Censuur. Na verbieden komt verbranden

Antonin Cee, Kham Phaka, Dictatuur
….  censuur in de meest herkenbare vorm…..
Afb. van Listaka.com

De kunst is het domein van de vrijheid. Dat is het sinds de Verlichting en vooral de Romantiek toen de ‘autonome, vrij scheppende kunstenaar’ zijn opwachting maakte. Sindsdien kan de kunstenaar in zijn atelier, op het toneel en met de pen doen en laten wat hij wil en niet wil. Hier waait de geest waarheen zij wil.

Een heleboel mensen hebben daar altijd moeite mee gehad. Voor machthebbers, fatsoensrakkers, de bewakers van de goede smaak, de hoeders van de waan van de dag is die vrij rond waaiende geest een luis in de pels. In totalitaire staten is de kunst nooit vrij maar een verlengstuk van de staatsideologie. Het is propaganda en de officiële, door de staat erkende kunstenaars zijn propagandisten. In die landen wordt de echte kunst gemaakt door de mannen en vrouwen die tegen de klippen op hun eigen vrije domein hebben weten te creëren. Als ze tenminste niet opgesloten worden in het krankzinnigengesticht of het strafkamp dan wel onder verdachte omstandigheden om het leven komen. Zoals in China en Rusland.

Dat is de meest extreme vorm van censuur. In het Westen zal je tegenwoordig niet gauw iemand tegenkomen die daar voorstander van is. Hij of zij mag de oren dichtstoppen bij het horen van hedendaagse muziek of de pas versnellen bij het zien van ‘conceptkunst’, maar zal niet gauw om een verbod roepen. Laat staan dat hij of zij de makers wil laten opsluiten of nog iets erger voor ze in petto heeft. Zoveel betekent kunst nu ook weer niet.

Toch is het ook in het westerse domein niet altijd koek en ei. Alleen, het zijn niet de totalitaire apparatsjiks die aan de deur rammelen. De kunst is hier beschermd door de wet en wordt vaak door de overheid gesubsidieerd. Diezelfde overheid vertelt de schilder in ruil voor die poen niet wat hij wel en niet mag doen.

Peter van Nuijsenburg, Censuur, Ezel God
De ezel God. Gezien in Plakboek van God

Als hij koeienflats op het doek wil smeren om de klimaatdiscussie te verbeelden, prima. En als de schrijver in zijn roman de profeet wil opvoeren als een geitenneuker, hij gaat zijn gang maar. Sinds het Ezeltjesproces tegen Gerard Reve (in een brief aan zijn bank beschreef de auteur God als een lieve grijze ezel die hij langdurig in zijn Geheime Opening ‘bezit’) laat de overheid het tegenwoordig wel uit haar hoofd om in te grijpen. De rol van de overheid in de kunst is de portemonnee trekken en zich verder nergens mee bemoeien.

Daar zit dus niet langer het gevaar. Dat gevaar komt uit een heel andere hoek, van mensen van wie je het vaak niet verwacht. Niet zelden zijn ze links en hebben ze zeer vooruitstrevende gedachten over de mens en de wereld. In de kunstwereld zijn ze vaak voorstander van ‘baanbrekend en grensverleggend werk’. Ik heb menig kunstnota gelezen waar in kreupel proza dergelijke inzichten worden uitgevent. Of dat het maken van goede kunst bevordert, vragen ze zich meestal niet af. Dat is maar goed ook, want anders gaan ze echt vastleggen wat ‘baanbrekend en grensverleggend is’. (Die mensen hebben ook vaak malle brillen op en voelen zich vaak ‘eigenlijk ook kunstenaar’. Dat is hun goed recht en mij zul je er verder niet over horen).

Toch, ondanks die onbedoelde en onschuldige zelfpersiflage zijn dit niet de ergsten. Dat is weggelegd voor de conformisten en scherpslijpers van de politieke correctheid. Kunst wordt een instrument voor hun Goede Doel. Dat kan het doorbreken van het ‘traditionele rolpatroon tussen man en vrouw’ zijn, of de emancipatie van een achtergestelde minderheid, etnisch, religieus, seksueel of anderszins. Die kunst heeft dan een maatschappelijke functie. Niet zo gek lang geleden heette dat ‘geëngageerd’.

Begrijp me goed, dat mag allemaal en zeker in de literatuur, ik denk aan de essays en romans van zwarte schrijvers als James Baldwin en Ralph Ellison, heeft het goed werk opgeleverd. Dat blijft, geëngageerd of niet, toch het enig geldende criterium.

Maar wat onder geen beding kan is iemand voorschrijven wat hij niet mag. Een blanke schrijver zou geen zwarte figuur mogen opvoeren ‘omdat hij niet weet wat zwart zijn is’. Een man mag niet over een vrouw schrijven, omdat hij etc. Onderscheid maken tussen man en vrouw is sowieso link omdat dit het ‘denken in stereotypen’ bevordert.

De VS is doorgaans de bakermat van dit soort bewegingen met de woke- (bewust zijn van misstanden als racisme) en cancel culture (buitensluiten van mensen met ‘ongewenste opvattingen’) als de nieuwste spruiten. De kern van die ideeën is groepsdenken en dat werkt, zoals we weten, onherroepelijk conformisme en intolerantie in de hand. Dat is in het dagelijks leven al ongemakkelijk; in de kunst is het de dood in de pot.

Omdat wat in de VS gebeurt meestal ook overwaait naar de lage landen, hebben we er hier ook steeds vaker last van. De laatste oprisping komt van een mevrouw van de PvdA in Utrecht die een kruistocht tegen Jip en Janneke is begonnen. En ja hoor: J&J ‘bevestigen traditionele rolpatronen tussen man en vrouw’. Dat mag Julie d’Hondt natuurlijk heel erg vinden. En niemand verplicht haar die boekjes aan haar eigen kroost voor te lezen (Wat zouden die schapen dan wel te horen krijgen? Paulus de Boskabouter zal ook wel niet mogen omdat er een heks, Eucalypta, in voorkomt.) Maar daar neemt zij geen genoegen mee. J&J moeten verbannen worden uit de bibliotheken.

Peter van Nuijsenburg, Censuur, Verbieden wordt verbranden
…en eindigt met boekverbranding….
foto Wikimedia

Je vraagt je af wat voor pilletje ze bij de laatste bijeenkomst van haar feministengroepje in de thee hebben gedaan. Op zich moeten ze ook dat zelf weten. Op gekte staat geen verbod. Maar daarmee zijn we in dit geval niet klaar. Mevrouw d’Hondt zit voor de PvdA in de Provinciale Staten en in haar portefeuille zit ook het kunstbeleid. Dit moet je even tot je laten doordringen. Een ooit grote democratische partij heeft als officiële woordvoerster een vrouw die censuur bepleit. Zou er niemand in die partij zijn die haar vertelt dat dit echt, helemaal, absoluut niet kan? Dat de politiek met haar tengels af moet blijven van de kunst. En dat het begint met het verbieden en eindigt met het verbranden van boeken. Zo iemand moet in de PvdA toch nog wel te vinden zijn?

Eerder op Trefpunt: Peter’s kunstukjes
Over Peter van Nuijsenburg 259 Artikelen
Journalist en publicist Peter van Nuijsenburg (1951) werkte in het verleden bij De Telegraaf, Elsevier en persbureau GPD, het Financieele Dagblad en diverse omroepen. Hij was correspondent in Johannesburg, Berlijn, Tokio en Rome. Peter was voorheen ook parlementair en economisch redacteur. Hij is liefhebber en kenner van kunst en cultuur. Bij dagblad Trouw publiceerde hij boekbesprekingen. Beroepsmatig en (meer recentelijk) als toerist was hij in Thailand en andere Asean–landen.

Geef als eerste een reactie

Geef een reactie

Uw e-mailadres wordt niet gepubliceerd.


*