Nostalgische momenten in Bangkok, deel 1.


Antonin Cee, Bangkok nostalgie

Sloop John B.

Laatst was ik weer eens in Bangkok en kwam per toeval na jaren weer eens in Bang Kapi terecht. Tegenwoordig doet de wijk, met al zijn shopping malls, hotels, McDonald’s, karaoke en fly-overs, in niets onder voor de rest van het Bangkokse beton.

Het heeft zijn eigen portie high rise laten opschieten en is gepromoveerd tot een volwaardig stuk hoofdstad. Maar eens, in de tijd dat we nog brieven schreven, er vanwege de ongehoord hoge kosten niet aan dachten het moederland via de telefoon in huis te halen en de vliegtickets twee maanden modaal kostten, was dat anders.

Toen ik me in de jaren 70 voor een aantal jaren in Thailand vestigde was Bang Kapi mijn eerste pleisterplaats. Het was toen niet meer dan een kruising met wat shop houses, die de architecten in dit land zo fantasierijk uitbroeden: dan weer eens een fop-erkertje in het dak, misschien wel een boogbalkonnetje op het tweede verdiep en soms zelf wat Art-Deco gips rond de ramen. En meer van dat raffinement.

Op de hoek voor het marktplein stond een heuse klokkentoren, die er op toezag, dat de zon – net als in het Britse Imperium van weleer – nooit onderging. Of nooit opkwam, dat is voor interpretatie vatbaar. Want zolang ik er heb vertoefd, hebben de wijzers van die klok geen seconde weggegeven om het maar eens in Tour-de-France termen te zeggen. Het was en bleef eeuwig kwart voor elf.

Vanaf die klokkentoren liep de Sukkhabiban 1 Road nu een belangrijke verkeersader als een dunne, potloodstreep door de rijstvelden met hier en daar een opbollend boogbruggetje, in het regenseizoen zo glad als een glijbaan. Ik heb er menig taxichauffeur, die om kosten te sparen zijn banden had laten opsnijden, in de aanliggende sloot zien belanden.

In een soi net voorbij de bocht in de weg sloeg ik mijn bivak op

Alleen bij Happy Land, toen een soort Efteling-in-de-dop zette de weg even een elleboog, maar verder stond ze kaarrecht in het land. In een soi net voorbij die bocht vond ik een huisje en sloeg er mijn bivak op. De kieuw tiauw, die op gemotoriseerde kookketels voorbij kwam, kostte drie baht en in de Derby King op Pat Pong kreeg je voor 7 Baht een pint. Ik sloeg wat aan het freelancen voor lokale Engelstalige bladen en kreeg één baht per woord. En dat werd mijn rekeneenheid. Morgen rek ik het artikel met 70 woorden op, nam ik me voor als ik tien pinten achterover had geslagen.

Daar ergens aan de Sukkhabipan ligt ook een meer en daar leerde ik Uan kennen. Hij had er een restaurant, dat hij grootmoedig ‘The Boat Club’ had gedoopt. Het lag midden in dat meer; de keuken en het muziekpodium gebouwd op palen en voor de rest bestond het uit bamboevlotten, die daaromheen lagen aangemeerd. Een lange loopbrug voerde naar het restaurant afgebiesd met eeuwige kerstlichtjes.

Uan, Patsy, Annie, Ron, Antonin: we vormden een solide ploeg

Uan kwam uit Chiangrai, had een aantal jaren in Amerika gewoond en was van adellijke komaf, al zei hij daar nooit iets over. Dat hoorde ik van Patsy, een heuse prinses uit Chiangmai, die ook regelmatig in The Boat Club kwam. Beiden spraken uitstekend Engels en van hen heb ik mijn eerste Thaise woordjes leren stamelen. Uan speelde gitaar en trad dagelijks op in zijn restaurant. Soms alleen, soms met andere muzikanten, want er werd daar stevig gejamd. Hij was een watervlugge gitaarspeler, maar zingen deed hij zo zacht, dat je soms dacht dat er alleen maar wat ruis uit de speakers kwam. Uan de Fluisteraar, noemde ik hem.

Ook Patsy zong niet onverdienstelijk, van die hartverscheurende country songs, waarbij de tranen je in de ogen springen, vooral na een glaasje Saeng Som. En dan was er Annie, een volbloed Nederlandse, die ergens Engelse lesjes gaf en er in haar vrije tijd Abba songs kwam doen. Ze had een half Thai, half Nederlandse echtgenoot, voortgekomen uit een huwelijk, waarbij de Birma spoorlijn is opgetreden als koppelaar. Ron heette hij en ook hij deed een redelijke tokkel op de gitaar , maar zingen deed hij bij tijd en wijle zo vals dat je teennagels gingen krommen.

Zelf had ik ooit in een band gespeeld, zanger, gitarist, voor wie dat precies wil weten. Maar ik had er in geen jaren meer iets aan gedaan. Maar met al dat enthousiasme om me heen, nam ik weer eens een gitaar ter hand en ging mee jammen. We vormden een solide ploeg en improviseerden er dagelijks op los. Soms wisten we zelfs een klein applausje op te halen. Thais doen de dingen nu eenmaal erg ingetogen. Dat wordt ze van kindsaf bijgebracht. Bewandel de middenweg: geen excessen, overdrijf niet, hou de hartstochten in de hand. Maar om alles helemaal zuiver te stellen moet ik er ook aan toevoegen dat het niet meer verdiende, want muzikale hoogstandje waren het nou ook weer niet.

Graham was zo gay als een roze suikerspin

Toen op een avond kwam Graham. Graham kwam uit Australië en was Art Director bij Central Department Stores. In die tijd kwam dat er op neer dat hij, achter een pint in de coffeeshop zittend, wat schetsen op papier zette voor de reclameborden, die op de gevel moesten komen. Later ben ik hem vaak gaan opzoeken, daar in Central op Ploenchit, dat toen een paar hoofden kleiner was dan nu. Er zijn later een aantal etages bovenop gezet.

Graham was zo gay als een roze suikerspin van de voorjaarskermis en had zijn vriendje bij, een nogal nors jong, waar geen woord uit te trekken was. We papten aan en ook Graham wilde wel een serenade geven. Sloop John B wilde hij doen, maar dan moest hij het wel meerstemmig, zoals op de plaat van de Beach Boys. Dat doe je niet zo maar even dus trok de ploeg zich terug in de keuken om een kleine repetitie te doen. Even de stemmen verdelen (want je hebt er minstens vijf nodig) en het juiste akkoord afspreken, waarmee iedereen uit de voeten kon.

Antonin Cee, Bangkok nostalgie
Jaggergebaar…

Vooraan stond Graham Mick Jaggerachtig te gesticuleren

Een kwartier later stonden we weer op het podium, Graham helemaal vooraan en de rest van de ploeg aan de backing microfoons. We zetten in en eerlijk gezegd ging het helemaal niet zo slecht. Iedereen wist zijn eigen toontje redelijk vast te houden en op het juiste moment in te zetten. Vooraan in de spotjes stond Graham Mick Jaggerachtig te gesticuleren en bekken te trekken. Op een gegeven ogenblik zocht hij als een echte beroeps daarbij ook de breedte van het podium op en dat had hij niet moeten doen. Want daar, aan de linkerkant was dat podium behoorlijk doorgerot en dat wisten we en we kwamen er nooit. Maar Graham had daar geen weet van.

Juist toen hij, een hand in zijn nek leggend, zijn hoofd gericht naar de sterren, het grote gebaar van zijn show wilde maken en wij het Hoist up the John B sails weer inzetten, braken de planken en zakte hij door de vloer. Een plons en het lied ging uit als een nachtkaars. Van de Thaise gasten, die dachten dat het bij de act hoorden, kregen we bij die gelegenheid een donderend applaus.

We hebben Graham opgedregd, hem een grog tegen de schrik gegeven en ontdekten dat dat inktzwarte rioolwater best te overleven was. Die ontdekking zou later zijn consequenties hebben.

Deel 2 (en slot) wordt morgen gepubliceerd.

© Antonin Cee

Afbeeldingen: platenhoes Sloop John B: Twitterpagina van Beach Boys

Mick Jagger: via shauntmax30.com 

 

 

Antonin Cee is auteur van de verhalenbundel  ‘Tussen Eigen en Ander’. Wie bestellen wil en in Thailand kan dit rechtstreeks bij de auteur doen. Stuur hiervoor een e-mail naar: tusseneigenenander@hotmail.com.
Tussen Eigen en Ander kopen kan buiten Thailand ook via Bol.com, Amazon, uitgeverij Free Musketeers of de boekhandel. Verkoopprijs: € 14,95 (exclusief verzendkosten)

 


Antonin Cee
Over Antonin Cee 186 Artikelen
Antonin Cee woont sinds eind jaren tachtig in Chiangmai en voerde themareizen uit. Hij studeerde filosofie aan de Universiteit van Montpellier in Frankrijk en werkte enige tijd als redacteur bij The Nation in Bangkok. Ook schreef hij artikelen voor verschillende Nederlandse, Belgische en Engelstalige magazines. Met zijn achttienjarige dochter vormt hij een eenoudergezin en brengt elk jaar enige tijd door in Zuid-Frankrijk. Hij publiceerde een verhalenbundel getiteld 'Inheems Kruid'. Onlangs bracht hij zijn tweede boek 'Thailand tegen het Licht' uit. Beide boeken zijn zonder verzendkosten te bestellen bij www.amazon.de.

1 Comment

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.