Negerinnenzoenen is smullen. Maar uiteindelijk toch maar een Thaise vrouw…

Van jong af was het al zo, ik had een aangeboren, niet uit te drijven voorkeur voor negerinnenzoenen. Fluwelig zacht zijn ze. Je smelt erbij weg en ze voeren je binnen de kortste keren naar hemelse toppen. En voluptueus dat ze zijn… Zwarte vrouwen hebben tenminste wat vlees op hun mond, waar ze bovendien ook nog eens graag mee lachen. Dieren hebben geen lippen en lachen kunnen ze ook al niet. Witte mensen hebben in het algemeen vrij dunne lippen, die zich veel moeizamer tot een lachje vormen. Zwarte mensen daarentegen…Dat is wat om over na te denken.

Voortschrijdende evolutie betekent dat de menselijke soort zich steeds verder van hun dierlijke voorouders verwijderde. Dat ze steeds minder gingen lijken hun verre voorzaten. In geestelijk opzicht natuurlijk, maar ook fysiek. Als je dit proces als criterium gebruikt, moet je concluderen, dat zwarte mensen op de hoogste sport van de evolutionaire ladder staan.  Zij zijn het, die hun lippen het meest wisten te ontwikkelen. Een wonder mag dat niet heten.  Zij hadden in Afrika van meet af aan een voorsprong op de witte mensen. Want daar op de savanne en in het oerwoud liepen de eerste mensjes rond, nog wat verbaasd dat ze er waren. Verbazing, die er in de loop der tijd trouwens niet minder op geworden is.

Ondernemend als ze waren beginnen ze te migreren en verspreiden zich over andere continenten. Pas na generaties van leven onder een waterige zon, raken ze geleidelijk hun pigment kwijt en ontstaat het witte ras. Laatkomers zijn het, die nog maar moeten zien dat ze wat wat vlees op hun lippen  krijgen.

In mijn seksuele fantasie had negerinnenzoenen altijd iets wilds en opwindends. Zoiets als Jef Geraerts beschrijft in Black Venus, een boek dat in het nette België van een halve eeuw geleden, heel wat stof liet opdwarrelen. In de Kamer werden er zelfs vragen over gesteld. Hoe bestond het een blanke overheerser zich af te geven met verschillende vrouwen. Ongehoord om zich zo promiscue te laten gaan en ver beneden de hoogstaande verplichtingen eigen aan  het blanke ras. 

En dat nog wel met zwarte vrouwen. Zelf hield ik het erop dat er bij die verontwaardigde zedenpredikers  flink wat jaloezie in het geding was. Op het hypocriete af. Want welke witman heeft niet gedroomd van een erotisch avontuur met een Nubische schone, die de ongedwongen oertijd weer tot leven wekt?

Al die opwinding van destijds deed me ook terugdenken aan de wereldtentoonstelling in Brussel in 1958. Om het publiek een indruk te geven van het leven in de Belgische Congo, werd er een inheems dorp neergezet. Compleet met ingevlogen Congolezen, die zich in primitieve kleding hadden moeten steken. De toegestroomde menigte vergaapte er zich aan en wierp ze bananen en pinda’s toe…

In eerste instantie zag ik mijn endogene preferentie voor negerinnenzoenen als goedaardige afwijking. En eigenlijk was het ook wel lovenswaardig, want zo kon ik onmogelijk voor racistisch doorgaan. Heus, ik was me van geen kwaad bewust. Iedereen heeft zijn erotische dromen en god weet in welke uithoek van je onderbewuste ze ontstaan. Maar het is nu wel even anders. Er heeft een ethische omwenteling plaatsgevonden.

In deze kenterende tijden mogen dit soort fantasieën niet meer uitsluitend als onschuldig worden afgedaan. Als je nu als witte man graag negerinnen zoent omdat ze zo wild en opwindend zijn, getuigt dat van raciale vooroordelen.

Want kijk eens beste witman, als jij meent dat die zwarte vrouwen lekker wild zijn, komt dat al heel snel in de buurt van onbeschaafd. En daarmee worden ze dan toch maar weer stiekem gestigmatiseerd. Die seksuele voorkeuren van jou zijn in het geniep eigenlijk puur racistisch al ben je je dat misschien niet zo bewust. Kijk in godsnaam toch uit voor de verborgen associaties, die overal op de loer liggen. Ik besloot mijn leven te beteren. 

In alle oprechtheid, ik heb er alles aan gedaan om die voorkeur voor negerinnenzoenen uit te bannen. Om maar meteen van elke vorm van seksuele voorkeur af te komen, ging ik in therapie. Bij een goedbedoelende man met Freudiaanse inzichten, die in een wip je onderbewustzijn blootlegt.

In psychoanalyse ging ik, tien sessies lang. En toen gaf ik het op. Het was onbegonnen werk. Mijn voorkeur voor negerinnenzoenen kon onmogelijk voorkomen uit een Oedipuscomplex. Want mijn mijn moeder had ook maar dunne lippen.  In mijn onderbewuste was geen enkele wens te ontdekken om die mijn vader te gaan betwisten. 

Ondertussen zat ik er behoorlijk mee. Dat racisme, wortelend in het onderbewuste van elke witman, als een soort herontdekte erfzonde. Ook in onze taal zit het ingebakken, zo hebben geleerde taalfilosofen me verteld. Al die samengestelde woorden, die we hebben met dat verfoeilijke woord zwart. Neem zwartrijden bijvoorbeeld. In Nederland wonen veel meer witte mensen dan zwarte. Je mag dus veilig aannemen, dat er percentueel meer witte dan zwarte mensen zwartrijden. Aangezien het onder witte mensen veel meer voorkomt,  zouden we het dus maar beter witrijden kunnen noemen. Om duidelijk aan te geven, dat juist witte mensen zich er schuldig aan maken. Maar dat zou betekenen dat al die zwarte mensen, die keurig hun wegenbelasting betalen, dan zwartrijden. Die zullen daar dan ook weer niet blij mee zijn. Verwarrend allemaal. 

Je kunt je tegelijkertijd ook afvragen of het in deze gender-neutrale tijden nog wel gepast is om mannelijke en vrouwelijke lidwoorden te bezigen, zoals Duitsers en al die Latino’s. Of hij en zij als discriminerende persoonlijke voornaamwoorden nog gehandhaafd moeten worden. Want wat ligt er in het onderbewuste daarachter niet allemaal verborgen. Waarom is in het Frans het woord tafel vrouwelijk? Zeker omdat die macho-Fransen vinden dat het tot de huishoudelijke taken van de vrouw behoort, het eten op tafel te zetten. Afschaffen dus. Maar hoe zit het dan met die Duitsers, die tafel een mannelijk lidwoord geven? Is dat omdat het allemaal huismannen zijn? Of is het omdat ze diep in hun onderbewuste eigenlijk vinden, dat alleen mannen aan tafel mogen plaatsnemen en vrouwen maar op de grond moeten zitten. Ik raakte er aardig confuus van.

Afrika, ik moet naar Afrika dacht ik, Daar kan ik misschien mijn onbewuste in het gareel brengen. Bij zo’n traditionele medicijnman, die daar ervaring mee heeft. Misschien weet hij die rare voorkeur voor negerinnenzoenen uit te bannen. Op een matje in zijn hut zat ik voor hem en, eerlijk is eerlijk, ik trok heel wat bekijks. Het halve dorp was uitgelopen en gluurde door deur- en raamopening naar binnen. Vanuit mijn ooghoeken had ik al gezien, dat er verschillende vrouwen met heerlijk volle kuslippen bij zaten. De medicijnman hoorde me lachend aan.

Toen ik hem alles had uitgelegd, pakte hij me bij mijn arm en trok me naar de deur. ‘Zo,’ zei hij, ‘jij wilt dus van je obsessie voor negerinnenzoenen af? Een fluitje van een cent man’.  Hij duwde me naar buiten het dorpsplein op. Op een wenk van hem kwamen een paar mannen al aanlopen met bongo’s en andere slaginstrumenten. Eentje begon al een opwindende afterbeat te slaan op een holle bamboebuis. Een zanger sprong op en nam het voortouw en een driestemmig koor viel in. Zittenblijven kon niet meer. 

Een paar vrouwen begonnen al te bewegen met getuite lippen en wiegende heupen. Het ritme werd steeds wilder en de vrouwen gingen er in mee. ‘Kom’, zei de medicijnman, ‘we gaan dansen’ en hij zette me midden tussen die opgezweepte groep. ‘Nu jij’, zei hij, ‘laat maar eens zien wat je met negerinnenzoenen kunt’.

Onnodig te zeggen. dat het een heerlijke wilde nacht werd, waar ik nog nagenietend aan terugdenk. Maar uiteindelijk koos ik toch maar voor een Thaise vrouw. Bij haar heb ik mijn onderbewuste tenminste enigszins onder controle en voel ik me minder bezwaard. Want verspreken doe ik me in haar gezelschap hoegenaamd nooit. Niet dat ik me daarop wil laten voorstaan. Maar er zijn nu eenmaal weinig samengestelde woorden, waar geel in voorkomt om er een pejoratieve betekenis aan te geven. 

Ook op Trefpunt Azië: Het Verhaal van de Week: De transformatie van een Thais eiland

Over Antonin Cee 200 Artikelen
Antonin Cee woont sinds eind jaren tachtig in Chiangmai en voerde themareizen uit. Hij studeerde filosofie aan de Universiteit van Montpellier in Frankrijk en werkte enige tijd als redacteur bij The Nation in Bangkok. Ook schreef hij artikelen voor verschillende Nederlandse, Belgische en Engelstalige magazines. Met zijn achttienjarige dochter vormt hij een eenoudergezin en brengt elk jaar enige tijd door in Zuid-Frankrijk. Hij publiceerde een verhalenbundel getiteld 'Inheems Kruid'. Onlangs bracht hij zijn tweede boek 'Thailand tegen het Licht' uit. Beide boeken zijn zonder verzendkosten te bestellen bij www.amazon.de.

2 Comments

  1. Mijn vader was een Groninger met alleen lager school. Hij gebruikte vaak Groningse woorden zoals ‘Mien wief..’wat in Algemeen Beschaafd Nederlands natuurlijk ‘Mijn wijf..’ betekent.
    Maar hij zou nooit een ander hebben benaderd met ‘Waar is je wijf?’ ‘Wat een lekker wijf’ heb ik hem ook nooit horen zeggen.

  2. Ik kan niet zeggen dat ik ooit erotische dromen over Afrikaanse vrouwen heb gehad, maar gelukkig voor ieder wat wils. Wie dat wel heeft, ga vooral je dromen achterna. Maar Afrika wild? Anders, zou ik zeggen, met ongetwijfeld enorme verschillen tussen de diverse regio’s van dat grote continent en verschillen tussen stad en platteland. Het zal in deze tijden toch lastig worden een ‘authentiek dorpje’ te vinden.. Doet me denken aan dat citaat van Sjon Hauser met die Amerikaanse dame die in de regio Chiang Mai authentieke bergvolkeren wil zien in hutjes en het maar zonde vind dat die volkeren ook een TV, koelkast enzo in hun woning hebben… Zo’n ‘inheemse’ zou eens terug moeten zeggen: leuk dat je op visite komt, jammer van die spijkerbroek, vroeger liep jullie volk in victoriaanse Jurken rond en nog eerder in berenvellen, kun je dat niet eens dragen voor mijn plezier? 555

    Over vroeger gesproken, die angst en negatieve gevoelens voor ‘zwart’ zien we zo’nbeetje over heel de wereld terug. In het zwart zie je niet wat voor mogelijk gevaar er op de loer ligt. Logisch dat ‘zwart’ dus meer negatieve beelden op roept. Je moet echter een soort van SJW (social justice warior) zijn om dat door te trekken op volkeren. Dat vraagt een soort van racistisch denken: zwart is gevaar, die mensen zijn zwart (eigenlijk bruin maar goed) van kleur dus… BRRR. Ik loop dus maar met een boog om die SJW heen. Geniet gewoon van de mensen op deze aardkloot, ongeacht hun pigment. Wie meer op donker valt moet vooral zijn hart volgen. Lekker een grote smeltkroes, heerlijk toch? Geniet! 🙂

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*