Vietnamese volksverhaaltjes (13)

Vietnamese Volksverhaaltjes, Erik Kuijpers, Vietnam, onsterfelijken

 

Het koninkrijk der onsterfelijken.

In de Tran dynastie, wij schrijven nu de periode 1225 tot 1400, leeft hier Tu Thuc. Hij is de zoon van een mandarijn en geslaagd voor zijn staatsexamens; men zendt hem naar het noorden.

Naast zijn woning daar staat een oude pagode die geliefd is vanwege een schitterende pioenboom. In de eerste maand van het maanjaar als de pioenroos in overdaad bloeit komen duizenden mensen naar de pagode om Boeddha te eren. Ze zetten hun gaven op het altaar en bewonderen de bloemen.

Deze viering heet het Peony Festival.

De koning bevordert het Boeddhisme en de gemeenschap volgt strikt de regels en legt ze ook op aan ieder die de regio binnen komt. Een van die regels is gemaakt ter bescherming van de pioenboom en luidt, dat wie een bloem van de boom plukt, een dikke boete moet betalen en anders de straf met arbeid moet uitzitten.

Dan komt een knappe jongedame, niet ouder dan zestien jaar, naar de pagode. Zij kent de regels niet en plukt een pioenroos. Ze wordt opgepakt en gevraagd de boete te betalen maar dat geld heeft ze niet. Ze wordt aan een pilaar vastgebonden tot haar ouders komen betalen.

Vietnamese Volksverhaaltjes, Erik Kuijpers, Vietnam, onsterfelijken
Brokaat.

Dan stapt Tu Thuc in de zaak. Hij wil haar redden en biedt zijn dure brokaatmantel aan als betaling en dat wordt aanvaard. Zij is bijzonder dankbaar.

Hij ziet hoe knap ze is en vraagt naar haar afkomst. Blozend zegt ze dat ze uit zijn eigen regio komt. Met heel veel moeite neemt hij afscheid van haar.

Zijn nieuwe leven

Tu Thucs gebaar is bij iedereen bekend en wordt gewaardeerd. Maar in zijn werk gaat het niet goed. Hij doet niet mee aan de vernederende avances jegens hogergeplaatsten. Muziek en goede wijnen interesseren hem meer. Slenteren door de regio en gedichten schrijven.

Hij verwaarloost zijn taken, maakt fout na fout, en begrijpt dat hij hier niet thuishoort. Hij plakt zijn aanstellingsbrief boven de deur en vertrekt.

In zijn thuisland geeft hij zich over aan zijn passie: wandelen, zoeken naar mooie vergezichten, bronnen en grotten; een kalebas wijn mee, zijn gitaar en papier om gedichten te schrijven. Met altijd in zijn gedachten de mooie jongedame al weet hij dat hij haar niet zal vinden.

Een rijk met onsterfelijken

Hij wordt wakker en ziet vanaf zijn uitkijkpunt een schitterend eiland liggen. Neemt een boot en vaart er heen. Dan ziet hij de ingang van een grot, en bloemen en de lucht van gras doen hem het vage licht in de grot volgen.

Hij heeft maar een paar stappen gezet en hij merkt dat achter hem de rots zich sluit! Op de tast gaat hij verder tot hij aan de voet van een berg staat. Dankzij spleten in de rotsen kan hij omhoog klimmen.

Een enorm paleis staat aan de top, bekleed met goud, en omringd door een tuin met zeldzame planten. Dan komen twee jonge bediendes uit het paleis naar hem toe. Zij zeggen ‘Kijk, de jonge bruidegom is gekomen!’

Ze haasten zich naar het paleis om zijn komst aan te kondigen en dan komt een fee naar buiten, gekleed in witte zijde. Hij mag gaan zitten.

Vietnamese Volksverhaaltjes, Erik Kuijpers, Vietnam, onsterfelijken
De nimf Apsara.

‘Ik weet dat je graag reist door bossen en naar meren maar dit hier is totaal anders. Heb je enig idee waar je bent?’

‘Nee’, zegt Tu Thuc. ‘Zo mooi als hier zag ik nog nooit. Is het wel waar?’

‘Wees niet verbaasd. Geen ander mens is ooit tot hier gekomen. Jij bent in de zesde van zesendertig grotten van het koninkrijk van onsterfelijken. Wij gaan over alle zeeën en zetten nooit voet aan land.

Ons rijk verplaatst zich als het dat wil. Ik ben de koningin en bied je onderdak aan. Wees welkom en bereid je voor op de ontmoeting met een oude vriend.’

Dan komt een knappe jonge vrouw naar voren. Hogelijk verbaasd herkent Tu Thuc de jonge vrouw die hij heeft gered uit de pagode.

‘Dit is mijn dochter, Giang Huong, en dat betekent scharlakenrode wierook. Jij was zo hoffelijk haar te helpen en sinds die dag denkt ze alleen nog maar aan jou. Als je beiden wilt dan mag je trouwen.’

En dat gebeurt. Nooit zongen de vogels mooier en kwamen alle planten tegelijk in bloesem.

Drie jaar later

Tu Thuc is nu drie jaar getrouwd met haar maar krijgt heimwee. De bloemen en de omgeving interesseren hem minder en minder. In de nacht ligt hij wakker en hij wordt er zwaarmoedig van.

Dan spreekt hij er over met zijn vrouw.

‘Lieveling, ik heb mijn familie drie jaar niet gezien. Ze zullen ongerust zijn en denken dat ik dood ben. Ik wil ze gaan bezoeken. Vind jij dat goed? Ik ga een paar weken, misschien twee maanden, en kom terug om voor altijd hier te blijven.’

Giang Huong is even stil en zegt dan ‘Als je dat wilt dan hou ik je niet tegen. Ik kan je niet stoppen. Maar ik ben bang dat je je vergist over terugkomen. In de wereld van sterfelijken verandert alles snel en jouw zoektocht kan vergeefs zijn. Wat als je alleen maar as vindt?’

Terug

Een paar dagen later vertrekt hij.

Huilend neemt hij afscheid van zijn vrouw en verzekert haar dat hij snel terug komt. Er staat een koets voor hem klaar en daar stapt hij in. Een flits en … Tu Thuc is terug in zijn eigen dorp.

Hij herkent de bergen, de bamboe heggen en het heldere water maar verder herkent hij niets meer. Straten, huizen, mensen, alles is veranderd.

Hij spreekt mensen aan en noemt zijn naam maar niemand heeft ooit van hem gehoord. Ja, een heel oude man herinnert zich uit zijn jeugd het verhaal van de man die de bergen in ging om gedichten te schrijven en die is nooit meer terug gekomen. Misschien in een ravijn gevallen? Dat is driehonderd jaar geleden.

Tu Thuc krijgt de rillingen en loopt naar de koets maar die verdampt voor zijn ogen. Het was dus geen ‘tot ziens’ maar een ‘vaarwel’…..

Enige tijd later gaat hij weer wandelen in de bergen om gedichten te schrijven. En niemand weet of hij in een ravijn is gevallen of dat de poorten van het koninkrijk der onsterfelijken zich weer voor hem openden.

 

Toelichtingen

Vietnam had de Tran dynastie aan de macht in de jaren 1225 tot 1400. Voor meer info zie wikipedia.

Peony Festival; peony, paeonia, is de pioenroos, de nationale bloem van China, maar de bloem wordt in die hele regio gewaardeerd.

Foto’s en prenten

Pioenroos; wikimedia, curid, 733608.

Hajong brokaat, Bengalen; wikimedia, curid, 69455493.

Apsara, hemelse nimf onder meer uit het Boeddhisme; wikimedia, curid, 10417610.

Erik Kuijpers
Over Erik Kuijpers 517 Artikelen
Erik Kuijpers (1946) werkte 36 jaar als aangiftemedewerker inkomsten- en vennootschapsbelasting. In 2002 emigreerde hij naar Nongkhai in Thailand waar ook zijn partner en pleegzoon wonen. Erik pendelt nu afhankelijk van de seizoenen tussen Thailand en Nederland

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*