Topjaar voor Beijing


Het jaar van de rat is voor Beijing een topjaar geworden. Daar zag het in het begin van 2020 niet naar uit. De corona-uitbraak in Wuhan in januari en het aanvankelijk falen bij de bestrijding wierpen een donkere schaduw op het nog prille jaar. De pandemie zou wel eens China’s Tsjernobyl kunnen worden, stelde menig China-watcher vast. Was de Sovjet Unie vijf jaar na de kernramp in 1986 niet aan haar einde gekomen? Beijing moest op zijn tellen passen.

Dit soort prognoses moet je altijd met meer dan een paar korrels zout nemen. In plaats van in zak en as zitten president voor het leven Xi Jinping en zijn kornuiten op rozen. De pandemie werd in eigen land verrassend snel bedwongen. In de Vrije Wereld en met name bij de grote rivaal, de VS, leek het een wedloop in incompetentie te zijn geworden. Aan de soft power van Beijing mag het een en ander mankeren, maar bij de Grote Crisis van het jaar had het zich als een toonbeeld van resolute competentie laten kennen.

Op het geopolitieke front vielen de ontwikkelingen eveneens in het voordeel van Xi uit. Hongkong zit nu definitief in de houdgreep van Beijing. De protestbeweging is ter ziele. De laatste dissidenten zijn opgepakt, opgesloten of anderszins monddood gemaakt. Xi heeft nu zijn blik laten vallen op Taiwan dat langzaam maar zeker murw wordt gemaakt. Het is de foltering per waterdruppel, een beproefde Chinese methode waaraan het slachtoffer uiteindelijk altijd bezwijkt.

En op de valreep heeft China een investering verdrag met de EU gesloten. Daar zijn zeven jaar taai onderhandelen aan vooraf gegaan. Het akkoord biedt het Europese bedrijfsleven betere toegang tot de Chinese markt, eerlijker concurrentie en betere bescherming van zijn technologie. In Brussel wreven ze in hun handen. Er was een hoofdprijs, nee, de hoofdprijs binnen gehaald. China had zich bij een handelsakkoord nooit eerder zo van zijn gulle kant laten zien, aldus de commissaris voor handel, Valdis Dombrovskis.

Of Beijing zo inschikkelijk is geweest staat nog te bezien. Tussen papier en praktijk zit meestal een wereld van verschil. In elk geval hadden ze een andere, veel belangrijkere prijs op het oog. Met het investeringsakkoord wordt een wig gedreven tussen Europa en de VS. In Washington wil de regering van de nieuwe president Joe Biden de banden met Europa herstellen na vier jaar Trumpiaanse ondermijning. Een opgefriste relatie met de Europese bondgenoten is ook nodig om Beijing en zijn steeds driester wordende ambities het hoofd te bieden. In Washington was men dan ook ‘not amused’ dat Brussel zich in de luren had laten leggen.

Ook in het Europese Parlement werd gesputterd. ‘De deal was een strategische fout’, aldus de Duitse afgevaardigde van de Groenen, Reinhard Bütikofer. Dat oordeel moeten we niet uitleggen als bewijs van Groen geopolitiek inzicht. Bütikofer was vooral verbolgen omdat het akkoord onvoldoende aandacht schonk aan de mensenrechten in China. Dat valt te betreuren, zonder meer, maar in de realpolitik zijn mensenrechten geen factor van belang. Zijn verzet en dat van geestverwanten zal naar alle waarschijnlijkheid niet veel uithalen.

De deal met Brussel komt een dikke maand na een eerdere Chinese coup. Op 20 november werd een regionaal vrijhandelsakkoord gesloten met 13 Zuidoost-Aziatische landen plus Australië en Nieuw-Zeeland. Volgens kenners moet je de economische betekenis van dit verdrag niet overschatten. In dat opzicht is het een huis-tuin-en keuken-deal. Het gaat China ook hier niet in de eerste plaats om handel, al zijn de voordelen natuurlijk mooi meegenomen. Deze deal is net als het investeringsverdrag met de EU voornamelijk politiek. Xi maakt Biden weer eens duidelijk wie in zijn achtertuin de baas is. Het is weer een stap naar het ultieme doel, de regionale hegemonie.

Daarvoor mag Xi nog-collega Donald Trump bedanken. De nog-president had zich teruggetrokken uit het Trans Pacific Partnership (TPP) dat het fundament was van het Azië-beleid van zijn voorganger Barack Obama. Met het TPP konden de aangesloten 12 landen, waaronder een economische grootmacht als Japan, een tegenwicht bieden aan China. Dat viel weg toen Trump het TPP opblies. De overgebleven landen gingen op eigen kracht verder maar zonder het machtigste land is het, misschien met uitzondering van Japan, een club van politieke en militaire licht- en middengewichten.

De vraag is of deze successen opwegen tegen de tegenslagen die Beijing dit jaar ook heeft moeten incasseren. Het verlies aan soft power door de negatieve publiciteit over de vervolging van minderheden als de Oeigoeren en Tibetanen en het brute machtsvertoon in Hongkong en tegenover Taiwan zal ze in Beijing vermoedelijk nog de minste zorg zijn. Soft power is bij uitstek een westers concept dat daar buiten hooguit een ondergeschikte rol speelt. Voor Beijing en ook Moskou telt maar een ding: macht. Soft power is iets voor softies.

De grote tegenvaller is dat het met Xi’s grote prestigeproject, de Nieuwe Zijderoute, (‘belt and road’ in het jargon) niet meer zo gesmeerd loopt. Dit project, het aanleggen van wegen, (lucht)havens en ook technologische infrastructuur in de derde wereld maar ook in Oost-Europa verkochten de Chinezen als hun vorm van ontwikkelingshulp, hun hoogsteigen soft power zo u wil.
Het gaat, uiteraard, primair om Chinese belangen. De aangesloten landen moeten voor de financiering tegen hoge rente lenen bij Chinese staatsbanken en het werk en de winst gaat naar Chinese projectontwikkelaars. In landen als Thailand, Cambodja, Birma, Sri Lanka en Pakistan groeit de weerstand tegen het project. Ook omdat de Chinezen ter plekke zich nog wel eens willen gedragen als de nieuwe kolonisatoren.

Beijing schijnt de onderneming inmiddels aan een kritische herwaardering te onderwerpen. Ze steken in elk geval steeds minder geld in het project. Of Xi en co de Zijderoute al willen afschrijven als een mislukking, weten ze alleen in Zhongnanhai, het hoofdkwartier van de communistische partij, de CCP. Het zou een persoonlijke nederlaag voor de president zijn en dat publiekelijk toegeven is ondenkbaar. Maar de afschaling is zonder meer een veeg teken.

Ondanks deze onvoorziene tegenvaller ziet de balans er voor Xi veel beter uit dan iedereen, waarschijnlijk ook in Beijing, aan het begin van het jaar had gedacht. De pandemie is onder controle, wat het Westen maar niet lukt, en geopolitiek zijn er mooie slagen binnengehaald. Xi kan met zijn jaaroverzicht tevreden zijn.

Ook op Trefpunt Azie: Het poldermodel versus de totalitaire zekerweters van China

 


Beste lezer

Trefpunt Azië is een reclamevrije site geheel gemaakt door vrijwilligers. Al onze berichten zijn voor iedereen te lezen. Maar het in stand houden van een website als Trefpunt Azië kost geld; er zijn kosten voor software om de site te maken en de huur van serverruimte zodat hij te zien is. Die kosten worden gedragen door leden van de redactie en die kunnen daarbij wel wat hulp gebruiken. Als u wilt helpen met een (kleine) bijdrage klik dan op de rode knop rechtsonderdaan op de pagina en doneer, dat kan al vanaf 3 euro. Wilt u op een andere manier helpen? Mail dan even met de redactie: post@trefpuntazie.com

Dankzij uw bijdrage kan Trefpunt Azië elke dag nieuws en achtergronden uit uw favoriete werelddeel blijven brengen.

 

Peter van Nuijsenburg
Over Peter van Nuijsenburg 257 Artikelen
Journalist en publicist Peter van Nuijsenburg (1951) werkte in het verleden bij De Telegraaf, Elsevier en persbureau GPD, het Financieele Dagblad en diverse omroepen. Hij was correspondent in Johannesburg, Berlijn, Tokio en Rome. Peter was voorheen ook parlementair en economisch redacteur. Hij is liefhebber en kenner van kunst en cultuur. Bij dagblad Trouw publiceerde hij boekbesprekingen. Beroepsmatig en (meer recentelijk) als toerist was hij in Thailand en andere Asean–landen.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*