Liefde in bladgoud 3

Brieven aan mijn zusters (3)

‘Echt waar, ventje,’ zei hij. Zoetigheid is niet goed.
De Thais hebben een gezegde: “Zoet maakt ziek, bitter geneest.”’
Botan, Brieven uit Thailand

 

Thailand, Ubon-Racha-Weet-Niet.
29 oktober 2015.

Beste zussen, liefste zussen!

Lieve zussen, misschien is het niet goed dat ik het zo maar bloot op tafel gooi en maar met jullie zit te waffelen.
Maar zo weten mijn zussen wat ervan is.

Jaja, zeker, het is die schattige vrouw die ik jullie vorige week nog op mijn tablet toonde, die van drieënvijftig, ik voegde haar drie weken geleden toe aan mijn favorieten.
Ze heeft een eigen auto ja, en een huis, allemaal beton eromheen, valt een beetje tegen. Ik had toch gezegd dat ik een afspraakje met haar ging hebben. Dat beton in haar tuin, jullie weten, ik zit graag met mijn vingers in de potgrond. Ik heb wel hoog geleerd, maar ik blijf in mijn gewoonten toch nog die boerenzoon.

Het is die knappe toch ja, een beetje mollig, niet te groot en lang zwart haar, Siragan was haar naam. Ze heeft me al voorgesteld binnenkort bij haar in te trekken. Ook nog een nieuw huisje.
Jullie moeten je dat toch nog herinneren… Want jij, Maria, liefste oudste zus, zei nog lichtjes brommend, dat je er een beetje verveeld mee zat, al die jonge meisjes die mannen van tachtig jaar zoeken.
‘Zeg,’ zei je, ‘daar ga je toch niet meer aan beginnen. Zulke meisjes willen nog een baby. Dat ga je onze oude moeder toch niet meer aandoen.’ En toen bij dat profiel van Siragan klaarde je gezicht op en zei je langs je neus weg: ‘Aha, eindelijk eens eentje die meer bij je leeftijd komt. Daar heb ik toch meer vertrouwen in, eentje die bij je leeftijd past.’

Ik heb je goede raad niet in de wind geslagen.
Nu me dat weer invalt, denk ik dat jullie op twee oren kunnen slapen, dat ik een vrouw van meer leeftijd heb uitgekozen. Dat zal zeker beter bij jou passen, Maria, als Siragan ooit eens een keer naar bij ons thuis komt en jij haar bij het kerstfeest aan tafel nodigt.
Je herinnert je dat toch nog, dat je dat allemaal zei? Niet van dat kerstfeest natuurlijk! Het zou een schandaal zijn, als ik daar afgestoten kwam met een wicht dat nog jonger als je eigen dochters zou zijn.
Want vanzelfsprekend wil ik in beste vrede met jullie leven, ongeacht wat er met mij op het pad van de liefde hier gebeurt. Jullie zijn toch mijn zussen.

Ja, op dat Thais engagement-feest, ze houden hier graag van officieel doen, geloof ik, met veel tralala, monniken ook, die kregen geld en ik maar met mijn hoofd stuntelig knikken. Ik veronderstel dat die monikken voor het geluk van onze verkering moeten zorgen.
Dat zal wel dik in orde komen, want ze zien er heel betrouwbaar uit. Hun koppen zijn stuk voor stuk blinkend kaal geschoren. Dat moet zo voor die aanhang.

Die Boeddha met dat kleedje van vijftig kilo goud om- valt me zo te binnen – heeft in al die eeuwen lang nu een dik vel gekregen, een heel dik vel. Kan hij veel van zijn rug af laten glijden. Is dat niet grappig? Het zijn vooral vrouwen die hier komen offeren en onmogelijke dingen vragen. Als hij dat allemaal moest inwilligen, werd hij van de inspanning weer graatmager.

Die monniken zijn allemaal in een oranje kleed, slap rond ze heen gehangen, met een blote schouder, raar hoor! Of dat geen aanstoot geeft? Njeuhhh, ik geloof het niet. Ik zie onze pastoor met bloot bovenlijf rondlopen… dan toch alleen in de zomer, voorzie ik zo. Maar je moet weten dat het absoluut verboden is zo’n boeddhistische monnik aan te raken, hoe dan ook. Dus dan denk je helemaal niet aan iets anders.
Per slot van rekening moet ik de Thai respecteren voor wat ze zijn en hoe ze zich voordoen. Wij zouden niet anders willen.

Ik wou de hele tijd mijn hand uitsteken op dat feestje, dat was bij al die Thaise mensen zo, maar die namen mijn hand niet aan en dan vouwde ik mijn handen een beetje bij elkaar zoals zij zelf doen en voelde me wat gegeneerd en onbehouwen. Is het voor de properheid? Ik steek toch liever een hand uit en bij kerstmis pakken we elkaar ook nog eens voor een knuffel vast. Hier niet hoor. Nu ja, ze vieren hier ook geen kerstfeest.
Maar iedereen is hier op een andere manier zo vriendelijk en dat maakt goed dat jullie er niet bij zijn om me te steunen, lieve zussen.

Geloven jullie ook niet dat ik al een stap gezet heb om in Thailand gewoon te worden? O ja, dat van dat lang zwart haar, daar ben ik een beetje tureluurs van, het is echt zo lang, bijna tot op de bips van Siragan en dat vind je bij ons echt niet meer. Ik mag me niet voorstellen hoe ze er in haar blootje voor me zal staan, met dat lange haar dat maar niet ophoudt. Ik zal dan wel wild worden. Alleen al daarop zou ik verliefd kunnen zijn.

Wat is dat toch met onze Vlaamse vrouwen die altijd maar korter knippen?

Jullie verliefde broer Alpon

Alphonse Wijnants
Over Alphonse Wijnants 26 Artikelen
Alphonse Wijnants is gewezen leraar en directeur van middelbare scholen. Voormalig copywriter. Heden: Ronddwalen in Zuidoost-Azië en kortverhalen schrijven over mensen en voorvallen aldaar.