Demonen (4) Blind schaken


‘Laat maar eens zien dan. Dat jij dat kunt.’ Hij zet de stukken op en leunt achterover. Bobby kijkt hem een tijdje aan. Dan draait hij zijn stoel een kwartslag en zegt tegen de gevel van Keshi’s Bar: ‘e2 – e4.’

‘Wat?’ zegt Cornelius.
‘Zijn openingszet,’ zegt Sebastien. Hij schuift de witte e-pion twee velden naar voren. Cornelius haalt zijn schouders op en doet hetzelfde met zijn eigen e-pion. Hij slaat zijn armen over elkaar en gaat zitten wachten.
‘Je moet zeggen welke zet je hebt gedaan,’ zegt Sebastien.
‘Dinges,’ zegt Cornelius, ‘hoe heet dat?’
‘e7-e5,’ zegt Sebastien.
‘e7-e5,’ zegt Cornelius.
‘f2-f4,’ zegt Bobby tegen de gevel.
Babe’s hand schiet naar voren en graait de pion van het bord. ‘Gepakt,’ roept ze.
‘Spelen jullie maar verder,’ zegt Cornelius, ‘jullie weten het toch beter.’ Hij draait zich om naar Swamiji. ‘Swami, ben jij wel eens in het Parvati tempeltje geweest op dat eilandje in de rivier,  je weet wel.’
Sebastien steekt een sigaret op. Hij gaat ervoor zitten. Zijn ellebogen op het tafelblad en zijn hoofd in zijn handen. De ogen half dichtgeknepen tegen de rook. Hij neemt de tijd voor zijn zetten en legt Babe geduldig uit wat er fout is aan haar suggesties. ‘O,’ zegt Babe. Ze loopt niet graag het risico voor dom te worden aangezien.
Bobby vuurt zijn zetten terug als een echo. ‘Loper c1-g5, schaak en mat,’ zegt hij op de veertiende zet. Ik heb ze zitten tellen.
‘Wauw,’ zegt Sebastien, ‘gefeliciteerd Bobby.’
Cornelius kijkt van het schaakspel naar Bobby, die Sebastiens felicitatie met een knikje in ontvangst heeft genomen en nu wegkijkt over de muur, alsof zijn bemoeienis met de gang van zaken op het terras de grenzen van het fatsoen al heeft overschreden. Dan begint hij de stukken te verzamelen, klapt het spel dicht, stopt het terug in de plastic zak en kijkt op zijn horloge. Binnen een minuut glijdt zijn gehelmde hoofd boven de muur voorbij. Een man die getuige is geweest van voodoo of zwarte magie en daar niets mee te maken wil hebben. Babe staart naar Bobby met dezelfde blik waarmee ze eerder de sikhs heeft gefixeerd.
‘Fucking India,’ zegt Patrick. Hij is nu straalbezopen. Wanneer hij dit stadium heeft bereikt, kunnen er twee dingen gebeuren. Of hij strompelt zonder een woord van afscheid de straat op, waar een van de vaste rikshabestuurders hem opvangt en naar huis brengt, of hij begint ruzie te zoeken. Swamiji zit hem belangstellend op te nemen vanachter zijn panoramaruiten. ‘Fucking India,’ zegt Patrick nog maar eens. Dan hijst hij zich op aan de tafelrand en komt half overeind. Hij steekt zijn vuist in de lucht en schreeuwt: ‘Fucking India!’
‘Dimmen Patrick,’ zegt Sebastien met een knikje naar de sikhs.
‘Fucking sikhs,’ brult Patrick.
De grootste sikh begint zich langzaam om te draaien, een Everest die in beweging komt. Een van zijn maten legt een hand op zijn arm en zegt iets tegen hem. De berg stopt, draait langzaam terug. Patrick zakt als een juten zak halfvol aardappelen op zijn stoel en kijkt met een rode blik hoe de sikhs afrekenen en zwaar en waardig op weg gaan naar huis, waar hun vette vrouwen wachten met vette Punjabi gerechten of, dat zou natuurlijk ook kunnen, dieper de hoerenwijk in, waar ranke Nepalese meisjes lokken met haarloze oksels en andere exotische attracties.
Babe staat op en loopt naar Bobby’s tafeltje. Het gaat zo plotseling en het is zo’n ongehoorde gebeurtenis dat we elkaar aankijken, Sebastien, Swamiji en ik. Babe zet haar bierpul op het tafelblad, gaat zitten en neemt de sigaret uit haar mond. Ze begint tegen Bobby te praten. Ik kijk opzij naar Sebastien. Zijn magere gestalte in de stoel geklemd als een veer die elk moment los kan springen. Nu is Bobby aan het woord. Hij buigt zich over het tafelblad, zijn gezicht vlak voor Babe’s gezicht. Babe knikt. Ze knikt nog eens en een derde keer. Dan staat ze op en pakt haar bierpul van de tafel. Als ze weer naast Sebastien zit, kijkt ze voor zich uit met een blik die verder reikt dan de zichtbare wereld. Haar mond staat een stukje open en ze heeft een fronslijntje tussen haar wenkbrauwen. Ik heb haar nog nooit zo hartverscheurend mooi en kwetsbaar gezien.

Wordt vervolgd.

De vorige delen gemist? U kunt ze hier vinden: deel 1, deel 2, deel 3


Rob Verschuren
Over Rob Verschuren 53 Artikelen
Een half leven lang op weg naar het Zuiden, heeft Rob Verschuren via België, Frankrijk en India in 2009 Nha Trang, Vietnam bereikt. Nu hoeft hij niet meer verder. In zijn hangmat aan de Zuid-Chinese Zee schrijft hij reclame voor klanten en fictie voor zijn plezier.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*