Geveltoerisme

April 2012. Laatste dagen van vele weken vakantie in Thailand. Samen met eega en schoonmoeder logerend bij zwager Oth, aan een zijstraat van de Phaholyothin Road. Pand is groot genoeg, en tevens gevestigd in gezellig wijkje. Eettentjes, koffiebarretjes, 7-Eleven, kapperszaakjes, en dagelijks soep en ijsco-kar aan de deur. Alles aanwezig voor een genoeglijke afsluiting van dit vakantie-gebeuren.

Al vroeg installeer ik mij aan het betonnen buitentafeltje, genietend van een mok koffie en de dan nog enigszins aangename Thaise temperatuur. Op het balkonnetje van de overbuurman ontwaar ik een meneer met meetlint en krijt. Vlijtig bezig strepen te kalken op de buitenmuur. Zo te zien wil buur zijn gevel laten opknappen, en deze kan inderdaad wel eens een verfje gebruiken.

Nieuwsgierig volg ik alle handelingen van de klusjesman, en ben blij dat ik niet hoef te werken. Ik kijk en drink mijn ochtendmok, geheel content zijnde. Misschien dat ik volgend jaar de vernieuwde buitenmuur kan bewonderen. Droom alvast weg naar de volgende vakantie, en prijs me gelukkig nog een paar dagen hier te mogen zijn.

Volgende dag, wederom aan de buitentafel, instant-brouwsel slurpend. Dan begint een boormachine zich snerpend een weg te vreten in beton, en tevens in mijn zenuwgestel. Het zal toch niet?

Een blik op de overkant leert mij dat aldaar een vlucht verbouwingsvogels neergestreken is, en met genoeg materieel om me behoorlijk ongerust te maken. Men gaat serieus werk maken van buurs gevel. En wel meteen.

Bonkend begint een nijver bijtje de balkonmuur te bewerken met voorhamer. Stofwolken wervelen in het rond, dichte mist bij blauwe hemel veroorzakend. Voegen worden uitgefreesd, bakstenen verpulverd, en vuisthamers gehanteerd op weerbarstige Bangkok-wapening. Een flink aggregaat doet daarbij snorkend zijn best  voldoende stroom en herrie te produceren, zodat andere herrie kan doorwerken.

Bereken vervolgens de kosmisch kleine kans op een overbuurman die grootscheeps aan het verbouwen gaat, pal tegenover mijn logeeradres in deze miljoenenstad, op de laatste dagen van mijn jaarlijkse vakantie. Een bijgelovige Bangkokiaan was direct naar de dichts bijzijnde lotenverkoper gerend, overtuigd van winkansen door deze renovatie-ramp. En ik word langzaam gek.

Die avond, als de rust is weergekeerd, begint op de hoek een ontgroenings-feestje van studenten. Tot diep in de nacht geschreeuw, gezuip, en bizarre taferelen. Doe geen oog dicht. De jongen die me overdag wat schuchter gedag zegt, blijkt de grootste schreeuwlelijk van allemaal. Misschien omdat het zijn ouderlijk huis is waar de nachtbrakers huishouden.

‘s Morgens verwelkomt de attente buurman ons met een cirkelzaag-serenade tijdens de ochtendkoffie. Als koekje hamerslagen en persluchtgeluiden erbij.

Door veelvuldig en zeer uitgebreid Shopping-Mall bezoek weet ik voorlopig algehele depressie te voorkomen. Betrap mezelf erop bij de Family Mart naar oordoppen te zoeken. Solliciteer tevens naar oorkonde als langstverblijvende klant van de nabijgelegen Big C, en afgaande op de blikken van het personeel maak ik goede kans.

Maar kom ik na uren shoppen terug, dan wervelt een kakofonie aan verbouwgeluiden me al een straat verderop tegemoet. Met als extraatje een gorgelende betonmolen erbij, die grijze smurrie produceert voor inwendige reparaties van buurs optrekje.

En eega blijft er kalm onder. Doe maar net alsof het er niet is, is haar recept tegen buurs pandemonium. En duikt weer in haar tranentrekkende soapserie op tv, met wat opgeschroefd volume. En vraag me af wat schadelijker is voor mijn gemoedsstemming, buurmans betonbeukers of deze tv-vulling voor verslaafden. Buurman wint.

Schoonma is een allerliefst mens, maar ook zij begrijpt mijn probleem niet. Op de keukenvloer haar betelnootje kauwend, en daarbij een onaardse rust uitstralend, alsof er niet tien meter verderop een gillende tandartsboor overuren draait. Ik begin lichtjes te wanhopen, en te vermoeden dat de aanstaande thuisvlucht dat ook echt gaat worden.

En na drie dagen capituleer ik. Om niet rijp voor rolstoelassistentie op Schiphol aan te komen, neem ik een drastisch besluit. Ik ga op mezelf. Het  Royal Bee Apartment op loopafstand blijkt nog plaats te hebben voor geteisterde farangs met verbouwingsangst.

Hemelse rust omspoelt mij in deze oase, en ik kom weer enigszins bij. Platliggend op bed is het enige geluid wat me bereikt het gebrom van de airco, wat mij betreft ook het enige wat ik nog aankan in dit stadium van gerafelde zenuwen, en geschokt gemoed.

Volgende dag is vertrekdag. Roerend afscheid van de familie, en zwager brengt ons vervolgens per pick-up naar Suvarnabhumi. Om er daar achter te komen, nog lopend op mijn sandalen, dat nichtje per vergissing mijn dure wandelschoenen bij de bagage van schoonma gevoegd heeft, en deze dus het stiltegebied van de Isaan als eindbestemming hebben gekregen. Zij wel.

Op een paar uit de koffer getrokken sokken, en inderhaast aangeschafte en overprijsde gympen stap ik aan boord van de Boeing.

Hard aan vakantie toe.

Lieven Kattestaart
Over Lieven Kattestaart 103 Artikelen
Lieven Kattestaart (1963) werd geboren in Middelharnis. Hij werkte van 1991 tot 2016 bij de Gemeente Goeree-Overflakkee. Sinds 1993 bezoekt hij Thailand en raakte zoals zovelen verslaafd aan het land en de bevolking. In Isaan, het noordoostelijk deel van Thailand, ontmoette hij zijn vrouw Pranom (Ooy).