Hoe de World Health Organization de verspreiding van het coronavirus bevordert

Een keer per week kwam de Glutton Club bij elkaar. Een groep studenten van de Universiteit van Cambridge. Charles was hun voorzitter. ‘Zeg Charles, kerel’, klonk het dan, ‘wat heb je ons nu weer eens voorgeschoteld?’ Op tafel stond iets bruins te dampen, druipend van de jus. Charles had die er net overheen gegoten. ‘Heren’, sprak de voorzitter, ‘laat u het smaken.’ Ze hieven het glas. Port, zoals gebruikelijk in die kringen. ‘Ad fundum.’ Dat zouden ze die avond wel vaker doen.

‘Verdomd Charles, dit is geen kattendrek. Aan de botstructuur te zien heb je ons een vogel bereid. Vooruit kerel, vertel ons welke vogel ons het genoegen verschaft.’
Charles grinnikte in zijn baard. Vorige week hadden ze roerdomp gegeten. Dat was beter dan de havik die de week daarvoor op het menu had gestaan. Aan het scharminkel zat zo weinig vlees, dat Charles het had moeten aanvullen met wat kip.

Dat was natuurlijk niet de bedoeling, want bij de Glutton Club ging het er juist om beesten te eten die doorgaans niet op het menu stonden van de doorsnee Engelsman. Een varkenshaasje viel niet in de prijzen. Zelfs voor een coq au vin, hoe exotisch ook, zou het gezelschap minachtend de neus hebben opgetrokken.

‘Heren’, sprak de voorzitter, ‘afgelopen nacht joeg deze vogel nog op muizen. Maar vanmorgen heb ik hem een wolk hagel door zijn kop gejaagd. Het is een bosuil.’
Het beest was zo vies, dat de Glutton Club niet lang daarna werd opgeheven.

Zoönosen

Charles bleef zijn hobby echter trouw. Op zijn vijfjarige wereldreis met de Beagle van 1831 tot 1836 kon de ex-voorzitter zijn hobby naar hartenlust uitleven. Hij at exotische dieren als poema, capibara, leguaan, reuzenschildpad, rhea en gordeldier. Charles Darwin vond namelijk dat je door dergelijke dieren te eten de natuur beter leerde kennen. Hij had geen idee wat voor een gevaar hij daarbij liep. Zo zitten gordeldieren onder de bacteriën, virussen en ander ongedierte.

André van Leijen, WHO speelt kwalijke rol, Darwin Glutton Club
Bron: Knau

Darwin kon dat niet weten, want in die tijd dacht men dat ziekten veroorzaakt werden door giftige dampen, afkomstig van rottend materiaal (de miasmatheorie). Pas met het werk van Louis Pasteur en Robert Koch werd in de tweede helft van de 19e eeuw duidelijk dat bacteriën de oorzaak konden zijn van ziekten. (Van virussen wist men in die tijd nog helemaal niets. Zij werden pas ontdekt aan het eind van de 19e eeuw.) En daarmee werd duidelijk dat door het eten van dieren bacteriën (en virussen) konden worden overgedragen en dat je daardoor een zogenaamde zoönose kon krijgen, ebola bijvoorbeeld of lassakoorts.

Traditionele Chinese Geneeskunst

Het gordeldier, dat Darwin in Argentinië at, lijkt wel wat op het schubdier van Azië. Ze hebben allebei schubben, maar het zijn totaal verschillende dieren. Net als Darwins gordeldier zit een schubdier vol met bacteriën en virussen. Darwin had geluk dat hij niet ziek werd. Had hij geweten aan welk gevaar hij blootstond, dan had hij zijn portie aan Fikkie gegeven. Gelukkig eet niemand meer gordeldieren.

Hoe anders is dat met schubdieren. In China worden ze volop gegeten. Net als slangen, vleermuizen en andere gedrochten die ontstaan zijn in de schoot van moeder natuur. Blijkbaar is het de Chinezen ontgaan hoe gevaarlijk het is om deze dieren te eten. Sterker nog, veel Chinezen denken dat het juist gezond is om exotische dieren te eten. Zo zouden de schubben van schubdieren volgens de Chinese Traditionele Geneeskunst een heilzame werking hebben op het toeschieten van moedermelk.

Een greep uit de Chinese medicijnkast levert behalve schubdierschubben een rariteitenkabinet op met zwemblazen, tijgerballen, hertenpenis, gedroogde zeepaardjes en slangengal. De Chinezen geloven stellig in hun traditionele geneeskunst, maar volgens de westerse geneeskunst is de werking ervan allerminst aangetoond. Het enige wat aangetoond kan worden is dat diersoorten die de pech hebben in de codex medicus van de Chinese geneeskunst vermeld te worden, inmiddels nagenoeg uitgestorven zijn.

Het wekte dan ook alom verbazing, zowel bij natuurbeschermers als bij de reguliere medische wetenschap, dat de World Health Organization (WHO) in mei 2019 verkondigde dat het de Traditionele Chinese Geneeskunst op zou nemen in zijn nieuwe compendium.

André van Leijen, WHO speelt kwalijke rol, Chinese Traditionele Geneeskunde
Winkel met producten uit de Chinese Traditionele Geneeskunde (Bron: Wikipedia)

De Chinezen zelf zijn uiteraard tevreden met deze uitspraak. In hun streven de wereld door soft power te domineren is de 2500 jaar oude Chinese geneeskunde een belangrijk wapen. En dat niet alleen. De export van producten van de Traditionele Chinese Geneeskunde leverde China in 2018 bijna 4 miljard euro op. En dat getal stijgt nog steeds. De vraag is dan ook gerechtvaardigd, hoe China het voor elkaar heeft gekregen zijn traditionele geneeskunst door de WHO te laten erkennen.

De World Health Organization

De WHO maakt deel uit van de Verenigde Naties en vertegenwoordigt alle 194 lidstaten. Het oogmerk is het hoogst mogelijke niveau van gezondheid te bereiken voor alle mensen. De organisatie kwam in februari dit jaar onder vuur te liggen, toen ze China prees voor de aanpak van het coronavirus.

André van Leijen, WHO speelt kwalijke rol, Tedros en Xi Jingping
Tedros, directeur-generaal van de World Health Organization, en Xi Jingping ontmoetten elkaar in de Great Hall of the People op 28 januari 2020 in Beijing, China (Bron: CNN).

De South China Morning Post van 13 februari berichtte, dat de woorden van Tedros Adhanom Ghebreyesus, directeur-generaal van de WHO, breed werden uitgemeten in de Chinese staatsmedia: ‘China’s speed, China’s scale and China’s efficiency … is the advantage of China’s system.

De Amerikaanse media zagen dat anders. Zo zette CNN op 17 februari vraagtekens bij de lovende woorden van Tedros over de voortvarendheid waarmee China het coronavirus te lijf was gegaan. De lokale autoriteiten hadden immers de ontdekkers van het virus juist tegengewerkt.

CNN stelde de onafhankelijkheid van de WHO aan de kaak. ‘De WHO is afhankelijk van de financiële bijdragen en medewerking van zijn leden’, schrijft CNN. ‘En dat geeft kapitaalkrachtige lidstaten als China een aanzienlijke invloed.’ Als voorbeeld daarvan wordt China’s succes genoemd Taiwan te weren uit de WHO.

Chinese markten en de World Health Organization

Als de WHO inderdaad aan de leiband van China loopt, dan is de vraag hoe China het voor elkaar heeft gekregen zijn traditionele geneeskunde door de WHO geaccepteerd te krijgen, niet moeilijk te beantwoorden.

André van Leijen, WHO speelt kwalijke rol, Handel in exotische dieren
Er zijn ook andere geluiden in China. (Bron: Al Jazeera, Foto: Andy Wong)

Natuurlijk heeft China markten waar exotisch dieren voor consumptie verkocht worden, verboden. Alleen wordt dat verbod niet nageleefd, zoals blijkt uit de markt in Wuhan, van waaruit het coronavirus zijn wereldwijde vlucht is begonnen. Het feit dat de World Health Organization de Traditionele Chinese Geneeskunde erkent, zal de Chinezen sterken in de gedachte dat het eten van exotische dieren bevorderlijk is voor de gezondheid. En daaraan ontleent een markt als in Wuhan zijn bestaansrecht.

Al Jazeera meldt op 24 maart, dat ondanks het sluiten van de markten, de handel in exotische dieren gewoon doorgaat, maar dan via e-commerce bedrijven. De Chinese overheid verbiedt weliswaar de handel in exotische diersoorten, maar dat geldt alleen voor de consumptieproducten, niet voor de Traditionele Chinese Geneeskunde.

Het gevolg van het handelen van de WHO staat daarom haaks op zijn doelstelling, namelijk het hoogst mogelijke niveau van gezondheid bereiken voor alle mensen. In de eerste plaats omdat het eten van exotische dieren geen aantoonbare bijdrage levert aan het tegengaan van ziekten. En in de tweede plaats omdat de consumptie van dergelijke dieren juist ziekten verspreidt, zoals nu het geval is met het coronavirus. Bovendien draagt de WHO bij aan het verdwijnen van diersoorten.

Voor wie interesse heeft: De Glutton Club is weer nieuw leven ingeblazen. Maar het is de vraag of de maaltijd u wel zal bekomen. Glutton betekent trouwens veelvraat.

André van Leijen, WHO speelt kwalijke rol, Glutton Club
Bron: Cargo

Het artikel van CNN: https://edition.cnn.com/2020/02/14/asia/coronavirus-who-china-intl-hnk/index.html

Het artikel van Al Jazeera: https://www.aljazeera.com/news/2020/03/illegal-wildlife-trade-online-china-shuts-markets-200324040543868.html

André van Leijen
Over André van Leijen 170 Artikelen
André van Leijen (1947) is schrijver en bioloog. Hij heeft les gegeven aan de Hogeschool Rotterdam en aan een middelbare school in Spijkenisse en in Vlaardingen. Hij ontwikkelde er lesmateriaal voor de natuurwetenschappelijke vakken en publiceerde in diverse bladen. Na zijn pensionering reisde hij met zijn Slowaakse vrouw vijf jaar over de wereld. Inmiddels zijn ze terug in Schiedam, waar André een boek heeft geschreven over zijn belevenissen. Het is te bestellen via bol.com, via alle boekhandels in Nederland en via het redactieadres van Trefpunt Azië: post@trefpuntazie.com Titel: Beste Reizigers ISBN: 978-94-6345-888-7 Prijs: 14,95.

4 Comments

  1. Andre, interessant, informatief verhaal. Waaruit onder andere in ieder geval weer eens blijkt, dat je als wereldburger al het handelen en de door wereldwijde organisaties – zoals in dit geval de WHO – verstrekte informatie, op zijn minst met een kritisch wantrouwen dient te bekijken.

  2. In Spanje en Italië zijn nu al meer doden gevallen dan in China. Wat de VS nog te wachten staat, is nog veel erger. Niet alleen China, ook Taiwan, Zuid Korea en Singapore, hebben Covid 19 veel efficiënter aangepakt dan de Westerse landen.
    Onze aversie voor het gebrek aan democratie mag niet leiden tot ideologische blindheid. Het Westen had veel kunnen leren van de Aziatische aanpak. Die landen zijn Sars nog niet vergeten.
    De WHO had een team in China om de aanpak daar te observeren. Op de vraag of de vrees voor het autoritair regime niet de reden was dat de bevolking zo gediciplineerd reageerde, antwoordde de Zwitserse arts die het team leidde: “ Nee, het was de vrees voor het virus dat de Chinesen motiveerde.”
    De man zei verder nog dat de Chinese hospitalen die hij bezocht beter uitgerust waren dan de Zwitserse. Een Duitse collega voegde er aan toe: “ En beter dan de hospitalen in Berlijn.”

  3. Goed, informatief stuk, André. De bizarre lof van de WHO voor de Chinese corona-aanpak moest eens belicht worden. En de wedervaardigheden van Darwin zijn altijd een mooie bonus.
    Peter van Nuijsenburg

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*