Back in the USA (3)

25 september 2015

Wel waar, niet waar

De mormonen hebben waar het maar kon archieven gekopieerd en daarmee de grootste genealogische databank ter wereld gecreëerd. Wat moeten ze daar nu mee, vraag je je af.

Joseph Smith, de stichter van de mormoonse godsdienst, betreurde het dat de voorouders geen kennis hadden kunnen nemen van zijn heilsboodschap. Maar niet getreurd, in 1 Korinthe 15:19 zegt de apostel Paulus iets over het dopen van de doden en dat was voor Joseph aanleiding genoeg precies dat te doen, mits de naam van de overledene bekend is. Vandaar het belang van stamboomonderzoek. Tijdens een plechtigheid in een mormoonse tempel doopt een priester de nabestaande in naam van de overledene en daarmee… kat in ’t bakkie toch?

Family History Library
Family History Library

De archieven zijn voor iedereen gratis toegankelijk en omdat ik nog wat wil uitzoeken over mijn Engelse opa, wil ik de Family History Library in Salt Lake City bezoeken.

Mijn opa had een litteken op zijn voorhoofd en toen ik een jaar of tien was, vroeg ik hem hoe dat gekomen was. Hij ging helemaal voor zitten en zei: ‘That’s quite a story son’ en schonk zich een glas Newcastle Brown Ale in.
‘Vertel nou,’ riep ik ongeduldig, maar pas na een linke slok begon hij aan zijn verhaal.
‘Tijdens de eerste wereldoorlog was ik onderofficier bij de Engelse marine. Mijn verlof zat erop en ik liep met mijn plunjezak over mijn schouder de loopplank van mijn schip op. Je moet weten dat we in die dagen voeren met stoomschepen, die gestookt werden met steenkool. Op het moment dat ik midden op de loopplank liep, kwam er een hijs steenkool over. Daarna werd alles zwart voor mijn ogen.’

Mijn opa nam nog een slok van zijn bier en vervolgde: ‘In het ziekenhuis kwam ik bij kennis en daar hoorde ik dat er een brok steenkool op mijn hoofd was gevallen. Hoewel het flink bonkte onder het verband, zei ik tegen de zuster: ‘My ship, I have to go to my ship.’
‘Blijft u maar lekker liggen,’ antwoordde zij, ‘uw schip is gisteren uitgevaren.’

HMS Achilles
HMS Achilles

Mijn opa zweeg, keek starend in de verte en zei tenslotte: ‘Dat schip daar hebben ze nooit meer iets van gehoord, waarschijnlijk getorpedeerd door een Duitse onderzeeër en daarna met man en muis vergaan.’

Lang nadat mijn opa was overleden vond ik een ansichtkaart met een afbeelding van de HMS Achilles, uit de tekst achterop bleek dat het schip te zijn waarop mijn opa had gediend. Op internet las ik: de HMS Achilles werd op 22 april 1904 afgebouwd voor de Royal Navy, bracht in 1917 het Duitse oorlogsschip de Leopard tot zinken, werd in 1918 trainingsschip, werd in 1921 als schroot verkocht. Mijn opa had het hele verhaal uit zijn duim gezogen.

In de Family History Library helpt Sister Latimer om mijn Engelse roots te vinden. Zij vindt de gezinskaart met de gegevens van mijn overgrootouders en hun kinderen en in het archief van de Engelse marine de conduitestaat van mijn opa. Ik lees de namen van drie schepen: de Victory 2, de Fisgard II en de Achilles. Het begint te kriebelen in mijn buik: of de Victory of de Fisguard moet tot zinken zijn gebracht. Terug in het hotel speur ik internet af en lees tot mijn teleurstelling dat beide schepen opleidingsschepen zijn geweest en niet zijn uitgevaren tijdens de Eerste Wereldoorlog.

Tot mijn verrassing lees ik ook op mijn opa’s conduitestaat: 25th November 1915 – Scar, forehead, hostility.

Een illusie armer zak ik terug in mijn stoel: die ouwe heeft gewoon een robbertje geknokt en heeft dat niet willen weten voor zijn kleinzoon, maar verhalen vertellen kon hij wel.

 

Chris Ebbe
Over Chris Ebbe 202 Artikelen
Chris Ebbe, vader van twee dochters, grootvader van drie kleinkinderen. Chris is begonnen als onderwijzer, werd daarna leraar biologie en decaan aan een middelbare school in Spijkenisse. Heeft evenals zijn vrouw, kunsthistorica, een brede belangstelling voor alles wat te maken heeft met stad en platteland, mens en natuur, kunst en architectuur. Werkt, gewapend met familieverhalen en na genealogisch onderzoek, aan een roman.