Thailand. Pattaya, Godzilla en Gebarentaal.

 

Aan allen onder u die worstelen met de Thaise taal, houdt moed! Want ooit, in een ver verleden, lukte het mij de Thais te verrassen met mijn kennis van hun taal en cultuur.

Hoewel ik toentertijd al ijverig bezig was mijn weg te vinden in dit linguïstisch doolhof, waren mijn vorderingen daarin op zijn best povertjes te noemen. Gelukkig kreeg ik hulp van mijn vrouw Oy. Een wandelend Thais woordenboek, dat me corrigeerde bij verkeerde uitspraak of toonhoogte. Dit teneinde te voorkomen dat menig Thai later onthutst en met tranen in de ogen zou proberen de uitgang te vinden tijdens een gesprek met ondergetekende.

Lieven Kattestaart, Pattaya, Kakkerlak, Gebarentaal

Het gebeurde in de jaren 90′, tijdens een bezoek aan het schone Pattaya. Wij waren daar neergestreken voor een korte vakantie. Waarbij vermeld dient te worden dat niet iedereen in mijn kennissenkring dit een gepast vakantie-oord vond. Sommigen waren van mening dat deze badplaats Sodom en Gomorra nog het schaamrood op de kaken zou brengen wat betreft het ongebreideld serveren van vleselijke geneugten en andere zondige zaken. Mijn standpunt was dat in dezen niet het aanbod bepalend was, maar de vraag. En die vraag landde in die tijd met vliegtuigladingen tegelijk op Don Mueang Airport. Behaard, bierbuikig en buitenlands.

Op een avond streken we neer in een Isaan-restaurant aan de Second Road. Toeval speelde hierbij geen enkele rol, want mijn vrouw kende een flink deel van het bedienend personeel. Bijna allen kwamen uit haar geboortedorp, en zoiets schept natuurlijk een band. Die band hield wat mij betreft echter op bij het willen bestellen van voedsel in dit etablissement. De reden daarvoor was gelegen in een vorig bezoek aan deze eettent. Een bezoek dat me zou heugen.

Lieven Kattestaart, Pattaya, Kakkerlak, Gebarentaal

Die keer, terwijl ik niet al te enthousiast in een bordje wannabe-spaghetti prikte, viel mijn oog op het doorgeefluik naar de keuken. Precies op dat moment kwam de grootste kakkerlak die ik ooit aanschouwde daardoor naar buiten gewaggeld, en viel op de vloer. Mijn pasta kon meteen aan de kant, want de haren rezen me te berge. Een monster. De Godzilla onder de kakkerlakken, en wat mij betreft net zo welkom. Dit uit zijn krachten gegroeide insect had waarschijnlijk net over mijn spaghetti gewandeld, de sauspan uitgelikt, en deze daarna opboerend en uitbuikend als glijbaan gebruikt. Dit soort fraaie gedachten kwamen bij me op, na het zien van het ondier.

Men zegt wel eens dat kakkerlakken de enige overlevenden zullen zijn van een nucleaire holocaust. Dit exemplaar zag er uit alsof hij dat niet alleen met twee vingers in de neus kon overleven, maar daarna ook nog eens op zijn gemak een peuk zou draaien van de fall-out. Dat u een beetje een idee krijgt.

Een oplettende jongeman van de bediening had het beest intussen ook gespot, trok een olympisch sprintje richting luik, en wist Freddy Krueger met een hand tegen de grond te drukken. Petje af, want zelf had ik zoiets gewapend met asbesthandschoenen aan nog niet overwogen. De aanblik van die nachtmerrie, met alle poten en voelsprieten wriemelend om los te komen, heeft mij ter plekke genezen van het ooit nog willen bestellen van etenswaar in genoemd restaurant. Sindsdien gebruik ik er alleen nog vloeibaar voedsel, verstopt onder een kroonkurk.

Lieven Kattestaart, Pattaya, Kakkerlak, Gebarentaal

Godzilla vond even later buiten een roemloos einde onder de zool van een gymschoen. In mijn verbeelding kon ik de misselijkmakende ‘krak’ boven het geluid van het passerende verkeer uit horen. Mijn vrouw was intussen zalig onwetend van dit gebeuren, want zij zat met haar rug naar het horror-luik. Gezien sommige van haar eetgewoontes ‘van huis uit’ had het waarschijnlijk toch geen indruk gemaak, dus hield ik de grof wild-scene maar voor me.

Later, na sluitingstijd, zaten we nog als enige gasten in het restaurant. Met de luiken dicht, de lichten gedimd, en voorzien van inderhaast aangerukte flessen bier en huigsmeltende som-tam salade voor het personeel. Eega was met enkele van de dames aan een andere tafel gaan zitten voor een update van de laatste dorpsroddels. Het gekwek zou dus voorlopig wel geen einde nemen.

Ikzelf zat met een viertal boys van de bediening aan een andere tafel, en terwijl er flessen gerstenat werden ontkurkt en asbakken gevuld probeerde ik me intussen koortsachtig de lessen ‘Thais voor beginners’ weer voor de geest te halen. Bepaald geen sinecure, met rood-vervellende neus, kramp in de portemonnee van een middag oeverloos shoppen, en al flink wat Chang bier in de mik. Probeer het maar eens.

Het moet gezegd dat de jongelui beslist probeerden het gesprek gaande te houden, maar hun Engels bleek al net zo vloeiend als mijn gestolde Thais, dus stokte het al snel. En toen gebeurde het. Terwijl ik nog probeerde te ontcijferen wat in vredesnaam het woord ‘sikkalit’ zou kunnen betekenen ( six-hundred, uitspreken op 78-toeren ) stelde een van de jongens mij de vraag: ‘Loeng, mii mia-noi laew, ruu-yang?’ Wat vrij vertaald zoiets betekent als: ‘Oompje, hou je er al een bijvrouw op na?’

Normaal gesproken had ik hierop geen enkel zinnig antwoord kunnen geven. Zelfs geen onzinnig. Maar ditmaal klikte er iets, en begreep ik zowaar wat hij bedoelde. Wat mia noi betekende wist ik ondertussen, en ‘laew’ was kortgeleden nog opgedoken in mijn ‘zoek het zelf maar uit’-cursus. Misschien was het ook de ondeugende blik van de vraagsteller, of de verwachtingsvolle grijns van de andere tafelgenoten.

Lieven Kattestaart, Pattaya, Kakkerlak, Gebarentaal

Maar ik zei niets. In plaats daarvan stak ik twee vingers op, legde daarna een vinger op mijn lippen in het universele sssst! -gebaar, en wees vervolgens op mijn vrouw. Het duurde een halve seconde, toen ontplofte de tafel van het lachen. Schot in de Thaise roos zonder ook maar een woord te zeggen. Ze vonden het prachtig. De Thai zijn gek op dit soort onderbroekenlol, en met dit Thais-voor-doven antwoord had ik als door een klein wonder precies de juiste snaar geraakt. Hilariteit alom.

Luid genoeg om mijn vrouw los te rukken van haar roddel-sessie, en ze keek blij verrast toen ze zag dat ik zo goed met de boys overweg kon. Op haar vraag wat er zo leuk was, wist ik het vege lijf te redden door het oplepelen van de enige Thaise zin die ik zo onderhand wel kon dromen. ‘Mai pen rai, schat!’

 

 

 

 

Lieven Kattestaart
Over Lieven Kattestaart 103 Artikelen
Lieven Kattestaart (1963) werd geboren in Middelharnis. Hij werkte van 1991 tot 2016 bij de Gemeente Goeree-Overflakkee. Sinds 1993 bezoekt hij Thailand en raakte zoals zovelen verslaafd aan het land en de bevolking. In Isaan, het noordoostelijk deel van Thailand, ontmoette hij zijn vrouw Pranom (Ooy).

2 Comments

  1. Beste Theo, dank voor het compliment.
    Dit gebeurde lang geleden, maar vergeten ben ik het nooit. Zeker Godzilla niet!

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.