Thailand: Wat Arun oogstrelend mooi

In het rijtje Wat Phra Kheaw, Wat Pho en Wat Arun, een ‘must’ voor elke Thailandganger, is het laatst genoemde tempelcomplex niet alleen betoverend, maar ook oogstrelend mooi. Het complex is ongeveer driehonderd jaar oud, ligt aan de westelijke oever van de door Bangkok meanderende Chao Phraya rivier tegenover zijn grote broer Wat Pho.

‘Arun’ wordt ook wel de Tempel van de Dageraad genoemd, afgeleid van de Indiase god Aruna: de god van de dageraad. De tempel staat namelijk bekend als dé plek waar je een adembenemende zonsondergang kunt meemaken. Eigenlijk wel het mooiste (foto)moment van de dag en tevens ook koeler om er een bezoek te brengen. De toeristische trekpleister is gebouwd tijdens de Ayutthaya periode, maar werd in die tijd Wat Chaeng genoemd.

WatArun

WatArun

Torenspits Wat Arun

Wat mij blijft fascineren is de 82 meter hoge en 234 meter brede ‘prang’ oftewel torenspits. Vol met details met mozaïek van gebroken Chinees porselein. Met daaronder geglazuurde keramische tegels. Daarnaast heeft Wat Arun nog eens vier kleinere ‘prangs’. Zij symboliseren de winden uit noord, zuid, west en oost. Met daarop uitkijkend over Krungthep (Bangkok) op zijn paard, de God van de Wind. De prangs zijn versierd met stukjes porselein. Goed voor een kleurrijk schouwspel als het ochtendlicht erop weerkaatst. Rondom de torens staan figuren van dieren en Chinese soldaten. Beneden aan de rivier bevinden zich zes Sala’s, open paviljoens in Chinese stijl gebouwd.

Hoogtevrees

Ik heb hoogtevrees dus geen optie voor mij, maar als bezoeker kan je via steile trappen naar boven klimmen. Een best wel gevaarlijke onderneming door de ongelijke treden. En dan moet je ook nog eens naar beneden. Volgens diegenen die het aandurven zeker de moeite waard met een ultiem uitzicht als beloning. Zoals bij alle tempelcomplexen houden bij de ingang twee bewakers de wacht. Boosaardige wezentjes met slagtanden, puntschoenen en zwaarden van een paar meter lang.

Veerpont naar Wat Arun

De sfeer in deze fotogenieke tempel in dit drukke deel van de stad is stil en sereen. Ik blijf geboeid door dit staaltje vakmanschap en perfect oog voor details. Een bezoek aan Arun is heel goed te combineren met Pho en Phra Kheaw, aangezien ze op loopafstand van elkaar liggen. Om Arun te zien moet je wel even met het veerpontje voor een paar bath.

Do’s en Dont’s in de tempel

Ik kan het niet genoeg blijven benadrukken. Maar houd je aan de kledingvoorschriften in Boeddhistische, voor de Thai heilige, plaatsen zoals Wat Arun. Draag geen strakke broeken, zoals leggings of kleding met gaten/ rafels. Shirts zonder mouwen, zoals singlets, sportkleding of een korte broek zijn ook not done. Wat wel mag: een rok die over de knieën valt, shirts met mouwen die de schouders geheel bedekken, lange broeken voor mannen en vrouwen, nette slippers of sandalen.

 

De meeste ‘fouten’, zoals geen schoenen uitdoen in het tempelgebouw, op de verkeerde plek foto’s maken, met je voet naar een beeld of persoon wijzen, te bloot gekleed of te luidruchtig aanwezig zijn, worden meestal met gedoogd geduld en een glimlach rechtgezet of een suppoost spreekt je erop aan. Niet aan te raden, en waarmee je in de problemen kunt komen, is op een Boeddhabeeld gaan zitten poseren of nog erger. Bedenk dat alles wat met het boeddhisme te maken heeft in Thailand met respect tegemoet getreden moet worden. Daarnaast kan een gezonde dosis verstand ook helpen om te weten wat je wel en niet kunt doen.

De entree is vijftig bath, openingstijden: 08.00 tot 17.30 uur.

Bert Vos
Over Bert Vos 143 Artikelen
Bert Vos is journalist, tekstproducent, Azië-liefhebber, publicist en ZZP'er in Amersfoort.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*