Supergroen gidsland fictie zolang Beijing en Bangkok naar adem happen

De klimaatplannen van het kabinet hebben nu eindelijk de tekentafel verlaten. De reacties waren voorspelbaar. Het was te veel voor de werkgevers en populistisch rechts en te weinig voor de klimaatfanatici en sektarisch links. En ook als het midden niet helemaal tevreden is en nog minpunten ziet, weet je zeker dat er sprake is van een volwaardig poldercompromis.

Alle grote woorden over ‘groenste kabinet ooit’ en ‘Nederland supergroen gidsland’ moeten we maar laten voor wat ze zijn, loos geblaat. Kennelijk belangrijk voor het gevoel van eigenwaarde van Rob Jetten (D66), maar er gaat internationaal geen schoorsteen minder van roken. Want dat is de makke van dit soort grensoverschrijdende projecten. De buren moeten wel meedoen. Als die niet zoveel zin hebben in groene voortreffelijkheid, schiet het niet op. Effectieve klimaatmaatregelen kunnen niet alleen op nationaal niveau genomen worden. Ideaal zou een wereldwijde aanpak zijn, maar dat gaat niet gauw gebeuren. Voor Donald Trump en consorten is Parijs niet langer de lichtstad maar het oord van groene kolder.

Bert van Balen, Briljantje, Klimaat
‘Groene kolder’
Foto Salon

Dan maar in EU-verband? Gaat ‘m evenmin worden. Oost-Europa staat niet in de startblokken om te vergroenen. Zelfs Duitsland, de bakermat van de groene utopie, heeft zo zijn problemen. In het door werkloosheid geteisterde oosten van de voormalige DDR is de giftige bruinkolenwinning één van de belangrijkste werkgevers. En als je die werknemers niet in de armen van de rechts-extremistische Alternative für Deutschland (AfD) wil drijven, is het niet verstandig die banen versneld af te bouwen. In het najaar zijn er verkiezingen in drie oostelijke deelstaten en de AfD en niet de Groenen die in de rest van het land de wind mee hebben, staat fors op winst.

En dus beginnen we toch maar op ons eigen, kleine groene eilandje. De maatregelen moeten eerst nog doorgerekend worden, want dat moet in dit land. Die berekeningen kunnen voor zo ‘n gigantische toekomstproject nooit meer dan een slag in de lucht zijn, maar er valt niet aan te ontkomen. Ook in de vergroenende polder komen we niet los van het meestal virtuele kostenplaatje.

En dan aan de slag. Het gaat allemaal over vele jaren uitgesmeerd worden, net als destijds de Deltawerken. (Die vergelijking nog niet langs zien komen, maar dat is waarschijnlijk een kwestie van afwachten). Daarnaast zal het project opgedeeld worden in allerlei deelprojecten die op zichzelf al groot genoeg zijn voor toekomstige uitpuilende hoofdpijndossiers. Als je een motto wil bedenken voor de operatie ‘Groen Nederland’, kom je gauw uit bij ‘op hoop van zegen’.

Dat gezegd zijnde, is de weg van het kabinet de enige begaanbare. Als je draagvlak bij de ‘gewone hardwerkende Nederlander’ wil verspelen, moet je vooral aankomen met van boven opgelegde megaprojecten. Dan gaat onherroepelijk de kont tegen de krib. Zoiets krijg je alleen van de grond met zorgvuldige steun van ‘onder op’. Stap voor stap, zorgvuldig gedoseerd want we zijn een land van hapklare brokken.

Alleen na grote nationale rampen, zoals de overstromingen van 1953, kan een project als bijvoorbeeld de Deltawerken rekenen op bevolkingsbrede steun. Dat was in ware zin een nationaal project. En helaas, mevrouw Minnesma van Urgenda, de vergroening is nog lang geen nationaal project. IJsbeertjes zijn zielig, maar een warme zomer wel lekker.

 

Een andere goed argument voor de benadering van het kabinet is het mislukken van megaprojecten. Ze vallen altijd gegarandeerd veel duurder uit dan gepland. Er doemen altijd onvoorziene technische problemen op. En ze overschrijden altijd de veel te optimistische tijdslimiet. De voorbeelden liggen voor het oprapen. De Betuwelijn, in Amsterdam de Noord-Zuid-verbinding, de tramtunnel in Den Haag, de uitbreiding van de luchthaven van Lelystad, enfin, u weet er vast nog wel een paar. En dat was/is nog maar klein bier wat ons met de energietransitie staat te wachten. Ik wil niet op voorhand de pret bederven maar reken alvast op minstens een paar parlementaire enquêtes.

Roger Stassen, Sila Piyatammarat, Babyboy 2528, Bangkok

En dat voor een bijdrage aan de klimaatstrijd die zich alleen in het onmetelijke gebied achter de komma laat uitdrukken. Zelfs als Europa het meest positieve scenario zou volgen, zou het aandeel in de CO2-uitstoot in 2050 hooguit van 10 naar zeven procent dalen. Geen kattenpis, akkoord, maar evenmin iets om de vlag voor uit te hangen. Want als de grote vervuilers, China, India en de VS, kolencentrales blijven bouwen en open houden, kunnen wij doen wat we willen, het blijft gekrabbel in de marge.

Dan maar niks doen? Omdat het toch nauwelijks zin heeft? Het zal niet zonder slag of stoot gaan en van de ene op de andere dag gebeuren, maar ook die landen zullen inzien dat klimaatverandering een realiteit en niet alleen maar een groene horrorstory is. Steden als New Delhi, Mumbai en op slechte dagen Beijing en Bangkok zijn soms onleefbaar. En alleen uit eigenbelang zullen de regeringen daar iets aan moeten doen. Al was het maar om een volksopstand te voorkomen.

En wat kan supergroen gidsland Nederland daar met zijn 0,000017 of zoiets procent aan uitstootreducering aan doen? In die landen zullen ze vast niet naar Rob Jetten, Jesse Klaver en Marjan Minnesma luisteren. Wat we hier wel kunnen doen is de expertise, de knowhow, opbouwen waarmee we als we dat zo nodig moeten, daadwerkelijk gidsland kunnen zijn. De energietransitie in eigen land biedt ondernemingen de kans zich op deelterreinen te specialiseren. En die specialistische kennis zou een geweldig export-artikel kunnen worden. De goede koopman kent het cliché: een crisis is ook een kans.

 

Foto poolbeer: Wikimedia

 

 

 

 

Peter van Nuijsenburg
Over Peter van Nuijsenburg 188 Artikelen
Journalist en publicist Peter van Nuijsenburg (64) werkte in het verleden bij De Telegraaf, Elsevier en persbureau GPD. Voor deze laatste organisatie was hij correspondent in Johannesburg, Berlijn en Tokio. Peter was voorheen ook parlementair en economisch redacteur. Hij is liefhebber en kenner van kunst en cultuur. Bij dagblad Trouw publiceerde hij boekbesprekingen. Beroepsmatig en (meer recentelijk) als toerist was hij in Thailand en andere Asean–landen.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*