Dolen tussen molenpaarden in Sommelsdijk en hindes in Chiang Mai

Bert van Balen, Molenpaarden, Paspoort
Het Weer in Sommelsdijk

 

Zij praat en praat.

‘Hoe lang ben je dan wel niet onderweg zeg, vraag ik.
‘Anderhalf uur, schat ik. Zeker een uur met de bus, en daarna de metro, nog een stuk lopen . . . ja anderhalf uur denk ik. Maar ik heb het er voor over hoor. Ik ben zo blij dat ik ben aangenomen. Je moet goeie cijfers hebben wil je toegelaten worden en ik die had ik. Beter dan ik zelf verwachtte.’ Zij lacht en trekt als in een soort excuus voor de onverwacht goeie cijfers haar schouders op.

Wat moet ik eigenlijk allemaal meenemen, denk ik. Ik probeer mij te herinneren wat ik achtergelaten heb tijdens mijn wat overhaast vertrek afgelopen jaar.

‘Die week bij mijn zus in Friesland gaf de doorslag. Toen wist ik het zeker. Dit wil ik ook. Zulk fantastisch werk. Mijn zus had er al veel over verteld, maar het met eigen ogen zien is toch iets anders. Misschien als ik klaar ben met de opleiding dat ik bij mijn zus in hetzelfde ziekenhuis kan gaan werken. Ga ik verhuizen naar Friesland.’

Volgens mij kan ik volstaan met gewoon wat handbagage. Zou wel zo makkelijk zijn. Hoef ik tenminste niet eindeloos te wachten totdat ik mijn koffer op de bagageband herken. Die dingen lijken allemaal op elkaar. En hoef ik ook niet tussen dat gedrang te staan. Tussen dat paniekerige volk ongeduldig wachtend, de bagageband afspeurend.

‘Mijn vrienden en vriendinnen van school zijn geloof ik jaloers. Dat ik al precies weet wat ik wil. En dat ik ben aangenomen op de Hogeschool in Rotterdam. De meeste weten het nog steeds niet wat zij willen. Welke opleiding. Na volgend jaar augustus bedoel ik want dan zijn we klaar. Toen we in Rome waren, met die schoolreis weet je wel, hoorde ik wel veel verhalen, maar niet een die het precies wist.’

Bert van Balen, Molenpaarden, Paspoort
…. weerberichten voorspellen guur en somber wegrotten…

Een waagstuk. Met veel onzekerheid omgeven. Zo ga ik vertrekken. Hier houd ik het niet meer uit. Het klimaat. Dat hele dagen binnenzitten. Dat duister. De luiken dicht om de kou die door de enkelglazen ruiten naar binnenkomt zoveel mogelijk af te schermen. Dat op de bank hangen en de godganselijke dag naar Netflix kijken. Maar wie niet waagt, die niet wint. Liever slap op mijn benen daar, dan hier blijven hangen en wegrotten.

‘We hebben wel veel gelachen hoor, in Rome. Zaten we in een hotel met z’n vieren op een kamer en sliepen nooit voor twee uur ’s nachts. Sommigen zeiden na vijf dagen eigenlijk niet meer terug te willen naar huis. Dat zij nog wel wat meer van Italië wilden zien. En dan nog verder. Naar andere landen. Zou ik niet kunnen. Ik was eerlijk gezegd best blij toen we weer teruggingen. Ik begon mijn vader en moeder al te missen, mijn zusje.’

Wat moet ik verder nog regelen, denk ik. Vier maanden is een lange tijd zodat ik alles in goede orde moet achterlaten. Ziekenhuis in Chiang Mai lijkt geregeld. Hier kan ik doorgaan met de tweewekelijkse infusen. Een appartementje in Meo Jo is al voor mij besteld. Fantastisch als je goeie vrienden hebt. Waar laat ik mijn auto hier? In de vrieskou, onder hagel -en sneeuwbuien, onder afwaaiende takken bij een noordwester storm. Een watersnoodramp? Als de dijken breken. Kan. Volgens een in mijn opinie nieuwe nu al mislukte serie van de EO. De Deltawerken zijn nog steeds niet voltooid. In die serie dan.

‘Nee hoor, dat wat u doet, zo lang weg in een vreemd land wonend . . . ik zou het niet kunnen. Ik vind Friesland eigenlijk al ver genoeg. Het is dat mijn zus daar woont. Anders. Gaat u nog terug eigenlijk?

Bert van Balen, Molenpaarden, Paspoort
… naar de hindes

Ik schrik op door haar vraag. Ik was al weer terug in Chiang Mai. Zag mijzelf alweer tussen mijn golfvriendjes aan de koffie. Leuterend over niks. Nou ja, gemiste putt voor een eagle. Da’s niet niks. Parallel aan die gedachtes zie ik mijn caddies. Fijnbesneden gezichtjes. Figuurtjes als een hinde. Moet je dat hier zien. Dat vrouwvolk. Molenpaarden. Jawel, ik ben een racist. Nou en!?

‘Jawel,’ zeg ik. ‘Binnenkort zelfs.’
‘O,’ zegt zij. ‘Wanneer dan precies.’
‘Over twee weken,’ zeg ik. ‘Deo Volente,’ laat ik weten.

Ik hoop niet dat ik een godslasterlijke uitdrukking heb gedaan want zij kijkt mij aan alsof ik een vloek heb uitgesproken. Taalgebruik hier in Sommelsdijk moet je op een goudschaaltje wegen en ik ben nog steeds niet zeker wat je wel en wat je niet kunt zeggen.

‘Hoe lang gaat u dan.’
‘Vier maanden, als het goed is.’
‘O, dan ben ik dus mijn baan kwijt,’ concludeert zij.
‘Voor vier maanden,’ sus ik. ‘Daarna mag je weer komen. Als je wilt tenminste. Als je wilt mag je zelfs hier gaan wonen voor vier maanden. Moet je wel de huur betalen.’

Dat zou mooi zijn, denk ik. Een van de vaste lasten die ik op mijn hals heb gehaald voor vier maanden weg. Zoveel geld heb ik niet meer. Het is dat de kosten van levensonderhoud in Thailand belangrijk lager liggen, anders zou het echt onmogelijk zijn om daar nog te overwinteren.

‘Nee hoor,’ zegt zij, ‘ik blijf lekker bij mijn vader en moeder. En m’n zusje.’

Bert van Balen, Molenpaarden, Paspoort
Geen optie: genieten van gouden keeltjes in Sommelsdijk
Foto FB-pagina Lachai Roï, Sommelsdijk

Ik glimlach maar een beetje. Eigenlijk heeft zij wel een aardig gezicht. Zou zij behoren tot het klassieke Zeeuwse schoonheidsideaal? Zet er een kapje op met zijspiegeltjes, trek het wat traditionele kleding aan, en zij kan op de cover van een foldertje van de VVV. Lekker brede heupen, gezonde blos op haar wangen, de moeder van een gezonde kinderschaar.

Al snel is zij het gespreksonderwerp van mijn terugkeer naar Thailand vergeten, en babbelt verder over haar toekomst in Friesland. Ik doe alsof ik luister en vink mijn lijstje af. Auto ga ik maar bij vrienden hier in de buurt neerzetten.

O ja, de krant laten weten dat er de eerst komende vier maanden niet meer bezorgd hoeft te worden. Eigenlijk zou ik wel van dat hele abonnement afwillen. Dagelijks nieuws krijg ik toch wel via de digitale media. En al die artikelen over Trump en de rampspoed die ons te wachten staat, ben ik meer dan zat.

Ik ga mij wentelen in ledigheid onder een strakke blauwe hemel met temperaturen boven de vijfentwintig graden. Ga weer lekker met mijn speeltje spelen. Autoritjes met haar maken door de bergen. Koffie drinken en taart eten op het terras bij zo’n idyllisch gelegen coffeeshop.

‘Nou, het is klaar,’ zegt zij en pakt zich in met een dikke jas, wollen sjaal om haar nek, laarsjes tot boven haar enkels. Zij pakt haar schooltas, bindt ‘m vast op de bagagedrager van haar fiets, zwaait nog even naar mij terwijl ik voor het raam sta en kijk hoe zij zich door het natte weer een weg gaat banen naar huis. Naar haar vader en moeder, haar zusje. En door haar hoofd spookt het vaste plan wat betreft haar toekomst in Friesland.

Jezus, denk ik, waar heb ik eigenlijk mijn paspoort gelaten.

 

Foto homepage: Hervormde Kerk Sommelsdijk

Bert van Balen
Over Bert van Balen 453 Artikelen
†Bert van Balen (20 juni 1945 - 26 oktober 2018) verbleef een decennium lang regelmatig in Thailand, vooral in Chiang Mai. Bert leerde als autodidact van zijn hobby fotografie zijn beroep te maken. HIj was ook chauffeur, magazijnbediende, semi beroepszeiler, redacteur en journalist voor Kidsweek en flierefluiter. De reden tot zijn regelmatig langdurig verblijf in Thailand is terug te vinden in zijn boek: Hoera, ik heb kanker. Te bestellen via Bol.com