Alphonse’s Abracadabra (4). Napalm

Alphonse Wijnants, Vietnamoorlog, Oom Ho. Abracadabram, Napalm

 

Vadertje Ho

Ik sta voor het Mausoleum van Ho Chi Minh, de vader van de enige echte revolutie. Het gebouw is grauw, eentonig en weinig avontuurlijk. Jammer voor een man die met speelse maar onverbiddelijke verbeelding en onverzettelijke wilskracht het Vietnamese volk tot zelfverloochening voor een groter idee bracht. Tot offers, tot in de dood, tot aan de totale bevrijding.
Het Mausoleum van Ho Chi Minh is het graf van Ho Chi Minh. Ho was een bescheiden man. Hij heeft nooit een paleis voor zich gevraagd, ook geen dodenpaleis!
Ho had zich een beter gedenkteken willen opeisen: de Lucht, het Niets! Ons bestaan is ijdel.
‘Stook me maar op als ik dood ben,’ zei hij voortdurend. ‘Steek me niet in de grond, zo sparen we een lapje landbouwgrond uit. En het is properder dan te liggen rotten. Strooi me over Vietnam uit.’ Heel zijn leven heeft hij het luidop gezegd, maar men besloot zijn laatste wens niet in te willigen.
Op de foto ziet het mausoleum er sierlijker uit dan in het echt. Op het front staat met rode letters een inscriptie:  Chủ tịch Hồ Chí Minh (President Ho Chi Minh).
Ik zie niet goed of het heroïsche gebouw van beton of uit grauw arduin is opgetrokken. Het is wat groot, wat plomp met vierkante zuilen. We mogen niet zo dichtbij komen. Later verneem ik dat het graniet is, de steen die de hardheid zelve incarneert. Sovjetarchitectuur van de bombast, met een verwijzing naar het herdenkingsoptrekje van Lenin. Graniet is een keihard stollingsgesteente, onverwoestbaar zoals de vrijheid van de Vietnamezen onverwoestbaar is. Zoiets zal het wel willen betekenen. In onze taal kennen we zelfs een granieten huwelijk, dat duurt dan al 90 jaar. Onmenselijk…
Voor het gebouw is het lang wandelen. Er ligt een immense betonvlakte. Is nodig om de grootse parades te houden. Le tout beau monde van het land schuift jaarlijks aan, anno nu. Tonen hoe de werkelijke machtsverhoudingen heden in elkaar grijpen. Wie hier in de tribune zit, heeft iets te zeggen. Het gewone volk schuift in de straten van Hanoi voorbij.
De boodschap van Ho voor de grote massa is verleden tijd.
Niet voorbij zijn de schulden voor het oorlogsmaterieel die het land nog altijd braaf aan Rusland en China afbetaalt.

 

De patissier

Ho Chi Minh kwam op zijn vijfentwintigste in Europa een stiel studeren. Banketbakker bij Escoffier! In Londen maakt hij met communistische ideeën kennis, in 1920 werd hij lid van de Franse communistische partij. Realiseer je dat de Russische revolutie pas in 1917 tot stand is gekomen. Zijn vader was een confucianistische leraar. Gegrepen door de kookkunst is Ho twee jaar in de leer bij Escoffier die vooral vanuit Londen werkt. Escoffier is tot op heden de wereldberoemdste Franse chef ooit,

 

Jeugdjaren door Vietnam ingepalmd

Ik sta in het zonnetje en neem foto’s. Een blauw bordje op een driepikkel vermaant me op de rem te gaan staan en de gele streep niet te overschrijden. Kleurige oma’s nemen eerbiedig het bordje vast, of ze het gerimpelde lijf van Vadertje Ho in hun armen nemen en verplaatsen het naar links of rechts. Vervolgens gaan ze met hun kleinkinderen voor de groepsfoto. Daarna zetten ze het bordje respectvol op zijn oude plaats terug. Piepjonge militairen in een groen van jonge rijstsprieten kijken oplettend toe.
Mijn jeugdjaren zijn helemaal door Vietnam ingepalmd.
In 1963 was ik veertien jaar.
Het begon allemaal met Franse eisen. Ze wilden Vietnam, in WO2 door de Japanners bezet, weer als kolonie overnemen. Maar Ho Chi Minh met zijn Vietminh stak er een stokje voor en riep de onafhankelijkheid uit, afgerond in de definitieve Slag bij Dien Bien Phu, onder leiding van generaal Giap. Frankrijk blies de aftocht maar de VS namen de handschoen op.
China was al totaal rood, Noord-Korea rood, Moedertje Sovjetunie lag vlakbij. De Amerikanen vreesden dat alle andere Aziatische landen een voor een voor het communisme zouden tuimelen. Bij de Vredesverdragen van 1954 in Genève werd Vietnam in twee gedeeld: Noord en Zuid.
Vervolgens hielpen de VS een dictatoriale president in Zuid-Vietnam aan de macht. Het werd een dictator. Hij was van christelijke inslag en discrimineerde de boeddhistische onderlaag. De opstandigheid culmineerde toen een monnik zichzelf vrijwillig op een druk kruispunt in Saigon in brand stak. De pers likkebaardt, de wereld is gek van dit soort stunts.
Die wereldpolitiek denderde langzaam in Vlaanderen op een zwart-witbeeldscherm door de huiskamers, gefocust op Vietnam. En ik, ik keek geboeid toe en kocht mijn eerste zwarte beertje nummer 1090 van Bruna. Het Rode Boekje van Mao!
De VS, exit Kennedy, steunden Zuid-Vietnam eerst passief, het Congres wilde niet in een nieuwe oorlog belanden. Maar de angst voor het beruchte domino-effect woekerde verder in het denken van de Amerikaanse presidenten en de CIA. In 1964 kreeg Johnson van het Congres onbeperkte bevoegdheid voor militair optreden. Het hek was van de dam, de oorlogsproductie kwam in volle snelheid op gang. Alle hens aan dek voor een kapitalistisch Vietnam. Corruptie alom. Het duurde zijn tijd.
Het Woodstock-festival van 1969 opende de ogen van de jeugd overal ter wereld en gaf de Vietnam Oorlog (in Vietnam zelf de  Amerikaanse Oorlog  genoemd) moreel de doodsteek. Het westen, incluis de eigen VS-burgers, keerde zich plots tegen het imperialistische Amerika en nam het voor het dappere volk van Vietnam op.

Alphonse Wijnants, Vietnamoorlog, Oom Ho. Abracadabram, Napalm

Woodstock. John Sebastian met protestsong

Ongeweten gruwel en triest record

Laos wordt door specialisten als het meest gebombardeerde land ter wereld gezien. Laos en Cambodja zijn in de Vietnamoorlog intensiever dan Vietnam zelf gebombardeerd. Het is ongeweten.
Boven Laos zijn meer Amerikaanse bommen gedropt dan er tezamen in Duitsland en Japan tijdens WO2 vielen. Negen jaar lang werd Laos gemiddeld om de acht minuten bestookt. Het waren  geheime bombardementen tussen 1962 en 1975, geleid door de CIA. Hoe dat kwam?
Deels had de Vietcong deze landen als vluchtbases voor haar troepen gekozen, deels gebruikte ze de Ho Chi Minh-route dwars door Cambodja voor de aanvoer van oorlogsmaterieel en soldaten naar Zuid-Vietnam.
Enkele jaren geleden was ik in Laos op de Vlakte der Kruiken (Plain of Jars), één van de twee grootste bommenvelden van Laos. Meest geliefde doelwit voor de VS, als knooppunt van Vietcong-verbindingswegen.
Ook dook ik onder in de Vinh Moc-tunnels van de Vietcong bij Danang.

 

Stapsgewijze terugtrekking

Alphonse Wijnants, Vietnamoorlog, Oom Ho. Abracadabra

Napalm. Dé foto

Vooral de bommentapijten op Noord-Vietnamese steden, de napalm, de agent orange ten koste van onschuldige burgers vonden steeds meer afkeuring.
Het was Nixon die de actieve rol van de VS afbouwde en de eerste onderhandelingen tot het stopzetten van de militaire activiteiten in 1969 onder impuls van Henry Kissinger opstartte. De Noord-Vietnamezen vreesden halve maatregelen en bleven tot in 1973 dwarsliggen, tot de ondertekening van de Akkoorden van Parijs.
De VS trokken zich stap voor stap terug uit Vietnam.
Zuid-Vietnam evenwel gaf zich nog niet gewonnen. Het Noorden zette zijn definitieve aanval in. In 1975 walste generaal Giàp – Ho Chi Minh was toen al dood – met Sovjettanks het Zuid-Vietnamese regime en de laatste restjes Amerikanen plat. De chaos bij de evacuatie van Amerikaanse burgers en Zuid-Vietnamen (plots vervloekte collaborateurs natuurlijk) uit Saigon kennen we uit films van Amerikaanse makelij.
De val van Saigon was een feit op 30 april 1975. Om 11:30 hees Generaal Dung de Vlag van Noord-Vietnam. Hij noemde het: de bevrijding van Saigon. Een jaar later, in 1976, worden Noord en Zuid weer tot één geheel verenigd in de Socialistische Republiek Vietnam. Einde tijdperk. Dat jaar werd ik zesentwintig.
Tien jaar lang opende het nieuws met Vietnam. Het was mijn dagelijkse werkelijkheid. Al die Vietnamese namen en plaatsen kenden we als de topografie van Vlaanderen zelve.

Praten over schoonheid en pjn

Ik sta voor de gele streep bij het mausoleum. Ik maak een selfie. Een jong Vietnamees meisje maakt zich van haar groepje los. Ze stapt op me toe. Selfie, vraagt ze en ze maakt met haar wijsvinger een gebaar van mij naar haar. Later gaan we in de oude stad een koffie drinken en ze trakteert me op een lokale spring roll-specialiteit van Hanoi. Zij betaalt, maar protesterend neem ik de rekening over. We praten over liefde en geluk, leven en dood, werk en reizen, schoonheid en pijn.

Alphonse Wijnants, Napalm, Vietnamoorlog, Oom Ho. Abracadabra

Ze heet Esther, is zelfstandig vertaler naar en van het Chinees en het Engels via Vietnamees.
Onvoorstelbaar… een meid van drieëntwintig die met een oudere heer op de foto wil en hem vervolgens in het volste vertrouwen als gast uitnodigt. Dat zegt niet zozeer iets over het meisje maar over de hele maatschappij om me heen. Dat goede zelfgevoel. De ontwapenende argeloosheid. De openheid. Dat mis ik steeds meer in Europa – het geloof dat je alles vanuit een vertrouwen moet benaderen, dat je alles vanuit een goedheidsgedachte moet willen zien. Wij geloven in luxe en welstand maar zijn het geloof in onszelf verloren. Wij zijn bits, we staan op onze rechten, we aanvaarden niets meer. Bij ons heerst argwaan en wantrouwen.
Europa staat voor een diepe innerlijke crisis. De massahysterie van de media kan dat proces alleen versnellen. Het zij zo, dat is Tao.

 

Alphonse Wijnants, Vietnamoorlog, Oom Ho. Abracadabram, NapalmDe films over de Vietnamoorlog

Good Morning Vietnam, Platoon, The Deer Hunter, Casualties of War en halvelings Apocalypse Now. De hel van Vietnam overbrengen, maar dan wel via Amerikaanse soldatenogen! En zelfs een musical, Miss Saigon. De Amerikanen zijn straf in het maken van edelkitsch over alles wat zich in het leven voordoet. De argeloze westerse kijker maakte zich wijs dat hij kritische films zag. Het zijn vooral percepties vanuit een Amerikaans perspectief. Laten we wel wezen! De Vietnamese regisseurs hebben niet zo’n trauma’s, dramatiek of heroïek rond hun oorlogsbelevenissen geproduceerd, ze maakten vooral documentaires en docu-drama’s.

 

Tekst en foto’s mausoleum ©Alphonse Wijnants, Hanoi, december 2017

Deze pagina delen

  • Delen op Facebook
  • Delen op Twitter
  • Delen op LinkedIn
  • Delen op Google+
 

Lees ookgerelateerde berichten

4 Reacties

  1. Leuk verhaal. Ben nu in Ho Chi Minh City. Heb net de befaamde tunnels bezocht.
    Verder zie ik hier alleen maar lachende mensen in een bruisende stad, zoals wij er in europa geen kennen.

  2. Dit verhaal maakte heel wat bij mij los, omdat de beschreven periode ook heel bepalend is geweest voor mijn leven. Echter, het is nu 2018, er is ook in tijd voldoende afstgand tussen de Amerikaanse gruwelen in Indo-China destijds (en de terechte protesten daartegen) en de andere kant, de schaduwzijden van Oompje Ho en de Noordvietnamese communisten. Dat er zo’n twee miljoen Vietnamese bootvluchtelingen kwamen na de ‘bevrijding’ en ‘hereniging’ van Vietnam is wat dat betreft een teken aan de wand.
    Ik ben geen Vietnam-kenner, er te lang niet geweest. Wat voor mij echter ook tot de geschiedenis behoort zijn de twistgesprekken met de overleden Azië-kenner prof. Ernst Utrecht, zelf van Nederlands-Indische komaf. Hij mocht, als je over de miljoenen doden onder Mao of onder Pol Pot begon graag zijn persoonlijke relatie met ‘Oom Ho’ in de strijd werpen tegen ‘mensenrechten als typisch westere cultuurvisie’. Bij verlies aan menenlevens keek oom Ho volgens Utrecht niet op eentje meer of minder: ,,Als er een storm over ons land gaat vallen miljoenen rijstkorrels van de planten, mislukt de oogst. Maar er komen met nieuwe aanplant miljoenen andere rijstkorrels voor in de plaats’.
    Ik was medio 1977 als journalist in Noord- en Zuid-Vietnam. Het Noorden heeft de transformatie van het Zuiden aanvankelijk met zijden handschoenen aangepakt. Noordvietnamese apparatsjiki, al decennia gewend aan een bevoorrecht leventje in Hanoi, vergaapten zich aan de rijkdom van het Zuiden, en waren daar niet ongevoelig voor.
    Zie https://www.trefpuntazie.com/knoflookeffect-vietnam/
    Het mausoleum in Hanoi is er niet ondanks maar dankzij ‘de eenvoudige’ oom Ho gekomen. Hij staat daarmee in de traditie van andere humanistische linkse revolutionairen als Lenin en Mao.
    En tenslotte dit. Het is tegenwoordig bon ton af te geven op de media. Maar zonder die media waren de verschrikkingen van de Vietnam-oorlog nooit zo indringend buiten Vietnam in beeld en woord gebracht. Zonder die media, beste Alphonse, was de brandende monnik niet over de wereld gegaan. Of de indringende foto van het door napalm getroffen meisje. Amerika heeft de oorlog niet alleen op het slagveld verloren, maar dankzij de media ook op het thuisfront. Jij noemt dat likkebaarden, ik zie verslaggevers en fotografen die – vaak onder moeilijke omstandigheden – hun werk deden.

    Hans Geleijnse
  3. ‘Wij zijn bits, we staan op onze rechten, we aanvaarden niets meer. Bij ons heerst argwaan en wantrouwen.’

    Dat ‘wij’ en ‘ ons’ ( steeds vaker gebruikte woordjes) slaan ongetwijfeld op de Vietnamese generaties die verbeten vochten voor hun rechten, eerst tegen de Fransen, en daarna tegen de Amerikanen en hun Vietnamese handlangers. Hun argwaan en wantrouwen tegen de bedoelingen van de overheersers was toen groot (en is niet helemaal verdwenen). En, zoals Roger al zei, waren zij geduchte vechtersbazen.

    Vergis ik me nou of is het waar dat er op dit moment veel Vietnamezen in de gevangenis zitten omdat ze vechten voor hun rechten. Enne…….geloven de Vietnamezen niet in welstand en luxe? Dat is, dacht ik, toch het credo van de communistische partij daar en het fundament van hun heerschappij. Ook daar wordt alles geofferd voor economische groei . Vraag het maar aan de bergvolkeren daar.

    Die tegenstelling tussen het goedmoedige, argeloze, exotische, wegcijferende, op vertrouwen gebaseerde Oosten, gepersonifieerd in een drieëntwintig jarig ‘meisje’, en het daaraan tegenovergestelde Westen is een mythe die juist door de Vietnam oorlog wordt ontzenuwd. We noemen die houding van het Westen tegenover het Oosten ook wel Oriëntalisme.

    Het Westen heeft gruwelijke zaken op zijn geweten en dat geldt ook voor het Oosten (Mao Tse Tung en Pol Pot) en in beide windstreken zijn er veel mooie zaken. Ik zie die tegenstellingen niet zo scherp. We moeten het Westen maar ook het Oosten niet romantiseren.

    Tino Kuis
  4. Jouw napalmartikel blijft een beetje “nagalmen”. Ik was amper tien in ’64 maar toen al nieuwsverslaafd. Vietnam was inderdaad dagelijkse kost. Beelden die, ondanks het feit dat het zwart/wit tv was, zo schokkend en traumatiserend waren dat het overgrote deel van de mensheid fervente oorloghaters werden. Later begreep ik dat deze journaals eigenlijk toch sterk gekleurd waren omdat de nieuwsagentschappen alles berichtte vanuit een Westers standpunt. Dat de Vietnamezen erg geleden hadden onder de Franse kolonisatie wisten we destijds niet. Toen ik in november jongstleden in Hanoi was moest ik er automatisch aan terugdenken. Dit volk, deze vriendelijke tengere pezige mensen slaagden er destijds in om het machtigste leger van de wereld te verslaan. Ik denk sowieso dat Aziaten over het algemeen te duchten tegenstanders zijn (ben al geruime tijd met eentje gehuwd). Doe er dan nog een flinke schep koloniale vernedering bovenop en de wil tot zelfbeschikking en vrijheid maakt gewone mensen tot onverzettelijke, onoverwinnelijke strijders.

    Roger Stassen

Reageer

E-mail (wordt niet gepubliceerd)