Thailand. De wonderbaarlijke genezing van tante Pom

Hams Geleijnse, Genezing, Kort verhaal, Isan
foto ©N. Phansawat

Het goede nieuws komt van Lamut. ‘Tante Pom is verlost van haar waterenkel,’ juicht ze, bijna dansend over de straat voor het huis van haar tante Ying. Eenmaal binnen het hek van de oprit volgt belangrijke aanvullende informatie. ‘Nou, wat heb ik je gezegd. Als je maar gelooft en vertrouwen hebt komt het altijd goed.’

Ying kijkt haar nichtje wantrouwig aan. Lamut, single mother sinds ze in onmin is geraakt met haar Australische sponsor,  is al drie jaar ‘in den Here’, lid van een genootschap van superblije wederdopers. En al drie jaar hoort Ying van Lamut hetzelfde liedje. Wat er ook gebeurt in het leven van haar nicht, als het goed komt is dat altijd dankzij de helpende hand van Hem daarboven.

Maar nu liggen de zaken wat anders. Dit keer gaat het om Ying’s twee jaar oudere zuster Pom, weduwe, midden vijftig. Pom, Ying, Lamut, allen zijn ze geboren in een dorpje bij Kalasin in de Isan. En dankzij Lamut is Pom verder dan ooit van haar dorp gereisd, helemaal naar Pattaya. Tegenstribbelend, want Pom is boerin en aan haar Isaanse grond gekluisterd.

Nood breekt echter wet. Pom kwakkelt al maanden met haar gezondheid. Oorzaak diabetes en mogelijk als gevolg daarvan een oogkwaal waar geen bril tegen opgewassen is. En dan tot overmaat van ramp de enkel. Ze kan nauwelijks meer lopen, haar voet oogt bijna haaks onder een zwelling van softbal-dimensie. Oedeem in je enkel had de arts in Kalasin gezegd en gaf medicijnen om het vocht af te drijven. De zwelling werd alleen maar erger.

Op aanraden van die arts reist ze naar het beter geoutilleerde ziekenhuis van Udonthani. De oogbehandeling daar biedt perspectief, maar de enkel blijft nieuwe medicijnen ten spijt maar ‘groeien’. ‘De dokter heeft gezegd dat het er niks mee heeft te maken, maar ik durf bijna geen water meer te drinken,’ telefoneert ze Ying met moedeloze stem.

Hams Geleijnse, Genezing, Kort verhaal, IsanEn dan valt Lamut met drie zusters in het geloof onverwacht haar geboortedorp binnen. Haar moeder brengt haar naar tante Pom. Oh, zegt Lamut als ze de enkel ziet, ik kan je helpen. Ik breng je naar onze gemeente in Pattaya. Dan bidden wij voor je en vragen de Heer om genezing. Het zou niet voor het eerst zijn dat zulke gebeden worden verhoord. We hebben al heel wat wonderbaarlijke genezingen gezien.’

Pom laat zich eerst voorlichten over de Heer. De verhalen van Lamut klinken als die van Poms jongere broer, die in Boeddha is gegaan en als monnik van zijn Yaba-verslaving geraakt. ‘Ik dacht, waarom ook niet. Baat het niet, dan schaadt het ook niet,’ zal ze Ying later vertellen. En ze laat zich in Lamuts fonkelnieuwe Ford duwen. Op naar Pattaya.

Omdat Lamut absoluut niet in toeval gelooft is haar Isaanse invasie met geloofsgenoten niet aan toeval toe schrijven(*). Lamut ruikt business in de regio die ze als teenager verlaten heeft om in Bangkok haar geluk te beproeven.  Ze heeft in haar Pattayaanse woonomgeving bij familie, vrienden en kennissen geen succes met haar nieuwste met de zusters-gelovigen opgezette handel in aandelen. Of beter, de sector derivaten, veredeld gokken op aandelenkoersen met indrukwekkende namen als options, swaps en futures. Een van de zusters weet er alles van en heeft al giga-winsten geboekt.

Hams Geleijnse, Genezing, Kort verhaal, Isan
foto shareeducation.com

Om haar partijtje mee te kunnen blazen heeft Lamut haar kleine eengezinswoning in de buurt van Pattaya verkocht. Ze koopt met een beetje aanbetaling onmiddellijk een gloednieuwe ‘representatieve’ auto, want met de vorige twee jaar oude ‘kan ik niet meer bij klanten aankomen’.

Na twee dagen in een troosteloze buitenwijk van Pattaya. in het onwelriekende en benauwde hok dat Lamut bij gebrek aan eigen woning voor een habbekrats huurt, houdt Pom het voor gezien. Ze belt Ying. ‘Kan ik bij jou logeren’, vraagt ze. ‘Ik moet nog naar die kerk en Lamut gaat pas volgende week terug naar Kalasin.’ Als Pom uit de auto strompelt springen haar twee jaar jongere zus de tranen in de ogen. ‘Ik heb zo’n pijn,’ fluistert Pom.

Hams Geleijnse, Genezing, Kort verhaal, Isan

In het weekeinde laat ze zich onderdompelen in de gebeden van Lamut en haar broeders en zusters. Lamut brengt haar terug naar Ying. ‘Ik denk dat onze gebeden al hun werk doen. Tante Pom voelt zich een stuk beter. Niet waar tante?’ Pom knikt. ‘Ja, het gaat wel,’ beaamt ze. Ying fronst de wenkbrauwen, maar zegt niets. ‘En, hoe was het?’, vraagt ze als Lamut is vertrokken.’Wel een beetje vreemd. Aardige mensen hoor, allemaal Thai en een buitenlander. Ze zongen wel mooi en waren lief voor me. Misschien doet het lopen daarom even wat minder pijn.’

Twee dagen later komt Lamut haar ophalen. Met de zusters. Ze nemen Pom tussen zich in, strelen haar armen en knikken haar bemoedigend toe. ‘Straks kun je getuigen, heb vertrouwen’, is de blijde boodschap van het derivaten-kwartet. Pom belt twee dagen later Ying. ‘Ik ga weer naar het ziekenhuis. Dit kan echt niet langer.’

En dan brengt Lamut het nieuws over de wonderbaarlijke genezing van tante Pom. Ying vraagt om bijzonderheden. Kan ze nu weer gewoon lopen? Ja hoor, bevestigt Lamut. Ze heeft niet veel tijd voor meer uitleg, want nog een paar belangrijke zakenafspraken. We bellen later nog wel, roept ze ten afscheid.

Ying pakt haar mobieltje en belt meteen Pom. ‘Lamut vertelt me net dat je weer kunt lopen, dat de farang God je heeft genezen’, ongelooft ze. Tot haar verbazing begint Pom hard te lachen. ‘Ja, ik kan beter lopen. Maar dat heeft niks met Lamut of die Heer te maken hoor.’

Dan vertelt ze over haar wonderbaarlijke genezing. Omdat ze niet kon lopen probeerde ze op de fiets naar haar land te gaan. Ergens onderweg was ze een kuil geraakt, haar evenwicht verloren en gevallen. De fiets boven op haar, een trapper had keihard haar ‘waterenkel’ geraakt.

‘Ik gilde het uit van de pijn. Ik keek naar m’n enkel, zag wat bloed en water wegstromen. Het leek wel een rivier.’ Gelukkig had een buurman haar zien vallen en haar naar het ziekenhuis gebracht. Wond schoongemaakt en ze kon meteen al een stuk beter lopen. En wat vond de dokter, vraagt Ying. ’De dokter lachte, en zei, dat is ook een manier om ervan af te komen.’

Ying is blij voor haar zus. Voor de zoveelste keer spreekt ze met zichzelf af nooit meer te luisteren naar de ‘yekyek’ van Lamut. ’s Avonds rinkelt haar mobieltje. Lamut. Of ze de volgende dag haar dochtertje kan brengen voor een weekje logeren. ‘Ik moet voor business naar Chiang Mai.’

Hams Geleijnse, Genezing, Kort verhaal, IsanYing houdt het niet meer. ‘Wat kan jij leugens vertellen, roept ze. Je tante Pom is van de fiets gevallen en dat liep heel goed voor haar af. Daar zei je niks over, jij met je gepraat over bidden.’ Het blijft even stil. Dan zegt Lamut: Oh, die fiets. Maar die was niet belangrijk. Wie denk je heeft haar op het idee gebracht om te gaan fietsen? En wie heeft ervoor gezorgd dat ze viel en kon genezen?’

Ying is een moment met stomheid geslagen. Lamut laat zich die kans niet ontnemen. Ik breng de kleine dus morgenochtend om een uurtje of acht, ok?, houdt ze het midden tussen mededeling en vraag.

‘Helemaal niet ok. Laat de Heer maar voor haar zorgen,’ antwoordt Ying op uiterst kalme toon. En verbreekt de verbinding.

 

(*)Thais sprookje. Elke overeenkomst met werkelijk bestaande personen en gebeurtenissen berust op puur toeval  

 

Hans Geleijnse
Over Hans Geleijnse 318 Artikelen
Hans Geleijnse (1944, Zaandam). Voormalig beroepsmilitair en dienstweigeraar. Passie voor reizen, schrijven en muziek. Belandde in journalistiek, leerde het vak in de praktijk. Werkte twee decennia als buitenlands correspondent voor persbureau GPD en div. andere Nederlandse media. Woont sinds 2010 met partner en dochter in Thailand.