Thailand. Een hondenleven

Lieven Kattestaart, Hondenleven, Zwager

Mijn Thaise zwager heeft een hond. Rasvereniging: vuilnisbak.

Genaamd ‘kiew-ngun’. Wat zoiets betekent als hoek of snijtand, als ik afga op de Thais-Nederlandse vertaling van mijn vrouw Oy (waar is Tino Kuis als je hem nodig hebt). Dit exemplaar had echter meer van een opspelende verstandskies, en was ooit wat mij betreft net zo welkom.

Begin dit jaar, net aangekomen in het schone Thailand, werd door eega en mij een beleefdheidsbezoek gebracht aan schoonma in de Isan. Zij woont daar pal naast haar jongste zoon en schoondochter. Zoonlief had net een puppy aangeschaft, die hij vervolgens probeerde op te voeden tot goudvis. Dat houdt in: je aait het beestje nooit, roept het nimmer tot de orde, geeft het geen enkele, maar dan ook geen enkele opvoeding, en tweemaal per dag mik je wat kliekjes op het gras. Daarmee het soort halfwilde viervoeter creërend waar zelfs de hondenfluisteraar zijn handen niet aan zou willen branden.

Lieven Kattestaart, Hondenleven, Zwager

Tijdens die gemiste inprentingsperiode kreeg ik het kleine mormel eens in handen gedrukt. Mezelf op dat moment behoorlijk ondermaats voelend, met druipneus en bonkend hoofd bezig een hardnekkige virusinfectie te bevechten. Nog een laatste Nederlands souvenir, waarschijnlijk opgedaan in het vliegtuig vanaf Schiphol. Pas weken later, na een bombardement met felgekleurde Thaise smarties zouden de bacillen het opgeven. In die tussentiijd stond mijn hoofd beslist niet naar puppy’s. Dus toen ik het beestje door vrouwlief op schoot gezet kreeg was ik verre van verheugd. Aaide het wel gedachteloos over de bol, krabde het achter de oortjes,en, monumentale vergissing, trakteerde het later op stukjes kip van mijn bord. Allang blij dat ik het spul ergens kwijt kon, met mijn eetlust van nul komma nul.

Lieven Kattestaart, Hondenleven, ZwagerOlifanten hebben een goed geheugen zo is bekend, maar deze hond doet niet voor hen onder.
Want vele maanden later, bij een nieuw bezoek aan schoonma, werd ik besprongen door een zwaar stugbehaard monster, tot aan zijn hondenoksels overdekt met verse stinkmodder. Enthousiast tegen me opspringend na mijn nietsvermoedend uit de auto stappen. Twee prachtige pootafdrukken van smurrie achterlatend op mijn nieuwe t-shirt. En vervolgens niet te beroerd deze handeling te herhalen op mijn broek, nadat ik hem met veel moeite van me af had geduwd. Ik verwenste hem tot in het zevende nest nakomelingen, wat als afschrikmethode net zoveel effect had als hem de Nobelprijs toekennen.

Toen pas herkende ik kiew-ngun, intussen een flink uit de kluiten gewassen hond geworden. Hij was mij beslist niet vergeten, zo bleek. Mijn vrouw kreeg een vriendelijke kwispel, ikzelf moest moeite doen overeind te blijven. Ziedaar de beloning voor kip uit het vuistje.

Zwager, ooit niet te beroerd om een puppy te nemen, riep van verre vruchteloos zijn goudvis tot de orde.

Lieven Kattestaart, Hondenleven, ZwagerDat was mijn tweede kennismaking met kiew-ngun. Na dit vrolijke weerzien verliet hij onze kant van de tuin nog slechts om thuis bij zwager te gaan eten. Wat hij ook bij ons probeert trouwens. Want als je een jonge hond niet tijdig corrigeert, is het een feit dat hij, zodra hij eten ziet, heel beleefd naast je gaat zitten kwijlen en piepen tot hij zijn deel krijgt. Hij krijgt niets van mij, maar maakt me ondertussen wel het rustig buiten eten onmogelijk.
Vrouw Oy had er wat op gevonden. Een emmer water over zijn kwijlende kop, en ziedaar: doorweekte hond kiest het hazenpad.  Het bleek een Pyrrus-overwinning. Hij zal namelijk kort daarna terugkeren, en zich pal naast je bordje nasi uitschudden als een natte beer na de zalmenjacht.

Hij maakt ook geen onderscheid wat betreft etenswaar. Zelfs als ik een stuk watermeloen leeglepel, zal hij proberen daarvan een deel te bemachtigen. Ooit, om hem het geschooi af te leren, gooide ik de hondse bedelaar een stukje van het fruit toe. Wat hij vervolgens vertikte op te eten, want het stond niet op zijn carnivoren-menu. Het weerhield hem er niet van daarna weer verder te gaan met schooien, want je weet natuurlijk maar nooit, de volgende stukken meloen zouden wel eens naar gerookte ham kunnen smaken. In zijn beperkte hondenhersens is alles mogelijk.

Maar op een of andere manier kreeg ik toch een zwak voor het kreng. Hij is namelijk totaal onbevreesd, en stapt zo bij de overburen het erf op. Waar de drie aanwezige huishonden hem meteen hun dreigende koppen laten zien, gevolgd door het vriendelijke verzoek op te zouten. Hetgeen hij weigert, en later, na wat uitwisselen van gebitsgegevens, met bebloede kop afdeinst. De volgende dag gewoon weer een poging wagend.

Ook heeft hij zo zijn nuttige kanten. Op mijn jogging-rondjes bijvoorbeeld. De eerste maal dat ik hier mijn gymschoentjes aanschoof voor een kleine Isan-marathon, stoof me op een kleine honderd meter van huis een viervoetige haarbal voorbij. Een lichte hartverzakking veroorzakend. Mocht ik gedacht hebben dat het een hondse schijnbeweging was, en hij al snel weer terug zou keren naar huis, dan had ik het mis. Hij vond het prachtig, en liep mee tot het einde van mijn ronde over de zandweggetjes. Wat fijn is, omdat hij opwarmende slangen spot, ver voor ik er soms onverhoeds overheen mocht rennen. Tegen de tijd dat ik klaar was, hijgde hij als een lekke stoompijp. Vooral veroorzaakt doordat hij als een waanzinnige vooruit vloog en weer terug kwam rennnen. Daarbij soms pal voor mijn joggende voeten halthoudend om een interessant geurtje te onderzoeken. Hardlopen in doodlopen veranderend, en me dwingend binnen een halve seconde een nieuw olympisch record honden-hordenloop te vestigen.

Lieven Kattestaart, Hondenleven, ZwagerMijn getier over zijn stompzinnige gedrag kostte me alleen maar lucht die ik op dat moment beter had kunnen gebruiken. Hij zou dit obstakel-rennen blijven doen, al zag ik het daarna meestal wel aankomen. Een oerstom, maar lief beest. De Rataplan van het Verre Oosten.

Aaien of achter de oren krabbelen doe ik hem echter zeer weinig meer. Want door zijn levensstijl van rollen in de rijstvelden, koeienvlaaien als gezichtsmasker gebruiken, en andere heerlijke hondenzaken is hij een eersteklas meurend vlooien en teken-pakhuis geworden. Ooit opperde ik daarom tegen mijn vrouw tot aanschaf van hondenshampoo en borstel over te gaan, teneinde hem weer toonbaar te maken.

Eega sprak hier echter onverbiddelijk haar veto over uit. Zwager zou het op kunnen vatten als een teken dat hij niet goed voor de hond zorgde, en zou met onze was-actie zijn gezicht verliezen. Aldus bleef de shampoo in de schappen van de buurtsuper, en behield Kiew Ngun zijn klitten. En bleef een gezonde hond, met het uiterlijk van een zwerver.

Al voorspel ik hem geen lang leven. Niet op de kamikaze-manier waarop hij de hoofdweg overstuift, of zijn nimmer aflatende brutaliteit etalerend, die hem in gevecht brengt met iedere hond in de nabije omgeving. Vandaag of morgen zal een boze boer hem uit de weg ruimen als hij weer eens probeert diens koeien het hoofd op hol te brengen met zijn gespring en geblaf. Of de Capo di tutti capi van de dorpshonden zal hem bij een volgende vergadering tot ongewenst element verklaren, botje bij botje leggen, en hem op een mistige Isan-morgen opwachten met een roedel ingehuurde Dobermanns.

Maar tot die tijd zal hij niet van onze zijde wijken, tot lichte ergernis van zwager. Tenslotte zijn echte baasje.
Wat doe je eraan? Ze zeggen wel eens dat honden op hun baas lijken, en in dit geval is dat zeker waar. Baasje heeft er namelijk niets van begrepen.

Gerelateerde berichten

Lieven Kattestaart
Over Lieven Kattestaart 101 Artikelen
Lieven Kattestaart (1963) werd geboren in Middelharnis. Hij werkte van 1991 tot 2016 bij de Gemeente Goeree-Overflakkee. Sinds 1993 bezoekt hij Thailand en raakte zoals zovelen verslaafd aan het land en de bevolking. In Isaan, het noordoostelijk deel van Thailand, ontmoette hij zijn vrouw Pranom (Ooy).

2 Comments

  1. Heerlijk verhaal, Lieven. Ja, die Thaise honden………. Ik zie ze hier in ‘mijn’ dorp breeduit midden op straat liggen doezelen, verstoord één oog openend wanneer er een auto aankomt. ‘Wat doe jij met die auto in mijn bed’ is op zo’n moment de uitstraling. Traag en met overduidelijke tegenzin komen ze vervolgens in beweging om de geduldig wachtende indringer door te laten – om daarna weer gewoon hun plek in te nemen. Mij, als fietser, negeren ze volkomen: ‘je rijdt er maar omheen’ is de boodschap. Prima – alles beter dan ze naar je kuiten happend achter je aan te krijgen………..

  2. Ha, Lieven, de heerlijke manier waarop je Vrouwe Verbeelding de vrije loop laat, weerspiegelt zich compleet in je beschrijving van het gedrag van de hond.
    Zo onbevangen en onstuimig en vrij.
    Moet voorzeker een echte Isaan-hond zijn want mijn ervaring hier in Bangkok is helemaal tegenovergesteld. Maar de baasjes zijn hier natuurlijk ook anders: steedse jonkers…
    Eergisteren slaagde eentje met zo’n vale bruine oerkleur erin een half uur lang midden op de smalle stoep van de Sukhumvit voor dood te gaan liggen. Het was druk.
    Wij allemaal sukkelen, springen en slingeren om langs hem heen te komen, zonder op hem te trappen, daarbij tegen elkaar opbotsend. Het werd nog drukker.
    Hij lag er als de koning te rijk. Ogen dicht of op oneindig.
    Verroerde zich van geen haar! De koning van de stoepen van Bangkok!
    Zelfs de dikke waggelende moslimdames van Soi Arab die iedereen boudweg omver lopen, moesten voor één keer aan de kant.
    Ziedaar de ware heerser over ons nietige en ijdele leven.

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.