Dala eiland. Dat ligt, als je de kaart bekijkt, best een eind de zee op recht tegenover Mergui.

Daar is een nederzetting van de Moken en daar woont een man die wordt omschreven als ‘Prins van de Moken’, een man met een zelfbewust en dominant karakter al weten wij dat Moken geen heersers hebben. Een ‘primus inter pares’ misschien?

Dankzij bemiddeling van U Shwe I krijg ik een kabang toegewezen en ga ik de reis voorbereiden. Ik zie bewust af van de motorbarkas die ik kan nemen als functionaris van de overheid.

Rottende vis!

De Moken hebben een akelige gewoonte.

Hun voedsel bestaat uit rijst die ze krijgen uit ruilhandel, en vis die ze spietsen. Koken wordt gedaan aan boord.

Het schoonmaken van de vis gaat aan boord en de ingewanden gaan in een pot maar als ze de pot na het eten uitwassen gaat de klets water met resten IN de boot! Op de bodem van de boot ligt een brij en dat stinkt als de hel. Vergeet niet dat we in de tropen zijn; je kunt je voorstellen hoe dat meurt! Vind je het gek dat men ze ‘wilden’ noemt?

Maar aan de andere kant, gooi je die resten netjes in zee dan kun je bezoek krijgen van onderzees leven zoals haaien waar het hier van wemelt. Bewaar-emmers kennen de Moken niet. Men duikt even de zee in als de stank te hevig wordt……

Mijn boot is goed schoon gemaakt met zeewater en ik neem aan dat de Moken dit ook wel eens doen als de lucht echt niet meer te harden is.

Zeezigeuners Maleise kusten, Erik Kuijpers, Zeezigeuners, Moken, Totems
Flesje eau-de-cologne, 1811.

Aan boord

Anthony, mijn Tamil assistent, heeft een nieuwe slaapmat gekocht want we nemen geen matras mee, en een hangmat gebruikt men hier niet. Ik neem een flesje eau-de-cologne mee en een doekje.

Een snel ontbijt en vroeg aan boord. Ik heb vier roeiers, jonge mannen, en de ‘Devil Master’ van de picknick op het strand. De vrouwen en meisjes die normaliter ook op deze boot wonen zijn naar familie vandaag.

We hopen dat we in rustig water kunnen gaan; het is echter de tijd van het jaar waar ineens zware buien komen en hevige wind.

En jawel, we zijn net het eilandje Palaw voorbij met een stuk open zee voor de boeg als de eerste schuimende koppen verschijnen.

Dan valt de regen. Mijn nieuwe mat ligt over de bestaande matten heen onder het afdak waar je niet kunt staan en ik word moe van het zitten op de vloer. Dan maar liggen en van links naar rechts draaien.

Zeezigeuners Maleise kusten, Erik Kuijpers, Zeezigeuners, Moken, Totems

Maar even stil liggen kan niet want dan komt een horde luizen op me af en pissebedden tot wel 3 cm groot. Beestjes met veel poten die op de mat lopen, die goed gevoed zijn en dus snel in aantal groeien…..

Hozen!

De zee wordt ruwer en ruwer en het water gutst binnen. Er wordt niet meer geroeid, alleen maar water geschept anders gaan we onder. Water scheppen doen ze met de handen al heeft er een ‘n halve kalebas….

We gaan veel overstag en dan scheurt een sterke windvlaag ons zeil. We houden een half zeil over net als wij de rotsige kust van Kalagyan naderen. De devil master pakt de roeispaan en loodst ons langs de rotspunten door het kanaal maar vraag me niet hoe.

Als dat zo doorgaat worden we allemaal ‘Maw-ken’: verdronken in zout water……

Een bezwering….

De devil master spreekt aan het einde van het kanaal en voor de laatste oversteek zijn bezweringen uit. En zoals zeelui kunnen smeken om wind, zo smeekt hij om wat kalmer water. Hebben ze hem gehoord? Hoe dan ook, de zee wordt wat rustiger en om negen uur in de avond leggen wij eindelijk aan op Dala eiland.

 

Zeezigeuners Maleise kusten, Erik Kuijpers, Zeezigeuners, Moken, Totems
Huis op ‘sprieten’

Huizen op sprieten en een ‘weelderig’ maal

In het donker ontwaar ik drie huizen waar het water al onder staat. Het lijken me stallen die op sprieten staan want ‘paal’ is dat rondhout niet waard. De vloer ligt acht voet boven het strand. De muren zijn vier voet hoog en dan komt het dak. Staan is niet mogelijk.

De huizen zijn vierkant; muren en dak zijn gemaakt van palmblad en de vloer is van stokken. De bewoners laten een ladder zakken. Boven zien we een kamer met in de hoek zand op de vloer: de kookplaats. Maar er is geen ventilatie dus de rook blijft hangen tot hij eindelijk door het dak verdwijnt.

Mijn assistent heeft brood meegenomen en boter in blik. Dat laatste is inmiddels vloeibaar maar op geroosterd brood smaakt dat prima. Na zo’n dag vind je zelfs brood met boter een weelderig maal…..

Het gesprek met de ‘Prins van de Moken’ gaat niet door want meneer is op zee. Dus ga ik maar pitten.

Totems

Ik probeer in gesprek te komen met de dames in huis. Dat blijkt echter niet mogelijk; dames in gesprek met een vreemde is not done zonder introductie of uitnodiging. Dat is geen bezwaar tegen ons of een ander ras, het is de gewoonte zoals overgeleverd door de voorzaten.

Ik verlaat het huis en terwijl men de boten laadt onderzoek ik op het strand de ‘devil posts’, totems, in hun taal katoi ka-e.

Er staan twee totems op de plaats waar het hoog water en de jungle elkaar raken. Twee vierkant gemaakte stukken rondhout versierd met zwarte strepen, krommen en cirkels; aan de top spits toelopend en daarop een soort hoofd. Alles gemaakt van hardhout en dat gaat jaren mee zonder te rotten.

De totems betekenen dat Dala eiland het tehuis is van een geordende gemeenschap waar Moken ananas, bananen en okra planten en in hun huizen wonen als ze niet op zee zijn.

Terug

De zee is nog niet tot rust gekomen maar we komen heelhuids aan de wal.

Daar gaat het lijnschip net onder stoom om de terugtocht te beginnen. Ik hoor dat men zich ernstig zorgen om mij heeft gemaakt en op het punt stond een barkas weg te zenden om me te zoeken. Maar die mag nu in de haven blijven.

 

Toelichtingen

‘A voyage to maiden isle’ is de titel maar ik vind slechts één Maiden Isle en dat ligt bij Schotland. Met ‘maiden’ zal ’eerste’ bedoeld zijn zoals in ‘maidentrip’.

Victoria Point heet thans Kawthaung en ligt aan de waterweg nabij Ranong (TH). De foto is van deze tijd.

Okra, groente; https://nl.wikipedia.org/wiki/Okra_(plant)

Foto’s

Victoria Point, thans Kawthaung, bordercrossing; CC BY-SA 2.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=4428912

Eau de cologne, 1811; Publiek domein, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=388015

Pissebed; Publiek domein, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=6215703

De foto van de huizen is uit het boek. Van Moken totems is geen afbeelding gevonden.

 


Erik Kuijpers
Over Erik Kuijpers 853 Artikelen
Erik Kuijpers (1946) werkte 36 jaar als aangiftemedewerker inkomsten- en vennootschapsbelasting. In 2002 emigreerde hij naar Nongkhai in Thailand waar ook zijn partner en pleegzoon wonen. Erik pendelt nu afhankelijk van de seizoenen tussen Thailand en Nederland