De strijd om democratie in Thailand sinds de komst van premier Thaksin

Thailand kent een lange geschiedenis van staatsgrepen. Steeds zouden die het land weer op de goede weg moeten helpen. Thailand is immers een bijzonder land dat volgens menig coupplegende generaal beter af is met een democratie ‘Thaise stijl’. Het land heeft tot op heden nog niet de kans gehad zich democratisch goed te ontwikkelen.  Een overzicht van de worsteling om Thaise democratie in de eerste 20 jaar van deze eeuw.

2001-2006 Thaksin krijgt de teugels in handen

Rob V., Thaise democratie, Thaksin, Historie
Thaksin op de troon
Wikipedia

In 2001 won Thaksin Shinawatra met zijn Thai Rak Thai partij (TRT) de eerste verkiezingen sinds het van kracht worden van de ‘Volks Grondwet’ van 1997. De TRT won op basis van een populistische agenda die hervormingen aankondigde ten bate van de onderklasse. De partij haalde een tot dan toe ongekend aantal zetels binnen, bijna de helft. In 2005 won Thaksin wederom de verkiezingen en kreeg TRT zelfs 75% van de zetels in handen.  Zo kon zijn regering veel populistische hervormingen doorvoeren zoals universele gezondheidszorg, microkredieten en diverse subsidieprogramma’s.  Dit zette kwaad bloed bij ultra-royalisten die Thaksin ervan beschuldigden de concurrentie aan te gaan met de sociale programma’s van de koning.

Ondertussen probeerden Thaksin zijn macht verder uit te breiden door andere partijen in de TRT op te nemen. Ook probeerde hij  banden te smeden met leden van de senaat. Thaksin zaagde aan de stoel van ‘check and balances’. Dit was in strijd met de grondwet.  Ook nam Thaksin het niet nauw met de mensenrechten, zo vielen er bij de ‘war on drugs’ duizenden doden. Daar is nooit iemand ter verantwoording voor geroepen. Thaksin niet maar ook niemand van leger of politie.

Thaksin was dan ook zeker geen democraat: hij duldde geen kritiek en snoerde journalisten en media op allerlei manieren de mond. Thaksin probeerde ook zijn invloed op het leger uit te breiden door o.a. het promoveren van mensen die loyaal aan hem waren. Dit ging ten nadele van andere militairen en zette kwaad bloed.

2006 Het anti-Thaksin kamp gaat zich roeren

Rob V., Thaise democratie, Thaksin, Historie
Bangkok Post, 2006

Vanaf 2006 ontwikkelde het anti-Thaksin kamp zich snel in een ultra-nationalistische en ultra-royalistische beweging. Toen Thaksin zijn Shin Corporation verkocht aan Singapore kreeg hij het verwijt dat het telefoon- en satellietnetwerk zo in buitenlandse handen viel. Het gebruik van mazen in de wet om belasting te ontduiken bij de verkoop van zijn bedrijf won hem ook geen steun.

In februari werd de People’s Alliance for Democracy (PAD), ofwel Volks Alliantie voor Democratie opgericht. De PAD adopteerde de kleur van de koning, geel, om hun steun aan de monarchie te doen blijken. De PAD raakte dan ook bekend als de Geelhemden. Royalisten, militaristen maar ook pro-democratische bewegingen, mensenrechtbewegingen en belangrijke zakenmensen gaven blijk van steun aan de PAD.

Hierdoor koos Thaksin voor ontbinding van het parlement en uitschrijven van nieuwe verkiezingen op 2 april 2006. De PAD riep de Democraten én andere belangrijke spelers op om de verkiezingen te boycotten. Thai Rak Thai won ruim de helft van de stemmen. De PAD en de Democraten stelden dat de verkiezingen niet zuiver waren verlopen. Na een gesprek met de koning –die de verkiezingen ondemocratisch noemde – trad Thaksin af en werd het kabinet demissionair. Geluiden dat er een coup aanstaande was groeiden. De leider van de adviesraad van de koning (Privy Council), herinnerde legerofficieren er nog eens aan dat hun loyaliteit bij de koning lag en niet bij de verkozen regering.

Op 19 September 2006, slechts enkele weken verwijderd van nieuwe verkiezingen,  vond er een militaire coup plaats. Thaksin was op dat moment in New York om een vergadering van de Verenigde Naties bij te wonen.  De coupplegers beriepen zich op de corruptiepraktijken onder Thaksin en de afgenomen solidariteit die onder Thaksins regime zou zijn ontstaan. Het Parlement, de Senaat, de Raad van Ministers, het Constitutioneel Hof en de grondwet werden alle ontbonden. Door afkondiging van de staat van beleg kwamen de media onder strikte censuur en werden politieke activiteiten aan banden gelegd. De PAD liet weten dat haar doelen waren bereikt. De TRT-partij werd verbannen en belangrijke TRT-politici kregen vanwege het kopen van stemmen een vijfjarig verbod op politieke activiteiten opgelegd. Ook de PAD had zich schuldig gemaakt aan kopen van stemmen, maar kreeg geen straf.

Als reactie op  deze ontwikkelingen werd het United Front for Democracy Against Dictatorship (UDD) opgericht, beter bekend als de Roodhemden. Zij verzetten zich tegen de ondemocratische praktijken van het leger.

2007-2008:  Thaksin wint wederom de verkiezingen

Columnist Pravit, Thaise democratie, Conflicten, Geweld
Politie en geelhemden slaags in 2007
©Khaosod English

De TRT-leden verenigden zich in de nieuwe Peoples Power Party (PPP). De partij won de verkiezingen van december 2007, waarop Thaksin begin 2008 terug naar Thailand kwam. Dit alles deed de geelhemden met tienduizenden de straat op gaan. In de periode mei-juli waren er diverse confrontaties tussen pro-regering en PAD-aanhangers.  In augustus ontvluchtte Thaksin het land om te ontkomen aan een tweejarige gevangenisstraf, opgelegd wegens illegale belangenverstrengeling. Sindsdien is hij niet meer in Thailand teruggekeerd.

In september 2008 oordeelde het Constitutioneel Hof dat premier Samak moest aftreden. Hij had door betaalde deelname aan een kookprogramma op televisie de grondwet overtreden. Een zwager van Thaksin werd verkozen tot opvolger van de premier. Dit maakte de PAD furieus en bij ontstane schermutselingen vielen twee doden en honderden gewonden. Eind november kondigde de PAD haar ‘laatste oorlog’ aan en werden de internationale luchthavens Suvarnabhumi en Don Muang bezet. Ook hier vielen diverse gewonden en twee doden. Het lukte de regering niet om de PAD-demonstranten weg te krijgen van de luchthavens. Op 2 december 2008 oordeelde het Constitutioneel Hof dat de drie grootste pro-Thaksin partijen fraude hadden gepleegd tijdens de verkiezingen van 2007. De partijen werden ontbonden en ook nu werd politici een politieke ban opgelegd. De PAD riep de overwinning uit. Maar ze waarschuwde dat ze terug zou keren als er weer een door Thaksin aangesteld persoon aan de macht zou komen. Dankzij deze ontwikkelingen vormde de Democraten een kabinet onder premier Abhisit.

2009-2010 De roodhemden roeren zich

Rob V., Thaise democratie, Thaksin, Historie
Centrum Bangkok in vlammen
Foto op ondermeer elakiri.com

De UDD Roodhemden beschuldigde premier Abhisit ervan een marionet van generaal Prem, voorzitter van de Privy Council, te zijn. Er ontstonden schermutselingen tussen de UDD en de PAD. Dit mondde in april 2009 uit tot heuse straatgevechten in Bangkok. De noodtoestand werd uitgeroepen en de duizenden UDD-betogers vielen militairen aan. De gevechten liepen uit de hand, er vielen meer dan honderd gewonden en enkele doden, uiteindelijk gaf de UDD zich gewonnen. De UDD nam zich voor haar aanhangers te trainen en voor te bereiden op nieuwe protesten in 2010. Op manifestaties in heel Thailand, maar vooral in het noorden, kwamen duizenden tot soms wel tienduizenden mensen af.

In maart 2010, na maanden van voorbereiding, trok de UDD op naar Bangkok. Volgens de politie 120 duizend man sterk, volgens de UDD ruim 200 duizend man sterk, uit alle hoeken van het land. De UDD-demonstranten riepen de regering op om nieuwe verkiezingen uit te schrijven. Premier Abhisit zei dat hij best wilde praten met de UDD, maar dat vervroegde verkiezingen uitgesloten waren. De protesten namen toe, en in navolging van de PAD probeerde de UDD het dagelijks leven te ontregelen. Spanningen liepen verder op en de eerste tekenen van geweld werden zichtbaar toen een granaat twee soldaten verwondde. Begin april was er nog geen doorbraak in de gesprekken tussen UDD en de regering, waarop de UDD besloot Bangkok plat te leggen om zo de regering op de knieën te krijgen.

Roodhemden probeerden het parlement te bestormen, waarop de noodtoestand werd uitgeroepen. Vice-premier Suthep riep het leger op om de protestkampen schoon te vegen met behulp van traangas, waterkanonnen en rubberkogels. Er doken echter ook beelden op van militairen die echte kogels afvuurden. Bij deze escalate van geweld vielen 24 doden en ruim 800 gewonden.

De roodhemden bezetten de omgeving van een ziekenhuis en maakten het werk van de artsen zo goed als onmogelijk, uiteindelijk werd het ziekenhuis geëvacueerd. De UDD had rondom haar kampen barricades van o.a. autobanden opgeworpen en het leger had pantserwagens en sluipschutters gepositioneerd aan de randen van deze bezette gebieden.

Half mei nam de strijd toe en vielen er nog eens tientallen doden. Deze doden waren volgens de regering het slachtoffer van terroristen: de mannen in het zwart. Deze anonieme en zwaar bewapende figuren waren oud-militairen die o.a. het Thaise leger onder vuur namen. De regering gaf aan alleen met een algehele overgave en totale ontruiming genoegen te nemen. Het leger stelde ‘live firing zones’ in, waar met scherp geschoten zou worden. Soldaten hadden toestemming met scherp te schieten om terroristen uit te schakelen of zichzelf te verdedigen. De gevechten duurden voort en op 19 mei trok het leger, veelal onervaren en nerveuze dienstplichtigen, op om het centrum schoon te vegen.  Volgens getuigen openden soldaten het vuur op burgers waaronder enkele artsen en persleden. De UDD-leiders gaven zich die middag over maar elders in het centrum kwam het tot brandstichting van winkelcentra en andere gebouwen die symbool stonden voor de elite. Uiteindelijk waren er ruim 90 doden en vele honderden gewonden te betreuren.

2011-2013 Nieuwe verkiezingen, Pheu Thai weer de grootste

Rob V., Thaise democratie, Thaksin, Historie
Afb. Graphic News

Ruim een jaar later, op 3 juli 2011 vonden er nieuwe verkiezingen plaats. Hierbij won de zuster van Thaksin, Yingluck Shinawatra en haar Pheu Thai Partij een meerheid van de zetels. Haar kabinet voerde diverse sociale programma’s door waaronder een subsidieprogramma op rijst. Ook volgde er een wetsvoorstel voor amnestie ten behoeve van politici zoals Abhisit, Suthep en – in het bijzonder – Thaksin. De Democraten waren hier sterk op tegen. Onder leiding van Suthep werd in oktober 2013 de People’s Democratic Reform Committee (PDRC) in het leven geroepen. De PDRC organiseerde enkele protestacties en in november werd de amnestiewet door de Senaat verworpen. Maar de protesten in Bangkok gingen door, Suthep riep op tot een boycot en burgerlijke ongehoorzaamheid. Yingluck kreeg het verwijt een marionet van haar oudere broer te zijn en haar regering een ‘gekozen dictatuur’.

Ondertussen had het Constitutioneel Hof enkele elementen uit de grondwet van 2007 ongeldig verklaard en stuurde aan op herstel van enkele artikelen. Dit zou in het nadeel zijn van de Pheu Thai partij, en die waren hier dan ook niet bepaald blij mee.

De protesten hielden aan en het kwam tot confrontaties tussen de PDRC en de UDD-roodhemden. De PDRC bezette enkele ministeries en overheidsgebouwen en de regering begon te vrezen voor een nieuwe coup. De PDRC drong ook een TV-station binnen, vanwaaruit Suthep een ultimatum verzond: de regering moest aftreden en vervangen worden door een ongekozen ‘volksraad’, die vervolgens politieke hervormingen zou schrijven. Yingluck verzette zich hier tegen: de voorstellen waren ondemocratisch en ongrondwettelijk.

Op 9 december riep Suthep de ‘finale slag’ uit en kreeg 160 duizend mensen op de been om tegen de regering te protesteren. De leden van de Democraten stapten op om de regering verder onder druk te zetten. Diezelfde dag liet Yingluck het kabinet ontbinden en kondigde nieuwe verkiezingen aan voor februari 2014. Aanhangers van Suthep beweerden dat ze enkele legerhoofdkwartieren in hadden genomen en vroegen het leger hen te steunen. Legercommandant Generaal Prayut riep op tot kalmte en zei het leger niet bij de strijd te zullen betrekken. De PDRC stelde op 17 december de eis dat Yingluck geheel uit haar functie terug zou treden, samen met de andere demissionaire kabinetsleden en dat leden van een ongekozen ‘volksraad’ hervormingen zouden gaan schrijven. Deze hervormingen moesten plaatsvinden voordat er verkiezingen konden worden gehouden: ‘reform before election’. De Democraten liet alvast weten dat ze de aanstaande verkiezingen zouden boycotten.

De PDRC verstoorde de inschrijvingen van politieke partijen door op te rukken naar het Thai-Japan stadion. Suthep zei dat als Yingluck en de Kiesraad geen gehoor zou geven aan de PDRC, het volk wel naar hen zou komen om hun wil te doen laten blijken. Volgens de PDRC namen er 3,5 miljoen mensen deel aan de protestmars, volgens de politie waren het er zo’n 270 duizend. Bij de protesten rondom het stadion vielen twee doden. De regering liet weten dat de verkiezingen voor februari de goedkeuring hadden van de koning en de regering er niets aan kon veranderen, maar bereid was met de demonstranten in dialoog te gaan. Maar de spanningen namen nog lang niet af, in tegendeel zelfs. Op 27 december liet generaal Prayut weten dat het leger een coup niet kon uitsluiten. Tegen Suthep werd een arrestatiebevel uitgeschreven maar de politie ondernam geen actie hem aan te houden. In een toespraak bij het Democracy Monument in hartje Bangkok kondigde hij aan na de jaarwisseling Bangkok te zullen bezetten en de stad tot stilstand te brengen, de Bangkok Shutdown.

2014: opnieuw chaos in Bangkok

André van Leijen, Thaise democratie, Oerwoudman, Dictatuur

Yingluck liet weten dat verkiezingen de beste weg uit het politiek conflict zouden zijn en men via de stembus maar moest uitvechten wie het land zou gaan besturen. Studenten begonnen te demonstreren tegen de anti-regeringsbetogers. Geweld escaleerde. Midden januari werden enkele gebouwen van de Democraten en hun leden onder vuur genomen, ook het podium van de PDRC werd getroffen door een explosie en geweerschoten. Er vielen daarbij gelukkig geen slachtoffers. Elders in de stad vielen wel enkele doden en tientallen gewonden door toedoen van explosies en geweervuur. Op 21 januari riep de regering de noodtoestand uit. De regering overwoog de verkiezingen uit te stellen maar na overleg met de Kiesraad besloot men vast te houden aan de originele datum. De regering liet weten om in groten getale politie in te zetten, in het bijzonder in Bangkok en de zuidelijke provincies, zodat de verkiezingen door konden gaan.

Door alle problemen verliep het proces van ‘vooraf stemmen’ (advanced voting) in de soep, met name in het zuiden en in Bangkok waren er verstoringen. Ook op de dag van de verkiezingen zelf waren er problemen: stembiljetten die niet geleverd konden worden door PDRC blokkades, het hinderen van mensen die wilden gaan stemmen en te weinig personeel om de stemlokalen te bemannen. Hierdoor voldeden de verkiezingen niet aan de grondwet. Na overleg binnen de Kiesraad werden er nieuwe verkiezingen aangekondigd voor de provincies waar dit op 2 februari niet was gelukt.  De Democraten vroeg het Constitutioneel Hof de verkiezingen ongeldig te laten verklaren, waarop Pheu Thai zich bij het hof beklaagde dat de Democraten ondemocratisch opereerde. Het Constitutioneel Hof verwierp de verzoeken van beide partijen.

De Ombudsman deed een verzoek bij het Constitutioneel Hof om de verkiezingen ongeldig te laten verklaren en op 21 maart verklaarde het Hof de verkiezingen alsnog ongeldig. Dit leverde het hof felle kritiek op van academici en Pheu Thai. Volgens hen probeerden ‘bepaalde krachten’ een machtsvacuüm de creëren en Pheu Thai zo uit het zadel te wippen. De PDRC liet weten door te blijven vechten om Yingluck uit haar functie als demissionair premier te ontheffen. Zo moesten nieuwe verkiezingen onmogelijk worden gemaakt en een door Suthep en zijn aanhang gewenste Volksraad aangesteld.

De coup van 2014

Rob V., Thaise democratie, Thaksin, Historie
IJzervreter generaal Apirat stelt orde op zaken in 2014
Foto Khaosod English

Senator en PDRC-aanhanger Paiboon Nitawan diende bij het Constitutioneel Hof een verzoek in om Yingluck uit haar ambt te ontslaan omdat ze in 2011 de (door een eerdere regering) aangestelde hoofd van de Nationale Veiligheidsraad, Thawil Pliensri, had laten overplaatsen naar een andere functie. Het hof achtte de actie van Yingluck in strijd met de grondwet en liet haar op 7 mei uit haar functie ontslaan. De protesten van de PDRC hielden aan en de UDD roerde zich, woedend op de acties van het Constitutioneel Hof.

Op 20 mei greep het leger in. Generaal Prayut kondigde (formeel in strijd met de grondwet) de landelijke staat van beleg af en pleegde op 22 mei een coup om een overgangsregering aan te stellen. De junta noemde zichzelf de National Council for Peace and Order (NCPO), de Nationale Raad voor Vrede en Orde. De NCPO gaf zichzelf via een nieuwe grondwet amnestie voor al haar daden die verricht waren in dienst van het land. Deze grondwet bepaalde ook dat de komende 20 jaar de toekomstige regeringen gebonden zijn aan het lange termijn plan van de NCPO. Door diverse hervormingen van onder meer de Senaat zorgde de junta ervoor dat hun militairen nog lange tijd een flinke invloed houden op de koers van het land.  De junta legde de media censuur op, legde politieke partijen aan banden en verbood samenscholingen van meer dan vier personen om zo de rust terug te brengen en het land voor te bereiden op nieuwe verkiezingen. Deze werden keer op keer uitgesteld, maar werden uiteindelijk officieel aangekondigd voor februari 2019. Wegens de kroning van Rama 10 werden de verkiezingen verplaatst naar 24 maart 2019.

En dat brengt ons bij de dag van vandaag. De afgelopen kleine 20 jaar zijn een behoorlijke achtbaan geweest. De vraag is hoeveel dichter Thailand is bij het bewandelen van het pad van de democratie. En ten koste van wie en wat?

Bronnen

Wikipedia: The Thai political crisis
Human Rights Watch: Thailands 2010 red shirt protest 
The Political Development of Modern Thailand, Federico Ferrara. 2015

Eerder op Trefpunt Azië: Thailand Ontwricht, de dood van Thaise stijl democratie. Deel 1 en deel 2
Rob V.
Over Rob V. 18 Artikelen
Rob V. is een Thailandliefhebber en -ganger. Hij heeft zich gespecialiseerd in immigratiepolitiek en procedures voor verkrijgen Schengen-visa

7 Comments

  1. Ik sluit me bij heer Kuis aan. De Thai vechten er tenminste voor, en al heel lang.
    Ook als het maar voor beperkte vrijheden is, of voor korte tijd, ook als het niets oplevert of ook als men terug naar af gaat, ook als men zich laat misleiden door valse voorvechters – er wordt gevochten voor (een zekere mate van) democratie.
    Het discours van de fight for democracy sluimert in dit land of laait op, maar het vuur gaat nooit uit. Altijd weer staan er mensen of groeperingen op die van zich laten horen! Heel moedig. In dat opzicht hebben ze veel gemeen met het westen, waar men er ook voor vecht.
    Wie dat niet wil begrijpen, moet duidelijk eens naar de situatie in het Midden Oosten kijken. Daar gaan de burgers massaal lopen in plaats van voor hun vrijheden te vechten. Naar omliggende landen, naar andere continenten met preferentie Europa. Zo komt er nooit verandering. Een aantal jaren geleden gebeurde er eens iets, een Arabische lente… De westerse pers blètte victorie en daarna viel alles op zijn gat.
    De redenen waarom democratisch denken in het Midden Oosten niet van de grond komt, gaan we hier niet bespreken.
    Ik vraag me wel het volgende af, louter hypothetisch.
    Als onze westerse democratieën in gevaar komen, wegens bv. een derde wereldoorlog, zullen de moslimvolkeren op ons continent dan samen met ons de wapens opnemen om de vrijheden die ze met ons delen, te bevechten of te vrijwaren? Wat als bv. Turkije in zo’n geval voor ‘de verkeerde kant’ kiest?
    In dat perspectief komen de Thai wel degelijk op voor hun rechten. Met vallen en opstaan maar ze doen het toch.

  2. Mijn persoonlijke visie is dat er sinds 1932 al een strijd is om democratie (en ja meer dan dat alleen). Maar nadat Pridi uitgeschakeld was is het maar enkele keren gelukt om een stapje bij een stelsel van democratie, vrijheid van meningsuiting en mensenrechten te komen. Ook onder Thaksin was dat niet het streven van hem, al zie ik die strijders wel in delen van de roodhemden. Maar het de hoge heren (groen, rood en geel) willen hun invloed, macht, privileges en rijkdom niet uit handen geven. De strijd duurt voort.
    Het idee achter dit stuk was, om in aanloop naar de verkiezingen heel kort samen te vatten wat er sinds de eeuwwisseling heeft plaatsgevonden in de strijd om politieke macht en landsbestuur. Even alles op een rijtje. Ik laat het verder aan de lezer waar en hoe het land (politiek) verder moet of zal gaan.

  3. RobV geeft een goede opsomming van gebeurtenissen vanaf begin deze eeuw die de lezer prima laat lezen wat gaande was in Thailand. Hij zij geprezen. Maar meer dan een opsomming is het niet. De analyse ontbreekt. RobV zegt zelf: ”Een overzicht van de worsteling om Thaise democratie in de eerste 20 jaar van deze eeuw.”
    Zijn stelling is: “Het land heeft tot op heden nog niet de kans gehad zich democratisch goed te ontwikkelen”. Kennelijk wil RobV aantonen dat Thailand democratisch is. Hij gaat hier abuis. De overzicht/opsomming maakt niet duidelijk dat de gebeurtenissen tot doel hadden democratie te vestigen, plus: wil er sprake zijn van een zekere mate van democratische ontwikkeling, dan zul je eerst moeten vaststellen of er een zekere basis van democratie aanwezig is. De opsomming van gebeurtenissen spreken dat laatste echter tegen.

    De periode Thaksin 2001-2006: op niet-democratische wijze poogt hier iemand met populistische maatregelen zijn aanwezigheid te rechtvaardigen met als uiteindelijke bedoelingen: macht en zelfverrijking. Let wel: de rechtvaardiging geldt de elite, niet het volk. Er is niets dat in die periode dat wijst op een gewenste dan wel ingezette kentering naar democratisering. Integendeel. Omkoperij, mensenrechtenschendingen, muilkorven van de vrije pers: RobV karakteriseert zelf deze periode met dit soort praktijken.
    De periode 2007-2009 was er een tègen Thaksin en niet vóór democratie, op het eind waarvan Abhisit niet door vrije verkiezingen aan de macht komt.
    De periode 2010-heden etaleert zichzelf: daar is geen opsomming of analyse voor nodig. De oproer en slachtoffers in de straten van Bangkok in het voorjaar van 2010, de installatie van een puppet-on-a-string als regeringsleider, de coup van mei 2014, de definiëring van huidige constitutie en de organisatie van komende verkiezingen: niets maar dan ook echt niets heeft enige democratische ontwikkeling in zich, en zo die er ooit was: zelfs in het heden er is altijd wel een legerleider die dat beginsel de kop indrukt.

    RobV besluit zijn relaas met de vraag: “hoeveel dichter Thailand is bij het bewandelen van het pad van de democratie?” Let op het woordje: van.
    Je zult dan toch eerst de vraag moeten beantwoorden: Wil Thailand wel een democratie?
    Is er überhaupt een bewandeling naar democratie? Bij voorbaat meent RobV van wel. Hetgeen echter dus niet blijkt uit diens overzicht. Ik heb zo mijn twijfels. Thailand is niet alleen intern zeer verdeeld, het heeft bij haar directe of verder gelegen buren geen enkele democratische herkenning. Gaan we dan naar een zgn “Thaise-stijl-democratie”? Dan wordt het een militaristisch georiënteerde democratie. Grote buur China zal het niet ongelegen liggen. De overige buren bieden referentiekaders, immers de EU en de VS zal het een zorg zijn. Bij hen is geen gelijk of steun te halen. Die hebben het te druk met zichzelf.

    Tot slot de vraag: “Ten koste van wie of wat?” Dat is een delicate, want: wie zegt mij dat het Thaise volk tekort komt? Grote inkomensongelijkheid, minder toegang tot onderwijs en gezondheidszorg, uitbuiting van werkenden en immigranten, lage minimumlonen: dergelijke misstanden komen in Duitsland en Frankrijk eveneens in grote getale voor, de Belgische situatie liegt er ook niet om, de Nederlandse past absoluut niet op de Thaise..

    RobV geeft een prima overzicht van de gebeurtenissen in Thailand sedert het begin van deze eeuw, maar toont niet aan dat deze plaatsvinden om in Thailand de democratie te bevorderen. Integendeel: al die bewegingen verhinderen juist processen tot democratisering, alle politieke geledingen doen hier aan mee, en allen bevorderen zo het verder uitkristalliseren van een te vestigen democratie-Thaise-stijl. En zo blijft alles bij het oude.

    • Samenvattend: in de kop van het artikel zijn de woorden “om democratie” voorbarig.
      De strijd gaat inderdaad ook om democratie, maar om nog veel meer.

    • Democratie is een begrip dat veel lijkt op het begrip ‘liefde’: moeilijk te definiëren maar vaak redelijk goed zichtbaar in zijn uitingen en streven.
      Ik praat liever over de mate van democratie, die zich manifesteert in de mate van zeggenschap van de bevolking, en in de mate van vrijheden en rechten. Er is geen absolute standaard.
      In die zin kan de politieke geschiedenis van Thailand wel degelijk worden beschreven als een streven naar meer democratie, zeker sinds 1932. En ja, je kunt de gebeurtenissen ook zien in het licht van bewegingen die dat streven tegen willen gaan. En of alles bij het oude blijft? Dat zullen we wel zien.

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*