Thailand: Hoe moet dat verder met al die rook?

Honden blaffen, de haan kraait, er is kindergelach en het trekt me in de vroege ochtend uit mijn slaap. De paalhut van gespleten bamboe staat te trillen op zijn poten. Een paar meter beneden me moet de waterbuffel zich weer eens zijn komen schurken aan een van de staanders. Ik heb een zwaar hoofd alsof ik zwaveldamp heb zitten snuiven. Er is niets mee aan te vangen net zoals bij een superkater. Maar het komt niet van de drank. En het is ook geen opkomende migraine. Ik bevind me in de hooglanden rond Mae Chaem op 4 uur gaans van Chiangmai.

Antonin Cee, Thailand, Hoe moet dat verder met al die rook, bamboehut

Het aantal fijne stofdeeltjes is verder opgelopen

Met vrije teugel door het land rijdend, vond ik eergisteren net voordat de nacht zich op de wereld liet zakken dit guest house. Dat is een aanmatigend woord voor twee fragiele bamboehutten, een waterput en een wat grotere hut waarin een Shan familie woont, die de zaak hier bestiert.

Ik ben de enige klant en het ziet er naar uit dat het voorlopig zo zal blijven. ‘De laatste keer dat we hier iemand hadden is meer dan een jaar geleden’, vertelde de gastheer toen ik hier introk. Gelukkig heeft hij om zijn inkomen op peil te houden ook een paar rai grond, waarop hij mais verbouwt zoals het merendeel van de boeren hier.

Het eerste wat ik doe als ik uit mijn slaapzak kruip is de Air Quality Index bekijken op mijn smart phone. Het aantal fijne stofdeeltjes per kubieke meter is nog wat opgelopen en staat nu op bijna tweehonderd.

In Thailand, dat een steeds groter wordend smogprobleem heeft wordt vijftig deeltjes per kubieke meter als veilig beschouwd. De Wereldgezondheidsorganisatie (WGO) is strenger en stelt dit op vijfentwintig, iets wat in een groot deel van Thailand bijna nooit gehaald wordt.

In het noorden is het de laatste vijftien jaar steeds erger geworden. De stad Chiangmai is gedurende het ‘rookseizoen’, dat van februari tot april haar sinistere apotheose heeft, een onleefbare stad die al het organisch leven naar adem doet snakken.
Volgens medische rapporten, hebben alleen al in het noorden jaarlijks 450.000 mensen te lijden van de gevolgen.

Antonin Cee, Thailand, Hoe moet dat verder met al die rook, smog
Smog in Chiangmai

Het vluchtende wild gaat in de pot

De smog heeft natuurlijk ook te maken met het verkeer en de ligging van de stad. In luttele jaren groeide het aantal auto’s er met 60 procent. Al die uitlaatgassengassen blijven hangen in de kom tussen de bergen waarin de stad zich uitspreidt. De luchtvervuiling is er vaak erger dan in Bangkok, waar de uitlaatgassen nooit optrekken.

In het droge seizoen komt daar nog de rook bij van al het onderhout in de bossen, dat in de fik wordt gestoken. Dat jaagt het beetje wild dat er nog zit eruit en dat is goed voor een hartig maaltje. In de as die overblijft, schieten smakelijke paddenstoelen op, waar een pittig soepje mee te maken is.

Antonin Cee, Thailand, Hoe moet dat verder met al die rook, Platbranden

De brandweer die die vuren moet bestrijden heeft daarbij zijn eigen sores. Als ze van tijd tot tijd niet uitrukken, worden hun uit Bangkok afkomstige budgetten flink gekort. Aangezien er in Thailand geen geld rolt zonder dat er hier en daar wat blijft hangen, heeft dat ook repercussie op het inkomen van de chef.

‘Ze steken soms zelf vuren aan om hun materieel te kunnen inzetten’, vertelde me enige tijd geleden een Thaise resorthouder in de buurt van Bo Klua ten noordoosten van Nan.

Hij was als zelfbenoemde milieuactivist, zelfs een keer naar Bangkok gegaan om deze praktijken aan te kaarten bij de mensen die de budgetten verstrekken. Dat werd hem natuurlijk niet in dank afgenomen en uit voorzichtigheid woont hij sindsdien op een militaire basis.

Een kogel is goedkoop in Thailand, maar gelukkig geniet hij ook de protectie van prinses Siridhorn, die zich eveneens inzet voor het milieu en de provincie Nan met nog aardig wat ongerepte bossen, een warm hart toedraagt.

Antonin Cee, Thailand, Hoe moet dat verder met al die rook, Protest
Scholieren protesteren tegen luchtvervuiling.

Mais verbouwen om de opiumcultuur terug te dringen

Maar een van de belangrijkste oorzaken van de rookontwikkeling in Noord Thailand is het afbranden van de maisvelden en die zijn er heel wat rond Mae Chaem.

Het verbouwen van mais op basis van contract farming aangegaan met grote voedselproducenten zoals CP Foods, werd destijds in dit gebied geïntroduceerd om de opiumcultuur terug te dringen.

Nu staat er op haast 2 miljoen hectares mais, waarvoor heel wat van de bossen werden gerooid. De maiskorrels gaan eruit en de overblijvende biomassa wordt verbrand en gaat de lucht in.

Als ik het trappetje van de hut afkom, staat de vrouw des huizes te roeren in een zwart geblakerde pan op een houtvuurtje. Ze heeft een gezichtsmasker voor dat gratis wordt uitgedeeld door de lokale GGD, maar dat weinig effect heeft. De fijne stofdeeltjes worden er niet door afgestopt.

Haar twee kinderen zit het speenvarkentje achterna. Ik krijg een kommetje rijstsoep, waarin wat koolblaadjes drijven. De vrouw is weer helemaal bij de tijd lijkt het.

Gisteravond na een avondmaal van eenzelfde soort soep en rijst, strekte ze zich uit onder haar hut, hield een vlammetje tegen haar opiumpijp en rookte er naar hartenlust op los tot al het vuur uit haar ogen verdwenen was.

Met haar man had ik het over dat afbranden van de velden. ‘Wat moet ik anders’, zei hij. ‘Ze werpen ons wat zaaigoed en pesticiden toe en verder moeten we het maar uitzoeken.

‘Als de kolven rijp zijn worden ze opgehaald. De lege kolven worden trouwens ook verbrand en verwerkt tot mest. Wij blijven met de rest zitten. En de maisprijs is de laatste tijd behoorlijk ingezakt. We kunnen er maar net van in leven blijven.’

Antonin Cee, Thailand, Hoe moet dat verder met al die rook, Boeren

Mae Chaem bejubeld als model voor rookbestrijding

Ik lepel mijn soep en staar over de nagenoeg onzichtbare bergen, waarop een zwarte, luie hemel rust. En op mijn phone herlees ik een artikel uit The Nation van drie jaar geleden dat ik al die tijd bewaard heb. Mae Chaem wordt er in bejubeld als een succesvol model in smogbestrijding.

Het jaar daarvoor waren er 384 bosbranden geweest, stelde het artikel. In het lopende jaar (2016) jaar zouden er tijdens het ‘rookseizoen’ nog maar dertig zijn opgetreden. Tot dan toe tenminste.

Het artikel maakte geen gewag van de praktijken van de grote voedsel producerende bedrijven. En als daaraan geen halt wordt toegeroepen is het probleem onoplosbaar, want in dit gebied zijn zij een van de grootste oorzaken van de rookontwikkeling.

Maar bedrijven zoals CP zijn machtig en hebben lange armen die tot in de hoogste regionen van het royalistische kamp in Thailand reiken.

Later die dag rijd ik terug naar Chiangmai. Overal uit de bergen stijgt rook op en op verschillende plaatsen staan ook de hoge grassen langs de weg in brand.

Tegen het vallen van de avond kom ik in de buurt van Mae Wang. In het opklimmende duister zijn de vuren op de berghellingen nu goed te onderscheiden. Kennelijk wordt er gewacht tot de nacht is ingevallen voordat met het branden wordt begonnen.

Eenmaal in Doi Lo op een zeventig kilometer voor Chiangmai slaat de rook pas goed op mijn keel en beginnen mijn ogen te tranen. Ik stop om de air quality index eens te checken en schrik. Hij stond op 640 fijne stofdeeltjes per vierkante meter.

Antonin Cee
Over Antonin Cee 138 Artikelen
Antonin Cee woont sinds eind jaren tachtig in Chiangmai en voerde themareizen uit. Hij studeerde filosofie aan de Universiteit van Montpellier in Frankrijk en werkte enige tijd als redacteur bij The Nation in Bangkok. Ook schreef hij artikelen voor verschillende Nederlandse, Belgische en Engelstalige magazines. Met zijn achttienjarige dochter vormt hij een eenoudergezin en brengt elk jaar enige tijd door in Zuid-Frankrijk. Hij publiceerde een verhalenbundel getiteld 'Inheems Kruid'. Onlangs bracht hij zijn tweede boek 'Thailand tegen het Licht' uit. Beide boeken zijn zonder verzendkosten te bestellen bij www.amazon.de.

4 Comments

  1. Hier een artikel in The Nation die CP enigszins vrijpleit maar ook met ideeën komt om die oogstafval nuttig te gebruiken in plaats van te verbanden. Alleen verbieden en straffen zal niet helpen.

    http://www.nationmultimedia.com/opinion/Thinking-big-about-haze-30284833.html

    Ik denk dat er maar een goede oplossing is. Koop de boeren uit, geef ze een redelijk maandelijks inkomen en laat ze daarvoor de hellingen opnieuw bebossen en onderhouden. Idem voor een aantal rijstboeren. Alles via een coöperatie. Dan moeten wel de belastingen wat omhoog, een leuke taak voor de komende gekozen regering….

  2. Beste Tony, heel goed dat je aandacht besteed aan dit grote probleem. Je hebt een helder artikel geschreven dat de ernst van de situatie goed duidelijk maakt. Alleen jammer dat je de benamingen van de meetgetallen steeds door elkaar haalt. De zgn. Air Qality Index (AQI) wordt berekend door een aantal determinanten in een formule te stoppen, daar komt dan een indexgetal uit. Eén van de determinanten betreft de hoeveelheid fijnstofdeeltjes, deze worden uitgedrukt in micogram per m3. Daarbij wordt nog onderscheiden tussen PM 2.5 (de allerkleinste en gevaarlijke kleine stofdeeltjes die rechtsreeks je bloedbaan ingaan) en PM 10. Waar je in jouw artikel een AQI index van 200 noemt is dat iets anders dan het relevante PM 2.5 niveau van dat moment. Vandaag is het weer een slechte dag in Chiang Mai.Bij een AQI van 156 en een PM 2.5 niveau van bijna 60 microgram per m3. Dat laatste getal is dus ruim TWEE keer zoveel als de veilig geachte Europese norm van 25 microgram per m3. Overigens wordt de Europese norm niet alleen in het “rookseizoen” overschreden. In Chiang Mai is de luchtkwaliteit méér dan 6 maanden per jaar gewoon slecht te noemen, tenzij je zo naief bent om de soepele Thaise normen te hanteren.

  3. tja, niet zo verwonderlijk dat japan thailand komt helpen met de modernisering van de landbouw want ze lopen achter!
    belachelijk hoe ze met het ecosysteem omgaan maar ik begrijp wel dat dingen in een land dat nooit gekoloniseerd is langzaam gaan.
    militairen zijn geen goede bestuurders dus dit soort ”grondstoffenvernieteging” en onnodige milieuvervuiling kun je dan misschien verwachten.
    het is de hoogste tijd dat methodes als vruchtwisseling,poly en permacultuur meer toegepast gaan worden naast de helaas achterhaalde monocultuur systemen.

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*