Kattenpoep koffie. Exotisch toch? Luwak!

Ik zwerf weer eens over de 41 naar het Zuiden, voor mij een weg bespat met herinneringen. Goede, slechte en alles daartussen, precies zoals de boeddhistische psychologie het wil. Voor legendes is hij nog wat jong, deze verkeersader naar Singapore. Maar een fantasierijke geest zou er, met dank aan Route 66, misschien wel een song op te weten te maken.

Ik ken haar nog als een smal, bultig tweebaans weggetje met gerafelde schouders. Nu wemelt het van de pleisterplaatsen om mens en machine te laven. Voor het merendeel PTT stations in eigendom van de staat, uitgerust met Amazone koffieshops, 7-Eleven en sommige zelfs met KFC. Destijds moest je, gezien de grote intervallen tussen de pompen, de benzinemeter goed in de gaten houden om niet onverwacht droog te vallen.

Zo onderweg kom je van alles tegen. Ergens ter hoogte van Lang Suan, in feite niet meer dan een lint van een dorp met links en rechts een ventweg om er wat cachet aan te geven, zie ik een bord staan: Kopi Luwak. Ik registreer het maar half, totdat ik enkele kilometers verderop eenzelfde bord tegenkom. Zijn de mensen hier zo rijk? Mijn nieuwsgierigheid is gewekt en ik begin op te letten.

Antonin Cee, Koffie, Luwak
Nog niet bewerkte luwak bonen
Foto www.sirilo.com

Opnieuw een bord: Luwak Farm 200 meter, staat erop met een pijl naar links. Ik aarzel geen seconde, maar trek mijn Chevy Afrimele om en stuur het landweggetje op.

Later komen ze er als keutels weer uit

Kopi is koffie natuurlijk en luwak de naam van een boskat, die we in Nederland uit het Maleis hebben overgenomen. In het Engels is het een civet cat en de Thai noemen haar chamotte, zoals de fijne klei waarmee in voorbije tijden op de Fröbelschool clowntjes geboetseerd werden. Het zijn aparte diertjes met een eigen smaak: ze zijn verzot op koffiebessen. De koffieplanters in voormalig Nederlands-Indië schoten op ze, want ze snoepten de moeizaam opgeteelde koffiebessen weg.

Kieskeurig zijn ze wel. Het buitenste, rode schilletje van de bes moeten ze niet; ze knabbelen het er met chirurgische precisie af. Alleen de witte jelly in het binnenste nemen ze tot zich, net zoals een culinaire fijnproever het randje vet van zijn Sirloin snijdt. En dan gebeurt het wonder: In hun maag begint een uniek fermentatieproces, waarbij de bessen slechts gedeeltelijk verteerd worden en er later als keutels weer uitkomen.

Kattenpoep koffie. Exotisch toch?

Nederlanders hebben de naam zuinig te zijn. Of wellicht hebben ze alleen maar een aversie tegen verkwisting. Het hangt van gezichtspunten af. Ik ken in ieder geval geen enkele taal, die verkwisting en zondebesef aan elkaar gelijk heeft gesteld. (Het is zonde van de tijd, van al het werk, van die jongen, enz.) En soms is het zelfs eeuwig zonde. Je denkt meteen aan hellevuur. Met wat antropologisch inzicht zou er misschien best een stukje volksaard mee te verklaren zijn.

 

Antonin Cee, Koffie, Exotisch
Werker op Sumatraanse luwakfarm
Foto: Sea Island Coffee

Hoe dat ook zij, een van de Max Havelaarfiguren uit die nostalgische tijden in Indië vond het zonde van al die bessen, die hij tussen de luwakpoep in het bos aantrof. Misschien is hier nog best een lekker bakkie uit te brouwen, dacht hij tijdens het meditatieve namiddaguurtje liggend in zijn klotenwaaier op het terras.

‘Keutels verzamelen’, commandeerde hij de boy die hem koelte stond toe te wuiven, ‘de bessen er uit, laten wassen en branden.’ Zelf zette hij alvast water op. En kijk toch eens aan: het resultaat was een unieke kop koffie, zacht op tong en gehemelte, maar met een stevige body en een chocolade afdronk om maar eens wat wijntermen te gebruiken.

Tegenwoordig is het een exquis drankje voor de happy few, dat al snel 20 tot wel 50 euro of meer per kopje kost, afhankelijk van de kwaliteit en de plaats waar het geconsumeerd wordt. Kattenpoep koffie wordt het ook wel genoemd. Een aanduiding, die middels de Indische kolonialen zelfs zijn weg naar het Engels vond. In New York zijn er etablissementen, waar het als zodanig op het menu staat. Exotisch toch?

Als ik hem zeg uit Nederland te komen, zit het meteen goed tussen ons

De luwak boerderij blijkt op een steenworp afstand van de grote weg te liggen. Ik parkeer voor de deur en loop een overdekte veranda op, waar een koffietentje is ingericht. Er is geen mens te zien.

Antonin Cee, Koffie, Exotisch
Luwak dresseur Chinawat

‘Ma doe chamotte?’ (kom je voor de luwak katten) klinkt plotseling een stem achter me, opspattend uit de stilte als een waterdruppel in hete braadolie. Ze blijkt toe te horen aan een vriendelijk lachende oude baas, die de eigenaar is van de boerderij en het zit meteen goed tussen ons. Zeker nadat ik hem vertel uit Nederland te komen, het land dat de luwak koffie heeft uitgevonden.

Antonin Cee, Koffie, Luwak
Luwakcivet in gevangenschap. Schandalig vinden dierenbeschermers. Foto foto van www.annamiticus.com, met tekst

Hij neemt me mee naar achteren, waar de katten zitten. We lopen langs de kooien en ondertussen legt hij uit. Zes jaar geleden is hij begonnen met fokken en hierin is hij de enige in Thailand. Hij heeft inmiddels zestig katten. Een luwak heeft een draagtijd van twee maanden en krijgt drie tot vijf jongen per keer. Het zijn echte nachtdiertjes, die overdag slapen.

Als een kat overdag actief wordt, is dat een teken dat ze dragende is. Nadat de jongen eenmaal geboren zijn, neemt het moederinstinct de zaak als een automatische piloot over. Het mannetje wordt verjaagd, want dat heeft de onhebbelijke gewoonte zijn mannelijke nazaten op te peuzelen. Feline macho’s zijn het, die hun seksuele suprematie ten koste van alles willen behouden.

De keutels moeten worden opgespoord in de bossen

Leeuwen hebben dat ook. De natuur heeft diep in zijn buidel met vindingrijkheden moeten tasten om de soorten in stand te houden. Moederinstinct, natuurlijk, maar het macho gedrag zal om de een of andere reden in die mechaniek ook wel nodig geweest zijn.

Het was allemaal een kwestie van timing en balanceren. Evolutionair moet het een hachelijke onderneming geweest zijn de twee geslachten (of drie?) in de wereld te zetten. Als ik om me heen kijk naar alle relationele problemen waarin mensen verwikkeld kunnen zijn, is het dat op de dag van vandaag nog steeds.

De luwak boerderij produceert met zijn zestig katten driehonderd kilo koffie per jaar. Vijf kilogram per volwassen kat. Voor elke kilo koffie moet hij 37 kilo bessen oppeuzelen. Vandaar de prijs: een kilo luwak koffie kost hier 500 euro.

Antonin Cee, Koffie, Luwak
Civet keutels rapen voor rijkeluis koffie. Hier op de Filipijnen.
Foto van www.bbc.com

Enkele jaren geleden bezocht ik de Doi Chang plantage en branderij in Noord-Thailand. De koffie die daar vandaan komt, gaat door voor de beste arabica in Thailand. Als bijverdienste doen ze er ook aan luwak koffie, voornamelijk voor een Canadese maatschappij, die aandelen in deze onderneming heeft.

Daar heb ik ze niet gezien, de katten. Het verhaaltje gaat er rond, dat ze in het wild in de omgeving van de koffieplantages leven. Om de keutels te kunnen verzamelen, moeten die worden opgespoord in de bossen. Dat doet het marketing technisch natuurlijk erg goed.

Ik vraag er mijn gastheer eens op na.’Ach nee’, zegt hij lachend,’daar halen ze hun katten uit Vietnam en op Doi Chang leven ze net zo min als hier in het wild’.

Iedereen heeft wel een diervriendelijk verhaal

Ook vraag ik hem, hoe hij er toe gekomen is luwak te gaan fokken. Waar haalde hij zijn eerste katten vandaan? Het blijkt min of meer per ongeluk te zijn gebeurd. Het is hem overkomen, zogezegd. De chauffeur van een bulldozer, bezig met het egaliseren van het land, vond in de bosjes een nest, dat door de moeder verlaten was. Hij nam de jongen meer naar huis om zijn kinderen te plezieren. Als welpen zijn het natuurlijk leuke speelkameraadjes, maar als ze ouder worden blijken het venijnige bijters. De man had er snel genoeg van en schonk ze aan mijn gastheer, die ze onder zijn hoede nam.

Antonin Cee, Koffie, Luwak
Dit lieverdje wil rustig de eigen boontjes doppen…

Is dit een waar verhaal? Hmm, ik heb er zo mijn twijfels over. Milieuactivisten zijn, zoals in hun naam besloten ligt, nogal actief en hebben mensen goed opgevoed. Ik ben er al lang aan gewend dat iedereen die tegenwoordig iets in bio-industrie doet (al is dat woord hier niet helemaal van toepassing) een diervriendelijk verhaal weet op te dissen.

Een paar jaar geleden deed de Engelse krant de Guardian een onderzoek naar de productie van kopi luwak in Indonesië. Ze kwam met een verhaal over katten opeengepakt in veel te kleine kooien en geforceerde voeding met koffiebessen. Hier krijgen ze ook bananen, zoals ik kan zien aan de schillen die er liggen. En verder niet muggenziften: in dit soort omstandigheden wil ik de onderste steen best even laten waar hij is.

Thailand absorbeert niet gemakkelijk vreemde talen

Of ik trek heb in een kopje, vraagt de eigenaar me. We keren terug naar de veranda en hij gaat aan de slag. Tijdens het malen wijst hij erop, dat alleen daaraan al te horen is dat het luwak koffie is. De bonen zijn zachter en het geluid is minder snerpend.

Antonin Cee, Koffie, Luwak
Geitenkoffie? Exclusief in elk geval

Onder het merk Goat brengt hij zijn kopi luwak op de markt. Verklaarbaar, want de geit is het mascottedier van de streek. De Maleisische benaming op zijn reclameborden is minder voor de hand liggend. Thailand staat in het algemeen niet bekend als een land, dat vreemde talen gemakkelijk absorbeert.

Terwijl we onze exclusieve kop koffie tot ons nemen – je doet dat met eerbied – vraag ik hem waarom hij de Maleisische naam hanteert, want ik ben er vrij zeker van dat het merendeel van de lokale mensen uit de buurt niet weten wat het betekent.

Het blijkt alles te maken te hebben met marktrealiteiten. Hij krijgt hier nogal wat bezoekers uit Maleisië, die komen kijken, proeven en kopen. Degusteren, zou je kunnen zeggen en denk nou niet dat dit woord een francofiele overdrijving is. De Nederlandse taal heeft er geen echt adequaat woord voor. Per slot van rekening kan arriveren ook. Dan kan er met degusteren ook niets mis zijn.

Politiek moeten ze met wortel en tak worden uitgeroeid

Mijn gastheer geeft me zijn visitekaartje. Chinawat, heet hij. Niet te verwarren met de familienaam van de huidige minister-president en haar zwervende broer. Hier betreft het een voornaam. Bovendien is hij een aanhanger van de Democraten, zoals later uit het gesprek zal blijken. Op het moment van dit gezellige onderonsje zijn er in Bangkok grote demonstraties gaande om – in de woorden van voorman Suthep, die het spul leidt – de Shinawatra familie met wortel en tak uit te roeien. Politiek althans. Ook echt wel een hele kluif, denk ik zo.

Op drie kilometer gaans heeft Chinawat een koffieplantage van honderd rai (1 rai is 1600 vierkante meter). Goed voor een jaarlijkse opbrengst van een ton of vijftien. Hij heeft ook een eigen branderij, die koffie inkoopt van de boeren uit de omgeving. En een fabriek waar hij ijskoffie bottelt, die hij levert aan de 7-Eleven keten, waarvan de eigenaar nauwe banden heeft met de familie van Abhisit, voormalig minister-president en fractievoorzitter van de Democratische Partij. Een veelzeggend gegeven in dit land, dat netwerken lang voordat internet er kwam, tot een kunst verhief.

Misschien helpt het hem te minderen met zijn jointjes

Ik ga vertrekken en mijn gastheer overhandigt me een pakje luwak koffie. ‘Voor onderweg’, zegt hij, ‘heb je iets bij je om koffie te maken?’ Nee, dat heb ik niet. O, maar dan heeft hij wel een Italiaans koffiepotje, dat door de Fransen naar Vietnam werd gebracht en door dat land weer naar Thailand. Hij zoekt in kasten en laden, maar kan er geen vinden. Maar als ik even wacht…, op de plantage heeft hij er genoeg. Hij laat er wel even eentje ophalen.

Ik wimpel het af, maar bedank hem hartelijk voor het pakje kopi luwak. Dat wil ik voor een speciale gelegenheid bewaren. Zonde om dat zomaar onderweg op te drinken. Je bent Nederlander of niet. Over een paar maanden komt mijn neef op bezoek. Die houdt wel van een aparte versnapering. Ik zal hem eens laten proeven.

Misschien ziet hij er wat in en kan het hem helpen te minderen met jointjes. Voor het geld hoeft hij zijn luwak bakje dan in ieder geval niet te laten staan, want het prijsverschil is miniem.

 

© Antonin Cee 2013, tekst plus foto’s pak Luwak kofie en Chinawat.

Antonin Cee
Over Antonin Cee 140 Artikelen
Antonin Cee woont sinds eind jaren tachtig in Chiangmai en voerde themareizen uit. Hij studeerde filosofie aan de Universiteit van Montpellier in Frankrijk en werkte enige tijd als redacteur bij The Nation in Bangkok. Ook schreef hij artikelen voor verschillende Nederlandse, Belgische en Engelstalige magazines. Met zijn achttienjarige dochter vormt hij een eenoudergezin en brengt elk jaar enige tijd door in Zuid-Frankrijk. Hij publiceerde een verhalenbundel getiteld 'Inheems Kruid'. Onlangs bracht hij zijn tweede boek 'Thailand tegen het Licht' uit. Beide boeken zijn zonder verzendkosten te bestellen bij www.amazon.de.

3 Comments

  1. O ja, ik ben ook een Nederlander, en wel van het ergste soort.
    Dit zeg je ‘Thailand absorbeert niet gemakkelijk vreemde talen’. Dat meen je toch niet echt, hoop ik?
    Ik noem er een aantal in dagelijks gebruik: Bangkok, noedelsoep, monnik, iemand sterkte wensen, rijst planten, kunstmest, regenstorm, brandweer, kliniek, corrupt, batterij, foto’s ontwikkelen. O ja, ook koffie natuurlijk. Er zijn er veel meer.

  2. Je reisverhalen zijn altijd uitstekend, Antonin. Ik lees ze met veel plezier. Je opent een raam en ik zie iets nieuws en interessants. Bedankt.

  3. Laat ik een stukje tekst verklappen dat je straks kunt lezen in Isan Travels nummer 45.

    “…De regio verkoopt ook veel tabak, die wordt aangeplant op plaatsen waar buffels en ossen kakken want hun uitwerpselen maken de tabak van betere kwaliteit…..”

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.