Cambodjaanse vluchtelingen. Once upon a time in Thailand was er Site II

Antonin Cee, Vluchtelingen, Cambodja, Site II

Het gehandicapte embryo van een nieuwe samenleving

Het is dit jaar een kwart eeuw geleden dat de verschillende kampen in Thailand met Khmer-vluchtelingen officieel werden gesloten. Zij die geen nieuw thuisland hadden gevonden werden teruggestuurd naar Cambodja.

Om een eind te maken aan het bewind van de Rode Khmer waren Vietnamese troepen in 1978 Cambodja binnengevallen. Pol Pot werd richting Thaise grens gedreven en begon een guerrilla oorlog tegen de Vietnamezen. De ontwrichting en het geweld dat daarmee gepaard ging had tot gevolg dat honderdduizenden Khmers naar Thailand vluchtten. Daar werden ze ondergebracht in vluchtelingekampen zoals Khao-I Dang en Site II.

In deze kampen maakten de restanten van een verscheurde natie zich op om straks een nieuwe samenleving op te bouwen. Het grootste probleem daarbij was het gebrek aan kader en geschoolde mensen. Het had veel weg van het ontwerpen van een nieuwe woonwijk met de overblijfselen van een gebombardeerde stad, waarbij ook het gereedschap uit toevallig aangetroffen materialen gehaald moest worden.

Ik bezocht destijds ettelijke malen deze kampen. Dat vond zijn neerslag in Inheems Kruid, een van de verhalen uit mijn bundel Tussen Eigen en Ander. Eind jaren ’80 trok ik voor de laatste keer naar Site II. Hier volgt een verslag uit die dagen toen verschillende Cambodjaanse groeperingen hadden besloten samen met de restanten van de Rode Khmer het Vietnamese invasieleger te bestrijden.

Ze bezweken onder de Vietnamese offensieven

Site II lag 80 kilometer ten noorden van het Thaise stadje Aranyaprathet op een steenworp afstand van het dorpje Thap Thai, dat in de jaren zeventig door de Rode Khmers met de grond gelijk gemaakt was. Een door prikkeldraad omgeven agglomeratie van bamboe barakken en hutten weggezet op de rode, onvruchtbare aarde tegen een achtergrond van de laatste uitlopers van de Cardamom-bergketen, die de grens met Cambodja markeert.

Het was de verzamelnaam van een aantal kampen die oorspronkelijk in Cambodja lagen en waren bezweken onder herhaalde Vietnamese offensieven. Die brachten een nieuwe stroom vluchtelingen op gang voornamelijk ongeletterde boeren. Na het schrikbewind van Pol Pot, waarbij naar schatting 1,5-2 miljoen mensen omkwamen, wilden ze niet weten van het communistische regiem van Heng Samrin. Die was door de Vietnamezen in het zadel geholpen en tot 1991 de voorman van de Kampuchean People’s Revolutionary Party. Deze boeren gaven liever hun steun aan het verzet.

Alle bomen waren opgebrand

De Thaise regering die de onophoudelijke toestroom van vluchtelingen zoveel mogelijk wilde indammen, beschouwde ze niet als vluchtelingen, maar als ‘displaced people’ Daardoor kwamen ze niet in aanmerking om door een derde land te worden opgenomen. Er was trouwens geen land dat ze wilde hebben. Er restte hen niets anders dan straks terug te keren naar hun eigen land.

Site II herbergde meer dan 180.000 mensen en was daarmee buiten Phnom Penh de grootste Cambodjaanse stad. Er woonden voornamelijk vrouwen en kinderen, want de meeste mannen zaten aan het front. De bomen waren grotendeels omgehakt en gebruikt als brandstof. Buiten de schaduw van de barakken sloeg de zon je met vlakke hand in het gezicht.

In tegenstelling tot Khao-I-Dang, het andere grote vluchtelingen kamp dat onder de Hoge Raad voor Vluchtelingen ressorteerde, was hier het ‘bestuur’ volledig in handen van de Cambodjanen. Deze vluchtelingen hadden het kamp vanaf de grond opgebouwd. Niet alleen de barakken, de ziekenhuizen en de onderkomens voor de administratie, maar ook die administratie zelf met de verschillende vormen van dienstverlening. Alleen de administrateurs zelf hadden enige vorm van vorm van opleiding gehad. In de loop der jaren was er een sociale microkosmos ontstaan met haar eigen normen en waarden. De door de VN verstrekte voedselrantsoenen waren volgens een rapport gebaseerd op 27 guldencenten per dag per persoon. Aan groenten en fruit was groot gebrek. Hier en daar zag je een spichtig moestuintje.

Met 20.000 man trokken ze de Thaise grens over

Gids Yen-Youphon die me in het kamp rondleidde woonde al sinds 1979 in het grensgebied. Hij werkte als coördinator van gezondheidszorg in het kamp Ampil. Dat was, tot het onder de voet gelopen werd door de Vietnamezen, gelegen in Cambodja en vormde het hoofdkwartier van de Khmer People’s National Liberation Front. (KPNLF). Met 20.000 man waren ze de Thaise grens over getrokken na bestookt te zijn met zware artillerie.

Antonin Cee, Vluchtelingen, Cambodja, Site II
Propagandaposter

Samen met enkele andere verzetsgroepen, waaronder ook de Khmer Rouge, hadden ze de strijd aangebonden met de Vietnamezen. Yen-Youphon, die drie jaar dwangarbeid verrichtte onder de Rode Khmer, zei weinig vertrouwen te hebben in hun bedoelingen. Volgens hem waren ze geen snars veranderd.

Maar een overwinning op de Vietnamezen zat er volgens hem niet in. Het ging er om de vijand zoveel mogelijk schade te berokkenen.

Ze gingen dwars door de mijnenvelden

Hoewel dit kamp officieel een strikt civiel karakter had, vormde het niet alleen de politieke maar ten dele ook de materiele achterhoede van het verzet. Door de kampadministratie werd dit destijds ten stelligste ontkend. Maar volgens een medewerker van UMBRO, de hulporganisatie van de VN die de voedselvoorziening verzorgde, ging een gedeelte van het verstrekte voedsel wel degelijk naar de verzetsstrijders in Cambodia. Maar daar had hij alle begrip voor, want welk gezin zou niet voor vader en zonen zorgen, die vechten om het land te bevrijden?

Zo nu en dan verscheen er aan de poort een groepje uitgeputte, ondervoede vrijheidsstrijders om in het kamp op adem te komen, voordat ze opnieuw dwars door de mijnenvelden richting front gingen. Over die paramilitaire activiteiten van het kamp wilde Yen-Youphon begrijpelijkerwijze liever niets kwijt. Want met het verstrekken van voedsel aan dit kamp zou UMBRO indirect het verzet steunen en daarmee in politiek uiterst woelig vaarwater terechtkomen.

Over het rekruteren van verzetsstrijders was hij minder gesloten. Uiteraard waren ze daarbij aangewezen op aanvoer uit de kampen. Maar bij hen werd niemand gedwongen. De mensen die dienst namen deden dat geheel vrijwillig. Ze hielden van vrijheid. Dat was bij de Rode Khmer wel anders aldus deze Yen Youphon, die ooit verpleger was geweest. Het feit dat hij nu hoofd van de gezondheidsdienst was, sprak boekdelen over de situatie in het kamp. Er waren gewoonweg geen hoger opgeleide mensen. Ze hadden in hun gelederen enkele ingenieurs, een paar academici en vroegere onderwijzers. Maar veel te weinig om een onderwijssysteem op te zetten.

Het overgrote deel kon lezen noch schrijven

Antonin Cee, Vluchtelingen, Cambodja, Site II

Toch waren ze er in geslaagd een vorm van primair onderwijs in het leven te roepen. De Khmer Women Association had de opleiding van de vrouwen ter hand genomen. De vereniging gaf cursussen in lezen en schrijven en verder in allerlei praktische zaken zoals zijde en katoen weven, naaien, breien, het conserveren van voedsel, kinderverzorging, mandenvlechten en hygiëne. Alleen al in het kamp Ampil bevonden zich 29.000 vrouwen. Verreweg het overgrote deel kon lezen noch schrijven.

De president van deze vereniging was Leepengkun Pingkhun, een meisje van net in de twintig. Zelf had ze ooit één jaar middelbare onderwijs gehad want zoals ze zei,‘Pol Pot vermoordde alle kennis’. Het was niet gemakkelijk de vrouwen te bewegen om de cursussen te volgen. De meesten waren depressief en zagen het nut niet in van een opleiding. Toch had de vereniging een 1300 leerlingen. Die vrouwen zouden straks een belangrijke rol moeten spelen in de wederopbouw van Cambodja.

In het Khmer Fine Arts Centre was een dansgroepje aan het oefenen op de tonen van een Koln, de Cambodjaanse versie van de gamelan. ‘We proberen onze tradities en culturele identiteit hier zo goed mogelijk in stand te houden’, zei Yen-Youphon met een zekere trots.

Het thema was de strijd tegen het communisme

Maar ook hier stond alles ten dienste aan het verzet. Elke zondag werden er toneel- en dansvoorstellingen gegeven met als thema de strijd tegen het communisme, waarbij de verzetsstrijders de redders van het vaderland waren. Ook werden de verschrikkingen uit de tijd van Pol Pot keer op keer in dramatische vorm uitgebeeld.

Antonin Cee, Vluchtelingen, Cambodja, Site II

Ik maakte kennis met het hoofd van de politie. Hij stelde zich plechtig voor als Tim Kosai, chef d’état major de la securité du site II camp en liet er meteen op volgen dat hij democratisch gekozen was door de inwoners van het kamp. Twijfelachtig natuurlijk, want het merendeel van de kampbewoners wist waarschijnlijk niet eens wat verkiezingen zijn. Het had er veel van weg dat hij het alleen maar zei om te laten weten dat hij aan de goede kant stond en geloofde in een democratisch systeem. Zijn veiligheidsdienst bestond uit een netwerk van 300 informateurs, die elke dag bij hem rapport uitbrachten.

Ik vroeg hem naar de strafmaat voor bepaalde misdaden. Na enige aarzeling komt het er uit: op diefstal stonden enkele weken, op verkrachting drie maanden en voor moord één jaar gevangenisstraf. Maar volgens de veiligheidschef kwamen deze zaken hoegenaamd niet voor. Ik had het gevoel dat hij me maar wat wijsmaakte. ‘Wij respecteren de mensenrechten’’, liet hij bij afscheid me ongevraagd weten.

Vrouwen met bijlen neergeslagen door rivales

In het ziekenhuis werkte Roberts Brandts, een Nederlandse arts al jarenlang actief in het grensgebied. Zijn ziekenhuis bestond uit een bamboe staketsel met een bladerdak met in de nok enkele witte rijstzakken om wat licht door te laten. Elektriciteit is er ook hier niet. Maar de kraamkamer kon sinds kort met een zonnepaneel verlicht worden. Brandts was daar zeer blij mee, want het geboortecijfer in de kampen was ‘het hoogste ter wereld’. Misschien omdat de mens nog altijd onderworpen aan het biologisch mechanisme zich sneller voortplant als de soort bedreigd wordt.

Antonin Cee, Vluchtelingen, Cambodja, Site II

Geslachtsziekten, ondervoeding en TB behoorden er tot de orde van de dag. En verder de slachtoffers van landmijnen. Er was een enorm aantal gehandicapten. Soms kwamen er tijdens beschietingen ook granaten terecht op het kamp.

Toch vormden de leefomstandigheden in de kampen volgens Brandts niet het grootste probleem, want ‘de mensen hier zijn een hard leven gewend en hebben altijd moeten knokken’. Het meest tragische was de sociale ontwrichting, de uiteengerukte gezinnen, familieleden die elkaar waren kwijtgeraakt en niet wisten wie er nog in leven was, de mannen die in Cambodja vochten en constant in in levensgevaar verkeerden.

Doordat de mannelijke kampbevolking verreweg in de minderheid was, hadden de meeste mannen meerdere vrouwen. Dit leidde tot allerlei spanningen en conflicten, die vaak op bloedige wijze beslecht werden, soms zelfs met een handgranaat. Brandts; ‘Ik krijg hier zeker drie tot vier gevallen per week van vrouwen, die door een van hun rivalen met een bijl zijn neergeslagen’.

Het water werd met trucks aangevoerd

Later die dag keek ik met Yen-Youphon naar de wachtende rij mannen en vrouwen die hun waterblikken kwamen vullen bij een blikken reservoir. Aan water was een groot gebrek. Het moest met trucks van kilometers ver worden aangevoerd.

Antonin Cee, Vluchtelingen, Cambodja, Site II

De zon zakte in een vuurrode gloed weg achter de bergen en er waait eindelijk wat koelte over het kamp. Ergens in de verte het onafgebroken gerommel: de Vietnamese artillerie die beschietingen uitvoerde. Over een uurtje zouden alle buitenlandse hulpmedewerkers het kamp moeten verlaten en de hoertjes zich opmaken hun klanten te ontvangen.

“Stel eens dat er nu verkiezingen zouden zijn in Cambodja’, zei Yen-Youphon ineens. “Hoe zouden wij het dan kunnen opnemen tegen Heng Samrin? Die kon zijn mannen naar Moskou en Hanoi sturen voor een opleiding. Maar wij zaten hier al die tijd vast aan de grens. We zullen hard moeten werken om die achterstand in te halen als we straks een kans willen maken.

Gelet op hoe Cambodja zich heeft ontwikkeld onder  ‘democratische dictator’ Hun Sen, waren dat profetische woorden.

 

Foto’s deels Richard Rowat, Information and Documentation website Thai-Canbodian border refugee camps

 

 

Over Antonin Cee 200 Artikelen
Antonin Cee woont sinds eind jaren tachtig in Chiangmai en voerde themareizen uit. Hij studeerde filosofie aan de Universiteit van Montpellier in Frankrijk en werkte enige tijd als redacteur bij The Nation in Bangkok. Ook schreef hij artikelen voor verschillende Nederlandse, Belgische en Engelstalige magazines. Met zijn achttienjarige dochter vormt hij een eenoudergezin en brengt elk jaar enige tijd door in Zuid-Frankrijk. Hij publiceerde een verhalenbundel getiteld 'Inheems Kruid'. Onlangs bracht hij zijn tweede boek 'Thailand tegen het Licht' uit. Beide boeken zijn zonder verzendkosten te bestellen bij www.amazon.de.

2 Comments

  1. Dank voor dit uitgebreide en duidelijk verhaal. Het is goed om hier meer over te weten.

    Laten we ook niet vergeten dat het de Thaise strijdkrachten waren die Pol Pot steunden en beschermden (met China en de Amerikanen op de achtergrond) toen de Vietnamezen Cambodja binnenvielen en Pol Pot verjoegen. De angst voor het Vietnamese communistische bewind was diep geworteld.
    Het deel van de Thaise strijdkrachten die Pol Pot en de Khmer Rouge hielpen (en er financieel flink van profiteerden) was de groep die nu in Thailand aan de macht is: de ‘Eastern Tigers’ of de ‘Burapha Payak’ fractie, ook wel de taharn sua Phra Rajini genoemd: ‘de soldaten van de koningin’.

    https://www.washingtonpost.com/archive/opinions/1994/05/29/pol-pots-best-pal-thailand/ab3c52a0-5e4c-416c-991c-704d1fe816d6/?utm_term=.79417490684f

    • De houding van het Westen (en in navalging Amerika’s steunpilaar Thailand) had alles te maken met geopolitieke vehroudingen destijds en het wantrouwen in de intenties van de door Moskou gesteunde Vietnamezen die Cambodja allerinst binnenvielen om het ‘broedervolk’ te bevrijden van een moorddadig regime. De huidige heersers in Thailand hadden dertig jaar geleden vermoedelijk weinig in de melk te brokkelen.

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.