De veldwachter van Baan Pu

De rijstoogst is achter de rug. Wat overblijft zijn akkers als goudgele stoppelbaarden. Het landschap oogt leeg, voor boeren en seizoenarbeiders zit het werk erop. Het is nu aan de koeien en buffels om de droge stoppels te transformeren tot mest. Ze worden door veehoeders van het ene veld naar het andere gebracht. Straks, wanneer men de aarde omploegt is de uitgemergelde bodem toch een beetje verrijkt. Voldoende zal dit zeker niet zijn. Zonder dure kunstmest gedijt er hier niets meer.

Ik geniet van de stilte. Een zachte bries fluistert door het hoge gras aan de wegkant. De honden lopen vrij rond. Zij snuiven honderden subtiele geuren die voor ons altijd verborgen zullen blijven. Veldbloemen zijn alom. Sommigen noemen het onkruid maar het is verdomd mooi en helemaal niet zo on. De onverharde weg slingert als een beek en achter elke bocht is er een nieuw panorama.

Roger Stassen, De veldwachter van Baan Pu

Er daar stond hij opeens. Vlakbij en met zijn armen wijd open gespreid. Ik schrok en dat moet hij opgemerkt hebben. “Nou nou, ben ik dan zo lelijk?”, hoorde ik hem zeggen. Tenminste het leek een stem te zijn die van onder zijn hoed kwam. Ik zag geen hoofd en bijgevolg ook geen mond of lippen. Mijn hart klopte als bezeten, ik trilde op mijn benen. Dit kon niet. Was ik aan het hallucineren? “Rustig rustig vriend, straks krijg je nog iets aan je hart of zo. Dat wil ik niet op mijn geweten hebben”. Zijn stem klonk schor en piepte en schuurde als een roestig zaagblad maar was toch goed verstaanbaar. “Even voorstellen, ik heet Hoenlaika (*) en ben de veldbewaker zeg maar veldwachter van Baan Pu, Ampeur Chiang Kham, Changwat Phayao”. Hij wachtte even maar omdat ik nog steeds geen woord kon uitbrengen vervolgde hij: “het is mijn taak om de akkers en velden van Baan Pu vogelvrij te houden… enfin het is te zeggen vrij van gevleugelde vliegbeesten en andere”. En opnieuw volgde er een korte pauze waarin hij leek af te wachten of ik al hersteld was van de opgelopen schok. “Bestaarte keutelkakkende knaagbeesten krijg ik echter niet verjaagd. Dat zijn echte vreetmachines zonder respect voor mijn ambt. Laatst zat er eentje op mijn schouder aan mijn hoed te knabbelen, ik zweer het u. Maar enfin, ik doe mijn uiterste best”.

Roger Stassen, De veldwachter van Baan Pu, Vogelverschrikker

 

Tot mijn eigen verstomming schraapte ik mijn keel en begon ook te praten. Er was toch niemand in de buurt die me zag en me later voor gek zou kunnen verklaren. “Hebt u dan nooit zin om eens de benen te strekken? U staat hier zo pal en bewegingloos. Moet toch enorm veel van u eisen deze job”. Ik wist uit ondervinding dat men degenen met een officiële functie best met een beetje ontzag benadert. Dat scheen Hoenlaika bijzonder te plezieren. “Inderdaad ja, de verleiding is groot maar ik verroer geen centimeter. Ik neem mijn taak zeer serieus. Trouwens het is niet allemaal kommer en kwel hoor. Deze starre houding leent zich bijvoorbeeld perfect voor meditatie”, en hij ging fluisterend verder: “Ga dit nou niet rondbazuinen want je werk aangenaam vinden wekt altijd argwaan en jaloezie. Weet je, voorheen wilde niemand dit werk doen. Straks staan ze in rijen aan te schuiven”. Ik schudde mijn hoofd : “Nee hoor daar kan u op rekenen. Ik zwijg als een graf (hetgeen graven tot nader order wel degelijk doen). Meditatie zegt u, bedoelt u dan dat u uw hoofd helemaal leeg kan maken?” Het was eruit voor ik het goed besefte maar Hoenlaika voelde zich allerminst beledigd of zo. “Nee het is eigenlijk meer bezinnen, in alle rust nadenken, filosoferen en soms kom ik tot nieuwe en verbijsterende inzichten.” Mijn nieuwsgierigheid was nu echt geprikkeld. Tot welke inzichten mocht hij dan wel gekomen zijn, vroeg ik hem op de euh man af. Hoenlaika wachtte een moment duidelijk om de spanning op te voeren. “Wel” en er volgde weer een korte pauze. “Is het je al opgevallen dat die zwarte, voortdurend krakrakra roepende vliegbeesten, vleugels hebben en die keutelkakkende knaagbeesten helemaal niet?” “Nu dat u het zegt”, probeerde ik diplomatisch te blijven. “Ik weet nu vrijwel zeker dat kunnen vliegen iets met vleugels of het ontbreken ervan te maken heeft”. Er klonk triomf in zijn stem. Sterk hee!? Ik kon een diepe zucht gevolgd door een bulderende lach nauwelijks onderdrukken.

Mijn vertrouwen in de Thaise ambtenarij bleef en blijft stabiel en onveranderd na dit gesprek. Ze leveren goed werk en je hoeft geen genialiteit of diepzinnigheid van hen te verwachten. Of dit in mijn geboorteland anders is?

Verderop zag ik de honden een zwerm kraaien verjagen. Hoenlaika had dit ook gezien want hij reageerde nogal gepikeerd :”Klein succesje op korte termijn jazeker, dat is zo maar straks zijn ze weg en komen die vliegbeesten terug. Dan mijn goede vriend, dan sta ik hier nog steeds want ik blijf mijn werk doen in weer en wind.

Na uitgebreid afscheid van hem te hebben genomen vervolgden we onze weg. Morgen ga ik opnieuw wandelen met de honden maar ik denk dat ik een andere route neem.

* Hoenlaika = หุ่นไล่กา = vogelverschrikker

Dit verhaal is eerder geplaatst op https://mijnazieblog.wordpress.com/

Gerelateerde berichten

Roger Stassen
Over Roger Stassen 79 Artikelen
Roger Stassen werd in 1954 geboren te Genk, Belgisch Limburg. Als kind al een fantasierijke dromer en boekenwurm. Na een bijzonder gevarieerd beroepsleven als o.a. verpleger, sjouwer bij een verhuisfirma, matroos op de binnenvaart, fabrieksarbeider, stratenmaker, jeugdauteur en archiefbediende nu met pensioen, eindelijk! Want de heerlijke mogelijkheid hebbend voor langere periodes in Thailand te verblijven, het vaderland van zijn echtgenote Siriwan. Sinds 1993 met deze Noord-Thaise uit Chiang Kham gehuwd, lief, leed en de bankrekening delend. Heeft bij regelmaat onbedwingbare schrijfkriebels, is hondsdol (dol op honden), fotografeert bijzonder graag en interesseert zich voor tropische flora. Thailand is een gigantisch vat vol verhalen die enkel nog geschreven moeten worden. Wat al wel geschreven is kan ook worden gelezen op <a href="https://mijnazieblog.wordpress.com

3 Comments

  1. Geweldig leuk verhaal Roger en dan gefantaseerd in het bijzijn van je honden,terwijl die toch ook aandacht nodig hebben.Je moet eigenlijk blij zijn dat ze kalm zijn gebleven,komt waarschijnlijk dat Hoenlaika ook zo rustig bleef.

  2. Dank je Georges, die glimlach daar doen we het voor. Je krijgt nog de ambtelijke groetjes van Loenlaika, veldwachter van Baan Pu, ampuer Chiang Kham, changwat Phayao.

  3. Heb dit fantasierijke verhaal met glimlach gelezen. Mooie dubbele bodem.
    Reactie vanuit Baan: Non Ya Ranka, Tambon: Phon Tong, Amphur: Muang, Changwat: Chatyaphum.
    Dus wat bijgeleerd uit je verhaal.

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*