Hoe China corona als dekmantel gebruikt


De coronacrisis is zoals we weten een nimmer opdrogende bron van complottheorieën. Dit exemplaar verspreidde zich ongeveer net zo snel als het virus zelf: het was helemaal geen ongeluk! Het virus kwam helemaal niet van die voedselmarkt in Wuhan! Beijing had het laten ontwikkelen in een laboratorium in die stad en vervolgens bewust laten ontsnappen. Om zijn sinistere plannen te kunnen uitvoeren!

De bonzen seinden de wereld opzettelijk te laat in en daardoor kon het virus zijn dodelijke opmars door de wereld beginnen. Goed, er overleden ook duizenden Chinezen. Maar dat is een prijs die ze in Beijing probleemloos betalen. Had de stichter van de huidige staat, Mao Ze Dong niet ooit verklaard dat hij niet bang was voor een kernoorlog? Als daar een paar honderd miljoen Chinezen bij omkwamen, bleven er nog altijd genoeg over, aldus de Grote Roerganger. Dus een voor hun begrippen handvol Chinezen minder als gevolg van corona kunnen ze wel hebben. Hoofdzaak is dat het westen zo in paniek en verwarring raakt dat ze niet in de gaten hebben wat ze in Beijing uitbroeden.

Onzin? Natuurlijk. Complottheorieën veronderstellen een bovenmenselijk vooruitziende blik en planningsvermogen. Dit gaat zelfs de macht te boven van de volgens de propaganda alwetende, onmetelijk wijze President voor het Leven, Xi Jin Ping. Naar westerse maatstaven is Xi vooral een meedogenloze potentaat van de oude stempel. Hooguit een mini-Mao die hopelijk minder ellende aanricht dan zijn destijds ook in het westen vaak bewierookte rolmodel. Zoals het is, is het al erg genoeg.

Niettemin, de corona-uitbraak biedt Xi wel kansen. Wat bezorgde de mannen in Beijing het afgelopen jaar de meeste hoofdbrekens? Juist, de opstand in Hongkong.

Het lijkt inmiddels een eeuwigheid geleden maar verleden jaar rond dit tijdstip begonnen Hongkongers massaal te protesteren tegen de toenemende inmenging van Beijing in hun stad. Aanleiding was een wet om criminelen uit te leveren aan het moederland. De demonstranten vreesden dat het stadsbestuur met die wet ook dissidenten zou gaan uitleveren. Dat was naar alle waarschijnlijkheid ook de bedoeling.

Dit was de zoveelste aanslag op de autonomie van de stad. Toen het VK in 1997 het bestuur van zijn voormalige kroonkolonie overdroeg aan China, kreeg Hongkong een eigen grondwet. Die constitutie garandeerde tot 2047 een betrekkelijke democratie voor de stad. Dat werd verkocht als ‘één land, twee systemen’. Van meet af aan werd daar door Beijing de hand mee gelicht. Het bestuur kwam al ras in handen van een zetbaas en verkiezingen werden zo gemanipuleerd dat de meerderheid in het stadsparlement pro-Beijing was.

In de loop der jaren kwamen steeds meer Hongkongers daartegen in het geweer. Dat protest radicaliseerde gaandeweg, ook omdat het stadsbestuur op gezag van Beijing geen duimbreed toegaf. De bonzen gingen er vanuit dat zij de langste adem hadden. Van tijd tot tijd de ijzeren vuist ontbloten, de leiders arresteren en laten verdwijnen, en het verzet zou als vanzelf wegebben. Intussen kon verder gewerkt worden aan de inlijving van de stad in het moederland.

Het recept leek inderdaad te werken. Demonstraties staken de kop op en verliepen na verloop van tijd. Er zit echter wel een risico aan. De onvrede smeult verder, krijgt bij elk onderdrukt protest verse zuurstof en kan bij een nieuwe provocatie van het regime weer oplaaien. Vaak heftiger dan bij voorgaande keren omdat de demonstranten hun lessen hebben getrokken uit eerder verloren confrontaties.

Bij het oproer van vorig jaar was dat goed te zien. Het verzet had geen centrale leiding en geen uitgesproken leiders. Het kon dus niet met een paar slagen onthoofd worden. De organisatie was opgezet als een netwerk dat dankzij communicatie via de smartphone lang ongrijpbaar bleek. Wat de bonzen daartegenover stelden was nog meer botte en willekeurige repressie. Dat is ook een eigenschap van een dictatuur. Ze valt uiteindelijk altijd terug op maar een methode: erop los slaan.

Daarmee verspeelden ze bij de meeste Hongkongers de laatste schamele restjes krediet. Bij de wijkraadverkiezingen van november kwam de rekening. De kandidaten van het protest behaalden een onverwacht grote overwinning. De bevoegdheden van die raden stellen niets voor. Ze gaan over zaken als de vuinisophaal en nieuwe straatverlichting. Maar op zichzelf onbeduidende verkiezingen hebben in crisistijd vaak een signaalfunctie. En dat signaal gaven de kiezers. Hongkong stak de middelvinger op. Beijing stond briesend in zijn hemd.

Corona verdreef Hongkong uit het nieuws, zoals de meeste politieke ontwikkelingen, hoe belangrijk ook, uit het zicht verdwenen. En dat is voor regeringen en regimes dè gelegenheid om door te drukken wat ze onder andere, ‘normalere’ omstandigheden nooit hadden kunnen doordrukken. Het is een truc waarvan de would-be dictator van Hongarije, Viktor Orban, zich ook heeft bediend. Een alle aandacht opslurpende crisis als dekmantel, dat laat je als dictatuur niet lopen.

Xi Jin Ping kent deze gouwe ouwe uit het antidemocratische repertoire uiteraard ook. Het was alleen afwachten wanneer hij het zou inzetten. Dat is de afgelopen paar weken gebeurd. Corona verhindert mensen en masse de straat op te gaan. De autoriteiten konden vrijwel ongehinderd hun gang gaan.

Op het eerste gezicht waren die acties niet opzienbarend. Ze zuiverden het bestuursapparaat van de laatste onafhankelijke functionarissen. Ze pakten een aantal oudere dissidentenleiders op. Dat waren voornamelijk veteranen van eerdere protesten die nauwelijks of geen contacten hebben met de jongere generatie. Maar geen mens zal de boodschap niet begrepen hebben. De lockdown is niet meer dan een adempauze. Beijing en de zetbazen zitten niet stil. Tegenstanders blijven vogelvrij en de jacht kan elk moment weer geopend worden.

Zo ontmantelt Beijing onder dekking van corona stap voor stap de autonomie van Hongkong. Het virus hoefde niet eens met opzet de wereld in te worden gestuurd. Het maakt voor de zoveelste keer duidelijk dat een complottheorie als verklaring niet nodig is. Xi kan munt slaan uit een crisis die hij niet had voorzien en niet had gewild. Hij trekt het wurgkoord steeds strakker aan. En de wereld kijkt niet eens toe.


Peter van Nuijsenburg
Over Peter van Nuijsenburg 233 Artikelen
Journalist en publicist Peter van Nuijsenburg (1951) werkte in het verleden bij De Telegraaf, Elsevier en persbureau GPD, het Financieele Dagblad en diverse omroepen. Hij was correspondent in Johannesburg, Berlijn, Tokio en Rome. Peter was voorheen ook parlementair en economisch redacteur. Hij is liefhebber en kenner van kunst en cultuur. Bij dagblad Trouw publiceerde hij boekbesprekingen. Beroepsmatig en (meer recentelijk) als toerist was hij in Thailand en andere Asean–landen.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*