Een monument voor Guernica

De soldaat kijkt over de rand van het stenen muurtje waarachter hij en zijn makkers in stelling liggen. Hij tuurt over de vlakte, die dor en doods voor hem ligt. Geen beweging, geen leven. Plotseling spat een wolkje gruis op, veroorzaakt door een ketsende kogel, afgevuurd door de onzichtbare vijand. De soldaat schreeuwt, laat zijn geweer vallen, grijpt naar zijn ogen. Voor hem wordt het eeuwig nacht.

FallenWarriorB

Als Rotterdammer voel ik me verbonden met die stad

 Geschokt verlaat ik het filmzaaltje waar ik naar een zwart-wit film over de Spaanse burgeroorlog heb gekeken. Een week later koop ik een reproductie van Pablo Picasso’s Guernica waarop de schilder in zwart, wit en grijs agressie en angst, chaos en verderf, onrecht en dood heeft verbeeld. Met punaises prik ik de prent op de muur van mijn kamer.

Picasso-guernica-detail

Guernica is de eerste open stad in de geschiedenis, die wordt gebombardeerd. De vliegtuigen van het Duitse Condorlegioen zaaien op 27 april 1937 hun dodende last uit over de weerloze stad. Meer dan zestienhonderd onschuldige burgers komen om, meer dan negenhonderd raken gewond. Als Rotterdammer voel ik mij verbonden met die stad, op 14 mei 1940 vernietigen Duitse bommenwerpers de historische binnenstad van Rotterdam, negenhonderd mensen worden gedood, tachtigduizend verliezen huis en haard.

Guernica-femme-a-lenfant

 Het is in 1966 niet zo druk als nu aan de Costa Brava, het massatoerisme moet nog op gang komen. Spanje is goedkoop en de mensen vriendelijk. Maar na zonsondergang mag je niet vrijelijk naar de stranden en inhammen langs de kust. De Guardia Civil, de militaire politie, treedt hard op tegen overtreders. Niet dat iemand het in zijn hoofd haalt om te spotten met de verboden in het Spanje van Franco, die nog steeds zijn wil en wet aan de bevolking oplegt. Een praatje over politiek met een ober, winkelier of willekeurige passant wordt steevast afgekapt met: we weten wat we aan Franco hebben, está bien así, buenas dias, het is goed zo, goeie dag.

 Na twee weken luieren en bakken op het strand hebben we het wel gezien en we besluiten om over te steken naar de westkust. Onderweg schijnt de zomerzon genadeloos in onze Lelijke Eend waarvan we de kap opgerold hebben, de hete wind die naar binnen waait, brengt nauwelijks verkoeling. In Zaragoza is het meer dan veertig graden in de schaduw. We zijn blij als in Baskenland donkere wolken voor de zon schuiven en het gaat plenzen. ’s Nachts drijven we bijna de tent uit, het deert ons niet.

We zoeken vergeefs naar een gedenksteen

GUERNICA-details-2

Bij het passeren van het verkeersbord met Guernica erop jagen de beelden van de burgeroorlog door mijn hoofd. Nu ga ik de stad zien van Picasso’s schilderij met de vrouwen in doodsnood, armen machteloos ten hemel gestrekt, met de man, dodelijk getroffen op de grond, met de stier en het paard, symbolen van geweld en agressie.

thp

We rijden naar het centrum, mijn buik voelt wee. Grauwe woonkazernes doemen op, we ronden een pleintje, passeren sombere straten. Een oude man met een alpinopet schuin op zijn hoofd sloft zonder te kijken de rijweg op, we ontwijken hem maar net. Een vrouw in het zwart loopt een kerk in. Op een hoek staan twee agenten van de Guardia Civil, op hun hoofd hun merkwaardige pet met de platte achterkant. Voordat we erop bedacht zijn, rijden we de stad weer uit. We keren terug, weer die straten, weer dat pleintje. We zetten de auto aan de kant, gaan te voet verder, zoeken vergeefs naar een gedenksteen, naar een plaquette, naar een sculptuur, zoals onze Verwoeste Stad, het beeld met het gat van Zadkine. Niets herinnert aan dat gruwelijke verleden. Ontgoocheld rijden we weg, gracieus uitgezwaaid door een verkeersagent.

Het doek overweldigt me

1 mei 2002. De leden van de communistische partij marcheren zingend en leuzen scanderend door de straten van Madrid, vlaggen en vaandels fier omhoog. De politie houdt een oogje in het zeil en leidt de parade in goede banen. De sfeer is ontspannen, als was er nooit een burgeroorlog geweest.

Guernica_detail_4-dcf3d

De volgende dag lopen wij in het Reina Sofía Museum. Het is stil, we zijn de enige bezoekers. Een doorkijkje geeft ons zicht op de volgende zaal, de zaalwacht in uniform staat op, stapt opzij, laat ons door. Met slappe benen ga ik naar binnen. Het doek tegenover mij, dat een hele wand beslaat, de verbeelding van een stad in doodsstrijd, overweldigt me. Met tranen in mijn ogen aanschouw ik waar ik zesendertig jaar geleden vergeefs naar had gezocht: een monument voor Guernica.

guernica_alexiev

 

 

 

 

Chris Ebbe
Over Chris Ebbe 202 Artikelen
Chris Ebbe, vader van twee dochters, grootvader van drie kleinkinderen. Chris is begonnen als onderwijzer, werd daarna leraar biologie en decaan aan een middelbare school in Spijkenisse. Heeft evenals zijn vrouw, kunsthistorica, een brede belangstelling voor alles wat te maken heeft met stad en platteland, mens en natuur, kunst en architectuur. Werkt, gewapend met familieverhalen en na genealogisch onderzoek, aan een roman.

1 Comment

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.