Tuk tuk Tukta en zus en zo

Je mag zeggen dat ik de weg in Bangkok steeds beter leer kennen. Toen ik hier 23 jaar geleden voor het eerst kwam was ik natuurlijk ook nog zo’n plattegronddrager die nog niet begreep dat de benamingen van Thaise straatnamen op tig verschillende manieren kan geschieden. En aan de uitspraak van straatnamen was ik toen nog niet toe. Een taxichauffeur richting Convent verzoeken te rijden, lukt pas als je hem naar ‘Conveeeent’ laat rijden.

Ik begreep al vroeg dat het spreken van de taal een doel zou worden om me te handhaven in mijn geliefde land. Dus ging ik, toen ik nog in Nederland woonde, op zoek naar iemand die me dat kon leren. Ik vond via een lokaal advertentieblad de Thaise vrouw van een aardige Nederlander die bereid was me een paar dagen per week na mijn werk een uurtje taal bij te brengen.

Mevrouw had geen didactische of professionele achtergrond, maar was bereid woordenlijstjes met mij samen te stellen. Ik maakte mijn eigen ‘wat en hoe’ lijstjes. Zij sprak die vertaald uit in het Thais hetgeen ik weer fonetisch opschreef. Zo had ik na verloop van tijd een hele woordenlijst (die ik in mijn hoofd nog dagelijks gebruik) en de juiste uitspraak paraat. Later in Thailand kreeg ik mijn definitieve leraar die ook de vaardigheid had om me de taal zodanig te leren dat ‘de baht’ regelmatig viel: “Oh zit dat zo? Ja! Nu snap ik het”.

Met sprinkhaanbenen in een tuk tuk

Ik verkende Bangkok in het begin zo veel mogelijk te voet. Liep met gemak kilometers door de stad. Ontdekte uiteindelijk ook het gemak van autobussen en zat daarin uren in de file voor al de grote verkeerspunten in het pre-bts-tijdperk. Ik herinner me nog levendig dat ik met een vriend al zo lang in een bus op de Silom in een file vaststond, dat deze voorstelde te gaan lopen. Het was die dag helaas zo klam warm dat ik hem kon overtuigen toch maar te blijven zitten. We zaten immers…

Het tuk-tukvervoersmiddel heeft me nooit zo aangesproken. Voor mij met mijn lengte is dat een onmogelijk apparaat. Ik moest mijn ‘sprinkhaan’benen volledig opvouwen om in- en uit te stappen. En zit ik vervolgens, dan zie ik niks door het gebogen dakje op ooghoogte.

Gelukkig brak de bouw van de BTS en later de MRT aan. Nu mijn meest favoriete vervoermiddelen. Maar stelt u zich eens voor: een maandenlang dag en nacht voortdurend af en aanrijden van cementwagens, van super-‘convoi’- opladers met enorme kant en klare pylonen voor de bouw van de stations en de spoorrails.

bts-map-silom-city

Deze alinea leest lekker weg hoop ik, maar het was een intens irritante situatie: de reeds dagelijkse files werden nog langer. Nog minder kon je een afspraak op tijd plannen. Maar uiteindelijk groeide de bouw gestaag en overkwam het me een keer dat ik vond dat het ergens op straat overdag zo vreemd donker was, totdat ik besefte dat het boven me hangende BTS station gewoon alle daglicht voorgoed verbannen had op de drukke kruising.

Een vriend van mij, die had vastgehouden aan het tuk- tukgebruik (hij heeft een beduidend kleiner postuur) had een vriendin die Tukta heette. Zij had een zus, die altijd als een schaduw met haar optrok. De ‘schaduw’ was er de oorzaak van dat ik in de verleden tijd spreek. Niet dat die vriend zo eenkennig is, maar altijd alles moeten delen vond hij te gek worden.

En zo liep het af. Hij koos voor Tukta alleen, maar de solidariteit tussen de zussen was groter dan haar gevoel voor hem, dus einde verhaal.

Paul van der Hijden
Over Paul van der Hijden 27 Artikelen
Geboren Limburger Paul van der Hijden (1951) studeerde voor maatschappelijk werker en werkte jarenlang o.a in de crisisinterventie, psychiatrie, jeugdhulpverlening, ongehuwde moederzorg, zelfhulpondersteuning en buddyzorg. In 1992, bij toeval op vakantie in Thailand, besloot hij daar ooit zijn pensioenjaren door te gaan brengen. Na vervroegde uittreding maakte hij in oktober 2008 zijn droom waar. In Thailand is hij actief geweest in de Nederlandse Vereniging Thailand.

1 Comment

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.