Wordt Duitsland groen?


De trieste teloorgang van de sociaaldemocratie heeft in Duitsland al een winnaar opgeleverd. De Groenen hebben de SPD (16,5 procent) van de tweede plaats verdrongen en hijgen nu de conservatieve CDU in de nek (23 tegen 28). Althans in de peilingen. De Bondsdagverkiezingen zijn pas over vijf maanden, dus is het voorbarig nu al het glas biowijn te heffen. 

Deze grote sprong voorwaarts is niettemin zonder weerga. In de rest van Europa zijn de Groenen zelden meer dan een niche partij. Een club voor de hoogopgeleide kosmopoliet die met medebubbelaars de wereld gaat verbeteren. De Groenen blijven vrijwel altijd onder de 10 procent van de stemmen en het vooruitzicht op meer is een stipje aan een hele verre horizon.

De Groenen op verkiezingscampagne.

De Duitse vrinden dobberden tot voor kort rond in hetzelfde schuitje. Bij de laatste Bondsdagverkiezingen, vier jaar geleden, waren ze met nog geen 9 procent de kleinste. De populisten van links, die Linke (9.2), en van extreem-rechts, die Alternative für Deutschland (AfD, 12.6) waren groter. De AfD werd de eerste oppositiepartij. 

Waarom rukken de Groenen nu ineens onstuitbaar op?

De tijdgeest, ongetwijfeld. Groen heeft de wind in de zeilen. Maar er zijn ook prozaïschere verklaringen. Verkiezingen worden eerder verloren dan gewonnen, al zien de winnaars dat uiteraard anders. De kiezers hebben hun vertrouwen opgezegd in de verliezers. Ze zijn op hen uitgekeken, of na een lange regeerperiode met de onvermijdelijke mislukkingen, schandalen en tegenslagen in hen teleurgesteld. Dan mag een andere partij aan de bak. Die moet zich vooral niet rijk rekenen. Als ze niet voldoet aan de vaak te hoge verwachtingen, wacht ook haar de schopstoel. 

De sociaaldemocraten zijn uitgemergeld. Ze hebben al jaren een schrijnend gebrek aan verse ideeën en fris leiderschap. De SPD was ooit de grootste partij en is net als de PvdA een club van tobbers geworden. Ruim 12 jaar als bijwagen in de regering van kanselier Merkels CDU heeft de sociaaldemocraten van de laatste resten elan beroofd. De SPD moet als voormalige grootmacht wel met een Kanzlerkandidat komen, maar dat is niet meer dan een verplicht nummer. De kans dat Olaf Scholz, de minister van financiën met de uitstraling van een apparatsjik, Angela Merkel opvolgt, is te verwaarlozen.

De CDU, de andere rivaal, staat er na 16 jaar regeren evenmin florissant bij. Zolang onafgebroken in het Kanzleramt heeft alle energie opgeslorpt. De fut is er uit, de bron van ideeën en talent lijkt opgedroogd. De uitputtingsslag is Merkel zelf evenmin in de kouwe kleren gaan zitten. De belangrijkste Duitse én Europese politicus van de afgelopen 15 jaar is zichtbaar toe aan haar pensioen. De CDU put nu vooral hoop uit het gegeven dat ze voor veel kiezers nog altijd de ‘natuurlijke’ regeringspartij is. Ondanks een weinig aansprekende lijsttrekker, partijvoorzitter en minister-president van de grootste deelstaat Noordrijn-Westfalen, Armin Laschet. 

CDU lijsttrekker Armin Laschet

Toch, dat de Groenen nu een kansje hebben, meer is het vooralsnog niet, om de nieuwe kanselier te leveren is ook de eigen verdienste. De partij is al lang niet meer de verzameling van breiende, muesli etende bosneukers en ‘Chaoten’, voortgesproten uit de vredes- en anti-kernenergiebeweging van 40 jaar geleden. Dat was misschien een kwaadsappige karikatuur, maar niet ver bezijden de waarheid.  

Wat destijds evenmin hielp, was dat de Groenen twee vleugels hadden die elkaar hartstochtelijk naar het leven stonden. De ‘Realo’s’ waren bereid mee te regeren als dat de kans op verwezenlijking van hun idealen dichterbij bracht. Dat stuitte op grote weerzin en fanatieke weerstand van de ‘Fundi’s’ voor wie zuiverheid in de leer boven zoiets burgerlijks als besturen ging.

De activistische vleugel wil zich nog wel eens roeren maar meer dan wat gesputter wordt het nooit. Verreweg de meeste Groenen zijn nu bereid regeringsverantwoordelijkheid te dragen. In 10 van de 16 deelstaten zitten ze nu als junior partner in de regering. In Baden-Württemberg leveren ze al 10 jaar de minister-president. Baden-Württemberg is het thuisland van autogigant Daimler (Mercedes) en minister-president Winfried Kretschmann, een superrealo, houdt de belangen van een van de belangrijkste werkgevers voorbeeldig in het oog.

Lijsttrekker en Kanzlerkandidatin voor de Groenen, Annalena Baerbock.

En nu hebben de Groenen ook nog een lijsttrekker en Kanzlerkandidatin die alles meebrengt wat de rivalen missen. Annalena Baerbock is jong (40), aantrekkelijk, slagvaardig in het debat, kent haar zaken en barst van dadendrang. Terwijl de concurrenten van de SPD en CDU zich via ontluisterende lijsttrekkersverkiezingen moesten ontdoen van hun tegenstanders, regelden de Groenen de kandidatuur in opperste harmonie. Als er al een wanklank is gevallen, bleef dat heel professioneel en heel ouderwets binnenskamers.

Kan Baerbock haar eigen ambities en de aspiraties van de partij waarmaken? Hier zijn enkele kanttekeningen op hun plaats. Baerbock heeft geen minuut bestuurservaring. Dat probeert ze te verkopen als een voordeel. De andere partijen zitten vastgeklonken aan hun verleden, achterhaalde ideeën en uitgebluste leiders. Met haar krijgt het land een frisse wind die ook nog uit de toekomst waait. Of dat de meeste kiezers overtuigt, is de vraag. Doorgaans zien ze liever iemand met ervaring in de regeringsbanken.

Dat speelt des te meer omdat het verkiezingsprogramma voor veel Duitsers aan de radicale kant is. Met alle ballen op het klimaat, ook ten koste van de economie en welvaart – zo gaat de concurrentie het aan de man brengen – stoot je kiezers uit het midden af. Idem voor het ruimhartige migratiebeleid. Andere programmapunten, verbetering van de verslonsde infrastructuur en eindelijk eens de digitalisering op gang brengen, kunnen de andere partijen moeiteloos onderschrijven. Verder geldt in Duitsland wat ook in andere landen geldt. Je moet het belang van verkiezingsprogramma’s niet overwaarderen.

Annalena Baerbock met het verkiezingsprogramma dat haar Bundeskanzlerin moet maken.

Voor de echte grote doorbraak moeten de Groenen hun basis verbreden. Ze zijn nog steeds teveel de partij van de beter opgeleiden in de grote steden. In andere sociale milieus is een Groene een uitzondering. De partij is bovendien nog steeds een voornamelijk Westduits fenomeen. In het Oosten, de voormalige DDR, blijft de aanwas van nieuwe kiezers tegenvallen. De nu veelbelovende peilingen zouden daarom wel eens geflatteerd kunnen zijn. Bondsdagverkiezingen zijn voor de Groenen vaak een ontnuchterende ervaring.

Baerbock zal van Duitsland nu niet het Groene Gidsland maken. Dat is voor deze verkiezingen een droom te ver. Maar de agenda voor de komende regeerperiode wordt groener dan ooit. Zeker als de Groenen in Berlijn sleutelministeries in handen krijgen. Ook als Baerbock niet de Groene Merkel wordt.


Beste lezer

Trefpunt Azië is een reclamevrije site geheel gemaakt door vrijwilligers. Al onze berichten zijn voor iedereen te lezen. Maar het in stand houden van een website als Trefpunt Azië kost geld; er zijn kosten voor software om de site te maken en de huur van serverruimte zodat hij te zien is. Die kosten worden gedragen door leden van de redactie en die kunnen daarbij wel wat hulp gebruiken. Als u wilt helpen met een (kleine) bijdrage klik dan op de rode knop rechtsonderdaan op de pagina en doneer, dat kan al vanaf 3 euro. Wilt u op een andere manier helpen? Mail dan even met de redactie: post@trefpuntazie.com

Dankzij uw bijdrage kan Trefpunt Azië elke dag nieuws en achtergronden uit uw favoriete werelddeel blijven brengen.

 

Peter van Nuijsenburg
Over Peter van Nuijsenburg 257 Artikelen
Journalist en publicist Peter van Nuijsenburg (1951) werkte in het verleden bij De Telegraaf, Elsevier en persbureau GPD, het Financieele Dagblad en diverse omroepen. Hij was correspondent in Johannesburg, Berlijn, Tokio en Rome. Peter was voorheen ook parlementair en economisch redacteur. Hij is liefhebber en kenner van kunst en cultuur. Bij dagblad Trouw publiceerde hij boekbesprekingen. Beroepsmatig en (meer recentelijk) als toerist was hij in Thailand en andere Asean–landen.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*