Backbencher: Twee hoeraatjes voor de elite


Peter van Nuijsenburg, Backbencher, Elite
Zelfportret Michiel van Musscher: schilder voor en van de 16/17de eeuwse rijke elite
Van Geschiedenis beleven

Je kunt tegenwoordig beter niet bij een elite horen. Je wordt beschuldigd van vrijwel al het onheil dat de mens kan treffen. Je bent een graaier, zakkenvuller, luistert niet naar de stem van Het Volk, kan er niet eens voor zorgen dat de treinen op tijd rijden en Oranje zich kwalificeert voor het Europees kampioenschap voetbal. Je bent de pispaal van de natie. De bordeelhouder staat er beter op.

Hier en daar wordt de suggestie gewekt dat het voor mekaar komt met de wereld als ‘de elite’ wordt afgeschaft. De populist wil daartoe ‘het moeras van corruptie droogleggen’ dan wel ‘de Augiasstal opruimen’. Hoe dat gaat gebeuren wordt zelden aannemelijk gemaakt. De praktische uitvoerbaarheid is van later zorg. Belangrijker is dat de ‘elite’ wordt aangepakt.

Voor die stemmingmakerij is het handig dat ‘elite’ een vaag begrip is. Het is veranderd van de omschrijving van een maatschappelijke klasse in een verzamelnaam voor alles en iedereen die door Het Volk niet tot Het Volk wordt gerekend. Het kan de bankier zijn, de politicus, de bestuurder van een semi-overheidsinstelling en de galeriehouder gespecialiseerd in hedendaagse kunst.

Wat deze figuren hebben misdaan om de volkswoede over zich af te roepen verschilt per geval en is soms moeilijk te volgen. Dat voor de bankier als vertegenwoordiger van een bedrijfstak die medeverantwoordelijk is voor de ernstigste economische crisis in 80 jaar, en die desondanks een miljoenenbonus opstrijkt, pek en veren klaar staan, valt te begrijpen. Dito voor de Maserati rijdende directeur van een woningbouwcorporatie. Idem voor de politicus die iedereen € 1000 belooft en weet dat hij dit niet kan waarmaken. Maar een zwarte vrouw, spreekbuis van de politiek correcte elite, virtueel lynchen omdat ze in Zwarte Piet haar onderdrukker ziet, is van een andere orde.

Peter van Nuijsenburg, Backbencher, Elite
Elite? Mikpunt van spot voor rode revolutionairen
Van site Socialistische Arbeiders Partij (België)

Wikipedia definieert elite als een ‘kleine groep in de maatschappij met buitengewone kwalificaties of privileges en daardoor op een bepaald vlak de hoogste positie inneemt’. Tot de democratische revoluties van de 18de en 19de eeuw draaide het vooral om de privileges van een groep, de adel. De kwalificaties waren van ondergeschikt belang. Er werd ook vaak de gepoederde neus voor opgehaald. Te burgerlijk. Hoe burgerlijk werd duidelijk toen ze het hoofd onder de guillotine moesten leggen.

Je zou kunnen zeggen dat de elite zich met het toenemende belang van kennis en expertise wel moest openen. Die andere revolutie, de industriële, vereiste dat.

Een volledig egalitaire maatschappij is niet mogelijk en een samenleving waarin talent voor iemands toekomstkansen zwaarder weegt dan afkomst is waarschijnlijk het hoogst haalbare. Dat is niettemin een enorme vooruitgang met verstrekkende consequenties voor de elite. Ze ging de afgelopen 100 jaar steeds meer op een meritocratie lijken. In beginsel nu toegankelijk voor iedereen met de juiste papieren, in de praktijk met een voor buitenstaanders vaak nog te hoge drempel. Ondank de vrome lippendienst aan het ideaal is de kruiwagen nog steeds minstens zo belangrijk als het diploma.

De kloof tussen het meerderheid van de bevolking en de elite verdween niet en zal ook niet verdwijnen maar is dankzij die stap voor stap bevochten democratisering kleiner, transparanter en beheersbaarder geworden.

In de polder ging dat proces gepaard met de verzuiling. De verzuiling wordt vaak gezien als de bron van veel politieke kwalen: verdeeldheid, verstarring, confessionalisering, paternalisme. Daar zit veel in maar het bevorderde ook de emancipatie van de in die zuilen vertegenwoordigde bevolkingsgroepen, de overlegcultuur en op den duur ook de democratisering.

Een politicus kan nu tot verantwoording worden geroepen, tegen een werkgever kan gestaakt worden en de koning kan straffeloos tot een paljas worden gemaakt. Status is niet langer een onaantastbaar gegeven maar iets dat steeds weer bewezen moet worden. Je kan via je netwerk nog altijd president-directeur van de KLM worden, maar blijven is bij gebleken ongeschiktheid tegenwoordig uitgesloten.

Aan die ontwikkeling hebben we een in de meeste opzichten behoorlijk functionerend land te danken. Door de bank genomen goed bestuurd met een doorgaans integer ambtenarenapparaat, verwaarloosbare corruptie, redelijke gezondheidszorg en pensioenstelsel en, Wilders ten spijt, meestal competente rechtspraak. Het kan uiteraard altijd beter maar wie wil weten hoe het ook vaak veel slechter kan hoeft zijn voelsprieten niet ver over de landsgrenzen uit te steken.

De grote vraag is nu hoe dat Grote Onbehagen heeft kunnen ontstaan. Is het door demagogen voornamelijk voor eigen gewin opgepord en via de sociale media buitenproportioneel uitvergroot? Of heeft de elite, in de ruimste zin van het woord, toch op teveel fronten gefaald?

Peter van Nuijsenburg, Backbencher, Elite
Dit de nieuwe politieke elite? Wilders met Haagse PVV-leider tijdens beruchte Marokkanenavond
Van site Digitale Hofstad 

Populisten als Wilders en voor hem Fortuyn hebben niet alleen een antenne voor het gerommel in de nationale onderbuik maar ook voor de terechte grieven van een groot deel van de bevolking. Ze benoemden de problemen, moeizame integratie van allochtonen, verpaupering van volksbuurten, angst voor de radicale islam, die de traditionele partijen niet zagen of wilden zien.

Dat ze dit hebben gesignaleerd en op de agenda hebben weten te zetten is onmiskenbaar hun verdienste. Daarmee hebben we het wel gehad. Hun bijdragen aan het debat verzieken het klimaat en hun oplossingen vallen meestal in de categorie fictie. Wilders is alleen daarom al ten enenmale ongeschikt als premier.

Niemand zal bestrijden dat in elk geval de politieke elite te veel steken heeft laten vallen en te vaak hardleers is gebleken. Daarvan plukken we nu de wrange vruchten. Op andere terreinen is het maar de vraag of de elites ernstig tekort zijn geschoten. Daarvan was voornamelijk sprake als de meritocratie werd losgelaten en baantjesjagers op het pluche kwamen die vooral uitblonken in megalomane projecten en het verzilveren van hun privileges.

Die schandalen kwamen vrijwel altijd aan het licht en de schuldigen werden meestal, niet altijd en soms te licht, bestraft. Het was allemaal niet goed voor de beeldvorming en het galmde lang na in de publieke opinie maar de affaires zijn niet representatief. De meeste elites doen hun werk meestal naar behoren. Zelden perfect en zelden zwaar onvoldoende.

Daarom geen drie, maar twee hoeraatjes voor de elite.

 


Peter van Nuijsenburg
Over Peter van Nuijsenburg 240 Artikelen
Journalist en publicist Peter van Nuijsenburg (1951) werkte in het verleden bij De Telegraaf, Elsevier en persbureau GPD, het Financieele Dagblad en diverse omroepen. Hij was correspondent in Johannesburg, Berlijn, Tokio en Rome. Peter was voorheen ook parlementair en economisch redacteur. Hij is liefhebber en kenner van kunst en cultuur. Bij dagblad Trouw publiceerde hij boekbesprekingen. Beroepsmatig en (meer recentelijk) als toerist was hij in Thailand en andere Asean–landen.

2 Comments

  1. Wikipedia definieert elite als een ‘kleine groep in de maatschappij met buitengewone kwalificaties of privileges en daardoor op een bepaald vlak de hoogste positie inneemt’.

    Goed verhaal, Peter.

    Het zijn natuurlijk de privileges zonder de ‘buitengewone kwalificaties’ die terecht vaak de gram van het Volk opwekken.

    Er is niets mis met een elite die bekwaam en transparent is, inspraak en zeggenschap toelaat, verantwoording aflegt en vrijheid van spreken toelaat, allemaal peilers van wat we een ‘democratie’ noemen. Daar passen wel drie hoeraatjes bij. Zoals ook bij een gekwalificeerde loodgieter, dokter en leraar. Dat is in Nederland tot op behoorlijke hoogte verwerkelijkt, Thailand blijft een tikkelje achter in dit opzicht.

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.