Een Koude Oorlog zonder machtsevenwicht

Spotprent Koude Oorlog 1962: Sovjet-leider Chroestjov en Amerikaanse president Kennedy vechten het uit.

De Koude Oorlog is volgens de gangbare analyse de periode tussen 1945, het einde van de Tweede Wereldoorlog, en 1989, de Val van de Muur. Het was de tijd dat twee machtsblokken tegenover elkaar stonden. Het democratische, kapitalistische Westen tegen het communistische Oostblok. Het westen schuilde onder de paraplu van de VS en het oosten zuchtte onder de knoet van de Sovjet-Unie. Tot de Sovjet-Unie vermolmd in elkaar zakte.

Daarna zou ‘het einde van de geschiedenis’ aanbreken. Dat was een idee van de Amerikaanse politicoloog Francis Fukuyama die daar een bestseller met de gelijknamige titel overschreef. Die titel was misleidend. Er kwam natuurlijk geen einde aan de geschiedenis. Wat hij bedoelde was dat er geen levensvatbaar alternatief was voor de liberale, kapitalistische democratie. Het communisme had gefaald en een kansrijke concurrent was in geen velden of wegen te bekennen.

Tot China zich ging roeren. China zou je een hybride kunnen noemen. Kapitalistischer dan China is nauwelijks mogelijk, met uitzondering misschien van de bakermat van het moderne kapitalisme, de VS. Alleen de Chinese variant noemen ze in Beijing ‘socialisme met Chinese kenmerken’. Dat betekent staatskapitalisme onder de ijzeren regie van een communistische partij die alleen nog in naam communistisch is.

Een nieuwe supermacht

China, Xinjiang-Oeigoeren, Erik Kuijpers
Heropvoedingskampen voor Oeigoeren…

Normaal gesproken zou dat Chinese model geen rivaal moeten zijn voor het westen. Het is een dictatuur, pakt dissidenten op, draait in Hongkong de democratie de nek om en stopt naar schatting een miljoen Oeigoeren, een moslimminderheid in het westen van het land, in strafkampen die eufemistisch heropvoedingskampen worden genoemd. Qua soft power, de aantrekkingskracht van de politiek en cultuur, moeten ze in Beijing nog veel leren.

Niettemin is Beijing hard op weg de nieuwe supermacht te worden. De huidige supermacht, de VS, is onmiskenbaar op zijn retour. Je moet de Amerikanen nooit te vroeg afschrijven, maar het perspectief stemt nu wel somber. Interne tegenstellingen die er altijd waren, – racisme, de kloof tussen arm en rijk -, lijken nu te groot om nog overbrugbaar te kunnen worden. Het politieke systeem lijdt aan chronische verlamming en is niet in staat de impasses, sociaal, economisch en cultureel, te doorbreken. Sinds de slechtste president aller tijden in het Witte Huis zit, is het alleen maar erger geworden.

Verval van de ene en opkomst van een andere grootmacht is een oeroud thema in de wereldgeschiedenis. Daar is een hele bibliotheek over vol geschreven. Van de klassieke oudheid, de strijd tussen Athene en Sparta, tot inderdaad de Koude Oorlog tussen het Westen en het Oostblok.

De wisseling van de wacht gaat altijd gepaard met grote spanningen, conflicten en vaak oorlogen. Het bijzondere van de Koude Oorlog was dat het niet heeft geleid tot gewapende confrontaties tussen de hoofdmachten, de VS en de Sovjet-Unie, al scheelde het een paar keer, Cuba, de bouw van de Muur, niet veel. Dat was ook mogelijk omdat de conflicten als het ware werden geëxporteerd naar de Derde Wereld, waar door de VS en de Sovjet- Unie gesteunde partijen elkaar plaatsvervangend over de kling joegen.

Einde van het machtsevenwicht

Dat betrekkelijk vreedzame naast elkaar leven van de supermachten was mogelijk door de klassieke geopolitiek. Er was in de loop der jaren een machtsevenwicht gegroeid waarbij beide partijen elkaars grenzen, de fysieke en figuurlijke, erkenden. De fysieke grenzen werden altijd gerespecteerd en de figuurlijke meestal. De inmenging in elkaars binnenlandse aangelegenheden en die van de respectieve bondgenoten, bleef beperkt tot propaganda en de meestal vruchteloze beïnvloeding van het interne politieke debat. Het was een overzichtelijke, redelijk stabiele wereld die werd beheerst door de ‘vreedzame coëxistentie’ van de machtsblokken.

Na de val van de Sovjet-Unie had de VS zo’n 20 jaar het domein alleen. En was het wachten op een nieuwe uitdager. Er was zoals gezegd maar één staat die daarvoor in aanmerking kwam: China. 40 jaar nadat het begonnen was met de kapitalistische hervormingen, staat het nu in de startblokken om het hegemoniale estafettestokje van de VS over te nemen.

Een tijd lang heerste er in het Westen de blijmoedige opvatting dat met de economische hervormingen ook het systeem hervormd zou worden. Dat China volgens het boekje van Fukuyama een democratische, kapitalistische rechtsstaat zou worden. Het duurde vrij lang voor men van die illusie genezen was. De kans dat China ooit een op liberale, westerse ideeën georiënteerde macht zal worden is ongeveer nul. Dat wordt nu wel ingezien.

Intussen is China al wel uitgegroeid tot een economische grootmacht. En economische macht wordt vrijwel altijd politieke macht. Beijing zet die economische macht uiteraard in voor zijn politieke doeleinden. Via onder meer de ‘nieuwe zijderoute’, het netwerk van industriële en infrastructurele projecten dat inmiddels een groot deel van de wereld omspant en zijn eigen ontwikkelingsbank, waardoor landen aan het Chinese financiële infuus hangen.

Wat zijn die politieke doeleinden? China moet marktleider worden in de nieuwe digitale technologieën, robotisering, kunstmatige intelligentie maar ook de klimaattechnologie. En dat is nog maar de opstap naar de positie als nieuwe onbetwistbare supermacht. Dat is voor de meeste Chinezen altijd de natuurlijke status van het land geweest en moet in 2049 gerealiseerd zijn wanneer het door Mao gestichte rijk zijn eeuwfeest viert.

Buurlanden worden geïntimideerd

De opkomst van zo’n nieuwe hegemoon valt uiteindelijk niet tegen te houden. De kunst is om het tijdens de overgangsfase in goede banen te leiden en, vooral, voorkomen dat conflicten onbeheersbaar worden en uitlopen op gewapende confrontaties en oorlogen. Beijing leek zich aanvankelijk redelijk gedeisd te houden. Het hield zijn licht conform de voorschriften van Deng Xiao Ping, de grote hervormer na de chaos van Mao, onder de korenmaat. Maar sinds het aantreden van president Xi Jin Ping in 2012 zijn de remmen los. Beijing manifesteert zich steeds nadrukkelijker als de nieuwe troonpretendent en eist steeds ongegeneerder zijn plaats onder de zon op.

Alex Ouddiep, Beste Buren, Zuid-Chinese Zee, Rumoer
Erewacht bij oplevering China’s eerste lviegdekschip in 2012
Foto Xinhua

Niet alleen in de eigen regio, waar het zijn machtssfeer onstuitbaar uitbreidt. De Zuid-Chinese Zee is in strijd met het internationaal recht een ‘Chinese zee’ geworden, compleet met militaire bases. De buurlanden worden regelmatig geïntimideerd en over het lot van Hongkong en het dreigende lot van Taiwan hoeven het niet uitvoerig meer te hebben. Hongkong is begin deze maand beroofd van zijn autonomie en dat hangt Taiwan op den duur ook boven het hoofd.

Maar ook buiten die directe invloedssfeer toont Beijing zijn opgepompte spierballen. Het VK is het laatste, maar zeker niet enige voorbeeld. De Britten hebben na aanvankelijke toestemming besloten het 5G-systeem van techgigant Huawei toch niet uit te rollen. Beijing zou het kunnen gebruiken om te spioneren, een gevaar waarvoor Londen eerder ook door eigen specialisten was gewaarschuwd.

De bonzen in Beijing reageerden zoals inmiddels standaard is wanneer andere staten niet onmiddellijk door de knieën gaan. Ze dreigden meteen met economische represailles. De finesses van het diplomatieke verkeer zijn aan hen niet langer besteed.

Koude oorlog zonder bondgenoten

Normaal gesproken zou de VS als nog-hegemoon het verzet tegen de opkomende macht moeten organiseren en leiden. President Donald Trump doet het op zijn eigen onnavolgbare manier. Hij heeft China de handelsoorlog verklaard en wil Beijing ook aanpakken vanwege het ‘Wuhan-virus’ dat nu ook en vooral door zijn eigen wanbeleid in de VS woedt, maar hij heeft, zoals op geen enkel beleidsterrein, geen strategie. Tenzij je ‘de beuk erin’ als zodanig zou willen kwalificeren.

Peter van Nuijsenburg, Koude Oorlog, Machtsevenwicht, Sam
Afgeserveerde bondgenoten hebben geen trek in Uncle Sam Twitter

Voor een effectieve strategie heb je een doel, bondgenoten en een op elkaar afgestemd arsenaal van maatregelen nodig dat naar gelang de situatie kan worden aangescherpt of afgezwakt. Een helder geformuleerd doel is er niet, de bondgenoten zijn afgeserveerd en met dat samenhangende maatregelenpakket wil het ook maar niet lukken. Misschien dat het beter wordt als Trump na de verkiezingen in november het veld ruimt. Joe Biden, de Democratische presidentskandidaat kan het onmogelijk slechter doen.

Van Europa heeft Xi evenmin veel te vrezen. De opkomst van China wordt alom erkend als een probleem maar de neuzen in de EU in dezelfde richting krijgen is en blijft altijd een moeizame aangelegenheid. De eigen nationale belangen wegen vrijwel altijd zwaarder dan het grotere Europese belang en een compromis overstijgt zelden het niveau van de kleinste gemene deler. Duitsland zou als belangrijkste land de voortrekkersrol op zich moeten nemen. Alleen, de export is zo afhankelijk van China dat de handen van Berlijn gebonden zijn. Of zoals de Australische sinoloog Clive Hamilton al dan niet terecht en met enige vileine overdrijving opmerkte: de Duitse auto-industrie bepaalt het Duitse China-beleid.

Het westerse kamp is zo verdeeld en het machtigste land zo ontredderd en stuurloos dat Xi en co geen knip voor de neus waard zouden zijn als ze daar geen gebruik van zouden maken. Je kunt naar analogie van de strijd tussen het Westen en het Oostblok waarschijnlijk niet eens spreken van een nieuwe Koude Oorlog. Dat veronderstelt ook aan de kant van het Westen een gecoördineerde politiek en strategie en die zijn momenteel ver achter de horizon verdwenen.

Foto’s/Afbeeldingen:

Cubacrisis 1962: Cartoon armpje drukken tussen Sovjetleider Chroestjov en Amerikaanse president Kennedy. Gezien bij lesmateriaal havo-3
Parafrase Uncle Same Wants You: Contrary perspective
Foto homepage Xi Jingping en D. Trump: schermafbeelding Teller report

Eerder op Trefpunt: Xi Jingping begint Jaar van de Rat slecht
Peter van Nuijsenburg
Over Peter van Nuijsenburg 224 Artikelen
Journalist en publicist Peter van Nuijsenburg (1951) werkte in het verleden bij De Telegraaf, Elsevier en persbureau GPD, het Financieele Dagblad en diverse omroepen. Hij was correspondent in Johannesburg, Berlijn, Tokio en Rome. Peter was voorheen ook parlementair en economisch redacteur. Hij is liefhebber en kenner van kunst en cultuur. Bij dagblad Trouw publiceerde hij boekbesprekingen. Beroepsmatig en (meer recentelijk) als toerist was hij in Thailand en andere Asean–landen.

1 Comment

  1. De columns van jouw Peter, lees ik altijd met dubbele aandacht.
    Zelf denk ik dat China al belangrijker en sterker is dan de USA, alleen hebben ze
    geen Trump die vanalles roep-toertert, het gaat bij hen meer geruisloos, behalve dan
    in Hong Kong waar de echte Chinese spierballen gebruikt worden.

    Berthy, Chiang Mai.

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*