Peter’s kunststukjes. Woede als motor


Peter van Nuijsenburg, Kunststukjes,  Woede, Literatuur

Wie op zoek gaat naar woede in de kunst, als motief en thema, komt gauw uit bij de literatuur. In de andere disciplines, beeldende kunst en muziek, is voor de boze man, blank of niet, of vrouw, meestal een bescheiden rol weggelegd.

Aan slechte en boze mensen geen gebrek natuurlijk, kunst is vaak het slagveld voor de eeuwige strijd tussen goed en kwaad. Kijk maar naar de bijbelse voorstellingen in de klassieke schilderkunst, de Griekse tragedies, opera’s of de totalitaire agitprop-kunst. Alleen, het gaat zelden om mensen van vlees en bloed.

Ze vertegenwoordigen vrijwel altijd het kwaad of als dat te beladen klinkt, in elk geval iets verwerpelijks. Ze zijn personificaties in een allegorie en dienstbaar aan een grotere, ‘hogere’ boodschap.  De held heeft tenslotte de schurk nodig om zijn heldendom te bewijzen.

De karakters zijn daarom meestal eendimensionaal, stereotypen en daarom direct herkenbaar. Het melodrama is het genre waarin de schurk zich op zijn puurst manifesteert. Vaak voorzien van attributen als zwarte kleding, snor, haakneus en een gladde babbel, zodat het publiek meteen ziet dat hij niet deugt. Het schijnt inderdaad te zijn voorgekomen dat de acteur die de boef had gespeeld, na afloop werd opgewacht om een pak rammel te krijgen en onder politiebescherming naar huis of de sociëteit moest worden gebracht.

Peter van Nuijsenburg, Kunststukjes, Woede, Literatuur
Twitter Othello

Alleen kunstenaars van uitzonderlijk talent, Homerus, de Griekse tragedieschrijvers, Shakespeare, weten de boosdoeners grotere psychologische diepgang mee te geven. Shakespeare’s schurken zijn vaak tragische figuren, verscheurd, complex , worstelend met hun demonen, en gedoemd. Iago, de schurk in Othello, is het toppunt van boosaardigheid. Hij wordt gedreven door het hele scala aan slechte eigenschappen haat, bedrog, woede, wraakzucht en jaloezie. Hij manipuleert, intrigeert en moordt. Het loopt uiteraard slecht met hem af, het kwaad moet ook bij de bard gestraft worden, maar om Iago hangt ook een zweem van geheimzinnigheid. Hij zwijgt over zijn motieven en wordt daardoor een fascinerende  figuur en uiteindelijk interessanter dan de held, Othello.

Woede als inspiratiebron is van recentere datum. Zoals bij alles in de moderne kunst moeten de wortels in de Romantiek worden gezocht. De Romantiek was een opstandige beweging. De Romantici kwamen in het verzet tegen de gevestigde orde in al zijn verschijningsvormen en lieten de eeuwen lang als ondergeschikt verklaarde emoties van de ketting. Liefde, angst, verdriet en woede werden erkend als zelfstandige krachten en niet langer gezien als minderwaardig aan de rede. In de kunst werden de emoties de vaak drijvende kracht van de autonoom scheppende kunstenaar die in deze tijd zijn entree maakt. Er konden nu taboes worden opgeruimd. Ook die rond de woede die van oudsher negatief gewaardeerd moest worden.

In de moderne beeldende kunst is bij  figuren als Francis Bacon en Louise Bourgeois de woede onmiskenbaar een drijvende kracht. Ze hadden allebei een volledig verstoorde verhouding met een tirannieke vader en de sporen daarvan vind je terug in het werk, – de Screaming Popes van Bacon, de verwrongen installaties van Bourgeois – en in uitlatingen in interviews en biografische verwijzingen. Maar ook bij een schilder als Jackson Pollock is het niet moeilijk om woede als een inspiratiebron te zien. Die woede mag een minder duidelijke oorsprong hebben gehad dan bij Bacon of Bourgeois, maar de energie die in zijn beste werk van het doek spat had woede als krachtbron.

(Voor alle duidelijkheid, woede alleen is natuurlijk niet genoeg. Kunst is sublimering, stilering en vormgeving. Als het talent het laat afweten, zoals later bij Pollock en al eerder bij Bourgeois, kun je nog zo boos zijn, goede, laat staan grote kunst wordt het niet meer).

Dat woede vooral in de literatuur optreedt heeft uiteraard met de literatuur zelf te maken: in den beginne was per slot van rekening het woord.

Teksten lenen zich beter voor articuleren, analyseren en nuanceren dan muziek die vooral een sfeer of stemming uitdrukt en de beeldende kunst die toch teveel gebonden is aan de beperkingen van het materiaal. Taal is plastischer en flexibeler.

Peter van Nuijsenburg, Kunststukjes,  Woede, Literatuur
Kingsley Amis

Het is in dit verband veelbetekenend dat de Angry Young Men 60 jaar geleden voor het eerst verschijnen als een Engelse literaire beweging. Schrijvers als Kingsley Amis en John Osborne richtten hun geschut niet alleen op de literaire wereld met zijn verstofte conventies maar ook tegen de hele naoorlogse samenleving. Osborne’s toneelstuk ‘Look back in anger’  is een woedende aanklacht tegen de hypocrisie en corruptie van het politieke en maatschappelijke establishment (de term stamt uit die tijd), terwijl Amis in zijn satire ‘Lucky Jim’ het versufte academische milieu op de korrel neemt. De taal in het stuk en de roman is direct en onverbloemd, thema’s als seks en politieke correctheid worden uit de taboesfeer getrokken, en bij alle rebelsheid valt er zeker bij Amis genoeg te lachen.

Osborne en Amis hadden in zekere zin voorlopers in de Franse, maar ook in de Nederlandse en Vlaamse literatuur. De auteur van de waarschijnlijk belangrijkste literaire woede-uitbarsting aller tijden Louis Ferdinand Céline schreef zijn meesterwerk ‘Voyage au bout de la nuit’ al in de jaren dertig en oefende grote invloed uit op de Vlaming Louis Paul Boon (de Vlaamse Céline) en de Nederlandse Angry Young Men  Gerard Reve en Willem Frederik Hermans die al eerder dan Amis en Osborne hun handgranaten richting het establishment slingerden. Bij alle verschillen, stilistisch, thematisch, hadden de ‘Voorstad groeit’(Boon), ‘De avonden’ (Reve) en ‘De tranen der acacia’s’ en vooral ‘Ik heb altijd gelijk’ (beide Hermans) een ding gemeen met Céline en de Engelse collega’s: de schrijvers hadden een soms forse rekening te vereffenen met de bestaande orde.

Peter van Nuijsenburg, Kunststukjes,  Woede, Literatuur
WF Hermans: van angry young naar het krachteloos gepruttel van de verongelijkte oude man
Foto docu canvas.be

Ik heb geschreven om wraak te nemen. Soms schreef ik zonder het gevoel mij te wreken maar dat is lang zo genotvol niet’, aldus Hermans in zijn literaire geloofsbelijdenis ‘Het grote medelijden’. De laatste zin vat alles samen: ‘scheppend nihilisme, agressief medelijden, totale misantropie’.

Net als andere inspiratiebronnen raakt ook de woede meestal uitgeput. De woede van Hermans werd uiteindelijk het krachteloze gesputter van een verongelijkte oude man. Eerder deerniswekkend dan schokkend. Ook hij kon zich niet onttrekken aan de oude wet: als het talent opdroogt, verdort de kunst.


Beste lezer

Trefpunt Azië is een reclamevrije site geheel gemaakt door vrijwilligers. Al onze berichten zijn voor iedereen te lezen. Maar het in stand houden van een website als Trefpunt Azië kost geld; er zijn kosten voor software om de site te maken en de huur van serverruimte zodat hij te zien is. Die kosten worden gedragen door leden van de redactie en die kunnen daarbij wel wat hulp gebruiken. Als u wilt helpen met een (kleine) bijdrage klik dan op de rode knop rechtsonderdaan op de pagina en doneer, dat kan al vanaf 3 euro. Wilt u op een andere manier helpen? Mail dan even met de redactie: post@trefpuntazie.com

Dankzij uw bijdrage kan Trefpunt Azië elke dag nieuws en achtergronden uit uw favoriete werelddeel blijven brengen.

 

Peter van Nuijsenburg
Over Peter van Nuijsenburg 247 Artikelen
Journalist en publicist Peter van Nuijsenburg (1951) werkte in het verleden bij De Telegraaf, Elsevier en persbureau GPD, het Financieele Dagblad en diverse omroepen. Hij was correspondent in Johannesburg, Berlijn, Tokio en Rome. Peter was voorheen ook parlementair en economisch redacteur. Hij is liefhebber en kenner van kunst en cultuur. Bij dagblad Trouw publiceerde hij boekbesprekingen. Beroepsmatig en (meer recentelijk) als toerist was hij in Thailand en andere Asean–landen.