Vader Morgana in Chiang Mai


‘Waar was dat nou voor nodig.’ Zij zei ’t met hoog opgetrokken wenkbrauwen zodat haar gezicht een groot vraagteken vertoonde. Toegesnelde buren hadden mijn vader uit zijn stoel getild en op bed gelegd. Hij was dood. Zomaar. Zijn glas whisky stond onaangeroerd op de salontafel. Restjes van bijna gesmolten ijsblokjes dreven er als scherfjes in rond. ‘Hier,’ zei mijn moeder en reikte mij het glas aan. Weggooien was zonde zoals er nooit iets weggegooid werd wanneer je de hongerwinter hebt meegemaakt.

Samen stonden wij midden in de kamer. De slaapkamer waar mijn dode vader op bed was gelegd leek verboden gebied. ‘Hier,’ zei zij nogmaals en hield het glas voor m’n neus. Ook herhaalde zij haar vraag waar dat nou voor nodig was. Alsof er een hogere macht bestond die had beslist dat het tijd was. Vreemd dacht ik. Mijn moeder geloofde niet in hogere machten. Of stiekem toch. Een verborgen geheim.

‘Hij zat daar gewoon in zijn stoel, zoals elke dag. En ineens viel zijn hoofd scheef en zag lijkbleek,’ vertelde zij. Een jaar respijt, dacht ik. Hij heeft nog een jaar extra gekregen na zijn eerste hartstilstand waaruit hij gered werd door een andere klant bij de slager die toevallig op de hoogte was hoe te reanimeren.

‘Als het weer gebeurt, laat me dan alsjeblieft gaan,’ vertelde hij later omdat ie stierf van de pijn door de gekneusde ribben die hij tijdens de reanimatie had opgelopen. Zijn wens was uitgekomen. Niemand in de buurt die zijn ribben zou kunnen kneuzen. Alleen mijn moeder die alleen zijn naam had geroepen. ‘Jan, Jan, wat heb je!?’ En toen was ie dood.

‘Zullen we maar gewoon gaan zitten,’ stelde ik voor. Zij nam plaats op de bank en ik keek even naar de stoel van mijn vader of ik daarin plaats zou nemen. Toch maar niet. Zijn geest zweefde nog door de kamer, zat misschien wel tegen het plafond geplakt. Kon nog niet ontsnappen. Wat doe je in mijn stoel!?

‘Misschien moeten we maar even een raam openzetten,’ zei ik.
‘Waarom,’ vroeg mijn moeder. ‘Het is winter hoor.’

Ja, het was winter. Dan zet je geen raam open. Ik ging naast haar zitten op de bank. Zij huilde. Zachtjes, ingetogen zou je kunnen zeggen. Kleine traantjes verlieten haar ogen en liepen in straaltjes langs haar ingevallen wangen, over haar spierwitte huid. Mijn God, wat is zij opeens oud, dacht ik. En ver weg. Ik nipte van de whisky. Waar moest ik met haar over praten, wachtend op de lijkschouwer. Wachtend op de kist waarin zij mijn vader gingen leggen.

Na drie dagen volgde de crematie. Drie dagen waarin godzijdank mijn twee broers alles regelden met een precisie die alleen zij op weten te brengen omdat zij geboren zijn onder het sterrenbeeld Maagd en dit staat volgens de astrologie voor buitengewone pietjes precies waarbij niets aan de aandacht ontsnapt. Mijn taak bleef beperkt tot het houden van de toespraak waar ik de karaktereigenschappen van mijn vader de revue liet passeren waarbij dan de nadruk lag op een geslaagd leven als “Bon Vivant”. Maar dan zo een achter een goed glas wijn ergens op een terras in Frankrijk, het land dat hij adoreerde en daar in feite ook een afstammeling van was door zijn Franse moeder.

Bert van Balen, Vader Morgana, Flamboyant
‘Mooi gesproken jongen. Precies zoals hij was’

Ik liet hem zitten op een terras van een café in de schaduw van een grote parasol uitkijkend naar de fontein midden op het plein, tegelijk spiedend naar flamboyant geklede vrouwen waar Parijs in de jaren zestig nog zo rijk mee bedeeld was. Mijn fantasie over de rol van mijn vader in het leven werkte op volle toeren. Hij was een avonturier, altijd goed gekleed, charmant, verkeren in zijn gezelschap was een voorrecht omdat hij zo belezen was zodat je elk onderwerp met hem kon aansijden.  Naarmate mijn speech vorderde ontdekte ik dat ik hem dingen toedichtte waarin ikzelf graag de hoofdrol had gespeeld. De aula inkijkend terwijl mijn woordenstroom van geen ophouden wist, zag ik opgetrokken wenkbrauwen van ongeloof. Dit wisten wij niet, zag ik een groot deel van het publiek denken. Maar mijn moeder kwam na de ceremonie naar mij toe en feliciteerde mij met m’n toespraak en zei; ‘Mooi gesproken, precies zoals hij was.’ Maar ja, zij verkeerde al in een gevorderd stadium van dementie.

Slappe koffie met kruimelige cake. ‘Hoe is ‘t? Lang niet gezien.’ Goed, goed. Met jou?’ Neven, nichten. ‘Zo, groot geworden.’ Ja geen wonder. De laatste keer dat ik ze zag waren het nog kleuters. Nu volwassen mannen en vrouwen. Ik herken ze ook niet. Zij mij wel, blijkt. In de korte gesprekjes gaat het al snel over hun lot met een moeizame carrière en de last van kleine kinderen. De verwende generatie waarvoor alles vanzelfsprekend is. Nog een handjevol Ooms en Tantes. De allesbehalve verwende generatie. Zij genoten van het kopje koffie, de kruimelige cake. Hierna naar buiten want de volgende klant lag al klaar. Het gure winterweer in, snel lopend naar de auto, verwarming op zijn hoogste stand, en weg.

Weg uit dat onderkoelde klimaat wat Holland heet. Naar de tropenwarmte. Jaren later. Goed gekleed, als een belezen charmante avonturier. De incarnatie van mijn vader waarvan ik vond dat hij dát was wat ikzelf wilde zijn. Het goed belezen vond vooral plaats tijdens de twaalf uur durende vliegreis naar Bangkok, hierna hield het wel op. Hierna hield het wel op om goed gekleed rond te lopen bij zo’n vierendertig graden, en de charmante avonturier uithangen bleek bepaald niet nodig om vrouwvolk te imponeren.Bert van Balen, Vader Morgana

Om te voorkomen dat ik een troep joelende kinderen achter mij aan kreeg, paste ik mij al snel aan en liep vervolgens in een expat outfit die veel gelijkenis vertoonde met die van een zwerver. Ik was terechtgekomen in Pattaya. Ik zocht naar een terras met parasols aan een pleintje met een spuitende fontein om daar flanerende Thaise schoonheden te bespieden, maar vond er geen.

Ik slenterde over de boulevard en werd om de tien meter aangesproken door schaars geklede dames met een overvloed aan voorstellen die mij als ik hier op in zou gaan mij vast en zeker de hemel in zouden leiden. Ik vond mijzelf nog niet rijp voor de hemel, wilde best nog een paar jaartjes door op dit ondermaanse en hoorde mijn vader zijn sisgeluid maken tussen zijn tanden. Wat denken die meiden wel.

Al snel vertrok ik naar de roos van Thailand, Chiang Mai, en omdat het daar net iets koeler is dan in het Zuiden hulde ik mij weer in de outfit van de welgestelde, behorend tot de happy few. En zoiets leverde een welgestelde vriendin op want zij woonde in een kleine villa. Tenminste als ik er een huurde en daar met haar ging samenwonen. Zij had een Toyota Hi-Lux. Tenminste als ik er een kocht waar zij dan ook gebruik van kon maken. Ze liet haar kinderen studeren aan de universiteit. Tenminste als ik de kosten voor mijn rekening zou nemen. Een typische win – win situatie dus waardoor ik mij liet verleiden. Logisch.

Met haar zat ik op een terras in de Central Shopping Mall onder een parasol bij een enorm visglas te gluren naar flanerende mooie Thaise dames, flamboyant gekleed in zomerse luchtigheidjes.

Een zwak aftreksel van wat ik mijn vader liet doen tijdens mijn speech op zijn begrafenis.


Bert van Balen
Over Bert van Balen 453 Artikelen
†Bert van Balen (20 juni 1945 - 26 oktober 2018) verbleef een decennium lang regelmatig in Thailand, vooral in Chiang Mai. Bert leerde als autodidact van zijn hobby fotografie zijn beroep te maken. HIj was ook chauffeur, magazijnbediende, semi beroepszeiler, redacteur en journalist voor Kidsweek en flierefluiter. De reden tot zijn regelmatig langdurig verblijf in Thailand is terug te vinden in zijn boek: Hoera, ik heb kanker. Te bestellen via Bol.com

1 Comment

  1. Beste Bert,

    Jouw verhalen regelmatig lezend en daardoor toch een beeld krijgend van jou als persoon, denk ik dat deze aflevering duidelijk maakt dat je veel van de “bon vivant” roots van je vader hebt meegekregen, en je daar in Thailand een aangepaste versie van hebt ontwikkeld.
    Geestig de alinea over de bezittingen die jouw vriendin zou hebben, tenminste als jij het allemaal even zou “voorschieten”.
    Mijn vriendin heeft ook bijna wekelijks een uniek nieuw businessplan waarmee we in no time miljonair worden, klein detail is dat ik het uiteraard moet financieren, maar dat mag geen enkel probleem zijn want dit kan gewoon niet mis gaan…
    Je hebt weer een glimlach op m’n gezicht getoverd, thanks again Bert!

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.