Cambodja: Rock ‘n’ Roll sterft nooit

Of ik ook muziek wil luisteren. De vraag komt enigszins onverwacht, want ik zit achterop een brommer, het is laat in de avond en ik ben amper vijf minuten bij mijn huis vandaan. Ik geef een onsamenhangend antwoord dat zowel ‘ja’ als ‘nee’ kan betekenen.

Brommertaxichauffeur Den haalt daarom zijn smartphone uit zijn borstzak en houdt die omhoog, ondertussen met zijn andere hand het voertuig besturend waarmee we door de bijna verlaten straten van Phnom Penh tuffen.

Een klassieke Cambodjaanse popsong klinkt enigszins schel door de telefoonspeakers. Het is van die muziek zoals je die in de Cambodjaanse straten nog maar zelden hoort; een soort exotische rock ‘n’ roll, losjes en toch strak gespeeld en gezongen in een voor veel buitenlanders onbegrijpelijke taal die in de verste verte niet op Engels lijkt.

Ate Hoekstra, Cambodja, Rock 'n' Roll
Still van YouTube-video

Vijftig jaar geleden was dit muziek waarmee Cambodja de wereld leek te veroveren. Er was geen wolkje aan de lucht. Van de Rode Khmer had nog bijna niemand gehoord, de oorlog leek nog ver weg te zijn.

Luisterend naar de muziek, vraag ik Den of hij misschien zelf muzikant is. Brommertaxichauffeurs in Phnom Penh rijden namelijk maar zelden mensen door de stad omdat ze daarmee hun ambitie volgen. Veel van hen willen eigenlijk architect zijn, dokter, advocaat of kunstenaar.

Maar in een economie die nog zo onderontwikkeld is als die van Cambodja blijkt dat in de praktijk vaak onmogelijk. Een oud brommertje (of een nieuwe scooter) biedt dan geregeld de optie om alsnog een inkomen te vergaren.

Den antwoord bevestigend: “Ik zing en speel gitaar. Als ik ’s avonds alleen ben, houdt de muziek mij gezelschap. Soms treed ik op in karaokebars.”

Het volgende moment passeren we zo’n karaokebar. Er staan luxe auto’s met vierwielaandrijving geparkeerd. Bij een eetkarretje staan beveiligers samen met kortgerokte dames noodles te eten.

“Betalen ze in die bar een beetje goed voor je muziek?” vraag ik.
“Dat gaat wel”, zegt Ben. “En jij? Wat doe jij?”
“Ik schrijf. Als ik alleen ben, dan schrijf ik.”

Als we even later stilstaan, pakt Den opnieuw zijn smartphone uit zijn borstzak. ‘Track 02’ staat in het scherm. Nog een Cambodjaanse popsong uit vervlogen tijden. “Dit liedje is al heel oud”, zegt hij. “De artiest is in 1984 overleden, maar zijn muziek leeft nog. Is dat niet mooi?”

Ik blijf even staan om te luisteren. Dan geef ik de muzikale brommertaxichauffeur een fooi en wens hem nog een goede nacht toe. Terwijl ik de deur op slot doe, verdwijnt de muziek langzaam in de opkomende nacht.

 

 

 

Deze column is eerder gepubliceerd op De Aziatische Tijger

Foto cover: Koning van de CamRock: Sinn Sisamouth

 
Trefpunt Toetje:

Ate Hoekstra, Cambodja, Rock 'n' roll

 Traditie hersteld: het verhaal van zangeres Srey Chanthy en hoe ze met Cambodian Space Project rock classic in Cambodjaans jasje steekt

 

 

 

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*