Thailand. Xenofobie en Thaiheid

xenofobie

Is het xenofobie of onopgesmukte Thaiheid? Een Thaise busonderneming, die geen witneuzen aan boord van hun bussen toelaat. Een golfbaan geen farang op hun greens. Een tempel in Bangkok, die buitenlanders de toegang weigert. Interessant hierbij is ook het commentaar van de Bangkok Metropolitan Administration en het Ministerie van Toerisme. Beide instituten benadrukken, dat elke tempel zelf kan bepalen, wie ze wil toelaten. Duidelijker kan het niet. De canon voor politieke correctheid moet in Thailand nog worden uitgevonden.

En wat te denken van dat echtpaar uit Phuket dat tijdens de lockdown een selfie op Facebook plaatste, waarop ze met katapulten staan afgebeeld mikkend in de camera. Met als onderschrift: ‘Als je niet thuis kunt blijven, hoepel dan op uit mijn land. Sh*t tourist#’. Een opmerking die in het Westen al gauw als xenofobie en haat zaaiend gezien zou worden.

Maar in Thailand kom je daar mee weg. Sterker nog, ook de overheid doet eraan mee. Minister Anutin van gezondheidszorg had zowaar ontdekt dat blanke Europeanen verantwoordelijk zijn voor verspreiding van het Corona-virus in Thailand. Vieze farang, noemde hij ze zonder blikken of blozen.

Op zijn Twitter-account liet hij weten, dat Europese Thailandgangers geen mondkapjes dragen, zich niet of te weinig douchen en vuile kleren dragen. En bovendien afkomstig zijn uit landen waar het Corona-virus in tegenstelling tot Thailand, niet adequaat wordt bestreden. Je moet met deze vieze farang meer oppassen dan met Aziaten, was de boodschap.

Ondertussen lieten ook de Thaise media zich niet onbetuigd in het kweken van antiwesters sentiment. Zo kwam The Nation – in navolging van de Chinese propaganda machine uit Beijing – met een artikel waarin werd geïnsinueerd, dat de VS middels een clandestiene actie het virus in China hadden verspreid. Thaise tv-stations en andere mediagroepen waren er als de kippen bij om deze en nog wat andere wereldvreemde beweringen ontleend aan de Chinese staatsmedia, over te nemen. Met als gevolg dat heel wat Thais de farang verantwoordelijk gingen stellen voor de zware economische gevolgen van de Covid-19 pandemie. Xenofobie alom. 

Hoewel het antiwesterse sentiment na de corona uitbraak lijkt te zijn toegenomen, is het verschijnsel op zich niet nieuw. Wie zijn oor te luisteren legt bij in Thailand wonende witte expats, krijgt al snel te horen dat er al jaren een groeiend ressentiment is naar westerlingen. Het is nog maar de vraag of er ooit een tijd was dat het er niet was. Ze waren weliswaar geen rode duivels zoals in China, maar de aanduiding farang khi nok (vogelpoep) voor witte buitenlanders die zich de Thaise cultuur en taal enigszins eigen hebben gemaakt, is ook niet erg flatteus.

Het Thaise woord voor xenofobie vertaalt zich letterlijk als ‘angst en haat naar buitenlanders’, wat de lading van het westerse woord aardig dekt. Thaise moeders maken er gewiekst gebruik van. “Als je niet beter oppast, komt en straks een farang, die je kookt en dan opeet”, vertellen ze hun bevende kinderen. Zoiets als zwarte Piet, die stoute kinderen in zijn zak stopt en meeneemt naar Spanje. Voor hen die het niet meer weten, er werd niet beweerd dat ze daar door de goedheilige Sinterklaas zouden worden opgegeten.

In Thailand krijgen ze de angst voor witneuzen (en meestal haat je waar je bang voor bent) er al op jeugdige leeftijd ingeprent. Vaak is het gebaseerd op onwetendheid. Laat me even terugglijden in de tijd. Naar meer dan dertig jaar geleden, toen het aidsvirus in Thailand behoorlijk huishield. Na een partijtje tennis met een Franse vriend in een resort, wilden we een verkoelende duik nemen in het zwembad, waar een stuk of tien Thaise kinderen al ronddobberden. Onder het wakend oog van hun moeders in de strandstoelen rond het bad.

 

Nauwelijks was mijn vriend in het lokkende water gedoken of de moeders kwamen in actie: “Kom eruit kinderen, kom, vlug, onmiddellijk naar de kant. Die farang hebben allemaal rook-it” (Aids). Het siert ze, dat ze dachten dat we het toch niet verstonden. De kinderen gaven er zonder morren gewillig gevolg aan…

Enkele weken daarna, bezocht ik voor de laatste keer het vluchtelingenkamp Khao-i-Dang in de buurt van Aranyaprathet aan de Cambodjaanse grens om afscheid te nemen van enkele vrijwilligers, die er kende. In de Thaise pers waren er rapporten, dat er wellicht meer dan honderdduizend Thaise militairen het aidsvirus hadden opgelopen.

Rond Aranyaprathet waren aardig wat bordelen. Kleine houten huisjes met daarin vier-vijf meisjes met uitsluitend Thaise militairen als hun cliënteel. De prijzen lagen rond de 50 baht.

Om uit te zoeken hoe die meisjes het zagen, ging ik binnen bij een van die huisjes en nam er een mee naar het kamertje boven voor een praatje. De naam van haar geboortedorp wist ze te noemen. Maar of dat van hieruit gezien noordelijk of zuidelijk of in een andere windrichting lag wist ze niet. Ik vroeg haar of ze een condoom gebruikte. ‘Dat hoefde niet’, zei ze plots heel zelfverzekerd, want Thaise mensen konden geen Aids krijgen…

Onnozelheid natuurlijk. Maar wel van het soort waarbij Thaiheid meteen om de hoek komt kijken. Tegelijk met een zekere vorm van xenofobie. Want als Thais geen aids kunnen oplopen maar farangs wel, betekent dat intrinsiek dat je ze maar beter kunt mijden. Zoals ook Anutin dat voorstond. In het hoofd van de Thais roepen de twee begrippen elkaar blijkbaar op en worden haast synoniem.

Ook op Trefpunt Azië: Thailand. Altijd discreet blijven

Over Antonin Cee 200 Artikelen
Antonin Cee woont sinds eind jaren tachtig in Chiangmai en voerde themareizen uit. Hij studeerde filosofie aan de Universiteit van Montpellier in Frankrijk en werkte enige tijd als redacteur bij The Nation in Bangkok. Ook schreef hij artikelen voor verschillende Nederlandse, Belgische en Engelstalige magazines. Met zijn achttienjarige dochter vormt hij een eenoudergezin en brengt elk jaar enige tijd door in Zuid-Frankrijk. Hij publiceerde een verhalenbundel getiteld 'Inheems Kruid'. Onlangs bracht hij zijn tweede boek 'Thailand tegen het Licht' uit. Beide boeken zijn zonder verzendkosten te bestellen bij www.amazon.de.

5 Comments

  1. Ik ben het deze keer hartgrondig eens met wat Antonin hier schrijft. De Thais zijn opgevoed met opvattingen die ‘Thainess’ , het Thai-zijn, centraal stellen. Thainess is een verbeelde en kunstmatig opgezette visie. Het leidt uiteindelijk tot een royalistisch en racistisch nationalisme.

    Dat betekent dat niet alleen farangs in deze gedachtegang zijn opgenomen. Ze geldt ook voor de bergvolkeren is het noorden, de moslims in het zuiden en de Lao (Isaners) in het oosten. De werkmigranten uit de buurlanden ondergaan hetzelfde lot. En vroeger de Chinezen.

    Als iemand anders denkt dan premier Prayut wenst dan krijgt hij te horen “Ben je wel een Thai?’

    De eerste regel in het Thaise volkslied is: ประเทศไทยรวมเลือดเนื้อชาติเชื้อไทย ‘Wij Thais zijn één van vlees en bloed..’

    De Thaise Grondwet zegt in hoofdstuk 3 dat rechten en vrijheden gelden voor de Thais. De Nederlandse Grondwet begint met ‘Allen die zich in Nederland bevinden, worden in gelijke gevallen gelijk behandeld. Discriminatie wegens godsdienst, levensovertuiging, politieke gezindheid, ras, geslacht of op welke grond dan ook, is niet toegestaan.’ Dat is een essentieel onderscheid. Buitenlanders in Thailand kunnen geen beroep doen op de (grond)wet al zal dat in de praktijk wel meevallen.

    De jeugdige betogers in de afgelopen maanden verzetten zich ook tegen ideeën. Bijvoorbeeld door het heilige middelpunt van Thainess op de korrel te nemen.

    Ik voeg er aan toe dat ik persoonlijk in het dagelijkse contact met de Thais weinig tot niets heb gemerkt van xenofobie. Mijn zoon wel, maar nooit ernstig. Ik kreeg wel vaak te horen dat ik de Thai en het unieke Thainess nooit zou kunnen begrijpen.

  2. Beetje overdreven allemaal. Ik heb in de 20 jaar dat ik hier woon, nog NOOIT meegemaakt dat ik me niet welkom voelde. De overheid heeft wel allerlei irritante regeltjes in het leven geroepen, maar die gelden voor ALLE buitenlanders. En als er ergens een land is waar xenofobie heerst, geinstitutionaliseerd zelfs, dan is het Nederland wel (toeslagenschandaal). De meeste Thais die ik dagelijks meemaak zijn vriendelijk, hulpvaardig en verre van vijandig.

    • I agree with Cor Verhoef. Seen from a big picture perspective that considers the white colonial history, what the article´s author calls xenophobia and racism is, for what i have seen in southeastern and easter Asian countries, just a small reaction against centuries of white imperalism in Asia, Africa, America, Oceania. Most people in this countries is not even slightly critical towards the many colonial structural elements that still affect daily life in these countries and let´s face it: Europeans have taken advantage of colonial history from many aspects all over southeastern and eastern Asia. There may be truly xenophobia in some specific comments and attitudes by some particular people, but there are all kinds of things everywhere if we look at the small %s. Let´s look at the big picture and what prevails and i don´t think southeastern Asia is a racist part of the world. Well, the Netherlands may claim in their constitution that everyone in the country is equal, but let´s think about the colonialist country and all the privileges many European countries got from that. It´s easier to call yourself open minded and non racist, non chauvinist, etc when you have been able to build your country on material wealth coming from an imperial past than it is when you have been materially or culturally colonized and they imposed on you a eurocentered way of life where European countries will always have advantage. Sorry for writing in english, i dont speak Dutch beyond a few words, i read the article in machine translation.

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*