Intermezzo. Leeshonger

 

Sinds jaar en dag vraag ik me af waarom ik boeken zelden of nooit voor een tweede, derde keer lees en wèl keer op keer, jaar in jaar uit, blijf luisteren naar pianoconcerten van Mozart en liederen van Schubert.

Schrijver/dichter/arts Toon Tellegen helpt me een beetje met ‘De kunst van het lezen’:

Iemand wist het verschil niet tussen woede en wijsheid,
tussen vrede en vanzelfsprekendheid
en tussen liefde en jaloezie,
en besloot te gaan lezen

Hij las een boek
en toen nog een boek en nòg een boek

En wat hij las was wonderbaarlijk, hartverscheurend en troostrijk,
slingerde hem heen en weer en sleepte hem mee,
en tilde een tipje, een klein smoezelig tipje van een sluier voor hem op.

Da’s duidelijk. We hebben allemaal leren lezen. En al lezende leer je steeds meer, ontdek je dingen. Lezen activeert je fantasie.
Maar daarmee heb ik voor mezelf nog steeds geen verklaring waarom ik té weinig boeken té weinig herlees. Ben ik tijdens het lezen te veel bezig met het verhaal en te weinig met de knappe schrijftrant? Dus herlezen, ook al ken je het verhaal. Wèl herluisteren, niet herlezen. Merkwaardig, want noten en letters zijn als broer en zus. Noten moet je immers lezen en bij het lezen van letters hoor je soms als vanzelf bijpassende muzieknoten…

Ik ben een fan van Maarten Biesheuvel. Hij overleed vorig jaar zomer, 81 jaar oud. Een literaire fantast en een fantastische taalbeheerser. Schrijver van verhalen die je verstand soms te boven gaan, maar die je fantasie mee op sleeptouw nemen. Lezen over dingen die zo gek niet zijn, terwijl je al lezende denkt: het moet niet gekker worden.

Hij is meermalen opgenomen in een psychiatrisch ziekenhuis. Schrijven was voor hem een vorm van krankzinnigheid, las ik vorige week zaterdag in een artikel van Onno Blom in de Volkskrant, naar aanleiding van de vondst van een twintigtal nooit eerder gepubliceerde korte verhalen van Biesheuvel die binnenkort worden uitgegeven. Zou schilderen ook een vorm van krankzinnigheid zijn geweest voor Vincent van Gogh?

In 2007 kreeg Biesheuvel de P. C. Hooftprijs. In dat jaar kochten hij en zijn vrouw Eva een graf op de begraafplaats aan de Zijlpoort in Leiden. Hij vertelde er toen enthousiast over: “Het is een katholieke begraafplaats, maar dat geeft niet. Katholieken kunnen ook gezellig zijn, zeker als ze dood zijn”. Biesheuvel verheugde zich op het familiegraf: “Klopsignalen geven aan andere doden, psalmen zingen, oude vrienden terug zien”. En op de grafsteen: “Vroeger schreef ik. Nu leef ik”.

In deze coronatijd hoor je over knuffelbegeerte, lijfhonger. Begrijpelijk. En hoe zit het met de leeshonger? “Ik heb geen tijd om te lezen”, hoor je vaak. Wat ’n armoe… dan maak je maar tijd!

Ook op Trefpunt: Taal en knecht

Over Frans Wijnands 33 Artikelen
Frans Wijnands is journalist. Voor regionale dagbladcombinaties werkte hij als correspondent in Rome, Praag en Bonn. In de jaren tachtig was hij tien jaar hoofdredacteur van dagblad De Limburger. Na zijn pensionering woonde hij in Italië en België (Gent) alvorens naar Nederland terug te keren.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*