Waar is de oorlog?

Vroeger wilde ik altijd Rijk worden. En Reizen. R&R eigenlijk. Ik besloot dan ook om mijn geluk te beproeven als oorlogscorrespondent. Oorlogscorrespondenten moesten wel rijk zijn, aangezien het levensgevaarlijk werk was. En het mooie van het oorlogscorrespondentschap was, en is, de constante stroom van werk.

Maar na het lezen van een boek van Arnold Karskens, besloot ik er van af te zien. Arnold, de enige full-time oorlogscorrespondent die Nederland rijk is, liet doorschemeren in dat boek dat hij eigenlijk altijd op zwart zaad zat.

Ik ben in 1986 nog wel een keer in El Salvador en Nicaragua gaan kijken waar ik aan iedereen vroeg: “¿donde esta la guerra?” Waar is de oorlog? In El Salvador woedde al ruim twintig jaar een guerillaoorlog tussen straatarme boeren en het door de VS gesteunde regime van grootgrondbezitters en grootindustriëlen.

Amerikanen doen niet graag moeilijk

De boeren werden door de VS voor het gemak ‘communisten’ genoemd. En in Nicaragua waren de Contra’s van Reagan actief. Maar op mijn vraag wees iedereen de verkeerde kant op. Moedeloos werd ik er van.

In Nicaragua vroeg ik op een dag aan een keuterboer, gekleed in een verfomfaaid, olijfgroen soldatenuniform en een groezelige honkbalpet, om wat water. De boer was Sandinist. Sandinisten werden, wederom voor het gemak – Amerikanen doen niet graag moeilijk – door de VS ‘communisten’ genoemd. Dat bekte immers lekkerder.

Dat Nicariguaanse keuterboeren nog nooit van Marx en Engels hadden gehoord omdat ze nooit de mogelijkheid hadden gehad om te leren lezen , was voor de VS geen aanleiding om deze ietwat gehaaste classificatie te herzien.

Aan de riem van de boer hing een geribbelde handgranaat. Ik had nog nooit een handgranaat in het echt gezien. Het aanblik van dit vernietigende ei bleef mijn enige wapenfeit van mijn kortstondige oorlogscorrespondentschap.

Guerrilla oorlogen worden veelal verslagen uit 5-sterren hotels

Ik kwam er achter dat guerrilla oorlogen veelal verslagen worden vanuit 5-sterren hotels. Ik stapte in Managua, de hoofdstad van Nicaragua, het Intercontinental Hotel binnen in de hoop een ‘echte’ oorlogscorrespondent tegen het lijf te lopen die mij kon vertellen waar dit mistige conflict plaatsvond.

Er bleken wat journalisten rond te hangen in de bar op het dak van het hotel. Een ervan was Christopher Dickey, een correspondent van ‘Newsweek’ die mij vertelde dat hij met een boek bezig was over de contra-oorlog. Een oorlog die later zou leiden tot ‘Iran-Gate’.

Hij vertelde me ook dat guerrilla-oorlogen verslagen worden door de lokale journalisten die als informanten en vertalers gehuurd worden door de westerse sterjournalisten. Deze plaatselijke verslaggevers gingen mee op sabotage acties, hinderlagen en kidnappingen van rijke zakenlui.

Zij brachten verslag uit bij hun westerse werkgevers – John Simpson, de BBC journalist van Gulf War One fame, was zo’n werkgever, volgens Dickey – en die faxten of belden de kopij naar de redactiekantoren van de krant of het opinieblad waar ze voor ‘werkten’.

Ik vroeg aan Dickey of hij wel eens gewond was geweest. Hij lachte en zei: ‘Ja thuis, na een val in de badkamer.’

Later werd het boek With the Contras van zijn hand gepubliceerd. Het is het verslag van een stekelige oorlog, met intriges, complotten, CIA-agenten en een doodarme, radeloze Nicaraguaanse bevolking als décor.

Sinds Golf Oorlog Twee, zijn verslaggevers ‘embedded’, wat vrij vertaald ‘in bed met de VS’ betekent. De VS hebben na de oorlog in Vietnam (en in Laos en Cambodja) hun lesje wel geleerd, toen journalisten de publieke opinie aldaar dusdanig beïnvloedden dat er in 1975 niets anders opzat dan het ambassadepersoneel in Saigon met haperende helikopters te evacueren en te zeggen: ‘Let’s call it a day.’

Cor Verhoef
Over Cor Verhoef 41 Artikelen
Geboren Rotterdammer Cor Verhoef werkt sinds 2004 als leraar Engels aan de Nairong middelbare school in Bangkok, de metropool waar met zijn echtgenote en docent Ning (‘Priceless woman’) woont. Na zijn opleiding aan de lerarenopleiding van de Hogeschool Rotterdam en Omstreken werkte hij in de horeca en als reisagent in Mexico en Guatemala. Via de NBBS belandde hij in najaar 2001 in Thailand. Inmiddels zijn Cor en Ning de trotse ouders van zoon Leon.