Een geschiedenis van Isan 44


Isan Travels 1883-1884 Deel 44

Volkeren van Isan & Mekong; hun handel en wandel.

 

Hoofdstuk 23; Prakhon Chai – Souren – Dangrek Mountains

De reis wordt gemaakt door An, Ouk en Ros, de ‘wij’ in dit hoofdstuk. De afstand naar de bergpas bedraagt circa 120 km. De reis loopt van 13 tot 25 maart 1884, het bereiken van de bergen.

Het verhaal van de Kling

‘ Wij komen op deze reis in contact met mensen die het verhaal van de Kling in de portemonnee hebben gevoeld. Het speelde een aantal jaren geleden maar de boosheid is er nog steeds.

Kling is een verbastering van Kalinga, bijnaam voor handelslieden uit India. Een groep uit Malabar kwam via Battambang en had een soort vrijgeleide, een brief van het hoofd van Battambang die schreef dat die mensen reisden onder bescherming van de Engelse Kroon.

In Battambang hadden ze ossenkarren gehuurd maar kregen herrie met de begeleiders van ossen en karren en dat leidde tot doodsbedreigingen. In Souren klaagden ze bij de ‘chau’ en die veroordeelde de begeleiders tot het betalen van een schadevergoeding waarvoor ze ossen en karren moesten verkopen.

Na een rustperiode in Souren huurden ze andere ossenkarren en wilden naar Oubon met hun handel maar onderweg weigerden de begeleiders verder te gaan; mogelijk waren ze ingefluisterd door hun landgenoten…..

De Kling waren gedwongen hun waardevolle handel achter te laten en dienden weer een klacht in bij de chau in Souren; ze wilden geen regeling maar betaling van de schade want het was kostbare waar.

De bevolking van Souren liet echter blijken de Kling over de kling te willen jagen; de groep vluchtte naar Battambang en diende in Bangkok een klacht in. Bangkok legde de beslissing bij Battambang neer en de baas daar bepaalde dat Souren moest betalen.

Dat betekent dat Souren van iedere man die daar geregistreerd is een zeker bedrag moest hebben en de bevolking heeft morrend betaald met het vaste voornemen “we vermoorden ze…”.  En die sfeer proeven we om ons heen. ‘

Onze route

‘ Wij reizen met vijf ossenkarren, eerst naar de stad Souren, en daarna naar de bergen in het zuiden van de provincie. Als wij stoppen voor de nacht in Srok Soai horen wij dat het dorp een boete van 70 ticals heeft moeten betalen voor schadeloosstelling wegens de Kling.

Maar meer naar het zuidwesten, in het dorp Phum Soai Thom, bedroeg de heffing maar liefst 100 ticals voor een bevolking in maar 100 huizen en de bewoners daar hebben daarom ‘in gepaste sfeer’ een paar Indiërs vermoord. De bevolking in deze streek leeft van kokos- en arecabomen die overvloedig aanwezig zijn. ‘

Kang Hen

‘ Het dorp Kang Hen, ook wel Kang Heng, bevat een veertigtal huizen en men heeft er goed onderhouden rijstvelden. Ze kweken ook zijderupsen en de dames daar weven langouti’s, toga’s. Men bouwt er ook ossenwagens die ze verkopen, en ze kopen gedroogde vis.

Hier is net een trouwerij uitgesteld. Alles is klaar, kippen en varkens zijn geslacht maar het heeft zwaar geregend en dat is in deze tijd van het jaar hoogst ongebruikelijk. Tja, en trouwen bij deze ongebruikelijke regens brengt ongeluk dus het huwelijk is uitgesteld. Dit bijgeloof zagen wij ook al in Cambodja. ‘

Van Srok Koki naar de bergen

‘ Men kweekt hier tabak en die moet langdurig drogen. Wij zien hoe men de tabak droogt op bladeren van de ‘trach’ boom; daar wordt de tabak beter van, zegt men.

Wij komen daarna een politiepost tegen en zien een konvooi van vijfendertig ossenkarren van mensen uit de regio die met vrouw en kinderen naar het zuiden trekken om vis te kopen. Ze hebben een soort paspoort van de ‘chau’ van Souren bij zich en tegen de gevaren rond de pas een aantal geweren en voldoende amuletten…..

We ontmoeten een hoge ambtenaar die van Laos terugkeert met twaalf man, vijf geweren, zes ossenkarren en vijftig buffels. Hij moet ook de bergpas over en vraagt met ons mee te mogen reizen tegen de gevaren aldaar. Maar omdat hij buffels bij zich heeft die niet in de hitte overdag kunnen reizen slaan wij zijn verzoek af. ‘

Foto: Surin en olifanten horen bij elkaar

Erik Kuijpers, Isan 44, Olifantenfeest
Olifantenfeest

‘ Er gaan veel mensen naar de bergpas. Wij komen groepen Burmezen en Laotianen tegen die een konvooi van 800 buffels begeleiden van Bang Mouk (Mouk Dahan) aan de Mekong naar de bergen en verder diep Cambodja in. Ze zijn bewapend met geweren en sabels en hebben de vinger aan de trekker als ze een onbekende zien naderen.

In Thnal Ampil komen wij de bewoners tegen die leven van bananen, katoen en suikerriet, die voorts toortsen maken en in de bergen hardhout verzamelen voor de aanmaak van verfstoffen. Ze hebben een palissade rondom hun dorp en zijn altijd waakzaam om nachtelijke aanvallen af te slaan.

Overdag, in de rijstvelden en de bossen, dragen ze hun geweer en dreigt er in het dorp gevaar dan slaat men een grote trom en haast iedereen zich terug naar het dorp. Als het donker wordt steken ze speren met de punt omhoog in de grond die ze in de morgen weer opgraven. ‘

De bergpas Chup Smach

‘ Er is een verzamelplaats tussen het dorp Ban Dai en de bergpas. Dat is de laatste stop voordat men de bergen in gaat. Wij verlaten de politiepost en lopen door het dichte woud dat de bergrug bekleedt.

Wij gaan nu Cambodja in. ‘

==

Toelichtingen

Bron: Isan Travels; Northeast Thailand’s Economy in 1883-1884; by Étienne Aymonier

Laotianen; bedoeld zijn mensen van het bereisde gebied, het huidige noorden van Cambodja, zuidelijk Laos en de Isan.

De opsomming van de vele bergpassen laat ik achterwege maar is hier te lezen:  http://digital.staatsbibliothek-berlin.de/werkansicht?PPN=PPN670478318&PHYSID=PHYS_0211&DMDID=DMDLOG_0001

Kling, verbastering van Kalinga, bijnaam voor handelsmensen uit India in die tijd; het Nederlandse woord ‘kling’ betekent lemmet van zwaard of degen.

Malabar, tegenwoordig Kerala, India.

Battambang, thans tweede stad van Cambodja, gelegen tussen Siem Reap (C) en Chantaburi (TH).

Afbeeldingen:

Surin, olifanten festival; By Dr.A.Hugentobler – Own work, CC BY-SA 2.5, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=1662025

 


Erik Kuijpers
Over Erik Kuijpers 862 Artikelen
Erik Kuijpers (1946) werkte 36 jaar als aangiftemedewerker inkomsten- en vennootschapsbelasting. In 2002 emigreerde hij naar Nongkhai in Thailand waar ook zijn partner en pleegzoon wonen. Erik pendelt nu afhankelijk van de seizoenen tussen Thailand en Nederland