Het Verhaal van de Week: De toiletheren van Hat Yai

Het is alweer heel wat jaren geleden dat ik als backpacker ermee te maken kreeg. Een bizar fenomeen dat ik maar voor het gemak toiletheren noem. Mannen die in een toiletsetting een extra service verlenen, terwijl je op je gemak ontlast bij het plassen in een urinoir. Bier moet zwemmen zeiden mijn reismaatje en ik vaak melig tegen elkaar, terwijl we synchroon deden wat we moesten doen.

Het was een zwoele avond zoals er zoveel zijn in Thailand. We waren op onze reis met de trein vanuit Bangkok in Hat Yai terecht gekomen. Diep in het zuiden waar de invloed van de Islam duidelijk aanwezig is en waarvoor een negatief reisadvies is afgegeven. Sinds 2004 zijn in de drie meest zuidelijke provincies meer dan 6000 mensen omgekomen door geweld en bomaanslagen. Militante strijdgroepen strijden voor afscheiding wat weer met geweld door het Thaise leger wordt beantwoord. Een vicieuze cirkel waar geen einde aan lijkt te komen.

Uitgaansleven

In Hat Yai merken we er niets van. Moderne stad, goede infrastructuur, winkelcentra, aardige mensen zoals ook elders in Thailand, veel halal eethuizen en een bruisend uitgaansleven. Nog even de horeca in de stad verkennen voordat we de volgende dag naar Phuket afreizen is het plan. En zo komen we in een propvolle discotheek terecht. De naam? Geen idee. Gewoon een van de vele. Maar wat er in het toilet gebeurde dat ben ik nooit vergeten.

Toiletruimte

Voor ons deint een meter lager een zee aan mensen mee op de housemuziek of wat het ook voor doorgaat. Gebracht door een band met twee drummers en twee schaars geklede zangeressen. Het is schemerig en het weinige licht laat roodfluwelen muren zien en verhitte gezichten. De airco maakt overuren en serveersters met grote dienbladen bedienen je op je wenken. Praten kan niet, de trommelvliezen trillen in je oren en via je voeten kruipen de bassen omhoog. Ik wijs naar het toilet. Vaak een oase van rust en bezinning. Denken we. We verlaten het balkon en banen ons een weg naar de toiletruimte.

Chang biertjesDe valkuile van de Thaise taal

Het is ook daar druk, in de steriele ruimte met een serie urinoirs aan de ene kant en aan de andere kant de wc-pottenhuisjes. Wij storten ons op twee porseleinen exemplaren en doen wat mannen doen voor een urinoir. Bij de wastafels staan, keurig opgesteld, welverzorgde, een beetje mollige heren in zwarte broek en wit overhemd.  Ze reiken de gasten een handdoekje en een stukje zeep aan. Voor een kleine fooi. Echter. Totaal onverwacht, terwijl ik de Chang biertjes sta te lozen, voel ik twee handen op mijn schouders die zachtjes ritmisch beginnen te masseren. Een blik naar links leert dat mijn reisgenoot hetzelfde lot treft.

Nou vind ik massage aangenaam maar niet door toiletheren als ik sta te plassen. Ik schiet door de onverwachte aanraking naar voren en weet nog net de straal de goede kant op te richten. Zacht vloekend kijk ik over mijn linkerschouder en kijk in twee bruine ogen. Vriendelijk knikt de man mij toe terwijl hij met zijn vlezige handen overgaat naar mijn nek. Mijn blik zegt echter iets over Thaise hel en verdoemenis. Graag wat privacy en geen handtastelijkheden is de boodschap. ‘Ok Pai Noi Na Krab oftewel ‘Ga alstublieft weg’, zeg ik in mijn beste steenkool-Thai. Hij stopt zijn onwelkome aanraking en deinst een beetje achteruit. Ik weet de laatste druppels in de plasbak te lozen en verman me weer.

Toiletheren

Erik Kuijpers, Duizend mijl, Olifant, Dienstklopperm Toiletheren
Beeldje van soapstone, speksteen, zeepsteen

Ik weet dat kwaad worden geen zin heeft en voor de man gezichtsverlies betekent. Die toiletheren doen ook maar hun werk zegt mijn reisgenoot over het schot tussen de urinoirs. Ik maak de klus af en draai me om. Met een wai-gebaar geeft hij me een handdoekje en zeepje. ‘Goede business’, dat wel bromt mijn maat terwijl we onze handen wassen. ‘Denk niet dat de toiletdames dat thuis ook doen’, zeg ik met een grijns. Wij overhandigen onze weldoeners een biljet van twintig bath, verlaten de toiletruimte en storten ons weer in het herrie-gedruis.

 

Er is iemand jarig, de zangeres heeft net Happy Birthday ingezet en het publiek brult mee. We verwerken nog even de wc-massage en kijken elkaar aan met een grijns.

‘Wat was dat nu net?’ Ik haal mijn schouders op. ‘Dat waren de toiletheren van Hat Yai’, reageer ik. We rekenen af en lopen de warme nacht in. Morgen vroeg op voor de bus naar een nieuw avontuur en hopelijk geen massages meer op het toilet.

Als toiletheren buiten toiletten opereren zijn het gewoon masseurs. Op Trefpunt uitleg over handwarm en handvaardig

 

Bert Vos
Over Bert Vos 142 Artikelen
Bert Vos is journalist, tekstproducent, Azië-liefhebber, publicist en ZZP'er in Amersfoort.

2 Comments

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*