Thailand. Hoofdzaken en bijwegen

Stapvoets rijden we langs de plek des onheils.
Een stevig ingedeukte auto aan de ene en een verfrommeld brommerwrak aan de andere kant van de weg. Ooveral losse onderdelen. Stille getuigen van het drama dat zich hier zojuist heeft afgespeeld.

Leden van de ‘Poh Teck Tung’ hulpverlening zijn net gearriveerd en enkelen daarvan hijsen zich nu met lachende gezichten in oranje hesjes. Of zwaaien daarmee om het verkeer af te remmen, en over de meest linkse rijbaan te leiden. Dat lachen zou me nog dagenlang bijblijven. Maar dat was pas nadat ik de vrouw had gezien.

Ze ligt plat voorover op de weg. Gekleed in gestreepte bermuda-broek, en hagelwit shirt. Haar armen liggen langs haar lichaam alsof ze net daarvoor stram in de houding had gestaan. Het moest allemaal zo snel zijn gegaan dat ze niet eens kans had gezien die armen naar voren te brengen om zich te beschermen tegen de verpletterende smak op het asfalt. Ik zie alleen een achterhoofd, met het donker glanzende haar als een waaier uitgespreid over de weg. Ik huiver inwendig als ik aan dat verwoeste gezicht denk. Een aanblik die me gelukkig bespaard blijft. Valhelm hoofdzaak komt hier voor altijd te laat.

Met naast haar hoofd die donkerrode plas bloed, waar ik als gefascineerd naar kijk. Nog niet eens gestold. Frontaal met haar gezicht in het betonharde wegdek, en het levenslicht dat op slag werd uitgedraaid. Eenzaam ligt ze daar, temidden van de chaos. Een macaber stilleven. Het feit dat er niemand bij haar staat of ook maar geprobeerd heeft haar om te draaien geeft wel aan dat hier geen hulp meer baten kan.

Deze aanblik is in dit land dagelijkse kost, maar ik zal er nooit aan wennen. Ook niet aan lachende hulpverleners.  Land of Smiles. Soms zou je wensen van niet.

Een korte tijd van bezinning

Terwijl we langzaam verder rijden, onder de indruk van de uiterst brute manier waarop dit leven eindigde, is het stil in de wagen. En dat is voor het eerst in het afgelopen uur. Mijn vrouw Oy raakt even mijn arm aan, in een gebaar dat meer zegt dan woorden zouden kunnen. Tel je zegeningen. Ik bedenk dat het nauwelijk een half uur geleden gebeurd moet zijn.

Terwijl ondergetekende zich opwond over bijzaken zoals slecht onderhouden Thaise wegen, en Google-Maps dat nog geen startbaan van een greppel kan onderscheiden. Op hetzelfde moment dat ik geërgerd aan het uitrekenen was met hoeveel vertraging we op onze bestemming zouden arriveren met ons langzame en frustrerende gehobbel over gebarsten betonplaten, sloeg deze vrouw met haar hoofd op een perfect stuk wegdek. En deed tijd er niet meer toe.

Lieven Kattestaart, Monstertruck, Schoonmoeder, Verkouden
Niet deze pickup maar pick normal

We waren die morgen al vroeg op weg gegaan met de pick-up, geleend van schoonzus. Van het dorpje van schoonmoeder in de Isan naar Pattaya. Een hele rit voor iemand als ik, die zich nog nauwelijks op de hoofdwegen van Thailand had begeven. Met wat voor auto dan ook. De route intoetsend op mijn telefoon werden mij drie mogelijkheden aangereikt. Twee daarvan zouden ons zo ongeveer langs Bangkok voeren. Voor mij synoniem met files, drukte en ergernis, dus koos ik voor de derde. Voor een gedeelte door een Nationaal Park voerend en nog de kortste route ook. Lekker rustig toeren, en wat natuurschoon zien. Een strak plan.

Al snel kom ik er achter dat de kortste route niet altijd de beste is. Nauwelijks op pad en rijdend over slingerwegen en door achteraf-dorpjes, verwens ik meermalen de staat van het Thaise wegdek. Als ik weer eens zowat met mijn hoofd door het dak stuiter, of plotseling moet afremmen voor boerenkarren of gaten in de weg, groot genoeg om een bultrund zijn jaarlijkse bad in te laten nemen.

En wat als we hier pech krijgen?

Mijn vrouw vraagt me nogmaals of ik wel zeker ben van deze route, en we niet beter gewoon over Khorat kunnen rijden en de grote wegen aanhouden. Eigenwijze kaaskop ploetert verder op aanwijzingen van Maps en we komen op plaatsen die haar de stuipen op het lijf jagen. Mijzelf ook, maar geef dat maar eens toe. Reserve-karresporen over heuvels, met varens en laaghangende takken overgroeid, en soms zelfs geheel zonder enige verharding.

Lieven Kattestaart, Hoofdzaken, Wegen

Oy vertelt me dat ze zich zorgen maakt. Zou ze onderweg zijn met andere Thais niet, maar ik ben een farang-bleekgezicht en dus een ander geval. In haar ogen een uitgelezen doelwit voor een overval door plaatselijk gespuis. Wat als we hier vastrijden? Terwijl ik probeer onze Vliegende Hollander weer richting een veilige haven te loodsen zie ik in mijn gemoedstoestand ook nog kans woorden te krijgen over sommige leden van de schoonfamilie. Die volgens mij het woord ‘waardeloos’ op hun voorhoofd zouden moeten laten tatoeÎren. In drie talen en braille.

De emoties lopen daarbij hoog op, en het enige wat me weerhoudt van uitstappen en ter ontspanning met blote handen een bumper verbuigen is het feit dat ik hier niet durf te stoppen. Dan, eindelijk, na een dik uur zweten door de gravel-loopgraven en met een diepe zucht van verlichting door ons beiden, bereiken we weer een normale weg. Asfalt en witte strepen. En ik neem me voor die te blijven volgen, desnoods tot voorbij Phuket. Glorieus glad en veilig asfalt, wat heb ik dat gemist. Nu is het leed geleden.

We draaien vanaf het stofspoor de weg op, en in de verte flitsen enkele rode remlichten. Even later kruipen we andermaal tergend langzaam voort. Ditmaal in de file. ‘ Wat nú weer’ zeg ik geirriteerd, en probeer uit het zijraampje hangend te ontwaren wie daar vooraan de zaak zo ophoudt…

 

Lieven Kattestaart
Over Lieven Kattestaart 103 Artikelen
Lieven Kattestaart (1963) werd geboren in Middelharnis. Hij werkte van 1991 tot 2016 bij de Gemeente Goeree-Overflakkee. Sinds 1993 bezoekt hij Thailand en raakte zoals zovelen verslaafd aan het land en de bevolking. In Isaan, het noordoostelijk deel van Thailand, ontmoette hij zijn vrouw Pranom (Ooy).

1 Comment

  1. Wat een heerlijke zelfrelativering.
    Die geeft nog de mooiste inkleuring aan het bewogen verhaal.

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.