Thailand: Medewerkers Hoge Raad van VN beschuldigd van mensensmokkel

Tijdens een gesprek dat ik enkele jaren geleden met hem had, kwam het toevallig ter sprake. De Hoge Raad voor Vluchtelingen van de VN (UNHCR) zou zich schuldig hebben gemaakt aan mensensmokkel.  Het werd me verteld door Abel Tweed, een van de politieke kopstukken van de Karenni, een etnische minderheid uit Myanmar. In Thailand worden ze ook wel de Red Karen genoemd vanwege hun klederdracht.

Maar het Thaise vocabulisme is nooit erg precies als het erom gaat dingen goed af te bakenen. Voor de Britse inmenging in van wat we nu Myanmar noemen hadden zowel de Karen als de Karenni in die feodale tijden hun eigen koninkrijkje. Het werd geregeerd door prinsen, schatplichtig aan de Birmaanse koning. Birma was in die dagen voorafgaande aan de moderne staatsvorming een lappendeken van koninkrijkjes onder de hegemonie van een koning, die toevallig de meeste krijgers onder zijn vaandel had. Vandaar dat mensen In het dunbevolkte Zuidoost-Azië een belangrijke oorlogsbuit waren, die na een militaire overwinning werden meegevoerd naar het thuisland.

Antonin Cee, Hoge Raad van VN beschuldigd van mensensmokkel, Vluchtelingenkamp Karenni
Een vluchtelingenkamp van de Karenni in Thailand.

De Karenni State, officieel de Kayah State genoemd, ligt ten westen van Thailand op de hoogte van Mae Hong Song. Tijdens het Britse koloniale bewind werd dit koninkrijkje een protectoraat om het in bescherming te nemen tegen de territoriale aanspraken van de Birmezen. Niet onbegrijpelijk, want het gebied was de grootste leverancier van wolfram ter wereld.

Na de onafhankelijkheid in 1948 viel het Birmese leger er moordend en brandschattend binnen om het gebied alsnog onder controle te krijgen. Net als zovele andere etnische groeperingen in Birma, zoals de Mon, de Karen, de Kachin en de Shan, bonden ook de Karenni een guerrillastrijd aan met het Birmese leger. Die gaat nog altijd door en dreef honderdduizenden vluchtelingen naar Thailand.

Ze werd door geen enkel ander land erkend

Ik ontmoette Abel Tweed ruim dertig jaar geleden. De Karenni hadden hun hoofdstad Loikaw toen al moeten prijsgeven aan de Birmezen. In de jungles een tiental kilometers verwijderd van de Thaise grens hadden ze hun militaire hoofdkwartier, dat alleen te voet of over de rivier te bereiken was. Daar zetelde ook de regering, die door geen enkel ander land ter wereld erkend werd.

Een agglomeratie van bamboe hutten met atap daken, die al verschillende keren door het Birmese leger met de grond gelijk gemaakt was. Na elke aanval werd het dorp weer opgebouwd aangezien de zogeheten anti-guerilla fighters van het Birmese leger zich er niet permanent wisten te handhaven.

Abel Tweed was in die tijd Minister van Buitenlandse zaken. In zijn boot smokkelde hij me langs de Thaise grensbewaking Birma in. De grens was officieel gesloten en de Thaise overheid had liever niet dat buitenlandse journalisten een kijkje namen in wat toen beschouwd werd als de ‘black areas’ in Birma. Tweed leidde me rond in het dorp en stelde me voor aan de commandant en zijn vaak nog piepjonge soldaten. Op een vooroorlogse drukpers slaagden ze erin wekelijks een eigen krant te drukken. Uiteindelijk bezweek ook deze basis onder de aanhoudende offensieven van het Birmese  leger en ik verloor Tweed uit het oog.

Antonin Cee, Hoge Raad van VN beschuldigd van mensensmokkel, Abel Tweed
Abel Tweed gedurende een speech tijdens vredesbesprekingen.

Maar een jaar of drie geleden vond ik hem terug in een Karenni vluchtelingenkamp op de Thaise grens met Birma. Er waren onderhandelingen gaande tussen de verschillende etnische groeperingen en de Birmese regering om tot een staakt-het-vuren ter komen. Tweed, nu de voorman van de Karenni National Progressive Party (KNPP) had er ook aan deelgenomen en was voor het eerst van zijn leven afgereisd naar Yangon.

Dat was mogelijk gemaakt door de Japanse regering die garant had gestaan voor de veiligheid van de verschillende rebellenleiders. Ze waren nu niet meer uit op een onafhankelijke staat, maar zouden met een zekere mate van autonomie genoegen nemen, vertelde Tweed.

Over mensensmokkel had ik niet eerder gehoord

Ik vroeg of dat hem echt voldoende was. Tweed, een vrome christen, die als het even kan geen zondagsdienst overslaat, liet er geen twijfel over bestaan.
‘Als we aan de onderhandelingstafel vrede weten te bewerkstelligen, komt er eindelijk eens een einde aan het lijden van het Karenni volk’. ‘En het zou ook de mensensmokkel een halt toeroepen’, voegde hij er terloops aan toe.

Ik spitste mijn oren. Over mensensmokkel in dit gebied had ik niet eerder gehoord en vroeg hem wat hij bedoelde. Er waren inmiddels een 20.000 Karenni opgenomen door een derde land, voornamelijk door de VS en Finland. Dit ging hier, zoals ook elders in Thailand, onder toezicht van de UNHCR.

‘Wilt u dan zeggen dat medewerkers van de UNHCR zich schuldig maken aan mensensmokkel?’, vroeg ik hem recht op de man af.
‘Dat moet wel’, antwoordde Tweed met de stelligheid van hen die weten. ‘Zij zijn het die de screening doen, zij zijn het die uitmaken wie in aanmerking komt voor vestiging in een ander land. Daar wordt 5000 dollar voor betaald. Ik zie niet in hoe de UNHCR daar niet bij betrokken is.’

Antonin Cee, Hoge Raad van VN beschuldigd van mensensmokkel, Karenni guerilla's
Karenni guerilla’s op patrouille.

Aangezien ik dit soort aantijgingen eerder gehoord had in andere vluchtelingenkampen in Thailand, vond ik het niet meer dan gepast om zijn beweringen wereldkundig te maken. Ik benaderde een grote Nederlandse krant met de vraag of ze er een stukje over wilde plaatsen. Die toonde echter geen belangstelling; beter gezegd, ze antwoorden niet eens. En het voorval verdween in een la van mijn geheugen.

En nu, alweer enkele jaren later trek ik die weer eens open. Het staakt-het-vuren tussen de Karenni en het Birmaanse leger, hoewel vaak geschonden, is er gekomen. Maar volgens een bericht in Irrawaddee, een Birmees oppositioneel magazine dat veiligheidshalve in Thailand gedrukt wordt, heeft het Birmese leger de afgelopen tijd vier nieuwe militaire basissen ingericht in de Kayah State. Tot groot ongenoegen van de militaire en politieke top van de Karenni.

Het is niet ondenkbaar dat de strijd weer oplaait en opnieuw vele Karenni vluchtelingen naar Thailand brengt. Rechteloos als die daar zijn, zullen velen van hen hun hoop vestigen op een screening door de UNHCR om naar een ander land te kunnen uitwijken.

Antonin Cee
Over Antonin Cee 134 Artikelen
Antonin Cee woont sinds eind jaren tachtig in Chiangmai en voerde themareizen uit. Hij studeerde filosofie aan de Universiteit van Montpellier in Frankrijk en werkte enige tijd als redacteur bij The Nation in Bangkok. Ook schreef hij artikelen voor verschillende Nederlandse, Belgische en Engelstalige magazines. Met zijn achttienjarige dochter vormt hij een eenoudergezin en brengt elk jaar enige tijd door in Zuid-Frankrijk. Hij publiceerde een verhalenbundel getiteld 'Inheems Kruid'. Onlangs bracht hij zijn tweede boek 'Thailand tegen het Licht' uit. Beide boeken zijn zonder verzendkosten te bestellen bij www.amazon.de.

3 Comments

  1. Ik geef hier alleen maar de facto weer wat me verteld werd. Hij noemde het mensensmokkel. Niet helemaal onterecht. Want dat betekent er tegen betaling voor zorgen dat vluchtelingen op de gewenste plek terecht komen. Maar gelijk heb je. Als functionarissen zich daaraan geven mag het ook corruptie heten.En de penningen kwamen uiteraard uit de beurs van die vluchtelingen zelf.Ik had er dieper op in kunnen gaan. Maar heb het niet gedaan omdat de grote Nederlandse krant geen belangstelling toonde. Of vragen gaan stellen aan medewerkers van de UNHCR daarbij de aangewezen weg was is bij lange na niet zeker. Bewijslast verzamelen onder vluchtelingen zelf was waarschijnlijk beter geweest en het liefst onder Karenni in het buitenland. Ik had echter noch de tijd of de middelen om in de VS of Finland op zoek naar ze te gaan.

    • Als ze daar echt voor betalen die vluchtelingen, en wanneer dat in meerdere kampen gebeurt, dan moet daar toch wel meer over geschreven zijn. Kan haast niet anders. Maar het is dus geen mensensmokkel, want er wordt niet over de grens illegaal gesmokkeld door smokkelaars die mensen begeleiden. Het is mensenhandel gedaan door corrupte ambtenaren. Maar tis wel een onderzoek waard.

  2. Beetje vaag Antony. Waar bestaat die smokkel dan uit? En als je dat denkt waarom vraag je UNHCR dan niet om een reactie? Bedoel je dat vluchtelingen zelf die 5000 euro moeten betalen aan UNHCR-functionarissen? Dat zou dan corruptie zijn en geen mensensmokkel. Dat had je misschien wat meer kunnen uitwerken. Verder wel een informatief artikel. Wist niet dat je dat soort activiteiten ook onderneemt en ondernam. Sowieso goed om dit soort verhalen over Birmese vluchtelingen vaker te schrijven. Want je hoort er niemand over.

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*