Erfgoed in Thailand: Tramlijnen in Bangkok

De eerste straat die in Bangkok werd gebouwd volgens ‘moderne westerse technieken’ was Charoen Krung of ‘New Road’. Aangelegd in 1864, werd deze straat in de loop van een paar jaar een populair route, met als gevolg dat de drukte toenam. In 1887 bekeken twee innovatieve heren al die drukte en kwamen met een oplossing. Alfred John Lofton, een Britse kapitein bij de koninklijke Thaise marine, en zijn Deense partner, Andreas du Plessis de Richelieu, bemachtigen een concessie om een tramlijn uit te baten. Koning Chulalongkorn verleende deze voor 50 jaar en voor zeven routes, onder voorbehoud dat de eerste route binnen vijf jaar open moest zijn, en de resterende na zeven jaar. 

De eerste route, van Bang Kho Laem naar Thanon Tok, kwam klaar in 1888. De route was 12 kilometer lang, en de tram werd door paarden getrokken. Er waren open houten voertuigen en gesloten ijzeren voertuigen. En er was een eerste en een tweede klasse in beide typen. De route was niet populair, de kaartjes waren duur en de mensen hadden medelijden met de paarden. De route was niet rendabel en het bedrijf werd verkocht aan de Bangkok Tramway Company, een Brits bedrijf, dat uiteindelijk ook in financiële problemen kwam. In 1892 nam een van de oorspronkelijke oprichters, Andreas du Plessis de Richelieu, met Deense hulp, de trams weer over.

Andreas du Plessis de Richelieu

Andreas du Plessis de Richelieu

Andreas du Plessis de Richelieu was een invloedrijk man in Siam. Hij arriveerde in Bangkok in 1875 met een introductiebrief van de Deense koning. Koning Chulalongkorn benoemde hem tot kapitein van het koninklijk jacht. Chulalongkorn gebruikte het jacht zeer regelmatig als transportmiddel voor zijn binnenlandse en buitenlandse reizen. De beide mannen werden vrienden en Chulalongkorn benoemde de Richelieu op steeds hogere posten bij de Thaise marine. In 1900 werd hij de eerste en enige in het buitenland geboren opperbevelhebber van de Royal Thai Navy. Hij werd benoemd tot admiraal en minister van de marine voor de periode van een jaar. Na afloop van zijn functie werd hem als waardering voor zijn diensten aan de natie de Thaise adellijke titel Phraya Chonlayutthayothin (Thai: พระยา ชล ยุทธ โยธิน ท ร์) verleend.

Marine-uniformen van Andreas du Plessis de Richelieu. De uniformen werden in 2016 door Richelieu’s kleinzoon Andreas Hastrup aan Thailand geschonken.

Naast zeeman was de Richelieu een creatief zakenman. Met zijn partner H.N. Andersen richtte hij in 1884 in Bangkok Andersen & Co. (de latere East Asiatic Company) op. Het bedrijf was eigenaar van het Oriental Hotel en richtte kort daarna de ‘Oriental Provision Store’ op. Dit bedrijf werd de belangrijkste leverancier van goederen en grondstoffen voor de strijdkrachten in Siam. De Oriental Provision Store had een goede reputatie en was stipt in zijn leveringen. Natuurlijk was het een gelukkige bijkomstigheid dat een van de eigenaren (de Richelieu) door een goede vriend benoemd was tot hoofdinspecteur van de Marine,  verantwoordelijk voor alle inkoop voor de Marine.

Het Oriental Hotel op een tekening uit 1880.

Zijn contacten met het koninklijk huis hielpen de Richelieu ook aan andere concessies, zoals voor het oorspronkelijke trambedrijf en handel in teakhout voor EAC. En een concessie voor een elektriciteitsbedrijf, om zodoende de paardentrams te kunnen vervangen door elektrisch aangedreven voertuigen.

De Richelieu keerde uiteindelijk terug naar Denemarken in 1902 nadat hij malaria had opgelopen. Bij zijn vertrek begeleiden koning Rama V en leden van de koninklijke familie hem naar Singapore aan boord van het koninklijke jacht. 

Elektrische trams

Na de Deense overname van het trambedrijf werd de voertuigen elektrisch aangedreven. De trams werden hierdoor sneller en populairder en dit maakte het bedrijf eindelijk winstgevend. De snelheid had helaas ook nadelen. In de nauwe straten van Bangkok kwamen nu meer ongelukken voor. En het heersende bijgeloof dat het geluk bracht als een tram over je schaduw reed, hielp niet mee om die te voorkomen. 

Tram in Bangkok in 1912.

Het goed renderende Deense trambedrijf trok de aandacht van een Thaise groep investeerders. Ze zagen mogelijkheden voor meer tramlijnen en durfde de concurrentie aan. Rot Rang Thai Thoon Co werd opgericht en kreeg een vergunning voor twee nieuwe routes. De eerste was de Dusit lijn, die werd geopend in 1905 en het eiland Rattanakosin bestreek. 

Beide bedrijven gebruikten dezelfde typen voertuigen, de Deense waren geel van kleur en de Thaise waren rood. Uiteindelijk fuseerden beide bedrijven in 1908 tot de Siam Tramways Co. Ltd. en werden alle voertuigen geel-rood. In de loop van de jaren 20 van de vorige eeuw werden meer lijnen (in totaal 11 lijnen) toegevoegd. Na nog een fusie werd de naam van het bedrijf in 1927 Siam Electricity Corporation en uiteindelijk in 1939 Thai Electricity Corporation.

De vergunning voor het uitbaten van de tramlijnen verviel definitief in 1950 en de lijnen werden overheidseigendom. Door de opkomst van de auto en de goedkope buslijnen die er inmiddels waren, werd de tram steeds minder populair. Een voor een werden de lijnen opgedoekt. In 1968 werd de laatste lijn gesloten. In Bangkok zijn nog oude tramrails van de Bang Kho Laem lijn te vinden in de Lak Mueang weg, vlak bij het Ministerie van Defensie. De andere rails zijn helaas allemaal onder het asfalt verdwenen. 

Tot eind 1999, toen de eerste BTS lijnen (Sky train) in Bangkok werd geopend, bestond het openbaar vervoer in de stad uit bussen en boten op de vele kanalen die de stad rijk is. In 2004 werd de eerste MRT lijn  geopend. Beide systemen worden nog steeds uitgebreid.

Over Redactie 797 Artikelen
De auteursnaam van de redactie van Trefpunt Azië. Wij publiceren onder deze naam berichten van de redactie en bijdragen die niet onder naam van de bron kunnen worden geplaatst.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*