Met goed fatsoen omgaan met Thaise actualiteit

 

Hans Geleijnse, goed fatsoen, censuur
Thailand editie van New York Times na ingreep van de drukker

 

Mensen met hart voor Thailand in en buiten dat land kan het onmogelijk ontgaan. Thailand zit in een dal, zowel economisch, sociaal als politiek. Veel Thais steken zich tot hun oogballen in de schulden – zoals een in Thailand wonende vriend het plastisch uitdrukte – om alles wat uitstijgt boven het niveau van eerste levensbehoeften te kunnen bekostigen. Dan heb ik het over zaken als redelijke huisvesting, goed onderwijs, een computer natuurlijk of een uptodate mobieltje, een auto voor de deur. Omdat zowel de burger als de staat niet de discipline heeft de tering naar de nering te zetten raakt zelfs het minimale stelsel van gemeenschapsvoorzieningen onder druk. De gezondheidszorg bijvoorbeeld, in de staatssector sinds jaar en dag een kwestie van lange wachttijden en wachtlijsten. Goede zorg is voor veel Thai slechts bereikbaar voor degenen die het kunnen betalen of bereid zijn zich verder in de schulden te steken.

De doorsnee Thai wordt bovendien dagelijks geconfronteerd met onheilnieuws. Zorgwekkende misdaadcijfers, publiek gemaakt door de politie, tonen een stijging van zestig procent voor inbraken en andere ‘economische’ misdrijven in vergelijking met vorig jaar. Het aantal geweldsmisdrijven steeg met zeventien procent. Corruptieschandalen zijn schering en inslag, met als huidig toppunt het smeergeldgebeuren rond de aanleg van het ‘nationaal Rajaphakdi Park (de naam betekent ‘loyaal aan de koning’) bij de badplaats Hua Hin. Het is een door het militaire gezag opgezet project dat vooral bekend is door de reusachtige beelden van zeven historische koningen. Voeg daarbij de officiële elkaar tegensprekende verklaringen over Thailand als doelwit van aanslagen door Islamitische Staat en de visie van een Thai  op het leven kan er niet vrolijker op worden. Over het schijnbaar niet te stoppen geweld in het moslim-gedomineerde Zuiden van het land zwijg ik dan maar. Het heeft er de schijn van dat dit wordt ervan als natuurverschijnsel.

Zorgwekkend is dat de crisissfeer ook spreekt uit manifestaties van de junta die mei 2014 de macht greep. Je krijgt steeds meer de indruk van de bekende kat in het nauw. We zijn inmiddels het stadium ruim voorbij dat je als buitenlander met alle reserves die bij een staatsgreep horen kon instemmen met de zucht van opluchting die door het land ging. De coup maakte een einde aan het steeds gewelddadiger, anarchistischer en fanatieker conflict tussen ‘rood’ en ‘geel’. De militairen beloofden orde op zaken te stellen, corruptie en misdaad aan te pakken. aan nationale verzoening te werken en het land zo snel mogelijk weer te laten terugkeren naar democratischer verhoudingen. Niets is minder waar gebleken. Censuur en andere vormen van repressie voeren de boventoon, de terugkeer naar democratie is op de lange baan (2017) geschoven, misdaad- en corruptiebestrijding zijn even (in)effectief als onder vorige gekozen regeringen.

Hans Geleijnse, goed fatsoen, censuur
Thailands kroonprins Vajiralongkorn (voorgrond tweede van links) en zijn dochter prinses Bajrakitiyabha, bij de openingsceremonie van het omstreden Ratchapakdi Park in Hua Hin. Eigen onderzoek van de militairen wees uit dat de hogere echelons niet betrokken waren bij het 1 miljard-baht smeergeldschandaal rond de bouw van het park. Verder onderzoek door bijvoorbeeld de Nationale Anti-Corruptie Commissie vindt de junta onnodig.

Terwijl ik dit zit te tikken zie ik in mijn rss-feed het laatste onheilnieuws voorbijkomen. Aangeleverd door het Engelstalige dagblad The Nation. De 27-jarige Thanakorn Siripaiboon is door militairen gearresteerd omdat hij op zijn Facebook-pagina een Infographic had gepost waarin werd aangegeven wie er volgens hem allemaal betrokken waren bij het Park-schandaal. Volgens juntaleider Prayut vond de arrestatie plaats op zijn persoonlijke bevel en was de infographic lasterlijke onzin. Het lijstje beschuldigingen tegen Thanakorn, werker in een fabriek van auto-onderdelen, vermeldt ook majesteitsschennis. Volgens de Bangkok Post, op gezag van militaire zegslieden, heeft Thanakorn op Facebook tevens de bekende ‘duim omhoog’  gegeven onder een gemanipuleerde foto van de koning. Dit vergrijp alleen al zou hem dertig jaar cel kunnen kosten. Eerder werd al bekend dat ook uitlatingen van de Amerikaanse ambassadeur in Thailand worden geproefd op mogelijke majesteitsschennis. De ambassadeur had tijdens een voordracht voor de Club van Buitenlandse Correspondenten in Bangkok zijn kritiek geuit op de toepassing van de wet op de majesteitsschennis door het huidige bewind.

Hans Geleijnse, goed fatsoen, censuur
Studentenleider Sirawith Seritiwat vandaag na zijn vrijlating in Bangkok. De politie maakte het de actievoerders onmogelijk een persconferentie te houden

Dat geeft wel aan dat hier sprake is van een trend. Met de duidelijke bedoeling binnenlandse tegenstanders van de junta schrik aan te jagen. Het beeld wordt nog donkerder door de mysterieuze sterfgevallen van twee van majesteitsschennis beschuldigden Thai, een politieman en een militair, erbij te betrekken. De één hing zich op in zijn cel, de ander kreeg plotseling een hartaanval. Volgens zijn weduwe had hij voor zijn arrestatie totaal geen gezondheidsklachten.  In de Thaise pers wordt eveneens  geschreven over ‘martelingen’ in een speciale militaire gevangenis in Bangkok.

De familie van studentenactivist Sirawith Seritiwat, die de acties tegen corruptie met het Rajhabki-park leidde, is door militairen zwaar onder druk gezet om Sirawith tot stopzetting van zijn activiteiten te dwingen. Diens moeder kreeg volgens de studentenleider en diens advocaten te verstaan dat de militairen ‘niet konden instaan voor de gevolgen wanneer zij niet zou slagen haar zoon op andere gedachten te brengen. Ook acht docenten aan de universiteit van Chiang Mai liggen onder militair vuur omdat zij weigeren hun studenten te onderwijzen volgens de richtlijnen van de heer Prayut (die neerkomen op kop dicht en studeren). Zij wensen onderwijs te geven volgens het uitgangspunt dat studenten zich moeten kunnen ontwikkelen tot zelfstandig denkende, kritische individuen.

Conformeren als vrije keuze

Waarom schrijf ik dit op? Omdat deze ontwikkelingen in Thailand je als buitenlander in dat land steeds meer confronteren met de vraag hoe moet ik met dit soort nieuws omgaan. Zeven jaar Thaise ervaring leerden me dat ik in elk geval geen aansluiting vind en wil bij buitenlanders die het liefst wegkijken van de lelijke kant van de Thaise Januskop. Hun verklaarde doel is vaak volop genieten van alle geneugten die het Land of Smiles biedt en dat ook uit te dragen. Hun afkeer van andersdenkende buitenlanders uiten zij met drogredenen als ‘je bent hier te gast, niet met de politiek bemoeien’ of het vrij denigrerende schouderophalen met teksten als ”Laat ze, This is Thailand”. Up to them, denk ik bij het horen of zien van deze wegkijk-types. Ik heb mijn in Nederland eigen gemaakte waarden over democratie en vrijheid van meningsuiting bij m’n vertrek niet in de vullisbak gedropt.  En dat betekent slikken en somber worden als er weer een loodzware straf wordt uitgedeeld. Dat maakt het leven hier er iniet eenvoudiger op.

Aangezien ik geen actievoerder of agent provocateur ben en evenmin partijkiezer was in het conflict tussen Thais rood en Thais geel heb ik daar in mijn Thaise leefomgeving weinig problemen mee. Ik ga met mensen om die ik aardig vind, probeer niemand te bekeren tot mijn opvattingen en respecteer de hunne. Wat ik in mijn eigen huis doe is volledig mijn zaak en die van mijn echtgenote en dochter. Sinds juli dit jaar ben ik echter ook redacteur en mede-oprichter van Trefpunt Thailand. Net als veel andere in het buitenland geregistreerd en beheerd, gericht op een Nederlandstalig publiek van bij ons door de opzet van de site deels in Thailand geïnteresseerde mensen. Die hobby geeft aan mijn bestaan andere dimensie en verantwoordelijkheid.

Naar mijn opvatting heb je ook als piepklein internet-medium de verplichting om je publiek zo breed mogelijk over wat in Thailand gaande is te informeren. Omdat ik geen vreemde in blogland en Jeruzalem ben weet ik dat dit tevens betekent dat je om jezelf of anderen niet in problemen te brengen de grenzen van de sinds jaar en dag geldende wetgeving over majesteitsschennis in het oog houdt. Je conformeert je dus. Iedere buitenlandersite over Thailand doet dat op zijn manier. Wij hebben voor onze eerste keer verslag doen van de gecombineerde viering koningsdag gekozen voor een reportage met veel foto’s uit een klein dorp in Noord-Thailand. Een verslag dat dankzij de auteur/fotograaf tevens een goed inzicht gaf in de ingredienten die de belevingswereld van Thais vormen.

Andere kiezen, al dan niet geïnspireerd door (commerciële) Thainess of het idee dat wanneer je over de Romeinen schrijft je ook net als de Romeinen moet doen voor een presentatie die ongeveer identiek is aan wat Thaise overheidsinstellingen, banken en bedrijfsleven bij dit soort gelegenheden doen. Grote portretfoto plus felicitaties. Wat bij sites voor buitenlandse consumptie dan opvalt is dat de lezers/bezoekers niet op zo’n bericht mogen of kunnen reageren. Merkwaardig, omdat er geen enkele Thaise wet of regelgeving is die buitenlandse sites verplicht tot een dergelijke presentatie. Het is hun vrijwillige keuze om zich op die manier te conformeren aan de Thaise werkelijkheid.

“Met goed fatsoen”

Onlangs schreef een relatie met kennis van Thaise zaken mij, dat hij niet in dit land zou willen wonen. En hij stelde de retorische maar voor mij desalniettemin indringende vraag: hoe kun je met goed fatsoen in zo’n land leven? Voor mijn privé-leventje kan ik daarop antwoorden zoals ik eerder in dit artikel gedaan. Daar kan ik aan toevoegen dat de reden dat ik hier als gepensioneerde expat leef vooral schuilt in het gegeven dat ik, de banden met het vaderland verbroken, de zorg en verantwoording heb voor mijn geliefden. Dat het hier vaak lekker weer is, het bier koud, de vrouwen mooi enz. enz. is voor mij van totaal ondergeschikt belang. Ook al is het volgen van het nieuws steeds vaker diep zuchten, dat wat gebeurt negeren doe ik niet.

Gaat het echter om de manier waarop ik als in Thailand wonende Nederlander aan een site voor een Nederlandstalig publiek meewerk, dan komt dat ”met goed fatsoen” er iets anders uit te zien. Ik zie en lees nu dat sommige sites voor buitenlanders een spookbeeld oproepen. Ze doen alsof de militaire machthebbers met hun aanpak van Thaise criticasters het ook voorzien hebben op sites voor expats, toeristen en andere geïnteresseerden in Thailand. Noem mij naïef of dom-optimistisch, ik ben geen toekomstvoorspeller maar ik stel tegenover spookbeelden en angstaanjagerij liever zo nuchter mogelijk dat tot op de dag van vandaag geen enkele buitenlanderblog, blogschrijvers laat of bezoekers/reageerders in problemen is geraakt wegens kritiscje opmerkingen over het huidige gezag. Een van de grootste, ThaiVisa, stort met lezersreacties dagelijks een grote stroom bagger uit over Thais in het algemeen en politici in het bijzonder. Not my cup of tea, maar no problem, voor de autoriteiten.

De enige sites  met problemen voor de bereikbaarheid of zichtbaarheid in Thailand zijn die van Thaise opposanten van het bewind in het buitenland. En niet te vergeten de Britse sensatiekrant Daily Mail. Of persoonlijke sites van buitenlanders die te boek staan majesteitsschennis omdat zij de grenzen van de Thaise wetgeving niet in acht willen nemen. Buitenlandse media zijn in Thailand nog steeds vrij te koop of via internet toegankelijk. Inclusief de site van de New York Times, een krant die recentelijk in het Thaise nieuws kwam omdat de Thaise drukker bij drie verschillende gelegenheden weigerde een kritische publicatie over Thailand in het blad te zetten. Daar kun je als site net zoals de Thaise media keurig een eigen bericht over maken.

Grensoverschrijdend conformeren en niet getuigen van goed fatsoen is, zoals ik recentelijk op een buitenlandersite zag, reageerders de mond snoeren die de verantwoordelijkheid voor de houding van de drukker toeschreven aan de geldende censuur. Dat gebeurde met het argument ‘niet te duidelijk schuldigen aanwijzen svp. Wij moeten ook rekening houden met de veiligheid van onze in Thailand wonende lezers en schrijvers!’ Deze paternalistische benadering liet uiteraard het eigen belang van de site-beheerders onvermeld. Eerlijker was de opstelling van een andere site-beheerder. Hij drukte een stukje af gebaseerd op het gewraakte artikel zonder de naam van de krant ook maar te noemen. Zijn argument stond onder het bericht: hij voelde er niets voor dat zijn site in Thailand zou worden geblokkeerd.

Je kunt je dan in gemoede afvragen in welke mate het kwaad van de zelfcensuur wordt toegepast. Tot goed fatsoen behoort dat je niet alleen de geneugten van Thailand in het zonnetje zet, maar voor je bezoekers, van onwetende toeristen tot ervaren Thailandgangers, ook smoel geeft aan de Thai die hun mond niet wensen te houden. Of je het met hun stellingnamen eens bent of niet. Het wordt een ietsje te navrant als Thaise beroepen op het recht van vrijheid van meningsuiting door ons worden beloond met stilzwijgen en wegstrepen. Bovendien geef je met dit soort waarschuwingen ook een vrij beledigend signaal af richting bewind. Je doet het voorkomen alsof Thailand een soort Noord-Korea is, waar massale repressie heerst, een totalitair regime geen enkele vorm van oppositie tolereert en de gedachtenpolitie de wet maakt. De nieuwe Franse ambassadeur Gilles Garachon zei onlangs tegen The Nation dat het bewind-Prayut gematigd is en in vergelijking met buurlanden als het over democratie en vrijheid van meningsuiting gaat. Voor een deel kan ik daarin meegaan, al voeg ik daar meteen aan toe dat ik van meneer Garachon en andere Europese ambassadeurs verwacht dat zij Prayut en de zijnen niet alleen aan hun eigen beloften houden, maar ook scherp protesteren tegen arrestatie en intimidatie van regime-opposanten.

Hans Geleijnse, fatsoen, censuur
Geen aapjes houding svp…..

Als je dan toch vergelijken wilt kun je na anderhalf jaar junta deze conclusie trekken. De macht werd gegrepen met deze variant op een stalinistische opvatting: wie niet tegen ons is, is voor. Inmiddels gaan we steeds meer richting de originele versie: wie niet voor ons is, is tegen. Dat is zorgwekkend, in de eerste plaats voor Thailand als rechtsstaat en voor de Thaise burgers. Wij als buitenlandse waarnemers en rapporteurs kunnen daar slechts één ding tegenover stellen: ons eigen publiek zo eerlijk, volledig en waarheidsgetrouw mogelijk over Thailand informeren. Op basis van waarden die een onwrikbaar deel van onze (culturele) identiteit horen te zijn en die ons publiek van ons verwacht. Handelen in de geest van het Nederlandse gezegde ‘wie zwijgt stemt toe’ valt in mijn optiek niet onder het goed fatsoen.

 

 

Hans Geleijnse
Over Hans Geleijnse 341 Artikelen
Hans Geleijnse (1944, Zaandam). Voormalig beroepsmilitair en dienstweigeraar. Passie voor reizen, schrijven en muziek. Belandde in journalistiek, leerde het vak in de praktijk. Werkte twee decennia als buitenlands correspondent voor persbureau GPD en div. andere Nederlandse media. Hij woonde met partner en dochter ruim tien jaar in Thailand.

6 Comments

  1. @Tino, er is een groot verschil tussen het uitdragen van een redactioneel standpunt en het weergeven van een mening van een individuele auteur. Dat laatste behoort tot de vrijheid van meningsuiting. Die auteur laat in zijn verslag van de viering van het gebeuren in zijn dorp tevens zien hoe het mechanisme werkt en deelt met zijn onder het bericht apart vermelde mening die van miljoenen Thais. Dat is ook een werkelijkheid die mag worden weergegeven. Zolang de andere kant van de medaille eveneens wordt belicht en stem wordt gegeven aan degenen die deze werkelijkheid niet zwijgend willen accepteren. Op deze site zul je dus niet de jaarlijkse rituele berichten tegenkomen die je elders wel aantreft. Evenmin wordt de reactiemogelijkheid dichtgegooid. Je reactie is dan ook aan het verkeerde adres gestuurd. Maar kennelijk is de behoefte om alles en iedereen over één kam te scheren na een jaartje of zestien Thailand erg groot.

  2. Beste Hans,
    Dit schrijf je:
    ‘ Wij als buitenlandse waarnemers en rapporteurs kunnen daar slechts één ding tegenover stellen: ons eigen publiek zo eerlijk, volledig en waarheidsgetrouw mogelijk over Thailand informeren.’
    Wij wonen beiden in Thailand en dus kunnen we onmogelijk de volledige waarheid vertellen want dan belanden we zeker in de gevangenis. In veel van mijn postings moet ik belangrijke zaken weglaten, over andere zaken kan ik helemaal niet schrijven en dat geldt voor iedereen die in Thailand woont. Ik voel me daar schuldig over maar ik kan niet anders.

    • Beste Tino. Ik schreef ‘ons publiek zo eerlijk, volledig en waarheidsgetrouw mogelijk‘ informeren. Daarmee zijn de grenzen goed aangegeven. Aangezien wij als redactie daar gemeenschappelijke opvattingen over hebben, ziet Trefpunt Thailand er anders uit dan een aantal andere blogs met Thailand in de naam, ook op vaderdag. Met het thema van mijn verhaal heb ik willen aangeven waar de grens ligt tussen met goed fatsoen (en verstandig) met de in Thailand opgelegde beperkingen aan vrijheden omgaan en je daaraan onnodig conformeren. Wat ik onder dat onnodig versta heb ik vrij nauwkeurig beschreven en een relatie gelegd met eveneens onnodige angstaanjagerij. Beperkende wetgeving is sinds jaar en dag in Thailand van kracht. Veel buitenlanders hebben daar ook jaren mee kunnen omgaan. Wie zijn handen in onschuld wil wassen had een ander woonland moeten kiezen. Als je in Thailand verblijft, moet je keuzes maken. En omdat die keuzes zeer verschillend zijn vind ik het onzinnig om ze met een deken van collectief schuldgevoel gelijk te schakelen. Om een dilemma simpel te houden: als je weet dat alleen lof is toegestaan, maar kritiek mensen in de gevangenis doet belanden, laat je lofprijzingen achterwege. Dat zou fatsoensregel nummer één moeten zijn.

      • Beste Hans,
        Dit stond op 5 december op Trefpunt Thailand:
        ‘Mijn mening over koning Bhumibol: Hij is de meest geliefde koning ooit. Hij wordt op handen gedragen door de bevolking en vereerd als een god. Ik ben er zeker van dat door zijn langjarige bewind de gewone Thai er een stuk beter op is geworden. Helaas sukkelt hij al een aantal jaar met zijn gezondheid, en zijn publieke optredens zijn dan ook zeer beperkt geworden.’
        Hoezo fatsoensregel nummer een: lofprijzingen achterwege laten?
        Ik praat niemand een (collectief) schuldgevoel aan. Ik voel me schuldig en nalatig, mag dat niet?
        Tot 2006 (de coup) waren er gemiddeld 3.7 aanklachten wegens majesteitsschennis per jaar, in 2002 niet een. De staffen waren voor Thaise begrippen relatief mild. Na 2006 stegen de aanklachten tot 100-150 per jaar en werden de straffen, mede door de Computer Crime Act (2007), sterk opgetrokken. Bovendien vinden de processen nu plaats voor de krijgsraad.
        Ik kwam in 1999 in Thailand wonen. Ik zal Thailand pver een tijdje verlaten.

  3. Ben het volledig met de Heer Verhoef eens.
    Maar wacht de beloofde belofte’s voorlopig maar af voor het Thaise volk.
    Ik ben als bewoner die toch eigenlijk langdurig gast is aan mijzelf verplicht om niet altijd de andere kant uit te kijken maar heb daarnaast ook vrouw en familie die wel Thai zijn.
    Sommige zaken zijn dus nooit aan de orde ter bescherming en fatsoen van.
    Aangezien de Thai persoonlijk op alle drie je genoemde punten [economisch, sociaal als politiek] toch eigenlijk veelal een slecht functionerende burger is in mijn ogen zal het nog wel even aanlopen en deze minder democratische manier van regeren nog wel even ‘normaal’ zijn.
    Het voordeel van de [grote] twijfel heeft die van mij nog even.

  4. Er worden hier veel vragen gesteld waarop ik het antwoord niet een-twee-drie zou weten. Conformeren ligt niet echt in mijn aard, maar gedeporteerd worden of het consumeren van gevangenisvoer, evenmin. Is er eigenlijk wel sprake van een keuze in het huidige klimaat?

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.