Beste Buren (2). ASEAN: tien roergangers, maar waar is het roer?


In de Bangkok Post van 13 september 2018 schrijft de Filippijnse journalist Johanna Son1 dat ASEAN, het politieke verband van Zuidoost-Aziatische staten, stuurloos drijft tussen de grootmachten. De landen, stelt ze, zien zichzelf te weinig als belanghebbend in het grotere geheel. Haar startpunt is het kortelings verschenen boek “Does ASEAN matter? A view from within” van de vroegere Indonesische minister van Buitenlandse Zaken Marty Natalegawa2. Zijn standpunt wordt vooral geïllustreerd aan de hand van de problemen van ASEAN van de laatste tien jaar. Naar buiten toe gaat het dan bijvoorbeeld om het uitblijven van een reactie van ASEAN richting China naar aanleiding van de voor ASEAN gunstige uitspraak van het Haagse Internationale Gerechtshof inzake de Spratley Eilanden3. Naar binnen toe om de houding ten aanzien van Myanmar inzake de Rohingya-crisis.

Het artikel roept verbazing op, omdat de vraag of ASEAN niet ASEAN genoeg is mijns inziens op een misvatting van aard en opzet van ASEAN berust: de betere vraag zou zijn: is ASEAN niet te veel ASEAN? Want: wat is ASEAN en wat wil het zijn?

Alex Ouddiep, ASEAN tien roergangers, ASEAN-landen
De tien ASEAN-landen zijn: Brunei, Cambodja, Filipijnen, Indonesië, Laos, Maleisië, Myanmar, Singapore, Thailand en Vietnam.

Post-koloniaal vacuüm

ASEAN is geboren in de jaren zestig van de vorige eeuw. Het was een poging in de regio Zuidoost-Azië een politiek vacuüm te vullen dat was ontstaan na de instorting van de koloniale wereldorde. In dezelfde sfeer vond eerder de Bandung-conferentie plaats en ontstond de grote beweging van niet-verbonden landen. De nadruk lag op de nieuw verworven vrijheid, dat wil zeggen op onafhankelijkheid, niet op democratie.

Emancipatoir van aard zouden deze nieuwe verbanden een tegenwicht kunnen vormen, globaal tegen de grootmachten de Verenigde Staten en de Sovjet-Unie, regionaal tegen India, China en de machten aan de Pacific.

Associatie = los verband

Zuidoost-Azië is een vaag afgebakend gebied tussen India, China en de Pacific. Half continentaal, half maritiem. Twee hoofdreligies: boeddhisme en islam en verder vele lokale godsdiensten. Bijna tien hoofdtalen, honderden lokale talen. Staatkundig was en is het verbrokkeld, naast enkele democratieën bloeien er nationale dictaturen, militaire regimes en communistische staten, alle naar buiten toe gepresenteerd als “eigengeaarde democratieën” Deze situatie wordt door alle deelnemende staten aanvaard. 

Alex Ouddiep, ASEAN tien roergangers, landkaart
Zuidoost-Azië

Zoals de naam al aangeeft ziet ASEAN zichzelf als een los verband van staten, niet als statenbond (confederatie), laat staan als bondsstaat (federatie). Alle staten en ook hun bevolking hechten sinds de jaren zestig grote waarde aan economische vooruitgang en daarin was ASEAN succesvol; de welvaart steeg, onderling handelsverkeer werd bevorderd door verlaging of afschaffing van tarieven.

Vaak is in dit verband gewezen op de overeenkomst met Europa. Die vergelijking gaat echter mank. Aan de Europese wieg stond de herinnering aan twee wereldoorlogen: de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal en later de Europese Economische Gemeenschap moesten vóór alles een nieuwe Duits-Franse oorlog onmogelijk maken. De economische eenwording schreed voort, deze moest een bredere politieke integratie voorbereiden.

Niets daarvan in ASEAN. Er werd geen enkele sociale, wettelijke of politieke structuur opgezet waaraan de naties ondergeschikt zouden worden. Geen ASEAN-parlement, -wetgeving, -gerechtshof of -regering. Hoogste orgaan werd de periodiek bijeenkomende raad van regeringsleiders.

Alex Ouddiep, ASEAN tien roergangers, regeringsleiders

Niet-inmenging

De nationale leiders hadden en hebben hun handen al vol aan de “integratie” van etnische en andere groeperingen binnen hun eigen land en het afzien van kritiek door buurlanden kwam en komt iedere nationale leider goed uit. De politiek van niet-inmenging in elkaars nationale aangelegenheden blijft tot nu toe van kracht. Het vroegere militaire regime van Myanmar en de huidige junta in Thailand doen er hun voordeel mee. Hoogstens wordt er gekibbeld over de vraag of Thailand het verdient voorzitter van ASEAN te zijn (in november actueel).

Het volgt uit deze intern-politiek gemotiveerde neutrale opzet dat ASEAN naar buiten toe moeilijk een richting vindt. Niet reageren, zwak reageren, de kool en de geit sparen, mooi weer spelen, uitstellen, geen beslissingen nemen, al die zaken die ASEAN kunnen worden toegedicht buiten de economische sfeer, komen voort uit de opzet van ASEAN zelf.

Het schip ASEAN is stuurloos omdat het wèl tien roergangers heeft maar geen roer.

Noten

1 Johanna Son, When ASEAN just isn’t ASEAN enough, Bangkok Post 13/9/2018.
2 In afleveringen verkrijgbaar op het internet: https://bookshop.iseas.edu.sg/publication/2332 .
3 Binnenkort op Trefpunt Azie.

Beste buren is een serie artikelen waarin Alex Ouddiep zich verdiept in het politieke en culturele landschap van Zuidoost-Azië.

 


Beste lezer

Trefpunt Azië is een reclamevrije site geheel gemaakt door vrijwilligers. Al onze berichten zijn voor iedereen te lezen. Maar het in stand houden van een website als Trefpunt Azië kost geld; er zijn kosten voor software om de site te maken en de huur van serverruimte zodat hij te zien is. Die kosten worden gedragen door leden van de redactie en die kunnen daarbij wel wat hulp gebruiken. Als u wilt helpen met een (kleine) bijdrage klik dan op de rode knop rechtsonderdaan op de pagina en doneer, dat kan al vanaf 3 euro. Wilt u op een andere manier helpen? Mail dan even met de redactie: post@trefpuntazie.com

Dankzij uw bijdrage kan Trefpunt Azië elke dag nieuws en achtergronden uit uw favoriete werelddeel blijven brengen.

 

1 Comment

  1. ASEAN: deze afkorting in de kop van een artikel is voldoende om direct mijn interesse te wekken. Ik heb het genoegen gehad gedurende twee jaar als consultant binnen deze organisatie te kunnen werken in een uit EU-fondsen gefinancierd project om de regionale integratie binnen ASEAN te versterken, en dan specifiek op uitvoeringsaspecten van de onderlinge vrijhandelsovereenkomst. De ASEAN Economic Community (AEC) was toen nog niet in werking getreden maar er werd, tot mijn verbazing, regelmatig gesteld dat met die AEC in ieder geval op het terrein van de handel eenzelfde situatie zou ontstaan als in de EU. Heb vele malen moeten uitleggen dat die vergelijking niet opging en dat er in die AEC absoluut geen sprake zou zijn van het vrije goederenverkeer en de gemeenschappelijke markt zoals dat in de EU het geval is.
    In mijn werk stuitte ik ook regelmatig op de moeizame besluitvorming, ook omdat de lidstaten niet of nauwelijks naar het gemeenschappelijk belang leken te kijken, maar vooral naar het – al dan niet vermeende – eigenbelang. Daardoor leek ook het onderling vertrouwen niet hoog te zijn, er was altijd veel aarzeling om, bij voorbeeld, de uitkomsten van een controle/onderzoek door een andere lidstaat te aanvaarden.
    Het in Jakarta gevestigde ASEAN Secretariaat is grotendeels precies wat de naam zegt: een secretariaat. ‘The Secretariat has no clout’ zei men daarover, het heeft niet of nauwelijks bevoegdheden, geen macht, geen kracht – en dat lijkt precies te zijn wat de lidstaten willen. ‘Tien roergangers, maar géén roer’, zegt het artikel en dat vind ik een treffende beschrijving. Mijn indruk is dat men ook helemaal geen roer wil: het eigen belang heeft voorrang.

Reacties zijn gesloten bij dit onderwerp.