De dwaas doet wat hij wil (1)

Alphonse Wijnants, Dwaas doet wat hij wilAlphonse Wijnants, coauteur van Trefpunt Thailand, is zuinig met zijn verhalen. Hij belijdt dat hij ze moeilijk los kan laten en maar blijft bijschaven. Hier toch eentje, in versie G! De beroemde en beruchte Thanon Sukhumvit – Sukhumvit Boulevard speelt de hoofdrol. De ik-persoon in ‘De dwaas doet wat hij wil’ legt midden in het nachtelijke Bangkok op die beruchte Sukhumvit zijn wang op de weke borsten van een negermeisje te rusten. Heeft hij het met Thaise schoonheid gehad? Of dook er een hinderpaal op?

(Met verklarende woordenlijst)

 

Ik passeer Soi 7 – Sukhumvit oneven. Ik zet er de pas in. Ik heb stegen van straten leren onderscheiden. Ja, er is een logica in de menselijke modus: geen werk geen eten!
In een aloude handel en wandel roeien we met de riemen die we hebben.
De Pakistaanse kleermaker die naar zijn rolmeter grijpt. De gewichtloos fladderende Isaan-tieners achter de toonbank in de 7Eleven, die doen fantaseren. Vlak ernaast het kleine Ever Rich Hotel, gerund door een gestreng verzuurd echtpaar uit Mumbai, de vrouw met een rode duimafdruk tussen haar wenkbrauwen, ze lossen elkaar dag en nacht af. Oranje, groene, blauwe ATM-torentjes door de hand van een onzichtbare god gevuld. Meter na meter volgt het op elkaar. Uit iedere vierkante centimeter wordt profijt getrokken.
De lege Starbucks, diepe krappe pijpenlades met kleurrijk afgewerkte handtassen van huisvlijt uit de bergen van Chiang Mai. De zwijgzame, voor de zon ingepakte Cambodjaanse ijzervlechters in de bouwputten voor wolkenkrabbers,. Het halalrestaurant met de onverstoorbare dikke schommelende gesluierde moslimvrouwen die je omver lopen, de Duitse Beer Garden, alles schakelt zich aan elkaar en is verweven.
Ik weet niet hoe, en dat is waarom Bangkok een mysterie is.

Alphonse Wijnants, Dwaas doet wat hij wil
…. Sukhumvit Soi 7 

Vergeet ik het massagesalon met de kring katoey op lage banken? Die zitten al dichter bij Soi 5. Eén voor één lonken ze met amandelvormige ogen. Bij mijn nadering gaan ze achter elkaar in het gelid staan. Tevergeefs. Hun borsten zijn ferm. Hier en daar doet er eentje in zijn oogopslag ongegeneerd een brutale bezitsdrift vonken. De traditionele paasin valt ze tot op de blote voeten, rijzig komen ze voor me overeind.
Ik passeer de revue.
Zogezegd wacht aan een bushalte een slank jong Thais kantoormeisje in een kort verfomfaaid uitgaanskleed. Ze komt uit de nacht. Diepblauw brokaat, haar dij trekt scheef, spant zich verleidelijk op, haar knie geknikt. Ze is vermoeid. Ze kijkt steels achterom. Met die vormeloze zwarte slangenlederen handtas aan haar schouder bungelend, die rode strepen op haar vale huid, die verlopen mascara en die verschoven schouderbandjes, ziet ze er vermoeid uit. Ze heeft de hele avond en nacht de Sukhumvit op- en afgelopen. Schuw geeft ze me een desperate smile, spreekt met haar ogen. Ik spreek terug, neen…
Ik zet er nu echt de pas in want ik krijg trek in een stevig ontbijt. Dat vind ik hier wel in de Stad van de Engelen – Europees ontbijt. Spiegelei, bruine broodsneden, goeddoorbakken omgekruld spek. Knapperig – zoals het moet.
De Sukhumvit meldt zich piekfijn aan in de ochtend. De lucht is uitgepuurd. Het lijkt of er overal groen uitschiet. Klimplanten wurmen zich aan lantaarnpalen omhoog.
De zon hangt in gele gevlochten tressen boven Bangkok. Nu is ze een vrijpostig schoolmeisje met blonde vlechten en hemelsblauwe ogen. Straks gaat ze branden. Als een heks op een brandstapel. Tuktuks toeteren snedig, werpen zich op de kruispunten met jeugdige zwaai voor de auto’s.

Alphonse Wijnants, Dwaas doet wat hij wil
Voorheen landweg tussen rijstveld

Ik maai lange passen op de onvergankelijke Thanon Sukhumvit. Minder dan honderd jaar geleden was dit nog een landweg tussen rijstvelden. De weg die Prasop Sukhum eert, directeur nummer vijf van het Departement Hoofdwegen van Thailand een goede tachtig jaar geleden. Prasom Sukhum nog door koning Bhumibol tot directeur-generaal bevorderd en door hem persoonlijk Phra Pisan Sukhumvit genoemd was de eerste Thai die in de VS voor ingenieur studeerde, in Massachusetts een diploma van het befaamde MIT in handen kreeg. Die tweede naam, Phra Pisan Sukhumvit, dat was een naam waardig voor iemand die snelle wegen door het land trok. Thailand had de ambitie van een moderne staat. Deze weg, Route 3 – aangelegd voor snelle troepenverplaatsingen naar de Cambodjaanse grens.
Hij is haast vijfhonderd kilometer lang. Samut Prakan, Chonburi, Pattaya, Rayong, Chantaburi, Trat. Het hele zuid-oosten ontsloten. Stad na stad rijgen de tempels, de vergulde daken, de markten, de soi’s, de kruispunten, de bomenrijen, de verhalen zich op deze weg aan elkaar. Ieder land heeft zo zijn beroemde routes.
In Trat heb ik nog enkele weken in het ziekenhuis gelegen. Toen ik van de narcose bijkwam, begon de chirurg aan mijn bed te praten. Het was een uur voor middernacht. Met moeite bewoog ik een ooglid, mij viel de witte ronde ziekenhuisklok als eerste op. Zijn Engels was haast onverstaanbaar, toen dacht ik dat mijn waarneming verstoord was.
Die arts, nog jong, stak zijn handen vooruit, bracht ze boven mijn buik bij elkaar. Zijn witte vingers, met lijkkleurige latex handschoenen overtrokken, zwermden boven de operatietafel, zeilden, streken weer neer. Nog in bedwelming meende ik iets alsof hij ging handlezen. Symboliseren dat hij met lege handen stond en hem iets ontglipt was. Misschien was ik in een zoveelste nieuw leven terechtgekomen…
Maar ik vond mezelf nog in leven in een leven dat ik nog kende. De in mij roerende herinneringen kwamen bovendrijven, waren van mijn oude leven. Enkele dierbaren, wat vrienden en familieleden, wat tegenslagen, wat meevallers, dat was in gedachte bij mij – en ik wist dat ik hier ver van huis was.
Mijn leven, dat was ik niet kwijt.
Met gehaspel deed die chirurg in een zekere houding voor, hoe zorgvuldig hij orgaan na orgaan uit de lange snede in de onderste helft van mijn lijf had gehaald, in de felle lampen van de operatietafel opgetild, gekanteld en rondgedraad, onderzoekend bekeken, aan de operatieassistenten gedemonstreerd, opnieuw bekeken, geïnspecteerd, weer in mijn buikholte gepropt. In gesis voerde een dunne transparante slang met een smal zuigmondje mijn bloed af. Alles weer teruggestoken, op de milt na, toonden zijn handen, die had er als een vertrappelde reuzenbovist uitgezien. Niets meer aan te doen. Hij had hem er precieus uitgesneden.
Ik ben er zeker van dat het zo gegaan is. Precies zo!
Ik bleef met een rij nietjes van aan mijn borstbeen tot in mijn schaamhaar achter. Ik was geëmotioneerd en hallucineerde van de morfine.

(Vervolg dinsdag 18/10)

 

Woordverklaring

– ATM: Automated Teller Machine, bankautomaat. Van falang mannen wordt grappend gezegd dat ze een wandelende ATM voor hun Thaise vrouwen zijn, maar dat heb je in het vrije westen gelijkaardig.
– Even, oneven soi’s: De nummering van de straten gebeurt per kant, ofwel even, ofwel oneven genummerd. Klassiek bij ons ook trouwens.
– Falang: alom gebruikte term in Thailand voor buitenlander, vreemdeling. Bedenk echter, alleen vreemden of blanken uit Europa (Noord-, Zuid-, Oost-, West-Europa), de VS, Canada, Australië, Nieuw-Zeeland worden door de Thai falang genoemd. Japanners, Indiërs, Saudi’s bijvoorbeeld zijn dus geen falang. Over Zuid-Amerikanen bestaat twijfel. Alle Thaise vrouwen, teleurgesteld in hun Thaise man, hebben het tegenwoordig op een falang gemunt. Soms een meevaller, vaak een ramp. Fijnbesneden leraresssen uit Khorat vallen standaard op dikbuikige getatoeëerde Zweedse truckdrivers.
– Katoey: transgender, ladyboy (populaire term buiten Thailand). 1 Deze geslachtsidentiteit leidt in Thailand niet noodzakelijk tot een man-naar-vrouw-transformatie of een neovagina. Integendeel, veel katoey houden het heel natuurlijk. Je komt ze zowel in de stad als op het platteland tegen. Westerlingen (ondanks hun zogenaamde tolerantiegehalte) kunnen naar mijn mening de specifieke eigenheid van de Thaise transgender moeilijk bevatten of accepteren of zelfs niet eens een gepaste houding aannemen. Westerlingen plaatsen het altijd in een context van lichamelijke seksualiteit, van sodom en gomorra. Niet naar de mentale gevoeligheid. Dat komt door de impact van de woestijngodsdiensten in het westen. Het boeddhisme daarentegen is erg begripvol.
2 Katoey zijn goed vertegenwoordigd in de amusementswereld. Sommigen hebben een eigen talkshow op de nationale zenders. Soms zingen ze. Dan komen er wel borsten aan te pas. In de Mor Lam Moo zijn het types, precies zoals de Arlecchino en de Pantaleone uit de Commedia del’Arte. Lachen geblazen.
3 Steeds meer niet-heterofiele mensen uit de hele wereld trekken naar Thailand waar ze niet gestoord door taboes met een inlandse partner kunnen leven. Zij veroorzaken een sterke druk op de Thaise katoey die zich om die reden steeds meer tot gevaarlijke medische therapieën en plastische chirurgische ingrepen laten verleiden. Inname van illegaal gekochte vrouwelijke geslachtshormonen, siliconenborsten, verwijdering van scrotum, testes en penis blijken steeds couranter. Het zijn de buitenlandse trandgenders die die eisen stellen. Niet de Thaise jongens zelf.
Ik bewonder de gelijkmatigheid en sereniteit van de Thaise maatschappij die zich steeds weer aan de toevloed van gekdoende vreemdelingen aanpast.
– Isaan, I-san, E-san: Eén van de vier grote streken in Thailand, gelegen in het Noord-Oosten. 1 Een voorheen arme streek met een heel eigen karakter en vol rijstbouw met kleine rijstboeren. Nu stilaan aan het moderniseren met een steeds sterkere nadruk op industrie, onderwijs en ontwikkeling. De kinderen van de boeren, tot ca. veertig jaar oud, zijn voor werk naar Bangkok getrokken. Bangkok wordt soms spottend ‘Isaan-city’ genoemd, alle taxichauffeurs, motorsai-drivers, portiers… zijn van herkomst uit de Isaan. Alle jobs zonder scholing worden door goedkope Isaan-mensen ingenomen. Het is de tragiek van een streek, de tragiek van een volk dat door die veranderingen ontheemd dreigt te worden, haar waarden kwijt dreigt te geraken en daardoor vanuit een geldelijke kosten-batenanalyse leven en liefde aanpakt.
2 Die tragische evolutie is bezongen in vele pakkende mor-lam-singh-liederen. Pumpuang ‘Pueng’ Duangjan (1961-1992) is de icoon van de tragisch klinkende Isaanse mor-lam-traditie. Zij is niet meer of niet minder dan de Lady Day van de Isaan, door haar songs, haar succes, haar liefdesleven, haar vroege dood. Zoals Billy Holliday de stem van de lijdende zwarten uit het zuiden van de VS in de jaren dertig en veertig vertolkte. Ik word stil van haar liederen, heel ontroerend en indringend.
3 De kinderen van de boeren verkopen steeds meer rijstakkers voor woonbouwprojecten of bedrijfsgrond of gewoon om aan geld te geraken. De Isaan is een streek die historisch sterk bij het verleden, de cultuur en de gebruiken van Laos aanleunt. Men zegt wel, dat de mooiste vrouwen van de Isaan afkomstig zijn. Ze hebben alleszins wel vuur, passie en een sterk karakter. Ze hakken met een vleesmes graag piemels van hun ontrouwe echtgenoten af. Door die handelingen zijn de Thaise chirurgen uitzonderlijk geoefend in het aannaaien van mannelijke delen en ook het uitvoeren van transgenderoperaties.
– Paasin: kledingstuk, soort rok, ook sarong, phanung: twee meter lange doek die om de taille geslagen wordt en tot op de enkels kan reiken. Er zijn de traditionele paasins voor officiële gelegenheden en dagelijkse paasins die je enkel nog in moobaans, dorpen op het platteland waarneemt. De dessins zijn vaak geometrisch. In Myanmar is het nog vanzelfsprekend dat vrouwen èn mannen dagelijks een paasin dragen.
– Soi, soi’s: zijstraten, stegen die vanuit een grote straat of boulevard vertrekken en als naam een nummer hebben bij de naam van de hoofdstraat. Geeft verwarring want in iedere stad aan de Sukhumvit heb je telkens weer dezelfde nummers, Sukhumvit Soi 7 bijvoorbeeld in Bangkok of Pattaya.
– Stad van de Engelen: 1 De Thai kennen de naam Bangkok wel, maar gebuiken uitsluitend de naam Krung Thep, Stad van de Engelen. Zoiets als een Aziatisch Los Angeles. De naam Krung Thep zijn de eerste twee woorden van een onvoorstelbaar lange naam (drie regels in A4), die de echte en volle naam van Krung Thep is. Alle kinderen leren die naam op school van buiten. Het heeft wel stijl, zo’n lange naam, tevens de langste naam van een stad over de hele wereld. 2 (Volledig is: ‘Krung Thep Mahanakhon Amon Rattanakosin Mahinthara Ayuthaya Mahadilok Phop Noppharat Ratchathani Burirom Udomratchaniwet Mahasathan Amon Piman Awatan Sathit Sakkathattiya Witsanukam Prasit.’ De betekenis is hier en daar te achterhalen, als je aandachtig leest, ahum!)
(Vertaling: ‘De Stad van de Engelen, de beroemde stad, verblijfplaats van de Boeddha van Smaragd, de onneembare stad (van Ayutthaya) van de God Indra, de grote hoofdstad van de wereld schitterend als negen kostbare edelstenen, de gelukkige stad, rijk aan een immens Koninklijk Paleis, gelijkend op het hemelse verblijf waar de wedergeboren God heerst, een stad, geschonken door Indra en gebouwd door Vishnukarn.’)
3 Bangkok is dus de buitenlandse naam. Waarschijnlijk opgepikt door de eerste handelsagenten, Portugezen, Fransen en Nederlanders, die Siam moesten verkennen en aan de monding van de Chao Phraya die door Bangkok stroomt, depots hadden in Baang Kok. Baang Kok verwijst naar een plaats aan de riviermonding met olijvengaarde.
4 Wie een evocatie van het Bangkok van honderd jaar geleden wil zien, kan ‘De tempel van de dageraad’ van de Japanse auteur Yukio Mishima lezen,. Zijn Bangkok heeft nog een net van klongs, van kanalen, die nu tot straten gedempt zijn. De prachtige Wat Arun aan de Chao Phraya, letterlijk Tempel van de Dageraad, speelt een hoofdrol in de roman.
– Sukhumvit: Thanon Sukhumvit: mythische en historische weg die vanuit Bangkok tot aan de grens met Cambodja de zuidoostelijke kust volgt. Genoemd naar Phra Pisan Sukhumvit, gestorven 1950, een hoofdingenieur aan de Thaise staat. De Sukhumvit-boulevard begint in het Phatumwan-district van Bangkok, als een vervolg van de Thanons Rama I en Phloenchit. Het is een Interstate Road, zoiets als Route 66 in de VS, goed voor een boeiende roadtrip. Voorlopig nog niet gecommercialiseerd. Grijp je kans.

 

Alphonse Wijnants
Over Alphonse Wijnants 26 Artikelen
Alphonse Wijnants (België) is gewezen leraar en directeur van middelbare scholen. Voormalig copywriter. Heden: Ronddwalen in Zuidoost-Azië en kortverhalen schrijven over mensen en voorvallen aldaar.

2 Comments

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.