Nog een keer en dan wegwezen

Als de peilingen ons niet bedriegen, krijgen we na de verkiezingen het vierde kabinet-Rutte. De kans is groot dat Rutte-IV uit dezelfde partijen zal bestaan als Rutte-III. Dat is, behalve van de wil van die partners, ook afhankelijk van de formatie. Een partij kan afhaken omdat de leider en zijn achterban zich tekort gedaan voelen. Dan schuift er een andere partij aan en na zo’n maand of zes steggelen en mierenneuken staat de nieuwe regering bij de koning op het bordes.

Rutte III op het bordes na beëdiging door koning Willem Alexander

De kiezer volgt het dan allang niet meer. Het regeerakkoord, dat zal wel. De zetelverdeling en ‘de poppetjes’ (ministers) zorgen misschien even voor een opflakkering van de belangstelling. Maar dat is het dan. Hij houdt zich weer bezig met de zaken die hij belangrijk vindt, corona volente natuurlijk. Dat aan die nieuwe club weer dat bekende gezicht aan het hoofd staat, geeft hem waarschijnlijk een geruststellend gevoel. Rutte-IV, dat is vertrouwd en biedt zekerheid. In bange corona-dagen is dat mooi meegenomen.

Zo’n kabinet met al jaren dezelfde minister-president heeft ontegenzeggelijk voordelen. Het suggereert continuïteit en stabiliteit. Verrassingen van het onaangename soort, zie corona, vallen natuurlijk nooit uit te sluiten, maar dan staat er een door alle wateren gewassen stuurman aan het roer. We kunnen rustig slapen.

Zo’n langzittende regeringsleider heeft ook nadelen. Het kan tot verstarring en vervlakking leiden. Het debat slaat dood. Wanneer iemand zoals Rutte al meer dan 10 jaar de politiek domineert, groeit er een generatie op die geen enkele andere minister-president kent. Hij is het gezicht van de politiek geworden. Andere politici, ook of juist zijn rivalen, zijn figuranten in zijn one-man-show. In de coulissen kunnen ze alleen maar wachten op fouten en uitglijders.

Die fouten en uitglijders komen er. Onherroepelijk. Wie lang aan de macht is gaat trekjes vertonen die uiteindelijk zijn functioneren ondermijnen. Hij of zij gaat denken dat hij het altijd beter weet. Hij gaat adviezen in de wind slaan, ontwikkelt tunnelvisie, omringt zich met ‘vertrouwelingen’, dwz ja-knikkers, op wie hij de schuld afschuift van de onvermijdelijke blunders. Vervolgens wordt hij weggestemd, maar meestal is het een paar jaar te laat. Politiek is timing en de timing van het afscheid is het moeilijkste dat er is. Niet voor niets eindigen politieke carrières vrijwel altijd in tranen.

De voormalig Engelse premier Theresa May houdt het bij de toespraak na haar gedwongen afscheid niet droog.

In een dictatuur is het gevaar van een te lang zittende leider vele malen groter dan in een democratie. Ze kunnen veel meer onheil stichten omdat ze meestal de alleenheerschappij hebben. Als de dictator van het toneel verdwijnt – Magere Hein wint altijd – zit de schrik er een tijd lang goed in. In China besloot Deng Xiaoping na de ravages, hongersnoden en massamoorden van Mao dat een herhaling moest worden voorkomen. Een nieuwe partijleider zat vast aan twee termijnen van vijf jaar. We weten inmiddels wat daarvan terecht gekomen is. Xi Jinping is president voor het leven en de machtigste leider sinds Mao.

Xi Jinping

In een democratie met haar vrije verkiezingen, rechtsstaat, vrije pers en mondige burgers, is dat risico minder groot. Niettemin worden de ambtstermijnen in een presidentieel systeem aan een maximum gebonden. In de VS is dat voor de president twee keer vier jaar en in Frankrijk twee keer vijf jaar. Een tweede termijn van Donald Trump is de VS en de wereld bespaard gebleven, maar je moet er niet aan denken wat hij met een tweede en eventuele derde of zelfs vierde termijn had kunnen aanrichten. Het einde van de oudste democratie was niet langer denkbeeldig geweest.

In een representatieve democratie, waarin het parlement in naam het belangrijkste orgaan is, zullen we dit risico niet gauw lopen. Toch, ook daar ligt het gevaar van machtsverblinding op de loer. In het VK dacht Margaret Thatcher na een kleine 10 jaar dat ze onfeilbaar was. Ze sprak over zichzelf in de pluralis majestatis. Haar ministers werden door haar getiranniseerd en/of vervangen door hielenlikkers. Het eind van het liedje was dat haar eigen partij haar afzette.

Links Margaret Thatcher, rechts Geoffrey Howe. Zijn ontslag wordt gezien als de eerste stap in een reeks van gebeurtenissen die later tot de val van Thatcher zelf leidden.

Het VK heeft een tweepartijenstelsel en de regerende partij, en daarmee haar leider, heeft een betrekkelijk vrije hand. De premier moet wel de rivalen in de eigen gelederen scherp in de gaten houden, maar van de oppositie heeft hij tijdens zijn regeringsperiode zelden veel te duchten. De burger rekent hem bij de volgende verkiezingen af op zijn beleid en als dat slecht uitpakt, mag de oppositie proberen het beter te doen.

In een coalitieregering heeft de leider in beginsel minder mogelijkheden om buiten de oevers te treden. De coalitiepartners zorgen voor de dijkbewaking. Als hij het te bont maakt, betekent dat meestal het einde van zijn kabinet. Maar als zijn partij veel groter is dan de andere en hij beter, dwz harder, sluwer en machtiger, is dan de coalitiepartners, wordt het oppassen geblazen.

Zit Mark Rutte in die positie?

Zijn VVD wordt volgens de peilingen verreweg de grootste partij. Geen enkele andere partijleider kan qua geslepenheid, doorzettingsvermogen en bestuurlijk talent aan hem tippen. In zijn eigen partij is een opvolger in geen velden of wegen te bekennen. Het is dat de VVD officieel een liberale partij is, maar het is vooral de kiesvereniging Mark Rutte. De campagne draait volledig om zijn persoon. Ideeën, laat staan nieuwe, spelen geen rol. Daarbij komt: Rutte zou een control freak zijn en dat kan, hoeft niet, op den duur leiden tot het uitbannen van het kritische tegengeluid.

Tijdens Rutte-I, -II en -III is daarvan nauwelijks sprake geweest. De uitzondering was de verlaging van de dividendbelasting die Rutte zonder deugdelijke onderbouwing door het parlement wilde jassen. In het kabinet hadden de andere partijen zich laten overdonderen. De Kamer floot hem uiteindelijk terug, maar ‘inhoudelijk’ stond hij nog steeds achter dat bizarre voorstel. Het gaat vermoedelijk te ver om het als een teken aan de wand te zien, maar toch…

Rutte-IV zal er wel komen, maar Rutte-V of zelfs -VI moeten we als kiezers niet willen. Dat geldt trouwens ook voor de VVD en Rutte zelf. Het is beter voor de politieke hygiëne. Rutte kan dan als recordhouder Torentje in de geschiedenisboeken en dan is het welletjes. De kiezer moet hopen dat er tegen die tijd nieuwe, overtuigende leiders, van welke partij ook, opstaan.

Over Peter van Nuijsenburg 259 Artikelen
Journalist en publicist Peter van Nuijsenburg (1951) werkte in het verleden bij De Telegraaf, Elsevier en persbureau GPD, het Financieele Dagblad en diverse omroepen. Hij was correspondent in Johannesburg, Berlijn, Tokio en Rome. Peter was voorheen ook parlementair en economisch redacteur. Hij is liefhebber en kenner van kunst en cultuur. Bij dagblad Trouw publiceerde hij boekbesprekingen. Beroepsmatig en (meer recentelijk) als toerist was hij in Thailand en andere Asean–landen.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*