Viva Mexico (2): Home of the brave

De eerste etappe van onze revolutionaire reis, de vlucht naar New York, verliep zonder noemenswaardige incidenten. Je mocht toen nog gewoon roken aan boord en van Al Queda, Dick Cheney en George W. Bush had nog nooit iemand gehoord. Wat we niet wisten was dat toen we onze warme maaltijd geserveerd kregen, dat dit de laatste warme maaltijd zou zijn in een heel lange tijd. Als we dat hadden geweten, hadden we die rotzooi wel opgegeten…

Bij de Amerikaanse douane werd er van ons verlangd een hoogst eigenaardig vragenlijstje in te vullen. De Amerikanen wilden van ons weten of we ooit wel eens lid waren geweest van de Nazi-partij van Hitler? Zo niet, of zo ja, waren we dan misschien (ook) lid (geweest) van de Russische Communistische Partij?

Ze waren ook heel nieuwsgierig naar eventuele explosieven. Of we die bij ons hadden? Dat bleek niet het geval. René was vergeten de handgranaten in te pakken, terwijl ik die wel degelijk op onze ‘what to take’ lijst gekrabbeld had.

Hadden we AIDS? Ik staarde even naar de vraag en betastte voorzichtig het puistje dat gedurende de vliegreis op mijn voorhoofd gerezen was. Waren we homoseksueel? René keek me even verlekkerd aan…

Een normaal mens beantwoordt dergelijke idiote vragen natuurlijk met een volmondig ‘ja’, maar douanebeambten in het algemeen en die in de VS in het bijzonder hebben een zeer ongelukkige reputatie op het gebied van humor, dus krasten we alle ‘nee’ vakjes dicht.

‘What’s the purpose of your visit?’ bitste de moddervette douanière, loerend langs de vetkwabben die het zicht vanuit haar nauwe varkensoogjes, bemoeilijkten. ‘We’re on our way to Mexico’, zeiden René en ik opgewekt in koor.

De oogjes van deze vrouwelijke Sumo worstelaar vernauwden zich nog verder alsof we zojuist hadden aangekondigd de Twin Towers te komen opblazen. Nijdig stempelde ze een maand-visum in onze paspoorten. Welcome to the Land of Milk and Honey.

Amerikaans-houten-kerkje-300x300De busreis was voornamelijk eentonig, ondanks de Indian Summer die in al haar duizelingwekkende bladerpracht door het busvenster te bewonderen was.

Wat nog het meeste opviel was de griezelige hoeveelheid kerkjes die het landschap besprenkelden. Adventists of the Latter Day Saints, Presbyterians, Mormons, Jehova’s Witnesses, en verder nog een heel scala aan andere houten bidbouwsels leken door de hand van God in het landschap gekwakt. En in elke tuin wapperde de Stars and Stripes.

Wat ons ook opviel was de hemeltergende eenduidigheid van onze Amerikaanse mede-buspassagiers: honkbalpet, t-shirt, spijkerbroek, Wall-Mart gympen. Meer westwaarts werden de gympen verruild door cowboylaarzen en de honkbalpetten maakten plaats voor cowboyhoeden.

Jongere vrouwen hadden zonder uitzondering hun pony naar weerskanten geföhnd en hadden dikke lagen felblauwe ogenschaduw aangebracht. De negerinnen waren allemaal moddervet, wat niet zo gek was aangezien er alleen gestopt werd bij fastfood ketens zoals McDonald’s, Taco Bell, Denny’s, Wimpy’s.

‘Ze lopen hier honderd jaar achter’, snoof René, terwijl hij met de kraag van zijn Paisley shirt speelde op het busstation van Little Rock in Arkansas. Op de achtergrond speelde Hank Williams jr. zijn kleffe countrymuziek.

Amerika maakte ons mismoedig.

We hadden vanuit Nederland een enorme stapel gesmeerde boterhammen meegenomen. In 1984 stond de dollar zo hoog dat we voor een Amerikaanse hamburger drie dagen in Mexico in een keizerlijk hotel konden slapen en we hadden ons voorgenomen zo weinig mogelijk uit te geven.

Toen we in de straten van Dallas onze laatste boterhammen opaten konden we Mexico al ruiken.

Cor Verhoef
Over Cor Verhoef 41 Artikelen
Geboren Rotterdammer Cor Verhoef werkt sinds 2004 als leraar Engels aan de Nairong middelbare school in Bangkok, de metropool waar met zijn echtgenote en docent Ning (‘Priceless woman’) woont. Na zijn opleiding aan de lerarenopleiding van de Hogeschool Rotterdam en Omstreken werkte hij in de horeca en als reisagent in Mexico en Guatemala. Via de NBBS belandde hij in najaar 2001 in Thailand. Inmiddels zijn Cor en Ning de trotse ouders van zoon Leon.