Good! Good!


Wandelend cliché van een Thailandganger, zo zou ik mezelf kunnen omschrijven. Kaalhoofdig, klein bierbuikje, getrouwd met Thaise dame, en jawel, als kers op de taart, een tatoeage.

Geen grote, slechts een stukje van mijn bovenarm bedekkend. Drie woorden in het sierlijke en onleesbare spijkerschrift dat in Thailand voor alfabet doorgaat. Ooit door een Rotterdams artiest in de huid gebeiteld, nog voor vrouwlief me terecht had kunnen wijzen.

Zodoende de fout makend het schrift met spaties aan te leveren, en het ijverige naaldje spoot het ook zo onder mijn huid. Wisten wij veel. Ik vond me al een aardige schoonschrijver dat ik het zo uit het Nederlands-Thaise woordenboek had kunnen overpennen, en de rotjeknor tattoo-man had nimmer in zijn loopbaan zulke hanepoten gezien. Dat bleek wel toen hij het papiertje met de zelfgeschreven tekst achterstevoren op mijn arm wilde plakken. Wist gelukkig een unieke spiegelschrift-tatoeage te voorkomen.

De tekst vermeld slechts de naam van mijn vrouw, en dat ik van haar hou. Zoetsappiger dan menig smartlap, maar de waarheid mag gezegd worden. Vond het geheel echter toch wat kaaltjes en liet er later een stoer Chinees draakje onder zetten, door een kettingrokende doch kundige inkt-prikker in Pattaya. Marlboro-man wilde daarna voor wat luttele bahtjes extra de haperende tekst aan elkaar breien, en het draakje inkleuren.

Maar aan mijn lijf geen polonaise, want gekleurde tattoos deden me denken aan de plakplaatjes die je als kind bij de Bazooka-kauwgom kreeg, en met wat water of spuug op de arm kon kleven. Een hoog stripverhaal-gehalte, en niet mijn smaak. En dat de Thaise zin met tussenruimte op de arm stond was een foutje, maar wel mijn eigen foutje en dus origineel. Afblijven a.u.b.

Architect van mijn eigen Thaise plakplaatje zijnde, ging er echter gaandeweg toch iets knagen. Teweeggebracht door de vele, vele tatoeages die ik in de loop der jaren onder ogen kreeg. Van lieden die met de meest fantastische taferelen op de huid rondstekkerden. Ware kunstwerken in inkt, en moest toegeven dat ondanks mijn aversie tegen kleur, er beslist uitzonderingen bestonden. Complete replica’s van Oude Meesters kwamen  voorbij. Soms zeldzaam mooi. En keek vervolgens eens naar eigen gefröbel op de bovenarm. En werd niet vrolijker.

Mijn bedek-periode nam een aanvang. Droeg bijna nooit mouwloze T-shirts, om mijn Thaise morse-code niet aan den volke te tonen. Want ja, geen sierlijke Vermeer op de huid, maar bushalte-graffiti uit een verstopte spuitbus. Van Gezicht op Delft naar Geen Gezicht op Wederhelft. Zo voelde het.

Dus geen stoere Rambo-shirtjes waarin de spierballen goed uitkomen. Heb dat lang volgehouden. Heel lang.

Tot die bewuste, van hitte zinderende middag in Bangkok. Logerend bij zwager Oth, die aldaar nabij de Phaholyothin Road een optrekje bezit, waarin het goed toeven is. Als de temperatuur die dag tenminste niet zo on-boeddhistisch hoog geweest was. Een van die verpletterend hete dagen, waar ik als Zuid-Hollandse kleibint enigszins onder gebukt ga.

Een ventilator op stand vier, en een longdrinkglas met ijswater bij de bezwete hand zijn dan de enige reddingsboeien in deze beproeving. Ook wel exotische vakantie geheten.

Maar die zaterdag was er een leuk openluchtmarktje op een Thaise steenworp afstand, dus vrouwlief wilde daarheen. En niet alleen natuurlijk, dat was niet gezellig. Bevond mezelf dus even later druipend als een vergeten waterijsje tussen tientallen kraampjes met Thaise uitingen van kunstnijverheid. Gelukkig ook met koek en zopie, zodat ik lebberend aan een versnapering totale versmelting met de parkeerplaats waarop deze markt stond kon vermijden.

logo-7-Eleven-300x200Uren later, teruglopend naar Oth’s place, stelde ik toch nog een korte pitsstop voor bij de 7-Eleven, om mijn hersens voor overkoken te behoeden, en niet als zouteloze mummie op het plaveisel te eindigen.

Het Sawatdee Khrap bij het openen van de deur klonk me als zoete muziek in de oren. Nog beter was de bulderende airco achterin de zaak, die in no time kippenvel op mijn  armen liet verschijnen. Heerlijk. En een blik ijskoud Chang tegen je voorhoofd is een geschenk, al levert het soms vreemde blikken op.

Voorzien van een fles koel bubbelwater wilden we even later de deur weer uitstappen, terug naar baksteensmeltend buiten. Maar de Thaise jongeman achter de kassa, al bezig met een andere klant, liet ter plekke het plastic tasje los dat hij beet had, boog over de balie heen, en riep: Good!  Good!! En stak beide duimen omhoog, daarbij een stralende lach tevoorschijn toverend.

Het duurde even voor ik begreep dat de reden van zijn enthousiasme mijn zelfgebreide tatoeage was. Hij had de zin in het voorbijgaan gelezen, en was er duidelijk zeer content mee.

Mouwloos en onwetend was ik de 7-Eleven binnengestapt. Met als resultaat de opgetogen goedkeuring van deze winkelkanjer, die zijn mening spontaan en glunderend over de toonbank stak. Instant genezing bewerkstelligend.

Sindsdien loop ik weer tatoeage-trots rond. Met dank aan een Thaise therapeut, praktijk houdend aan de Phaholyothin Road. Consultjes zijn gratis.


Lieven Kattestaart
Over Lieven Kattestaart 103 Artikelen
Lieven Kattestaart (1963) werd geboren in Middelharnis. Hij werkte van 1991 tot 2016 bij de Gemeente Goeree-Overflakkee. Sinds 1993 bezoekt hij Thailand en raakte zoals zovelen verslaafd aan het land en de bevolking. In Isaan, het noordoostelijk deel van Thailand, ontmoette hij zijn vrouw Pranom (Ooy).