Epos Khun Chang Khun Phaen: een begeerde vrouw

Antonin Cee, boekbespreking‘Laat de beulen onmiddellijk komen’

Geween, gekrijs en gejammer. Zo af en toe vang ik wel eens iets op van een Thaise soap op tv. Aan die nooit eindigende series, waar elke emotie op de gezichten van de acteurs nauwgezet in kaart gebracht wordt, moest ik onwillekeurig denken toen ik me door de grote klassieker uit de Thaise literatuur, het epos ‘Khun Chang Khun Phaen’ werkte. Een associatie die alleszins voor de hand ligt.

Ze zijn te vinden in geesteshuisjes

Pagina’s lang wordt er gehuild en niet uitsluitend door de vrouwen, maar ook de mannen barsten bij het minste of geringste (nou ja…) in tranen uit. Zelfs koningen doen er aan mee en laten hun emoties de vrije loop, ongehinderd door regale waardigheid. Maar het boek is en blijft een genereuze bron van inspiratie voor menige Thaise filmmaker, roman- of liedjesschrijver en tv-komiek.

Tempels en straten in Thailand zijn vernoemd naar de belangrijkste karakters in het verhaal en zijn ook terug te vinden in geesteshuisjes en op geluk brengende amuletten. Elk schoolkind kent wel een of meerdere episoden uit het verhaal.

Khun Chang Khun Phaen is waarschijnlijk rond 1600 ontstaan en misschien gebaseerd op enkele ware historische gebeurtenissen. In het Thais is het gesteld op rijm en werd door dichters voorgedragen, misschien enigszins te vergelijken met het ontstaan van de ridderromans.

Elke troubadour voegde er zelf naar eigen believen personen, intriges en voorvallen aan toe, zodat het uitgroeide tot wat het nu is. Een lijvig boek dat in de Engelse vertaling een kleine duizend pagina’s omvat. In een tweede volume van nog eens vierhonderd klein bedrukte pagina’s wordt ingegaan op de onderlinge verschillen tussen de verschillende versies die door de eeuwen in omloop waren.

Ze voerden stevige literaire discussies over dit epos

Khun Chang Khun Phaen werd vertaald door Chris Baker tezamen met zijn vrouw Pasuk Phongpaichit. Een bewonderenswaardige onderneming, waardoor dit grote Thaise epos ook toegankelijk werd voor anderstaligen. Ze hebben er naar eigen zeggen een flinke kluif aan gehad, en de literaire discussies om te bepalen wat een bepaald Thais woord binnen de betreffende context nu precies betekende, moeten in de echtelijke sponde niet van lucht zijn geweest. Ook in Thaise kringen wordt tot op heden nog stevig gedebatteerd over de betekenis van het verhaal.

Oorspronkelijk werd dit epos alleen oraal doorgegeven. Pas midden negentiende eeuw werden verschillende episoden op schrift gesteld. Gezien de persoonlijke inbreng van elke verteller kan het nauwelijks verbazing wekken, dat de verschillende versies onderling nogal wat verschillen vertoonden.

Ook in koninklijke kringen raakte men in de ban van het verhaal. In 1872 werd de volledige vertelling door het paleis voor het eerst gedrukt en werd daarmee het eerste literaire werk in Thailand. In 1917-18 werd door prins Damrong Rajanubhab, Thailand’s grote literator, een standaard editie uitgegeven die tot op de dag van vandaag in gebruik is.

Wanthong

Hij werd zonder verdere plichtplegingen onthoofd

Khun Chang Khun Phaen is een liefdesgeschiedenis over twee mannen, Khun Chang en Khun Phaen, die beiden dingen naar de gunsten van één vrouw Wanthong geheten, die aan het eind van het verhaal op een tragische manier aan haar einde komt. De twee mannen zijn elkaars tegenpolen, waarmee onwillekeurig (of mischien heel bewust) een beeld wordt opgeroepen van goed en kwaad.

Khun Chang is rijk, heeft goede connecties in het paleis, maar wordt met zijn met zijn kale kop en zijn plompe lichaam door iedereen bespot en maakt zich vaak belachelijk.

Khun Phaen daarentegen is knap maar onvermogend en maakt zich gemakkelijk geliefd. Hij stamt af van een familie van krijgers, die zich in oorlogen en conflicten onderscheiden hebben. Tijdens een jachtpartij georganiseerd door het paleis, wordt de vader van Khun Phaen gesommeerd om de wilde buffels op de drijven naar de plaats waar de koning zich ophoudt.

Met overmatige ijver kwijt hij zich van zijn taak, waardoor de buffels alle kanten opstuiven behalve richting koning, waardoor deze in woede ontsteekt: ‘Arresteer die man en laat de beulen onmiddellijk komen’. Khun Phaen’s vader wordt zonder verdere plichtplegingen onthoofd. Al de eigendommen van de familie worden in beslag genomen en ook Khun Phaen’s moeder en hijzelf zouden naar als slaven naar het paleis gebracht zijn als ze niet hadden weten te ontsnappen.

Zij werd tegen haar zin uitgehuwelijkt

In Kanchanaburi, waar hij naar uitgeweken is, gaat Khun Phaen in een tempel waar hij allerlei magische krachten verwerft. Hij trouwt met de schone Wanthong, maar enkele dagen daarna neemt hij vrijwillig deel aan een krijgstocht vanuit de hoofdstad Ayutthaya tegen Chom Thong in Noord-Thailand. Na vele maanden keert hij succesvol terug tezamen met een tweede vrouw (het was de tijd van polygamie) een prinses uit Chomthong.

Ondertussen heeft Khun Chang, die Wangthong tot de zijne wil maken, het gerucht verspreid dat Khun Phaen is omgekomen. Tegen haar zin in wordt ze door haar moeder, die uit is op de rijkdommen van Khun Chang, nu uitgehuwelijkt aan Khun Chang.

Khun-Phaen-en-Wanthong-300x213Als Khun Phaen weer ten tonele verschijnt is zijn huis afgebroken en woont Wangthong met Khun Chang. Aanvankelijk ontsteekt hij in woede, maar aangezien hij haar niet uit zijn gedachten kan verdrijven, ontvoert hij haar en brengen ze vele maanden door in de jungle.

Dankzij zijn magische krachten verslaat hij een leger, op hen afgestuurd door de koning uit Ayutthaya.

Ze werd veroordeeld levenslang borduurwerk te doen

Als Wanthong in verwachting raakt keren ze terug naar de bewoonde wereld. Aan het hof wordt een rechtszaak aangespannen door Khuan Chang en uiteindelijk door Khun Phaen gewonnen.

Zijn tweede vrouw, de prinses uit Chomthong zit echter vast in het paleis, waar ze veroordeeld is levenslang borduurwerk te doen. Na door de koning in het gelijk gesteld te zijn dient Khun Phaen een verzoek in om ook zijn tweede vrouw terug te krijgen. Dat schiet bij deze echter in het verkeerde keelgat en hij wordt in de boeien geslagen en door de koning vergeten.

Pas als er opnieuw een oorlog uitbreekt, met Chiang Mai dit maal, wordt hij weer vrijgelaten om te samen met een handjevol mensen Chiang Mai te gaan veroveren. De nooit aflatende Khun Chang, maakt van de gelegenheid gebruik om Wanthong weer mee te voeren naar zijn huis.

Hij werd beloond met een derde vrouw

Als Khun Phaen als de grote overwinnaar terugkeert wordt hij door de koning beloond met een derde vrouw, een prinses van Chiang Mai dit keer. Maar opnieuw breekt hij in bij Khun Chang, gebruik makend van zijn magische krachten, en brengt Wangthong terug naar zijn huis in Ayutthaya.

Khun Chang beklaagt zich daarover bij de koning, die ze alle drie op het matje roept. De koning, die genoeg heeft van deze wanorde beveelt Wangthong nu eindelijk eens te kiezen tussen een van de twee mannen. Wangthong weet in eerste instantie weet echter geen woord uit te brengen. Alhoewel ze duidelijk verliefd is op Khun Phaen, kan ze geen afstand nemen van de rijkdommen en zekerheid die ze bij Khun Chang heeft en geeft dat uiteindelijk ook toe, waarop de koning in woede uitbarst en haar laat onthoofden.

Dit is in een notendop het verhaal van Khun Chang Khun Phaen. Het geeft een goed inzicht in de Thaise mentale bagage zoals die heden ten dage nog grotendeels vigeert.

Vrouwen moeten het bed in gepraat worden

Geesten zwerven overal vrijelijk rond, kunnen naar believen worden opgeroepen en worden ingezet als huurlingen bij militaire confrontaties. Elke man met wat aanzien heeft zijn eigen ploegje om zich te verzekeren van bescherming. Als ze tegenover machtigere geesten komen te staan, slaan ze ongegeneerd op de vlucht als gedemoraliseerde soldaten.

Mantra’s, die deuren kunnen openen, een hele stad kan laten inslapen en koningen gunstig kunnen stemmen, worden kwistig rondgestrooid. Onkwetsbaar makende amuletten worden omgehangen als er ten strijde getrokken wordt, een magisch zwaard in de vuist geklemd.

De vrouwen moeten het bed in worden gepraat en doen het altijd voorkomen alsof ze daar totaal geen trek in hebben. De liefdes verzuchtingen van de mannen worden aanvankelijk niet met gelijke munt terugbetaald, zoals dat ook in de Thaise soap zo vaak te zien is. Steevast wordt het hard to get spelletje opgevoerd. Vandaar dat de mannen hun toevlucht nemen tot verleidende mantra’s, die op ze worden ingeblazen om ze wat toegankelijker te maken.

En de koning, die regeert zoals zijn pet die dag staat, begint naar believen een oorlog als een van zijn liefjes ontvoert wordt beven. De hovelingen, die zich voor hem prostreren beven  onophoudelijk van angst. “A country of fear” zo betitelde een westerse schrijver dit land. Maar dat was  in de jaren 60 van de vorige eeuw.

Antonin Cee
Over Antonin Cee 160 Artikelen
Antonin Cee woont sinds eind jaren tachtig in Chiangmai en voerde themareizen uit. Hij studeerde filosofie aan de Universiteit van Montpellier in Frankrijk en werkte enige tijd als redacteur bij The Nation in Bangkok. Ook schreef hij artikelen voor verschillende Nederlandse, Belgische en Engelstalige magazines. Met zijn achttienjarige dochter vormt hij een eenoudergezin en brengt elk jaar enige tijd door in Zuid-Frankrijk. Hij publiceerde een verhalenbundel getiteld 'Inheems Kruid'. Onlangs bracht hij zijn tweede boek 'Thailand tegen het Licht' uit. Beide boeken zijn zonder verzendkosten te bestellen bij www.amazon.de.

2 Comments

  1. Mijn vrouw geeft Thais op een middelbare school in Bangkok en is zeer bekend met het verhaal omdat het verplichte kost is op scholen. Ze was oprecht opgetogen toen ik haar vertelde dat Tony, en later ook Tino er op dit blog aandacht aan hebben besteed.

  2. Ik kan het toch niet nalaten op het bovenstaande verhaal twee correcties aan te brengen waardoor misschien ook ons inzicht in de ‘Thaise mentale bagage’ wat kan worden bijgesteld.
    Wantong antwoordt wel degelijk op het bevel van de koning te kiezen tussen Phaen en Chang. Ze beeft, bibbert en trilt van aangst. Ze aarzelt want ze weet dat het antwoord haar de kop kan kosten. Ze kiest desondanks toch voor de waarheid. ‘Ik houd van beiden evenveel’, zegt ze uiteindelijk, ‘ik kan niet kiezen’. Ze houdt van beiden evenveel maar wel om verschillende redenen. De koning ontsteekt dan in razernij en veroordeelt haar tot onthoofding. Later laat hij zich door de zoon van Wantong ompraten en gelast de doodstraf om te zetten in gevangenisstraf. Maar te laat, de boodschappers zien uit de verte het zwaard vallen.
    Ook de opmerking dat alle vrouwen het bed moeten worden ingepraat en het altijd doen voorkomen alsof ze daar totaal geen zin in hebben is pertinent onjuist. Het is juist andersom. De meeste vrouwen willen het bed delen met hun nieuwe of oude geliefde en komen daar openlijk voor uit. Soms is er wat gemopper zoals ‘de bedienden slapen nog niet’ of ‘ga je echt met me trouwen?’ of ‘maar je bent nog een monnik’. Maar door al die opmerkingen heen schemert hun verlangen naar intimiteit.

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.