Hoe Siam/Thailand reageerde op de aantrekkingskracht van het Westen

Hoe reageerde Thailand op de contacten met het Westen? Hoe keken ze tegen het Westen aan? Welke zaken bewonderden ze en welke wekten hun afkeer? Wat namen ze over, op welke manier en om welke redenen, en wat verwierpen ze?  Een korte culturele gids.

‘Ik keer naar Siam terug, meer Siamees dan toen ik vertrok’.
Kroonprins Vajirawudh, de latere koning Rana VI, in 1902 na 9 jaar studie in Engeland

Westers/Thaise huwelijks ceremoniën

In het hieronder genoemde boek van Kukrit komt een mooie scène voor als haar dochter Praphai trouwt met een rijke Sino-Thaise zakenman, ergens rond 1935. Aan het eind van de huwelijksceremonie draagt hij zijn nieuwe vrouw hun huis binnen tot verbazing bij velen en afkeer bij sommigen. Een tante van Praphai zegt wat bozig tegen haar man: ‘Waarom deed jij dat niet toen wij trouwden?’ Hij antwoordt lachend ‘Ik wist toen nog niet dat het moest! Maar als je het goed vindt draag ik je vanavond de trap op naar boven! ‘

Filmregisseur Apichatpong  Weerasethakul

Apichatpong werd in 1970 geboren in Bangkok uit Thais-Chinese ouders. Hij bracht een groot deel van zijn schooltijd door in Khon Kaen waar hij in 1993 zijn eerste korte film maakte. Hij studeerde later aan de School of Art Institute in Chicago.  Hij is homoseksueel en woont samen met een man.

In 2010 won hij, naast vele andere prijzen,  met de film Uncle Boonmee  who can recall his past lives de Palme d’Or in Cannes.  Hij wordt in Thailand nauwelijks gekend of gewaardeerd. In één van zijn films verwijderde de Thaise censuur beelden van een drinkende dokter in een ziekenhuis, kussende mannen en een gitaar spelende monnik. Apichatpong verving die beelden met een minuten durend zwart scherm.

Korte beschrijving van de westerse invloed op Siam/Thailand

Over het algemeen wordt het begin van die invloed geplaatst in 1855 tijdens de regering van koning Mongkut (Rama IV, r. 1851-1868) toen het Bowring verdrag met Engeland werd afgesloten en waar later ook andere Europese mogelijkheden zich bij aansloten. Dat opende de handel, liet meer westerlingen toe tot Siam die in de jaren daarna een belangrijke adviserende rol gingen spelen. Voordat koning Mongkut in 1851 tot het koningschap werd geroepen bracht hij 25 jaar door in het monnikendom . In die tijd ontpopte hij zich als een vurig bewonderaar van de westerse wetenschap en techniek maar het westerse gedachtengoed verwierp hij.  Dat zou niet veranderen.  In de Audiëntie Zaal in zijn paleis hingen portretten van de Chinese keizer, de Amerikaanse president en de paus. Zijn privé vertrekken stonden vol met telescopen, microscopen,  klokken en barometers.

Onder de zoon van koning Mongkut, Chulalongkorn (Rama V, r. 1868-1910) nam die westerse invloed verder toe. De koning zelf maakte vele reizen naar koloniale gebieden in Azië waar hij de westerse koloniale heersers later als voorbeeld nam en hij reisde in het begin van de 19e eeuw ook naar Europa om Siam als een beschaafde natie neer te zetten. Hij wordt de Grote Moderniseerder genoemd. Op de afbeeldingen van koning Chulalongkorn die nog steeds (en nu nog meer) in vele huizen hangen zien we hem gekleed als een Engelse gentleman. Maar ook zijn portret waar hij gekleed in een traditionele phanung (kleed gewikkeld om het onderlijf) en ontbloot bovenlijf met een sigaar in de mond op een Thaise veranda in een wok zit te roeren maar wel zittend op een westerse koninklijke stoel in plaats van op een Thais krukje.

Tino Kuis, Hoe Siam/Thailand reageerde op de aantrekkingskracht van het Westen
Chulalongkorn

De vele zonen van koning Mongkut en Chulalongkorn kregen vaak hun opleiding in het Westen en kregen bij terugkeer belangrijke leidinggevende posten in de nieuw opgezette bureaucratie naar Europees model.

Onder koning Vajirawudh (Rama VI, zie eerste citaat) kwam er een zekere tegenwind waar hij zelf aan meewerkte in de artikelen die hij anoniem schreef voor diverse kranten en tijdschriften. Hij verzette zich tegen te vergaande vrijpostige westerse gewoonten in kleding en gedrag.  Ook de Chinese invloed was hem een doorn in het oog.  Zo verklaarde hij: ‘Je moet vreemdelingen niet haten maar ze ook niet volledig vertrouwen’. De farang was tegelijkertijd verleiding en bedreiging. Tevergeefs echter. Vanaf die tijd, 1900 tot aan de Tweede Wereldoorlog, was er een levendig debat in Thailand waarin de voor-en nadelen van de westerse invloed werden besproken en afgewogen.

Dat alles resulteerde in de revolutie van 1932 toen de absolute monarchie werd omgezet in een constitutionele.  Plaek Phibunsongkraam was de militaire component bij die revolutie en hij zou later de ‘culturele mandaten’ uitvaardigen die meer westerse kleding voorschreef, het aloude betel kauwen verbood en ambtenaren beval hun vrouw bij de voordeur te zoenen als ze naar hun werk vertrokken. Dat laatste heeft het niet gehaald.

Waarom stimuleerden vooral de Siamese vorsten als Mongkut en Chulalongkorn de westerse modernisering van Siam?

Over het algemeen wordt dat toegeschreven aan hun angst voor de koloniale ambities van Engeland uit het Westen en Zuiden en Frankrijk uit het Oosten.  Zij veronderstelden dat meer westers gedrag het minder waarschijnlijk zouden maken dat de koloniale mogendheden ook Siam zouden inpikken. Meer technische vooruitgang zoals betere bewapening en de aanleg van spoorwegen zouden ook de mogelijkheden voor verdediging vergroten.

Daarnaast vergrootte het de macht van de vorst en daarmee konden ze vanaf 1900 ook de rest van Siam met hun vele kleinere vorstendommen aan zich onderwerpen.

Koning Mongkut  was gecharmeerd van de westerse wetenschap en techniek maar hij wees het gedachtegoed van de hand, behalve waar het ging over het boeddhisme en het monnikendom. Hij stichtte de Thammayuth sekte die rationeler moest denken en handelen en allerlei bijgeloof moest tegengaan.

De manier waarop samenlevingen op vreemde invloeden reageren

De verspreiding van gedachtegoed en andere culturele elementen, zoals techniek en wetenschap,  vindt al sinds de prehistorie plaats, vooral door migratie. Grenzen van welke aard ook waren en zijn daarvoor nauwelijks een belemmering.

Er bestaat geen pure, reine of authentieke Thaise cultuur, of welke andere cultuur dan ook. Thailand is in zijn oudere geschiedenis sterk beïnvloedt door de Mon, de Khmer en de Chinese beschaving. Het boeddhisme kwam een duizend jaar geleden naar Zuidoost-Azië vanuit India, vergezeld door enige hindoeïstische elementen, mengde zich met plaatselijke opvattingen als animisme en werd in de 19e eeuw op initiatief van koning Mongkut op meer westerse rationele leest geschoeid.

Tino Kuis, Hoe Siam/Thailand reageerde op de aantrekkingskracht van het Westen, Chulalongkorn
Koning Chulalongkorn met Marie d’Orléans (1907)

Koning Chulalongkorn wilde dat de Thais op beschaafde manier gingen eten met lepel en vork. Velen namen dat over maar ongetwijfeld niet omdat het beschaafd was maar omdat het handig en prettig aanvoelde.

De bekende historicus Nidhi Eeosiwong geeft aan dat vreemde invloeden van buiten alleen wortel kunnen schieten als de grond in het ontvangende gebied vruchtbaar is. De zaden daarvoor moeten al aanwezig zijn, zei hij.

Vreemde invloeden worden aangepast aan de ontvangende samenleving. De smaak in Thaise en Chinese restaurants in Nederland is vaak behoorlijk anders dan in het land van oorsprong. De meeste vreemde smetten die Siam/Thailand binnenkwamen werden meer of minder ver-thai-st, en zullen na enige tijd als puur Thais worden ervaren. In een eerdere artikel verwees ik naar de manier waarop radicale Thaise denkers Karl Marx omtoverden tot een soort boeddhist en de Boeddha marxistische eigenschappen kreeg toegewezen. (noot 2)

De ontvangende samenleving zal de invloeden van buiten altijd op een zekere manier beoordelen,  ze meestal aanpassen aan de plaatselijke omstandigheden, en ze soms geheel overnemen of verwerpen. Globale invloeden worden altijd lokale werkelijkheden.

Een mooi voorbeeld van hoe dat in zijn werk gaat is het Thaise woordje siwilai, afgeleid van het Engelse to civilize, maar in het Thais gespeld als ศิวิไลซ์ waarbij de eerste letter verwijst naar een afkomst uit het Sanskriet, met als bijkomend voordeel dat wilai schoonheid betekent.

In dezelfde tijd dat Rama VI de Thaise identiteit vereenzelvigde met natie, religie en koning was het de historicus en halfbroer van koning Chulalongkorn prins Damrong Rajanubhab die daarentegen het streven naar vrijheid, tolerantie en het vermogen tot assimilatie tot belangrijkste kenmerken van de Thaise identiteit verklaarde.

Conclusie

Wat echt Thais en wat beslist on-Thais is zal altijd omstreden blijven en zal helaas vaak ten onrechte worden gebruikt om de eigen verbeelde identiteit af te zetten tegen de (vijandige) ander.  Er bestaan geen unieke Thaise normen, waarden, gewoonten, gebruiken of voortbrengselen. Het is een bijna onontwarbare potpourri van allerlei elementen uit alle tijden en plaatsen, leuk om onderzoek naar te doen maar niet relevant voor een beoordeling van de huidige Thaise cultuur. Het is beter gewoon te kijken wat prettig, mooi, goed en passend is in plaats van er een Thais of anti-Thais etiket op te plakken.

Lepel en vork, eetstokjes en noedels, McDonald’s en democratie zijn nu gewoon een onderdeel van de huidige Thaise cultuur net als boeddhabeelden en tempels, molam en lukthung, laab en gebakken sprinkhanen. Juist die combinatie maakt het zo fascinerend.

Noten

1 Pas vanaf 1949 ging Siam definitief Thailand heten. Het is vermoeiend en verwarrend om telkens over te schakelen, of Siam/Thailand te schrijven. Ik vergis me vaak.

2  Over de plaatselijke aanpassing van het marxistische gedachtegoed zie:

https://www.trefpuntazie.com/karl-marx-de-boeddha-radicale-thaise-denkers-visies-verzoenen/

Twee romans die de invloed van het Oosten en het Westen op Thailand beschrijven:

Botan, Brieven uit Thailand. Over een Chinese immigrant die de Thaise samenleving eerst achterdochtig en afkeurend beschrijft en aan het eind van zijn leven een betere en meer heldere mening krijgt als hij de Thaise verloofde van zijn dochter ontmoet.

Kukrit Pramoj, De Vier Koningen (Four Reigns). Over leven van Mae Phloy tussen 1890 en 1946 dat aan de hand van de belevenissen van haar vier kinderen., die allemaal een andere kant opgaan, de veranderingen in die tijd op humorvolle wijze beschrijft. Zie:

https://www.trefpuntazie.com/thailand-vier-koningen-van-mr-kukrit-pramoj-een-korte-bespreking/

Belangrijkste bron

The Ambiguous Allure of the West, Traces of the Colonial in Thailand, Silkworm Books, 2011

ISBN 978-616-215-013-5

Tino Kuis
Over Tino Kuis 125 Artikelen
Tino Kuis. gepensioneerde huisarts, woont in Zutphen. Na zijn opleiding werkte hij drie jaar als tropenarts in Tanzania en daarna vijfentwintig jaar als huisarts in Vlaardingen. Hij heeft in Nederland drie volwassen kinderen. Tino verbleef van 1999 tot 2017 in Thailand. Zijn 18-jarige Thaise zoon studeert in Chiang Mai. Tino heeft zich gespecialiseerd in Thaise taal, cultuur en geschiedenis.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*