Het verhaal van de week: Inwijding

foto:dscource.com

In de Indiase stad Benares had ik een kamer met openslaande deuren naar een groot stenen balkon waar een troep slinkse langoeren rondhing. De kleine slanke apen met hun ongewoon lange staart zochten elkaars gezelschap op de balustrade, vanwaar ze brutaal en diefachtig de markt onder zich in de gaten hielden. Met enige regelmaat daalden ze af naar de straat waar in de chaos altijd wel wat te snaaien viel.

Tegen het eind van de dag trokken ze zich terug in de bomen opzij van het balkon om in vroege ochtend weer uit de koelte van de kruinen tevoorschijn te komen. Dicht op elkaar op de balustrade gezeten, namen ze de tijd om te wennen aan de nieuwe dag, terwijl lange rijen vrouwen zingend door de straat op weg naar de rivier voorbijtrokken. In de ene hand hadden ze een flakkerende kaars, de andere hield de platte mand met bloemen en vruchten in evenwicht, die ze als offerande op hun hoofd mee droegen.

foto: gezien op flickr

Het was of er een wervelwind passeerde. De vrouwen haastten ze zich om hun religieuze plicht te kunnen vervullen door zich op het juiste tijdstip onder te dompelen in de rivier ter hoogte van Manikharnika Ghat, precies op het moment dat het eeuwige Shivalicht op die plaats de aarde raakte.

Nadat de laatste vrouwen gepasseerd waren, werd de straat onmiddellijk een heksenketel. Stinkende motoren, ratelende karren en riksja’s namen schaamteloos bezit van de publieke ruimte, kooplui begonnen hun handel aan te prijzen. Van bovenaf zag ik die ochtend hoe de langoeren, plotseling onrustig geworden, tot actie overgingen, zich vastgrepen aan alles wat in de gevels uitstak, en schichtig afdaalden, loerend naar wat bewoog en uitgestald lag, zoals gewoonlijk.

Wat dit keer hun speciale aandacht trok was een man die gehurkt bij zijn handkar zat, waarop hij een oogstrelend kunstwerk gebouwd had van glimmend gepoetste appels. Dat de dichterbij sluipende langoeren er belangstelling voor konden hebben, daar leek hij op voorbereid, getuige de lange stok die hij binnen handbereik had. Maar ze waren hem en zijn stok net iets te slim af.

foto: gezien bij sawadee reizen

Op een moment dat hij een klant te woord stond, zag een van de langoeren na een paar drieste sprongen kans om een appel uit de piramide te trekken. Het hele bouwwerk stortte in. De appels vlogen en rolden alle kanten op. De troep kon zijn slag slaan en zich razendsnel uit de voeten maken, terug naar boven, waar ze de buit buiten bereik van de stok zonder enige gêne naar binnen werkten. De weerloze koopman had het nakijken. De winst van de dag verdween in de bomen.

Korte tijd later ging ik via de buitentrap de straat op en stortte me in de chaos. De overgebleven appels lagen weer terug op de kar, maar de eigenaar nam niet meer de moeite om zijn kunstwerk opnieuw op te bouwen. Dwalend over de markt werd ik staande gehouden door een spichtig, schaars gekleed mannetje in korte broek: Good morning, sir.

Met een guitige blik in zijn donkere ogen was hij zo vrij om me aan te spreken. Ik had het geluk, zei hij, dat ik mocht kennismaken met hem. Dan kon hij mij vertellen dat er op dit moment een beroemde astroloog in de stad was. Hij kwam maar één keer per jaar langs. Ik had een unieke kans om hem te spreken te krijgen. Uit de katoenen zak op zijn schouder diepte hij een oud kaartje op met de naam van de fameuze sterrenwichelaar, en het adres waar ik hem vinden kon.

Met overslaande stem liet hij bovenop dit goede nieuws weten dat hij ook nog jarig was. Today is my birthday, sir. Ik schudde zijn knokige handen en hij vroeg zich hardop af of er misschien een kleinigheidje voor hem in zat. Could you give me a little present, sir? Geen aalmoes, dat was beneden zijn stand, een cadeau wilde hij.

Verbaasd over zijn vrijpostigheid vroeg ik wat hij dan precies voor zijn verjaardag had willen hebben. Hij werd vijftig en was nu een oude man, zei hij, en daar bovenop: Could you give me a small caulifower, sir? Ik kocht bij een kraam de bloemkool die ik hem zelf liet uitzoeken. Hij nam hem aan en vroeg naar mijn sterrenbeeld. Aquarius? Very good, sir, very good. Met een diepe buiging schoot hij weg en loste op in de mensenmassa.

foto: regardelarue.com

Niet veel later zag ik hem met zijn bloemkool onder zijn arm achter aansluiten bij een rij bedelaars die om de zoveel tijd wisselden van plaats. Het ging er de roulerende verschoppelingen duidelijk om zo snel mogelijk vooraan in de rij te komen, daar was de kans op een aalmoes het grootst. Met een goed gevoel over het voorval en een paar roepies lichter liep ik met een omweg naar Manikarnika Ghat, een van de vele heilige plaatsen aan de Ganges.

Overal op de oever en de oevertrappen was er leven, en was er dood, ze reikten er elkaar de hand. Vele honderden gelovigen stonden boven op elkaar tot aan hun middel in het water, met gevouwen handen loftuitingen prevelend bestemd voor de goden, terwijl geofferde bloemen op de stroom werden meegevoerd.

Op de crematieplaats brandden permanent meerdere vuren van in boten aangevoerde boomstammetjes, dag en nacht gevoed met de doden die door familie vanuit de bovenstad werden aangevoerd, gevolgd door uitgehongerde honden die er graag met een losgeraakte arm of een been vandoor gingen. Wanneer de schedel door het oplaaiend vuur uit elkaar spatte, maakte de geest zich los van het lichaam. De hete as die uiteindelijk overbleef werd aan ma Ganga toevertrouwd.

foto: airshots.ch

Een eenzame man was ergens vlakbij het water op de oever tot stilstand gekomen en stond in zichzelf verzonken wezenloos voor zich uit te staren. Hij had één been opgetrokken, dat met de voet op het andere staande been hing. Een klein watervat bungelde aan zijn arm. De man was volkomen naakt en over zijn hele bolle lijf bedekt met grijze as.

Opzij van de crematieplaats lag op enkele tientallen meters van me vandaan een met wimpels en vlaggen versierd schip in de rivier voor anker. Het moest zojuist zijn aangekomen. Ik had het niet eerder gezien. Op het dek zat op een met bloemslingers versierde troon een soort maharadja, gekleed in een rood gala uniform, afgeboord met goudgalon, tressen op de schouders, op het hoofd een imposante tulband. Om hem heen dwarrelden opgetuigde hovelingen.

Uit de meer dan gewone bedrijvigheid op de rivier en op de oever maakte ik op dat er naast de gewone dagelijkse activiteiten iets bijzonders te gebeuren stond, een kijkspel met in de hoofdrol twee jonge knapen, kinderen nog, hooguit twaalf jaar oud. Het duurde even voor ik begreep dat ze een rituele doop moesten ondergaan in het heilige water. Het spektakel trok veel kijkers, vrouwen vooral, die van alle kanten toestroomden. Uit luidsprekers schalden eindeloos herhaalde mantra’s, Sri Ram Jai Ram, Sita Ram, Sita Ram. Ik kwam ogen en oren te kort. Met enige moeite slaagde ik erin dichterbij te komen, en te zien hoe de twee jongens met een opkontje werden geholpen om in een van de bomen te klimmen, die het dichtst bij het water stond, waarna ze aan hun lot werden overgelaten.

De jongens waren kennelijk niet gewend om in bomen te klimmen, laat staan in feestgewaad. Maar met angst en beven slaagden ze erin de dikke tak op aanzienlijke hoogte boven het water te bereiken, vanwaar ze springen moesten. Een man in een roeiboot en twee duikers moedigden de jongens aan om de sprong te wagen. Maar ze bleven in wankel evenwicht halverwege de tak zitten en zochten elkaars hand, tot ze eindelijk de moed vonden om alles los te laten. Kort na elkaar schoten ze het water in om een tiental meters verderop boven te komen en handig aan boord te klimmen van de roeiboot, niet eens geholpen door de duikers die ze achterna waren gegaan. Ze werden naar het schip van de maharadja geroeid om later bij hem met droge kleren hun opwachting te maken, vermoedde ik.

foto: Daniel Berehulak

Intussen liepen de koude rillingen over mijn rug om iets heel anders, dat zich synchroon afspeelde op korte afstand van de plek waar ik stond. De vele vrouwen om me heen die zowat boven op elkaar stonden, hadden me onwillekeurig in de richting gedreven van een kleine stenen woning, waar de deur open stond. Het was zo druk dat verschillende toeschouwers naar binnen werden gedrukt, in de intimiteit van een doodzieke vrouw die op haar charpoy lag en rechtop kwam, en boos uitviel naar de indringers. Net als de marktkoopman had ze een stok, in haar geval om op te steunen als ze omhoog wilde komen. Ze miste de kracht om ermee te dreigen.

Terwijl de onnozele kinderen in het bijzijn van talloze toeschouwers werden ingewijd in het volle leven, werd zij in haar eenzaamheid de dood in gejaagd. De knapen kozen in hun jonkheid voor het water, de stervende vrouw zou weldra aan het vuur worden toevertrouwd. Haar magere vingers klemden zich om haar stok. She has TB, fluisterde iemand die achter me stond in mijn oor. You can smell death. Niemand kwam op voor deze vrouw die op het punt stond de belangrijkste inwijding te ondergaan van haar leven, en daarbij haast door voorbijgangers in haar eigen woonruimte onder de voet werd gelopen.

Plotseling wist ik dat ik weg moest, van deze onheilsplek vandaan, ik had hier niets te zoeken. Ruimte makend, de vrouwen botweg opzij duwend wrong ik me naar buiten, om weg te komen uit de wurggreep van de massa’s, het was of ik me op verboden terrein had gewaagd.Terug op mijn balkon liet ik me vermaken door het schouwspel dat de langoeren opvoerden, als speelse tegenhanger van wat ik had gezien bij het water. Maar het duurde niet lang of gebrek aan slaap brak me op. Ik had de halve nacht wakker gelegen. Vermoeid kroop ik terug in mijn nest. Binnen het beschermend cocon van mijn klamboe was ik veilig en had de dood geen schijn van kans, maar het gezicht van de stervende vrouw, verwrongen van angst en woede, was op mijn netvlies gebrand en bleef mijn onrust aanwakkeren.

Robert Vacher
Over Robert Vacher 7 Artikelen
Robert Vacher zwierf jarenlang door Zuidoost-Azië en Afrika en verbleef langere tijd in Frankrijk en Spanje. Hij schreef onder meer de roman Grensgebieden, de reisroman Spel van Troost, de verhalenbundel Vrije Val, en publiceerde in tijdschriften als De Revisor, Maatstaf, Nieuw Vlaams Tijdschrift, SIC en Gierek

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*